GeslotenFonds · Friesland · Subsidie

Trainingen, workshops en coaching - Fryslân

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de Trainingen, workshops en coaching - Fryslân?

Deze regeling is een verzamelpagina van vier opeenvolgende openstellingen (2016, 2018, 2019 en 2021) voor de POP3-maatregel Trainingen, workshops en coaching in Fryslân. Alle vier zijn gesloten: aanvragen is niet meer mogelijk.

De subsidie was bedoeld voor organisaties die trainingen, workshops, coaching en/of demonstraties verzorgen voor groepen landbouwers in Fryslân, gericht op het overbrengen van kennis over innovatie en modernisering in de landbouw. Denk aan thema's als klimaat, bodem, biodiversiteit, kringlooplandbouw, verzilting of veenoxidatie (de precieze thema's verschilden per openstellingsjaar). Niet de landbouwer zelf, maar de kennisaanbieder (de partij die de training of demonstratie geeft) kon aanvragen.

Per openstelling golden een eigen periode, subsidieplafond, subsidiepercentage en maximumbedrag. Zo bedroeg de subsidie in de openstelling 2021 80% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 500.000 per project, en gold in 2019 een verdeling tussen gebieden met verzilting en het Friese veenweidegebied met eigen maxima. Aanvragen gebeurde via het webportal van het SNN (www.pop3-webportal.nl/mijn/ of www.snn.nl/pop3), met een verplicht projectplan volgens het SNN-format, een begroting, een toelichting op de begroting en een financieringsplan.

Omdat alle vier de openstellingen gesloten zijn, kun je voor deze regeling zelf geen nieuwe aanvraag meer indienen. Heb je al een aanvraag gedaan binnen een van deze openstellingen, dan vind je op de loketpagina onder "Aangevraagd" informatie over voortgangsverslagen, tussentijdse betalingen en de vaststelling van je project.

Wie komt in aanmerking voor de Trainingen, workshops en coaching - Fryslân?

Deze regeling staat niet meer open: aanvragen is voor alle vier de openstellingen (2016, 2018, 2019, 2021) niet meer mogelijk. De onderstaande eisen golden toen de loketten nog open waren en zijn dus alleen nog relevant als je al een lopend dossier hebt of achteraf wilt begrijpen waarop werd getoetst.

Je bent actief in Friesland
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Wie kwam in aanmerking als aanvrager:

  • Subsidie werd uitsluitend verstrekt aan de partij die de opleiding of andere vorm van kennisoverdracht of voorlichting levert, dus de kennisaanbieder/organisator. Niet aan de deelnemende landbouwer zelf.
  • De aanbieder moest beschikken over voldoende gekwalificeerd en getraind personeel om de activiteit uit te voeren. Bij de aanvraag moesten cv's van de uitvoerders worden overgelegd waaruit (bij)scholing en ervaring bleek.

Harde eisen aan het project (2021-openstelling):

  • De kennisoverdracht moest ten goede komen aan landbouwers of groepen landbouwers met een onderneming in Fryslân.
  • Het project moest aansluiten op minstens één van de benoemde thema's (onder meer verdienmodellen, productierisico's, grondstoffengebruik, klimaatmitigatie/-adaptatie, dierenwelzijn, biodiversiteit) en bijdragen aan de provinciale doelstellingen.
  • Het project moest minimaal 27 van de maximaal 45 punten scoren op de selectiecriteria. Scoorde je lager, dan werd de subsidie geweigerd.
  • Het toegekende subsidiebedrag moest minimaal € 100.000 zijn; kwam je daaronder, dan werd de subsidie geweigerd.

Harde eisen in de 2019-openstelling (specifiek gericht op verzilting en veenweide):

  • Het project moest geheel of grotendeels in Fryslân worden uitgevoerd.
  • Het project moest gaan over klimaatadaptatie in relatie tot verzilting, of over veenoxidatie/bodemdaling/CO2-emissie in het veenweidegebied.
  • Minimaal 33 van de 55 punten op de selectiecriteria.
  • Het subsidiebedrag moest na beoordeling minimaal € 500.000 zijn voor gebieden met verzilting, en minimaal € 250.000 voor het Friese veenweidegebied. Kwam je daaronder, dan werd geen subsidie verstrekt.

