Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe?
Deze regeling gaf subsidie aan samenwerkingsverbanden in de Drentse melkveehouderij die een innovatieproject uitvoerden. Het project moest bijdragen aan verduurzaming op het gebied van stikstof, fosfaat, ammoniak, klimaat of weidegang, in lijn met de Ontwikkelagenda Melkveehouderij Drenthe. Aanvragen is niet meer mogelijk: de status van het loket is "Aanvragen niet meer mogelijk".
De regeling was bedoeld voor samenwerkingsverbanden van minimaal twee partijen, waarvan minimaal één landbouwer. Denk aan combinaties van boeren, onderzoekers, onderwijsinstellingen, adviseurs en bedrijven die samen een innovatie ontwikkelden, valideerden of verfijnden, bijvoorbeeld op het gebied van kringlopen sluiten, klimaatmitigatie, dierenwelzijn of biodiversiteit. Het project moest zich bevinden in een specifieke ontwikkelingsfase (TRL 4 tot en met 7): van testen op labschaal tot demonstratie in een praktijkomgeving, maar nog niet marktrijp.
Je kreeg subsidie voor kosten zoals coördinatie, projectmanagement, verspreiding van resultaten en eventueel fysieke investeringen zoals machines of software. De hoogte van de subsidie liep uiteen van 40% tot 100% van de subsidiabele kosten, afhankelijk van het type kosten, het type project en de bedrijfsgrootte. De subsidie bedroeg minimaal € 150.000 en maximaal € 1.000.000 per project.
Aanvragen ging via het webportal van SNN (pop3-webportal.nl), met een verplicht projectplan en begroting volgens het format van SNN. Aanvragen werden beoordeeld en gerangschikt op basis van een puntensysteem; alleen projecten met genoeg punten en binnen het beschikbare budget kregen subsidie. Deze informatie is nu vooral relevant om te begrijpen hoe eerdere aanvragen zijn beoordeeld of afgewezen, niet om nu nog subsidie aan te vragen.
Wie komt in aanmerking voor de Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe?
Deze regeling stond open voor samenwerkingsverbanden, niet voor individuele ondernemers. Je viel af als je alleen aanvroeg, als je project niet in Drenthe plaatsvond, of als je project niet aansloot bij de Ontwikkelagenda Melkveehouderij. Aanvragen kan niet meer, maar de eisen laten zien waarom aanvragen destijds werden afgewezen.
Harde eisen aan het samenwerkingsverband:
- Het samenwerkingsverband bestaat uit minimaal twee organisaties.
- Minimaal één deelnemer is een landbouwer (agrariër).
- De deelnemende partijen mogen onderling niet met elkaar verbonden zijn.
- Geen van de partijen neemt meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening.
- Het samenwerkingsverband wijst één deelnemer aan als penvoerder die de aanvraag indient.
Harde eisen aan het project:
- Het project wordt geheel of grotendeels uitgevoerd in de provincie Drenthe.
- De resultaten worden verspreid via kennisbijeenkomsten, experimenten, demovelden of studiegroepen.
- Het project bevindt zich in TRL-niveau 4, 5, 6 en/of 7 (van labschaal tot demonstratie in een gebruikersomgeving). TRL 1 tot en met 3 zijn te fundamenteel, TRL 8 en 9 gaan over marktrijp maken en vallen buiten deze regeling.
- Het project draagt bij aan minimaal een van de doelstellingen uit de Ontwikkelagenda Melkveehouderij (stikstof, fosfaat, ammoniak, klimaat of weidegang) en aan minimaal een van de zeven genoemde thema's uit artikel 5 (zoals nieuwe verdienmodellen, kringlopen sluiten, klimaatmitigatie of biodiversiteit).
- Als het project geen betrekking heeft op handel in of voortbrenging van landbouwproducten, moet het project gericht zijn op experimentele ontwikkeling zoals gedefinieerd in de Algemene groepsvrijstellingsverordening.
- Het project scoort bij de puntentoekenning minimaal 33 van de maximaal 55 punten. Scoor je lager, dan wordt subsidie geweigerd.
Extra weigeringsgrond bij landbouwproducten: als het project betrekking heeft op handel in of voortbrenging van landbouwproducten, mogen de totale subsidiabele projectkosten niet hoger zijn dan € 1.000.000. Boven dat bedrag wordt de subsidie geweigerd.
