GeslotenFonds · Drenthe, Friesland, Groningen · Subsidie

MIT R&D Samenwerking 2025

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de MIT R&D Samenwerking 2025?

De MIT R&D Samenwerking 2025 was bedoeld voor mkb'ers in Drenthe, Fryslân en Groningen die samen met andere mkb'ers werkten aan onderzoek naar of ontwikkeling van een nieuw product, dienst of proces dat dicht bij de markt staat. Je vroeg de subsidie aan met minimaal één andere mkb-partner in een R&D-samenwerkingsverband.

Let op: deze ronde is gesloten. Volgens het loket is "Aanvragen niet meer mogelijk" en is het budget bereikt. Deze informatie is dus vooral relevant als naslag, bijvoorbeeld om te begrijpen hoe de vergelijkbare, opvolgende ronde (MIT R&D Samenwerking 2026) werkt, of om te zien wat er van je werd verwacht als je al een aanvraag had lopen.

Je kreeg 35% van de subsidiabele kosten vergoed, met een maximum van € 350.000 per samenwerkingsproject. Vergoed werden onder meer personeelskosten, apparatuur en materiaal, gebouwen en gronden, contractonderzoek en kennis, en bijkomende operationele kosten die rechtstreeks uit het project voortvloeien.

Aanvragen ging via het eLoket van SNN (eloket.snn.nl). Je diende de aanvraag in met alle verplichte bijlagen volgens de voorgeschreven formats van SNN, waaronder een projectplan van maximaal 20 pagina's. Beoordeling gebeurde op volgorde van kwaliteit (een tenderprocedure), niet op volgorde van binnenkomst: het dagelijks bestuur van SNN rangschikte alle volledige aanvragen en verdeelde het budget van boven naar beneden totdat het subsidieplafond bereikt was.

Wie komt in aanmerking voor de MIT R&D Samenwerking 2025?

Let op: deze ronde van de MIT R&D Samenwerking 2025 is gesloten. Aanvragen is niet meer mogelijk, het budget is bereikt. Onderstaande eisen golden voor deze ronde (10 juni 2025 9:00 tot 16 september 2025 17:00 uur) en zijn ook relevant om te begrijpen waarom aanvragen destijds werden afgewezen. Voor een nieuwe ronde: kijk naar MIT R&D Samenwerking 2026.

Je bent actief in Drenthe, Friesland, Groningen
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Je komt alleen in aanmerking als je aan alle onderstaande punten voldoet:

  • Je bent mkb'er en werkt samen in een R&D-samenwerkingsverband van minimaal twee mkb-ondernemingen. De samenwerkingspartners mogen niet in een groep met elkaar verbonden zijn (dus geen twee bedrijven die elkaars partneronderneming zijn).
  • Alle deelnemers zijn gevestigd in Nederland en voeren daar ook daadwerkelijk ondernemingsactiviteiten uit.
  • De penvoerder (de partij die namens het samenwerkingsverband aanvraagt) is een mkb-onderneming gevestigd in Drenthe, Fryslân of Groningen en voert daar ondernemingsactiviteiten uit.
  • Minimaal 50% van de subsidiabele kosten van het project wordt gedragen door samenwerkingspartners die in Drenthe, Fryslân of Groningen zijn gevestigd én daar actief zijn.
  • Je bent geen onderneming in moeilijkheden volgens de definitie in de AGVV.
  • Je hebt voor dit project nog geen subsidie van een ander bestuursorgaan of de Europese Commissie gekregen of aangevraagd.