Harde eisen in de 2016-openstelling:

  • Minimaal 19 punten op de selectiecriteria; onvoldoende of geringe score op de onderdelen "kans op succes" of "mate van effectiviteit" leidde apart al tot weigering, ook als de totaalscore hoog genoeg was.
  • Het minimum aantal deelnemers van de doelgroep die je moest bereiken was 50.
  • De subsidie was minimaal € 150.000 en maximaal € 350.000.

Wie viel af:

  • Aanvragers die geen kennisaanbieder zijn maar bijvoorbeeld individuele landbouwers die zelf wilden deelnemen.
  • Projecten die niet aansloten op de vastgestelde thema's van de betreffende openstelling.
  • Projecten die onder de minimumscore op de selectiecriteria bleven.
  • Projecten waarvan het berekende subsidiebedrag onder het gestelde drempelbedrag van die openstelling lag.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidiabele kosten en de regels daarvoor verschilden enigszins per openstellingsjaar, maar de kern was steeds dezelfde: kosten die nodig zijn om kennis over te dragen aan een groep landbouwers via trainingen, workshops, coaching of demonstraties.

Openstelling 2021, de volgende kostensoorten waren subsidiabel:

  • Kosten voor de inzet van procesbegeleiders en adviseurs.
  • Materiaalkosten.
  • Kosten voor ruimten en bijbehorende faciliteiten.
  • Kosten voor drukwerk, mailings en de inrichting van websites.
  • Kosten van koop van fysieke investeringen die noodzakelijk zijn bij demonstratieactiviteiten.
  • Kosten voor projectmanagement en projectadministratie.
  • Algemene kosten zoals bedoeld in artikel 1.12a van de regeling.

Deze kosten mochten alleen bestaan uit drie kostentypen: personeelskosten, kosten van derden, en bijdrage in natura (eigen uren). Binnen deze openstelling mocht je gebruikmaken van de vereenvoudigde kostenoptie "totale overige kosten als percentage van de directe personeelskosten": de overige kosten werden dan berekend door de totale directe personeelskosten te vermenigvuldigen met 40%. De directe personeelskosten per medewerker werden berekend volgens artikel 1.9 van de regeling, zonder de opslag voor overheadkosten.

Openstelling 2019, subsidiabele kostensoorten:

  • Kosten voor de inzet van procesbegeleiders en adviseurs.
  • Materiaalkosten.
  • Kosten voor ruimten en bijbehorende faciliteiten.
  • Kosten voor drukwerk, mailing en inrichting van een website.
  • Kosten van koop van fysieke investeringen die noodzakelijk zijn bij demonstratieactiviteiten.
  • Kosten voor projectmanagement en projectadministratie.

Toegestane kostentypen hierbij: personeelskosten, kosten derden, bijdrage in natura (eigen uren), en afschrijvingskosten (bijvoorbeeld voor ingezette machines of apparatuur).

Openstelling 2016, subsidiabele kostensoorten:

  • Personeelskosten van bij de uitvoering betrokkenen, voor aantoonbaar aan het project besteedde uren.
  • Kosten en reiskosten van procesbegeleiders en adviseurs.
  • Materiaalkosten.
  • Huur van ruimten en gebruik van bijbehorende faciliteiten.
  • Kosten van drukwerk, mailings en de inrichting van websites, gekoppeld aan de activiteit.
  • Bijdrage(n) in natura, in de vorm van onbetaalde eigen arbeid, voor zover het gaat om het verzorgen van demonstraties.

Wat in alle openstellingen nadrukkelijk niet subsidiabel was:

  • Kosten voor de ontwikkeling van nieuwe kennis.
  • Kosten voor cursussen of stages die deel uitmaken van normale programma's of leergangen van het reguliere onderwijs.
  • Inbreng van eigen uren door landbouwers om als deelnemer aan de kennisoverdrachtsactiviteit deel te nemen (2019 en 2021) respectievelijk om aan de activiteit deel te nemen (2016).