Ook geweigerd wordt subsidie als (volgens de toelichting op de verordening): er al subsidie is verstrekt via het LEADER-programma voor dezelfde kosten, de kosten betrekking hebben op reguliere bedrijfsvoering, de aanvraag niet gaat over een proefproject of de ontwikkeling van nieuwe producten, praktijken, processen of technieken, of de activiteit niet nieuw is.
Verder geldt: subsidie wordt niet verstrekt als het toegekende subsidiebedrag na beoordeling lager uitvalt dan € 150.000. Dit is een drempel, geen aanvraagvereiste, maar bepaalt wel of je uiteindelijk geld krijgt.
Waarvoor krijg je subsidie?
De subsidiabele kosten zijn opgesplitst in twee categorieën: kosten voor de uitvoering van het innovatieproject zelf, en kosten voor fysieke investeringen die daarbij nodig zijn.
Kosten voor de uitvoering van het innovatieproject (artikel 6, lid 1)
- Coördinatiekosten voor het samenwerkingsverband. Dit zijn de kosten om de samenwerking te organiseren en aan te sturen.
- Kosten voor het verspreiden van resultaten van het project, bijvoorbeeld via kennisbijeenkomsten, experimenten, demovelden of studiegroepen (dit is ook een verplichting uit de subsidievereisten).
- Operationele kosten die direct verbonden zijn aan de uitvoering van het innovatieproject.
- Kosten voor projectmanagement en projectadministratie.
Voor deze vier kostensoorten geldt bij landbouwproducten een subsidiepercentage van 70% van de subsidiabele kosten (zie sectie 'Hoeveel krijg je').
Kosten voor fysieke investeringen (artikel 6, lid 2), alleen als deze nodig zijn voor het innovatieproject
- Kosten van koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties, tot maximaal de marktwaarde van de activa. Je krijgt dus niet meer gesubsidieerd dan wat de machine of installatie waard is.
- Kosten van verwerving of ontwikkeling van computersoftware.
Voor deze investeringskosten geldt bij landbouwproducten een verschillend percentage: 40% van de subsidiabele kosten bij een productieve investering (een investering die de waarde of rentabiliteit van het bedrijf verhoogt) en 100% van de subsidiabele kosten bij een niet-productieve investering (een investering gericht op natuur, landschap, water, milieu of klimaat, zonder aanmerkelijke waardestijging van het bedrijf, zoals regenwaterbuffers of landschapselementen). Als aanvrager moet je zelf goed motiveren of jouw investering productief of niet-productief is.
Beperking tot kostentypen (artikel 6, lid 3)
Ongeacht welke van de bovenstaande kostensoorten het betreft, mogen de subsidiabele kosten alleen bestaan uit:
- Personeelskosten.
- Kosten derden (kosten die je aan externe partijen betaalt).
- Bijdragen in natura, bestaande uit onbetaalde eigen arbeid.
Andere kostentypen die normaal onder de Verordening subsidiabel zouden zijn, komen bij deze openstelling dus niet in aanmerking.
BTW
Als een of meerdere projectpartners de btw niet kunnen verrekenen of compenseren, mogen de begrote kosten inclusief btw worden opgevoerd. Hiervoor moet dan wel een btw-verklaring van de Belastingdienst worden overhandigd, zodat gecontroleerd kan worden of die partner de btw daadwerkelijk niet kan verrekenen.
Wat NIET subsidiabel is
- Voorbereidingskosten zijn uitgesloten. Dit betekent concreet dat kosten waarvoor je al verplichtingen bent aangegaan vóórdat je de subsidieaanvraag indiende, in geen geval subsidiabel zijn.
- Subsidie wordt alleen verstrekt voor kosten die noodzakelijk en adequaat zijn in relatie tot het doel van het project. Kosten die daar niet aan bijdragen, komen niet in aanmerking.
- Kosten die te maken hebben met reguliere bedrijfsvoering vallen buiten de regeling.
- TRL-niveaus 8 en 9 (marktrijp maken en lancering) vallen buiten deze openstelling; kosten die daarop gericht zijn, komen dus niet in aanmerking.
Kostenplafond bij landbouwproducten
Als het project betrekking heeft op de handel in of voortbrenging van landbouwproducten, mogen de totale subsidiabele projectkosten niet hoger zijn dan € 1.000.000. Is dat wel het geval, dan wordt de subsidie in zijn geheel geweigerd, niet alleen het deel boven de grens.
Hoeveel subsidie krijg je?
De subsidie bedraagt maximaal € 1.000.000 per project. Onder € 150.000 wordt niets uitgekeerd: als het berekende subsidiebedrag na beoordeling lager is dan dit bedrag, wordt de subsidie geweigerd.