Je valt sowieso af als:

  • Je al bent begonnen met het project (verplichtingen aangaan) vóórdat je de aanvraag hebt ingediend. Alleen kosten gemaakt ná indiening tellen mee, en dan voor eigen risico tot de beschikking er is.
  • Je project niet past binnen een van de KIA's uit het document Missies en Sleuteltechnologieën (Klimaat & Energie, Circulaire Economie, Landbouw Water Voedsel, Gezondheid en Zorg, Veiligheid, Sleuteltechnologieën, Digitalisering, of Maatschappelijk Verdienvermogen).
  • Eén deelnemer meer dan 70% van de subsidiabele kosten van het project voor zijn rekening neemt.
  • Het subsidiebedrag van een deelnemer minder dan € 25.000 zou zijn.
  • Het project in totaal niet minimaal 50 punten scoort in de kwalitatieve beoordeling, of op één van de vier beoordelingscriteria minder dan 10 punten scoort.
  • De kwaliteit van je projectplan onvoldoende is.
  • Er overwegende bezwaren tegen het project bestaan, bijvoorbeeld strijd met de wet, het algemeen belang, de goede zeden of de openbare orde.

Natuurlijke personen komen niet in aanmerking; subsidie gaat alleen naar ondernemingen. Een buitenlandse onderneming kan wel meedoen in het samenwerkingsverband, maar krijgt zelf geen subsidie zolang er geen vaste inrichting of dochteronderneming in Nederland is (dit moet er wel zijn vóór de eerste voorschotbetaling).

Waarvoor krijg je subsidie?

Deze ronde is gesloten, maar onderstaande kostenregels golden voor de subsidiabele kosten binnen het R&D-samenwerkingsproject en zijn een goede indicatie voor toekomstige, vergelijkbare rondes.

Subsidiabel zijn alleen kosten die direct betrekking hebben op het project en die zijn gemaakt ná indiening van de aanvraag. De volgende kostensoorten komen in aanmerking:

  • Personeelskosten van onderzoekers, technici en ander ondersteunend personeel, voor zover zij zich met het onderzoeksproject bezighouden. Hiervoor geldt een vast forfaitair uurtarief van € 60,00 per uur. Dit tarief bestaat uit een basisuurtarief van € 40,00 plus een opslag van 50% voor indirecte kosten (denk aan overhead, reis- en verblijfkosten van personeel). Dit tarief geldt ook voor personen van een verbonden of partneronderneming die meewerken, en voor ondernemers/eigenaren die niet op basis van een dienstverband worden verloond. Kosten van administratief personeel mogen niet apart als loonkosten worden opgevoerd (die zitten al in de opslag). Inhoudelijk projectmanagement door eigen personeel telt wel mee als loonkosten; incidenteel, niet-inhoudelijk projectmanagement door bijvoorbeeld een directeur niet.
  • Kosten van apparatuur en uitrusting, voor zover en zolang deze voor het project worden gebruikt. Wordt de apparatuur niet de volledige levensduur voor het project gebruikt, dan zijn alleen de afschrijvingskosten over de looptijd van het project subsidiabel, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen.
  • Kosten van gebouwen en gronden, voor zover en zolang deze voor het project worden gebruikt. Voor gebouwen geldt hetzelfde principe als bij apparatuur: alleen de afschrijvingskosten over de projectlooptijd zijn subsidiabel. Voor grond komen de kosten van commerciële overdracht of de daadwerkelijk gemaakte kapitaalkosten in aanmerking.
  • Kosten van contractonderzoek, kennis en octrooien die op arm's length-voorwaarden zijn ingekocht bij, of waarvoor een licentie is verkregen van, externe bronnen. Ook consultancykosten en gelijkwaardige diensten die uitsluitend voor het project worden gebruikt vallen hieronder. Let op: accountantskosten en kosten voor advies om te voldoen aan wet- en regelgeving voor markttoelating van producten/diensten vallen hier expliciet niet onder.
  • Bijkomende algemene kosten en andere operationele uitgaven die rechtstreeks uit het project voortvloeien, waaronder materiaal en leveranties. Huurkosten van bedrijfsruimte of apparatuur die specifiek voor het project wordt gehuurd, vallen hier ook onder. Huur van ruimte/apparatuur voor reguliere bedrijfsactiviteiten telt niet mee (die zit al verwerkt in de opslag op het uurtarief).