Verder gold steeds de algemene voorwaarde dat kosten alleen subsidiabel waren voor zover ze noodzakelijk en adequaat waren in relatie tot het doel van het project.

Bijzondere regel over deelnemersbijdragen: als je van plan was om deelnemers aan de kennisoverdrachtsactiviteit een bijdrage in rekening te brengen, moest je dit inzichtelijk maken bij de aanvraag. Deze bijdrage telde mee in de financiering van het project. Bij de 2019-openstelling werd expliciet toegelicht: als de subsidie 80% van de totale projectkosten bedraagt, mag de gevraagde bijdrage van deelnemers nooit meer zijn dan de resterende 20%, omdat subsidie plus deelnemersbijdrage nooit boven de totale projectkosten mag uitkomen. Bij de 2016-openstelling gold bovendien de verplichting dat, als er een prijs moest worden betaald om de activiteit te bezoeken, de subsidieontvanger bij het bepalen van die prijs rekening moest houden met de ontvangen subsidie.

Hoeveel subsidie krijg je?

De bedragen en percentages verschilden per openstellingsjaar. Alle openstellingen zijn inmiddels gesloten, dus dit overzicht is alleen nog relevant voor lopende dossiers.

Openstelling 2021:

  • De subsidie bedroeg 80% van de subsidiabele kosten.
  • Maximaal € 500.000 per project.
  • Werd het berekende subsidiebedrag lager dan € 100.000, dan werd de subsidie geheel geweigerd.
  • Subsidieplafond voor deze ronde: € 1.600.000 (€ 800.000 Europese ELFPO-middelen plus € 800.000 provincie Fryslân).

Openstelling 2019:

  • De subsidie bedroeg 80% van de subsidiabele kosten.
  • Voor gebieden met verzilting: maximaal € 841.530, met een ondergrens van € 500.000 (daaronder werd niets uitgekeerd).
  • Voor het Friese veenweidegebied: maximaal € 450.000, met een ondergrens van € 250.000.
  • Subsidieplafond totaal € 1.291.530, opgesplitst in € 841.530 voor verzilting en € 450.000 voor veenweide.

Openstelling 2016:

  • De subsidie bedroeg 60% van de subsidiabele kosten voor de thema's bodem, biologische landbouw en klimaatadaptatie (artikel 3 tweede lid, onder a, b en e).
  • De subsidie bedroeg 80% van de subsidiabele kosten voor de overige thema's: sluiten van kringlopen, klimaatmitigatie, geringer grondstoffengebruik en biodiversiteit (onder c, d, f en g).
  • Combineerde je thema's met verschillende percentages in één aanvraag, dan gold het laagste percentage van de gecombineerde thema's.
  • Maximaal € 350.000 per project, met een ondergrens van € 150.000.
  • Subsidieplafond € 1.000.000 (€ 500.000 provinciale middelen, € 500.000 ELFPO).

In alle gevallen ging het steeds om een percentage van de subsidiabele kosten met een vast maximumbedrag per project, en een drempel waaronder helemaal geen subsidie werd verstrekt.

Wat zijn de voorwaarden van de Trainingen, workshops en coaching - Fryslân?

Alle vier de openstellingen binnen deze maatregel zijn gesloten, dus de knock-outeisen en beoordelingscriteria hieronder zijn alleen nog relevant voor wie al een aanvraag heeft lopen.