Het percentage hangt af van het type project en type kosten.
Bij projecten die direct betrekking hebben op handel in of voortbrenging van landbouwproducten:
- Voor coördinatiekosten, verspreidingskosten, operationele kosten en kosten voor projectmanagement/administratie: 70% van de subsidiabele kosten.
- Voor kosten van fysieke investeringen (machines, installaties, software, algemene kosten) bij productieve investeringen: 40% van de subsidiabele kosten.
- Voor kosten van fysieke investeringen bij niet-productieve investeringen: 100% van de subsidiabele kosten.
Bij projecten die geen directe betrekking hebben op handel in of voortbrenging van landbouwproducten (experimentele ontwikkeling), is het percentage afhankelijk van de bedrijfsgrootte van de deelnemer:
- 40% van de subsidiabele kosten als de deelnemer een grote onderneming is.
- 50% van de subsidiabele kosten als de deelnemer een middelgrote onderneming is.
- 60% van de subsidiabele kosten als de deelnemer een kleine onderneming is.
Bij deze laatste categorie is er geen onderscheid tussen kosten voor de uitvoering van het innovatieproject en kosten voor investeringen die daarvoor nodig zijn: hetzelfde percentage geldt voor beide.
Een belangrijk voorbehoud: al deze percentages gelden alleen zolang het totaal van overheidsbijdragen aan jou als subsidieontvanger niet meer bedraagt dan volgens de Europese staatssteunregels is toegestaan. Krijg je al overheidssteun voor hetzelfde project, dan kan dat je subsidiepercentage beperken.
Het subsidieplafond voor deze openstelling (2018) was € 1.500.000, opgebouwd uit € 750.000 Europese middelen (ELFPO) en provinciale middelen van Drenthe. Dit plafond kon door Gedeputeerde Staten worden verhoogd als een aanvraag net over het plafond heen zou vallen, om te voorkomen dat een goed scorend project alleen daardoor wordt afgewezen.
Wat zijn de voorwaarden van de Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe?
Voordat er inhoudelijk beoordeeld wordt, moet je aan een aantal harde voorwaarden voldoen. Voldoe je hier niet aan, dan wordt je aanvraag zonder verdere beoordeling afgewezen:
- Je vraagt aan als samenwerkingsverband van minimaal twee organisaties, met minimaal één landbouwer erbij en zonder onderlinge verbondenheid tussen de partijen.
- Geen partij neemt meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening.
- Het project wordt geheel of grotendeels in Drenthe uitgevoerd.
- Het project bevindt zich in TRL-niveau 4, 5, 6 of 7.
- Het project draagt bij aan minimaal één doelstelling uit de Ontwikkelagenda Melkveehouderij en minimaal één van de zeven thema's uit artikel 5, lid 1 onder d.
- Bij projecten zonder directe betrekking op landbouwproducten: het project is gericht op experimentele ontwikkeling.
- Bij projecten met betrekking op landbouwproducten: de totale subsidiabele projectkosten zijn niet hoger dan € 1.000.000.
- Het samenwerkingsverband heeft nog geen subsidie ontvangen via het LEADER-programma voor dezelfde kosten, de kosten betreffen geen reguliere bedrijfsvoering, en de activiteit is nieuw (geen bestaande praktijk).
- Bij een aanvraag die betrekking heeft op een investering met waarschijnlijke negatieve omgevingseffecten: er is een verkenning naar die effecten toegevoegd.
Na de knock-outtoets wordt je project inhoudelijk beoordeeld door de Adviescommissie POP3 aan de hand van een puntensysteem. Er zijn vier criteria (uit de scoretabel in bijlage 1). Voor elk criterium kun je maximaal 5 punten krijgen, met de volgende gradaties:
- 0 punten: zeer geringe bijdrage
- 1 punt: geringe bijdrage
- 2 punten: matige bijdrage
- 3 punten: voldoende bijdrage
- 4 punten: goede bijdrage
- 5 punten: zeer goede bijdrage
Wel is duidelijk dat de gezamenlijke criteria optellen tot een maximumscore van 55 punten in totaal, en dat bij de beoordeling ook gekeken wordt naar het grensverleggende karakter van de innovatie: gaat het om kleine optimalisatiestapjes, of om een grote, onomkeerbare transitie. Ook wordt gekeken naar de mate waarin deskundigen (professionele of publieke adviseurs, ondernemers van buiten de landbouw, onderzoekers) zijn of worden toegevoegd aan het samenwerkingsverband, omdat dit bijdraagt aan de verspreiding van kennis.