Kosten die nooit subsidiabel zijn, ongeacht de kostensoort waaronder je ze zou willen scharen:

  • administratieve en financiële sancties en boetes
  • winstopslagen binnen een groep of samenwerkingsverband
  • fooien en geschenken
  • representatiekosten en -vergoedingen
  • kosten van personeelsactiviteiten
  • gratificaties en bonussen
  • kosten van een outplacementtraject
  • kosten voor vrijwilligers
  • stagevergoedingen
  • kosten voor marketing, promotie en publiciteit voor marktintroductie
  • buitenlandse reis- en verblijfkosten en overheadkosten

Belangrijk: werkzaamheden en de daarbij horende kosten die al zijn aangevangen vóórdat de aanvraag bij SNN is ontvangen, komen sowieso niet voor subsidie in aanmerking. Na indiening van de aanvraag mag je voor eigen risico beginnen, maar dat biedt geen garantie op subsidie zolang er nog geen verleningsbeschikking is.

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten, met een maximum van € 350.000 per R&D-samenwerkingsproject. Het bedrag dat een individuele deelnemer krijgt, is verder aan banden gelegd:

  • Is het totale subsidiebedrag voor het project maximaal € 200.000? Dan krijgt een deelnemer per definitie niet meer dan € 100.000.
  • Is het totale subsidiebedrag hoger dan € 200.000 (tot het maximum van € 350.000)? Dan krijgt een deelnemer maximaal € 175.000.
  • Ongeacht de projectomvang geldt een ondergrens: het subsidiebedrag per deelnemer moet minimaal € 25.000 zijn. Valt een deelnemer daaronder, dan wordt de subsidie voor die deelnemer geweigerd.

Daarnaast geldt dat één deelnemer niet meer dan 70% van de subsidiabele projectkosten voor zijn rekening mag nemen; de rest moet dus door de andere samenwerkingspartner(s) gedragen worden.

Het gezamenlijke subsidieplafond voor deze ronde was € 3.573.333. Daarvan was maximaal 50% gereserveerd voor aanvragen van meer dan € 200.000 subsidie. Werd dat deelplafond niet volledig benut, dan viel het restant terug naar aanvragen tussen € 200.000 en € 350.000. Subsidie werd toegekend op volgorde van de rangschikking (kwaliteit), tot het plafond bereikt was; bij gelijke score besliste loting. Voor deze ronde geldt: het budget is bereikt en aanvragen is niet meer mogelijk.

Er geldt geen apart, lager percentage voor grotere ondernemingen of specifieke sectoren; 35% geldt voor alle subsidiabele kosten binnen deze regeling.

Wat zijn de voorwaarden van de MIT R&D Samenwerking 2025?

Deze ronde is gesloten, maar de onderstaande voorwaarden laten zien waar aanvragen destijds op werden beoordeeld en afgewezen. Ze zijn bruikbaar als je een vergelijkbare aanvraag voor een volgende ronde voorbereidt.

Hier val je op af

Het project scoort in totaal minder dan 50 punten.
Het project scoort op één van de vier beoordelingscriteria minder dan 10 punten.
De kwaliteit van het projectplan is onvoldoende (hierop worden geen punten gescoord, maar een onvoldoende leidt wel tot weigering).
Eén deelnemer neemt meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor zijn rekening.
Het subsidiebedrag voor een deelnemer is lager dan € 25.000.
Minder dan 50% van de subsidiabele kosten wordt gedragen door partners die in Drenthe, Fryslân of Groningen zijn gevestigd én daar actief zijn.
Er is al gestart met (verplichtingen voor) het project vóór indiening van de aanvraag.
Het project past niet in een van de KIA's.
Er zijn overwegende bezwaren, bijvoorbeeld strijd met de wet, het algemeen belang, de goede zeden of de openbare orde.
De aanvrager is een onderneming in moeilijkheden.
Voor het project is al subsidie van een ander bestuursorgaan of de Europese Commissie verkregen of aangevraagd.