Wat je moet doen na toekenning

  • Wil je iets anders gaan doen in het project dan aangevraagd? Dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en start pas daarna met de uitvoering; er wordt getoetst of het aangepaste plan nog aan de voorwaarden voldoet.
  • Je moet jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project, tenzij je verleningsbeschikking hierop een uitzondering maakt.
  • Je kunt (meestal) een tussentijdse betaling aanvragen voor gemaakte en betaalde kosten; in aanvulling op de reguliere regeling mag dit één keer per kalenderjaar (openstellingen 2016, 2019 en 2021).
  • Bij de 2016-openstelling moest je na afronding een verklaring afgeven (in een SNN-format) dat het project fysiek is afgerond, mee te sturen bij het verzoek tot vaststelling of eerder op verzoek van het SNN.
  • Bij de 2016-openstelling gold bovendien: als bezoekers een prijs moesten betalen om de activiteit te bezoeken, moest bij het bepalen van die prijs rekening worden gehouden met de ontvangen subsidie.
  • Het verzoek tot vaststelling van de subsidie moest uiterlijk op een vaste einddatum zijn ontvangen: 31 december 2024 voor de 2021-openstelling en 31 december 2021 voor de 2019-openstelling. Voor 2016 en 2018 noemt het beschikbare dossier geen leesbare einddatum.

Openstelling 2021:

  • Subsidie wordt geweigerd als niet wordt voldaan aan de subsidievereisten van artikel 7: kennisoverdracht moet ten goede komen aan landbouwers met een onderneming in Fryslân, kosten moeten noodzakelijk en adequaat zijn, de aanbieder moet voldoende gekwalificeerd personeel hebben (met cv's als bewijs), en het project moet aansluiten bij de benoemde thema's en provinciale doelstellingen.
  • Subsidie wordt geweigerd als het project bij de puntentoekenning minder dan 27 van de maximaal 45 punten scoort.
  • Subsidie wordt geweigerd als het te verstrekken subsidiebedrag na beoordeling lager is dan € 100.000.

Openstelling 2019:

  • Het project moet geheel of grotendeels in Fryslân worden uitgevoerd.
  • Het project moet gericht zijn op verzilting/mitigatie daarvan, of op grondwaterstanden in relatie tot veenoxidatie, maaivelddaling en CO2-emissie.
  • Minimaal 33 van de 55 punten op de selectiecriteria.
  • Het berekende subsidiebedrag moet minimaal € 500.000 zijn (verzilting) of € 250.000 (veenweide); anders wordt niets verstrekt.

Openstelling 2016:

  • Minimaal 19 punten op de selectiecriteria.
  • Onvoldoende of geringe score op de criteria "kans op succes" of "mate van effectiviteit van de activiteit" leidt op zichzelf al tot weigering, los van de totaalscore.
  • Minimaal 50 deelnemers uit de doelgroep moeten worden bereikt.
  • Het subsidiebedrag moet tussen € 150.000 en € 350.000 liggen.

2021-openstelling, maximaal 45 punten, ondergrens 27 punten (60%):

  • Effectiviteit (wegingsfactor 3, max. 5 punten, dus max. 15 punten): bijdrage aan de beleidsdoelstelling, bereik van de activiteit (aantal bijeenkomsten, vervolgbijeenkomsten per deelnemer, aantal deelnemers, breedte van de doelgroep, contacturen per deelnemer), en de mate waarin blijvende toepassing van de kennis wordt geborgd. De hoogte van de gevraagde subsidie wordt hierbij meegewogen.
  • Kans op succes/haalbaarheid (wegingsfactor 3, max. 5 punten, max. 15 punten): kwaliteit van de kennisaanbieder (kwalificatie, ervaring, netwerk van docenten) en kwaliteit van het projectplan (realistisch, relevante partijen betrokken, realistische planning/opzet/begroting, risico's geïdentificeerd en gereduceerd), plus de mate waarin deelnemers worden uitgedaagd de kennis in de praktijk toe te passen.
  • Efficiëntie (wegingsfactor 3, max. 5 punten, max. 15 punten): redelijkheid van de kosten in verhouding tot de resultaten, en het gebruik van reeds bestaande kennis, kunde en middelen.
  • Score per criterium loopt van 0 (zeer geringe bijdrage) tot 5 (zeer goede bijdrage) punten.

2019-openstelling, maximaal 55 punten, ondergrens 33 punten (60%):

  • Effectiviteit (wegingsfactor 4, max. 20 punten): zelfde aspecten als hierboven (bijdrage aan beleidsdoelen, bereik, borging van toepassing).
  • Kans op succes/haalbaarheid (wegingsfactor 4, max. 20 punten): kwaliteit aanbieder en projectplan, uitdaging tot praktijktoepassing.
  • Efficiëntie (wegingsfactor 3, max. 15 punten): redelijkheid van kosten en benutting van bestaande bronnen.