Om voor subsidie in aanmerking te komen, moet je project minimaal 33 van de 55 punten scoren. Haal je dat niet, dan wordt de subsidie geweigerd, ook als je aan alle knock-outeisen voldeed.
Scoor je 33 punten of meer, dan is toekenning nog niet zeker: dat hangt ook af van het beschikbare budget (subsidieplafond). Projecten worden gerangschikt van hoog naar laag op basis van het aantal behaalde punten. Bij een overschrijding van het subsidieplafond krijgen de hoogst scorende aanvragen voorrang. Gedeputeerde Staten kunnen in dat geval besluiten het subsidieplafond te verhogen, zodat projecten die net voor de overschrijding zorgen (met een gelijke rangschikking als andere aanvragen, of met een subsidiebedrag hoger dan het resterende budget) toch gehonoreerd kunnen worden.
Na de inhoudelijke beoordeling door de Adviescommissie volgt nog een subsidietechnische toets, een financiële toets en een EU-conformiteitstoets.
Als je subsidie krijgt toegekend (verleningsbeschikking), gelden onder meer deze verplichtingen tijdens de looptijd van het project:
- Meld een wijziging in het project vooraf, vóórdat je begint met de aangepaste uitvoering. Het loket toetst dan eerst of het aangepaste projectplan nog steeds aan de voorwaarden voldoet, om financiële gevolgen achteraf te voorkomen.
- Je rapporteert jaarlijks over de voortgang van je project, via een voortgangsverslag. In sommige gevallen gelden hierop uitzonderingen; wat voor jouw project geldt, staat in je verleningsbeschikking.
- Je kunt tussentijds een betaalverzoek indienen voor gemaakte en betaalde kosten (zie sectie 'Na je aanvraag').
- De projectduur mag langer zijn dan drie jaar (in afwijking van de standaardregel in de Verordening), maar je verzoek tot vaststelling van de subsidie moet uiterlijk op 31 december 2022 zijn ingediend.
- In je verleningsbeschikking staat een uiterste datum waarop het project afgerond moet zijn; die datum is dus projectspecifiek.
Hoe vraag je de Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe aan?
Aanvragen voor deze openstelling is niet meer mogelijk. De onderstaande stappen en documenten geven weer hoe de aanvraag destijds werkte, wat nuttig is als je een lopend dossier hebt of een vergelijkbare regeling wilt begrijpen.
Stap 1: Aanvraag indienen
De aanvraag werd ingediend bij Gedeputeerde Staten, via het SNN, bij voorkeur digitaal via het webportal op www.snn.nl/pop3 (het huidige portaal loopt via pop3-webportal.nl/mijn/). De openstelling voor deze specifieke ronde (2018) liep van maandag 8 oktober 2018 09.00 uur tot en met donderdag 13 december 2018 17.00 uur.
Penvoerder: het samenwerkingsverband wijst één van de deelnemende partijen aan als penvoerder. Deze penvoerder dient de aanvraag in namens het hele samenwerkingsverband.
Verplichte documenten bij de aanvraag:
- Een aanvraagformulier, verstrekt door SNN.
- Een projectplan, opgesteld volgens het verplichte format van Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN). Hierin beschrijf je onder andere hoe het project bijdraagt aan de Ontwikkelagenda Melkveehouderij, in welke TRL-fase het project zich bevindt, en hoe de resultaten verspreid worden.
- Een begroting van de kosten en inkomsten van het project, ook volgens het format van SNN.
- Een toelichting op de begroting.
- Een sluitend financieringsplan van de kosten van de activiteit. Hierin geef je ook op welke subsidies of vergoedingen voor dezelfde activiteiten al zijn aangevraagd bij andere bestuursorganen, private organisaties of personen, met de stand van zaken daarvan.
- Als de aanvraag betrekking heeft op een investering die waarschijnlijk negatieve omgevingseffecten heeft: een verkenning naar die mogelijke negatieve omgevingseffecten.
- Als een of meer projectpartners de btw niet kunnen verrekenen of compenseren en de kosten daarom inclusief btw willen opvoeren: een btw-verklaring van de Belastingdienst.
Stap 2: Beoordeling
Na indiening beoordeelt de Adviescommissie POP3 je aanvraag op de selectiecriteria en kent punten toe. Vervolgens vinden een subsidietechnische toets, een financiële toets en een EU-conformiteitstoets plaats door SNN en RVO. Het loket streeft ernaar binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de ronde een besluit te nemen. Je krijgt het besluit per e-mail.