Waarop wordt beoordeeld

  1. Aanvragen die niet worden geweigerd, worden beoordeeld en gerangschikt. Er zijn vier criteria, elk goed voor maximaal 25 punten (dus 100 punten in totaal, tenzij de bonus hieronder van toepassing is). Per criterium wordt een score gegeven: uitstekend (25), goed (20), voldoende (15), matig (10), zeer matig (5) of onvoldoende (0 punten).
  2. Technologische vernieuwing of wezenlijk nieuwe toepassingen. Gekeken wordt onder meer naar hoe nieuw het product, proces of de dienst is, in hoeverre bestaande technieken worden gebruikt, de haalbaarheid van de innovatie, technologische risico's en hoe die worden beperkt, en de positie ten opzichte van (inter)nationale concurrentie.
  3. Economische waarde. Gekeken wordt onder meer naar aansluiting bij de strategische doelen van de onderneming(en), effecten voor de Noord-Nederlandse en Nederlandse economie, gevolgen voor de concurrentiepositie, risico's en hoe die worden beperkt, financiering van ieders aandeel, eigen bijdrage, en de vervolgstappen naar marktintroductie.
  4. Kwaliteit van de MIT R&D-samenwerking. Gekeken wordt onder meer naar kennis en ervaring van de partners en hoe zij elkaar aanvullen, ingezette resources (fysiek, intellectueel, menselijk), inzet van derden, de projectorganisatie, verdeling van resultaten en afspraken over intellectueel eigendom.
  5. De mate waarin het project impact heeft op een KIA. Gekeken wordt onder meer naar de impact op de gekozen Kennis- en Innovatieagenda en bijbehorende missie, raakvlakken met een tweede KIA (een derde KIA levert geen extra punten op), en de maatschappelijke impact in de markt.

Wat je moet doen na toekenning

  • Na een positief besluit (de verleningsbeschikking) gelden onder meer deze verplichtingen:
  • Je start de uitvoering van het project binnen 6 maanden na bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening.
  • Je rondt het project af binnen 24 maanden na de start van het project. Verlenging kan in uitzonderlijke gevallen, via een gemotiveerd verzoek in het eLoket.
  • Je administreert de projectkosten op eenduidige, herleidbare wijze.
  • Kosten moeten zijn gemaakt vóór de einddatum van het project en betaald vóór indiening van het vaststellingsverzoek.
  • Wijzigingen in het project meld je vooraf via een wijzigingsverzoek; bij een grote afwijking neem je direct contact op met je SNN-contactpersoon, omdat dit gevolgen kan hebben voor de verleningsbeschikking.
  • Je vraagt tijdig het voorschot en de vaststelling aan (zie de sectie 'Na je aanvraag').
  • Als je subsidie per deelnemer € 125.000 of meer bedraagt, moet je bij de vaststelling een controleverklaring van een accountant aanleveren.

Bonus: sluit het project aan bij één van de 10 door Gedeputeerde Staten vastgestelde prioriteiten (een selectie van deelmissies uit de KIA's, zoals klimaatneutrale industrie, volledig circulair zijn in 2050, duurzame land- en tuinbouw, gezond en veilig voedsel, vermindering ziektelast door leefstijl, cybersecurity, process technology, biomolecular and cell technologies, artificial intelligence and data, of energy materials), dan worden de punten op criterium IV verdubbeld tot maximaal 50 punten. Het maximaal haalbare totaal komt dan op 125 punten.

Subsidie wordt toegekend op volgorde van deze rangschikking, tot het subsidieplafond bereikt is. Bij gelijke score wordt geloot.

Wat zijn de voorwaarden van MIT R&D Samenwerking 2025?

Hoe vraag je de MIT R&D Samenwerking 2025 aan?

Deze ronde is gesloten (aanvragen was mogelijk van 10 juni 2025 9:00 uur tot 16 september 2025 17:00 uur), maar zo werkte het aanvraagproces. Dit is nuttig als naslag voor een vergelijkbare, opvolgende ronde.