2016-openstelling, maximaal (2+3+3)×4 = 32 gewogen punten mogelijk, ondergrens 19 punten:

  • Kosteneffectiviteit (wegingsfactor 2, max. 4 punten): verhouding tussen subsidiabele kosten en het effect op de doelstellingen. Score 1 (zeer hoge kosten t.o.v. effect) tot 4 (zeer redelijke kosten t.o.v. effect).
  • Kans op succes/haalbaarheid (wegingsfactor 3, max. 4 punten): kwaliteit aanbieder en projectplan. Score 1 (matig) tot 4 (zeer goed).
  • Mate van effectiviteit van de activiteit (wegingsfactor 3, max. 4 punten): bijdrage aan beleidsdoel, bereik, borging. Score 1 (matig) tot 4 (zeer goed).
  • Rangschikking gebeurt per beleidsdoel: per beleidsdoel komt de aanvraag met de meeste punten eerst in aanmerking, dan de beste nummer 2, enzovoort, tot het subsidieplafond is bereikt.

In alle jaren stelt een onafhankelijke Adviescommissie POP3 de prioriteitenlijst op door punten toe te kennen. Rangschikking gebeurt van hoog naar laag; bij overschrijding van het subsidieplafond door een gelijke rangschikking kunnen Gedeputeerde Staten het plafond verhogen om alle gelijkgerangschikte projecten te subsidiëren.

Hoe vraag je de Trainingen, workshops en coaching - Fryslân aan?

Alle vier de openstellingen binnen deze maatregel zijn gesloten. Er kan dus geen nieuwe aanvraag meer worden ingediend. Onderstaande stappen golden toen de loketten nog open waren.

Openstellingsperiodes (allemaal verstreken):

  • 2016: 12 december 2016 tot en met 16 februari 2017.
  • 2018: periode niet leesbaar in het meegeleverde document.
  • 2019: 25 maart 2019, 9.00 uur tot en met 10 mei 2019, 17.00 uur.
  • 2021: 14 juni 2021, 9.00 uur tot en met 16 september 2021, 17.00 uur.

Waar je indiende: de aanvraag ging via het webportal van het SNN. In de oudere besluiten wordt verwezen naar www.snn.eu/pop3 of www.snn.nl/pop3, actueel loopt dit via het pop3-webportal (https://www.pop3-webportal.nl/mijn/). De aanvraag werd formeel ingediend bij Gedeputeerde Staten, via het SNN.

Verplichte documenten bij de aanvraag (2021-openstelling, artikel 7 lid 2):

  • Een projectplan, opgesteld conform het format van het SNN. Dit beschrijft de kennisoverdrachtsactiviteit, de doelgroep en de opzet.
  • Een begroting van de kosten en inkomsten van het project, conform SNN-format.
  • Een toelichting op de begroting.
  • Een sluitend financieringsplan van de kosten van de activiteit, inclusief een opgave van subsidies of vergoedingen die voor dezelfde activiteiten bij andere bestuursorganen, private organisaties of personen zijn aangevraagd, met de stand van zaken daarvan.
  • Curricula vitae van de uitvoerders van de acties, met informatie over (bij)scholing en ervaring, om aan te tonen dat er voldoende bekwaamheid is om de activiteiten succesvol uit te voeren.
  • Als je van deelnemers een bijdrage in rekening ging brengen: een inzichtelijke opgave van die bijdrage.

Deze documentenlijst is vergelijkbaar in de 2019-openstelling (artikel 8): projectplan volgens SNN-format, begroting, toelichting op de begroting, financieringsplan inclusief opgave van elders aangevraagde subsidies, plus een omschrijving van de organisatie waaruit blijkt dat er voldoende gekwalificeerd en getraind personeel is.

Voor de 2016-openstelling gold: de aanvraag moest worden ingediend met gebruikmaking van het door SNN beschikbaar gestelde projectplan-format, vergezeld van de van toepassing zijnde bijlagen, en met een omschrijving van de organisatie waaruit de personeelscapaciteit blijkt.