Stap 3: Verlening
Bij een positief besluit ontvang je een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag en de uiterste datum waarop het project afgerond moet zijn.
Tijdens de uitvoering
Ben je van plan iets anders te doen dan in je oorspronkelijke projectplan staat? Dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en start pas daarna met de aangepaste uitvoering. Verder kun je tijdens de looptijd voortgangsverslagen indienen en betaalverzoeken doen (zie de secties 'Voorwaarden' en 'Na je aanvraag' voor de inhoud hiervan).
Praktische opmerking
Het loket was, volgens de meest recente informatie op de pagina, telefonisch tijdelijk beperkt bereikbaar (20 juli tot en met 14 augustus, van 08.30 tot 12.00 uur) en het eLoket was op 3 augustus tijdelijk niet bereikbaar tussen 17.00 en 17.30 uur. Dit zijn actuele servicemeldingen en geen onderdeel van de aanvraagprocedure van deze specifieke, gesloten openstelling.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Wie beoordeelt en hoe lang duurt het
Je aanvraag wordt beoordeeld door de Adviescommissie POP3, het SNN en RVO samen. De Adviescommissie POP3 stelt eerst een prioriteitenlijst op door punten toe te kennen op de selectiecriteria uit bijlage 1 van het openstellingsbesluit. Daarna volgt een subsidietechnische toets, een financiële toets en een EU-conformiteitstoets.
Het streven is om binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de aanvraagronde een besluit te nemen. Je krijgt het besluit per e-mail.
Bij toekenning: de verleningsbeschikking
Krijg je een akkoord, dan ontvang je een verleningsbeschikking. Daarin staat:
- Het maximale subsidiebedrag dat je kunt ontvangen.
- De uiterste datum waarop het project afgerond moet zijn.
- Voor jouw project geldende uitzonderingen op de jaarlijkse rapportageplicht en/of het indienen van betaalverzoeken, als die van toepassing zijn.
Tussentijdse betaling (voorschot)
Je kunt tijdens de looptijd van je project een verzoek om een voorschot (tussentijdse betaling) indienen voor kosten die je al gemaakt en betaald hebt. Dit mag twee keer per kalenderjaar. Het minimale bedrag voor zo'n voorschotaanvraag is € 25.000 (in afwijking van het standaardbedrag uit de Verordening).
Jaarlijkse rapportage
Tijdens de projectperiode moet je jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project via een voortgangsverslag. Zoals gezegd kunnen hierop uitzonderingen gelden; check hiervoor je eigen verleningsbeschikking.
Vaststelling (eindafrekening)
Heb je je project afgerond, dan dien je een verzoek tot vaststelling in. Voor deze openstelling geldt een bijzondere regel: de projectduur mag langer zijn dan de standaard drie jaar uit de Verordening, maar je verzoek tot vaststelling moest uiterlijk op 31 december 2022 zijn ingediend. Na deze vaststelling wordt bepaald wat het definitieve subsidiebedrag is en volgt de eindbetaling of eventuele terugvordering als er te veel voorschot is verstrekt.
Verplichtingen tijdens de looptijd
- Wijzigingen in je project meld je vooraf. Ben je van plan iets anders te doen dan in je projectplan staat, dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en start pas daarna met de uitvoering van de wijziging. Het loket toetst of het aangepaste projectplan nog steeds aan de subsidievoorwaarden voldoet, om te voorkomen dat je achteraf financiële gevolgen ondervindt.
- Je houdt je aan de verplichting om resultaten van het project breed te verspreiden in Drenthe, zoals opgenomen in de subsidievereisten (kennisbijeenkomsten, experimenten, demovelden of studiegroepen).
Voor praktische vragen tijdens de looptijd kun je contact opnemen met plattelandsontwikkeling@snn.nl of telefonisch via 050 5224 988 (met de tijdelijke aangepaste bereikbaarheid van 08.30 tot 12.00 uur tussen 20 juli en 14 augustus).
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Openstellingsbesluit Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe 2018DownloadPDF · 13 pagina'sAanbevolen
Het openstellingsbesluit van Gedeputeerde Staten van Drenthe dat de subsidieregeling, doelgroep, subsidiabele activiteiten, kosten, hoogte en selectiecriteria vastlegt en dat je nodig hebt om te bepalen of je project voldoet aan de voorwaarden voordat je een aanvraag indient.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthe. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Samenwerking voor innovaties Melkveehouderij - Drenthesnn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.