Stap 1: aanvraag voorbereiden en indienen

  • De aanvraag wordt gedaan door de penvoerder van het R&D-samenwerkingsverband, via het eLoket van SNN (eloket.snn.nl).
  • Je dient de aanvraag in met alle verplichte bijlagen, volgens de voorgeschreven formats die SNN beschikbaar stelt.
  • Een verplicht onderdeel is het projectplan, opgesteld met het format van SNN. Dit plan mag maximaal 20 pagina's tellen; een bijlage met verduidelijkende afbeeldingen mag apart worden toegevoegd en telt niet mee in de beoordeling op de rangschikking.
  • In het projectplan geef je aan op welke KIA je project zich hoofdzakelijk richt; optioneel kun je een tweede KIA aangeven waarop het project raakvlakken heeft (een derde KIA levert geen extra punten op).
  • Let op: werkzaamheden mogen pas starten nadat de aanvraag is ingediend. Alles wat daarvoor is gestart, komt niet voor subsidie in aanmerking.

Stap 2: volledigheidscheck en beoordeling

  • SNN controleert eerst of de aanvraag compleet is.
  • Omdat dit een tenderprocedure is, worden alle volledige aanvragen die binnen de aanvraagperiode zijn ingediend eerst gezamenlijk op kwaliteit beoordeeld door het dagelijks bestuur van SNN, niet op volgorde van binnenkomst.
  • Op basis van deze beoordeling maakt SNN een rangschikking; de best scorende aanvragen komen als eerste in aanmerking voor subsidie, tot het subsidieplafond is bereikt.
  • Vervolgens vindt een inhoudelijke beoordeling plaats: SNN controleert of de aanvraag voldoet aan de eisen van de regeling, past binnen de juridische vereisten, en of de begrote kosten binnen de regelgeving vallen.
  • SNN streeft naar een besluit binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode. Je ontvangt het besluit per e-mail.

Stap 3: voorschot aanvragen (tijdens de uitvoering) Na goedkeuring ontvang je automatisch (ambtshalve) binnen drie weken na de verleningsbeschikking een eerste voorschot van 40% van het verleende subsidiebedrag. Daarnaast kun je een tweede voorschot aanvragen, van maximaal 40% van het verleende subsidiebedrag, gebaseerd op de kosten die je tot dan toe hebt gemaakt en betaald. Hiervoor lever je aan:

  • Ondertekening voorschot (PDF-formulier): moet fysiek met pen worden ondertekend door een tekenbevoegd persoon (geen digitale handtekening); bij eHerkenning is dit formulier niet nodig. Voeg bewijs van tekenbevoegdheid toe (bijvoorbeeld KvK-uittreksel, statuten of intern autorisatieschema). Bij gezamenlijke bevoegdheid moeten alle bevoegde personen ondertekenen.
  • Verslag van de tot dan toe uitgevoerde werkzaamheden.
  • Facturen en betaalbewijzen van externe kosten (indien van toepassing).
  • Getekende overeenkomst met de externe deskundige (indien je een externe deskundige hebt ingeschakeld).
  • Urenregistraties, volgens het model urenregistratie van SNN (indien er loonkosten zijn gemaakt).
  • Onderbouwing van het dienstverband bij de onderneming, bijvoorbeeld via loonstrook of verzamelloonstaat (bij loonkosten).
  • Machtigingsformulier intermediair (alleen als je aanvraag via een intermediair loopt).

Let op privacy: burgerservicenummers zijn niet nodig, verwijder of scherm deze af in aangeleverde documenten.

Stap 4: vaststelling aanvragen (na afronding project) Na afronding van alle werkzaamheden dien je binnen 13 weken na de einddatum van het project een vaststellingsverzoek in via het eLoket. Hiervoor lever je aan:

  • Eindverslag over de uitgevoerde werkzaamheden en de resultaten.
  • Ondertekening vaststellingsverzoek (PDF-formulier).
  • Machtigingsformulier intermediair (alleen indien van toepassing).
  • Bij een subsidie per deelnemer van minder dan € 125.000: een kostenoverzicht van facturen en uren, plus urenregistraties.
  • Bij een subsidie per deelnemer van € 125.000 of meer: een controleverklaring, opgesteld door je accountant op basis van de nieuwste NBA-voorbeeldtekst voor een controleverklaring bij een subsidiedeclaratie in de (semi)publieke sector, waarbij het controleprotocol van bijlage 1.3 bij de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies wordt gevolgd.
Hoe vraag je MIT R&D Samenwerking 2025 aan?