Na indiening: de aanvraag werd beoordeeld door de Adviescommissie POP3, die op basis van de selectiecriteria een prioriteitenlijst opstelde en punten toekende. Vervolgens vond een subsidie-technische toets, een financiële toets en een EU-conformiteitstoets plaats (zo toegelicht bij de 2019-openstelling). Projecten werden gerangschikt van hoog naar laag aantal punten; bij het bereiken van het subsidieplafond kregen hoger scorende projecten voorrang.

Praktische opmerking uit het huidige loket: als je van plan bent iets anders te doen in je project dan aangevraagd, moet je dit eerst melden via een wijzigingsverzoek en pas daarna beginnen met de uitvoering, zodat vooraf getoetst kan worden of het aangepaste plan nog aan de voorwaarden voldoet.

Contact bij vragen over een lopende aanvraag: plattelandsontwikkeling@snn.nl of telefonisch 050 5224 988. Let op de aangepaste bereikbaarheid van 20 juli tot en met 14 augustus (dan bereikbaar van 08.30 tot 12.00 uur; vanaf 17 augustus gelden weer de gebruikelijke openingstijden).

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt: de aanvraag wordt beoordeeld door de Adviescommissie POP3 (ingesteld door Gedeputeerde Staten), het SNN en RVO. De adviescommissie kent op basis van de selectiecriteria punten toe en stelt een prioriteitenlijst op; daarnaast vindt een subsidie-technische toets, een financiële toets en een EU-conformiteitstoets plaats.

Doorlooptijd: het streven is om binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de betreffende openstelling een besluit te nemen. Je ontvangt hierover per e-mail bericht.

Bij een positief besluit ontvang je een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag dat je kunt ontvangen. In deze beschikking staat ook wanneer het project uiterlijk afgerond moet zijn. Let op: dit is een individueel bepaalde termijn per project, naast de algemene einddatum voor het indienen van het vaststellingsverzoek (31 december 2024 voor de 2021-openstelling, 31 december 2021 voor de 2019-openstelling).

Verplichtingen tijdens de looptijd:

  • Wijzigingen vooraf melden. Ga je iets anders doen dan in je goedgekeurde projectplan staat, dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en wacht op de toets of het aangepaste plan nog aan de voorwaarden voldoet, voordat je begint met de uitvoering.
  • Jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project, via een voortgangsverslag. In sommige gevallen geldt hierop een uitzondering; wat voor jouw project geldt, staat in je verleningsbeschikking.
  • Eén keer per kalenderjaar kun je een aanvraag voor een voorschot (tussentijdse betaling) indienen, gebaseerd op de gemaakte en betaalde kosten tot dat moment. Dit voorschot is een vooruitbetaling op de uiteindelijke vaststelling.
  • Bij de 2016-openstelling gold aanvullend: na afronding van de projectactiviteiten moet je een verklaring afgeven (in SNN-format) dat het project fysiek is afgerond of dat alle activiteiten volledig zijn uitgevoerd. Deze verklaring voeg je bij het verzoek tot vaststelling, of lever je eerder aan als het SNN daar om vraagt.
  • Bij de 2016-openstelling gold ook: als deelnemers een prijs moeten betalen om de activiteit te bezoeken, moet je bij het bepalen van die prijs rekening houden met de ontvangen subsidie.

Vaststelling: na afronding van het project dien je een verzoek tot vaststelling in. Dit moet uiterlijk op de in het besluit genoemde einddatum zijn ontvangen (31 december 2024 voor 2021, 31 december 2021 voor 2019). Pas na vaststelling staat het definitieve subsidiebedrag vast en volgt de eindafrekening. De realisatie van het project mag over meerdere jaren verspreid worden, zolang het vaststellingsverzoek op tijd binnen is.

Voor de exacte informatie over jouw project (uitzonderingen op rapportage- of betaalverzoekplicht, individuele einddatum) verwijst het loket naar je eigen verleningsbeschikking.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 4 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Trainingen, workshops en coaching - Fryslân. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.