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Beoordeling Het dagelijks bestuur van SNN beoordeelt de aanvragen. Omdat dit een tenderprocedure is, worden niet aanvragen op volgorde van binnenkomst behandeld, maar worden alle volledige aanvragen uit de aanvraagperiode eerst onderling vergeleken en gerangschikt op kwaliteit. Vervolgens verstrekt SNN de subsidie op volgorde van die rangschikking, totdat het subsidieplafond is bereikt. Daarna controleert SNN ook of de aanvraag voldoet aan de juridische en financiële eisen van de regeling. SNN streeft naar een besluit binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode; je krijgt bericht per e-mail.

Voorschot Na een positief besluit ontvang je de verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag. Binnen drie weken daarna ontvang je automatisch (zonder dat je dit hoeft aan te vragen) een eerste voorschot van 40% van het verleende subsidiebedrag. Je kunt daarnaast een tweede voorschot aanvragen van maximaal 40% van het verleende bedrag, op basis van de kosten die je tot dan toe daadwerkelijk hebt gemaakt en betaald. Hiervoor moet je onder andere een ondertekend voorschotformulier, een voortgangsverslag, facturen/betaalbewijzen en eventueel urenregistraties aanleveren (zie de sectie 'Zo werkt de aanvraag' voor het volledige overzicht).

Verplichtingen tijdens de looptijd

  • Je start de uitvoering van het project binnen 6 maanden na bekendmaking van de verleningsbeschikking.
  • Het project moet binnen 24 maanden na de start zijn afgerond. Verlenging is in uitzonderlijke gevallen mogelijk via een gemotiveerd verzoek in het eLoket.
  • Je houdt de projectkosten op eenduidige wijze bij in je administratie.
  • Wijzigingen in het project meld je vooraf via een wijzigingsverzoek. Bij een grote afwijking neem je direct contact op met je SNN-contactpersoon, omdat dit invloed kan hebben op de voorwaarden van de verleningsbeschikking; in dat geval kan SNN een nieuwe verleningsbeschikking afgeven.

Vaststelling en einduitkering Na afronding van het project dien je binnen 13 weken na de einddatum van het project een vaststellingsverzoek in via het eLoket. SNN streeft ook hiervoor naar een besluit binnen 13 weken na ontvangst van het verzoek. Bij de vaststelling controleert SNN of de werkzaamheden zijn uitgevoerd conform het projectplan en welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt; op basis daarvan wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld. Kosten moeten zijn gemaakt vóór de einddatum van het project en betaald zijn vóór indiening van het vaststellingsverzoek.

Voor de vaststelling lever je in ieder geval een eindverslag aan over de uitgevoerde werkzaamheden en resultaten, en een ondertekend vaststellingsformulier. Ontvangt een deelnemer minder dan € 125.000 subsidie, dan voeg je een kostenoverzicht van facturen en uren plus urenregistraties toe. Ontvangt een deelnemer € 125.000 of meer, dan is een controleverklaring van een accountant verplicht, opgesteld volgens de nieuwste NBA-voorbeeldtekst en het controleprotocol uit bijlage 1.3 bij de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies. Na vaststelling wordt het definitieve subsidiebedrag verrekend met de al ontvangen voorschotten.

Wat gebeurt er na je aanvraag voor MIT R&D Samenwerking 2025?

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 29 documenten bij deze regeling, waarvan er 9 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Welke documenten heb je nodig voor MIT R&D Samenwerking 2025?

Vraag het dossier

Stel een vraag over MIT R&D Samenwerking 2025. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.