GeslotenFonds · Drenthe · Subsidie

Samenwerking EIP - Drenthe

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de Samenwerking EIP - Drenthe?

Samenwerking EIP - Drenthe was een subsidie voor samenwerkingsverbanden die innovaties in de landbouw ontwikkelden en testten, gericht op verduurzaming van de landbouwsector in Drenthe. Aanvragen is niet meer mogelijk: dit was een tijdelijke openstelling (er zijn twee geweest, in 2016 en in 2018) en beide rondes zijn gesloten.

De regeling was bedoeld voor Operationele Groepen (OG's): samenwerkingsverbanden van minimaal twee partijen, waaronder minimaal één landbouwer of een vertegenwoordiger daarvan. Denk aan boeren, onderzoekers, onderwijsinstellingen, adviseurs en bedrijven die samen een innovatieopgave in de landbouw wilden oppakken, bijvoorbeeld op het gebied van melkveehouderij, de Veenkoloniën, de tuinbouwsector, het Nationaal Landschap Drentsche Aa of het verwaarden van plantinhoudsstoffen.

Je kreeg subsidie voor kosten als coördinatie van het samenwerkingsverband, het verspreiden van resultaten, machines en installaties, adviseurs, haalbaarheidsstudies en operationele testkosten. De hoogte van de subsidie hing af van het openstellingsjaar en van het type project (met of zonder betrekking op landbouwproducten, en de grootte van de onderneming).

Aanvragen verliep via het webportal van SNN (www.pop3-webportal.nl/mijn/), met een verplicht projectplan volgens een vast SNN-format en een begroting. Omdat beide openstellingen zijn gesloten, kun je nu geen nieuwe aanvraag meer indienen. Heb je eerder al een aanvraag ingediend binnen deze regeling? Dan vind je op de loketpagina onder het tabblad "Aangevraagd" informatie over de status, rapportageverplichtingen en betaalverzoeken.

Wie komt in aanmerking voor de Samenwerking EIP - Drenthe?

Deze subsidie kun je niet meer aanvragen: de status is "Aanvragen niet meer mogelijk". De onderstaande eisen golden toen de regeling nog open was, en zijn relevant als je een lopend project uit deze regeling hebt.

Je bent actief in Drenthe
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Wie kwam in aanmerking

  • Je moest deel uitmaken van een samenwerkingsverband van ten minste twee organisaties. Eén van de deelnemers moest een landbouwer zijn (in de openstelling 2018 mocht dit ook een vertegenwoordiger van landbouwers zijn).
  • De deelnemende partijen mochten onderling niet met elkaar verbonden zijn.
  • In de openstelling van 2018 was er een specifieke beperking: voor de activiteiten a tot en met c (melkveehouderij, Drentsche Aa, plantinhoudsstoffen) kon subsidie alleen worden aangevraagd door deelnemers van Operationele Groepen die in de openstelling van 2016 al een beschikking hadden ontvangen. Voor activiteit d (nieuwe gewassen, korte ketens, kringlopen) konden ook andere operationele groepen of groepen in wording aanvragen.
  • Landbouwondernemingen die niet aan de mkb-definitie voldeden, konden in de openstelling 2016 in afwijking van de standaardregel toch subsidie krijgen.

Wie viel af

  • Samenwerkingsverbanden zonder landbouwer (of vertegenwoordiger) vielen af.
  • Onderling verbonden partijen binnen het samenwerkingsverband vielen af.
  • In 2016 werden projecten geweigerd die niet aansloten bij een van de vijf specifieke beleidsdoelen (verduurzaming melkveehouderij, verdienmodel Veenkoloniën, tuinbouwsector, Nationaal Landschap Drentsche Aa, plantinhoudsstoffen).
  • In 2018 moest het project aansluiten bij minimaal twee van de vijf genoemde thema's (meerwaardestrategie, kringlopen/emissiereductie, klimaatmitigatie, klimaatadaptatie, biodiversiteit); projecten die dat niet deden vielen af.
  • Projecten die bij de puntenbeoordeling onder de minimumscore bleven, werden geweigerd: in 2016 lag de drempel op 22 van de 40 punten (55%), in 2018 op 33 van de 55 punten (60%).
  • In 2016 werden projecten ook geweigerd als ze onvoldoende of gering scoorden op specifiek de criteria "kans op succes" of "mate van innovativiteit", ook al was de totaalscore voldoende.
  • In 2018 werd subsidie geweigerd als de totale subsidiabele projectkosten meer dan € 1.000.000,- bedroegen, in het geval het project betrekking had op handel in en voortbrenging van landbouwproducten.
  • Projecten met kosten waarvoor al vóór de aanvraag verplichtingen waren aangegaan (voorbereidingskosten), vielen af voor die kosten.
  • Projecten die niet gericht waren op de aangewezen TRL-niveaus (in 2018: niveau 4 tot en met 7) kwamen niet in aanmerking; puur fundamenteel onderzoek (lagere TRL) of marktrijpe innovaties (TRL 8-9) vielen buiten de regeling.
  • Aanvragen waarbij de na beoordeling berekende subsidie onder het minimumbedrag uitkwam, werden alsnog geweigerd (zie hoeveel je krijgt).

Hoeveel subsidie krijg je?

De hoogte van de subsidie verschilde per openstellingsjaar en per type project.

Openstelling 2016

  • Maximaal € 120.000,- subsidie per project.
  • Geen subsidie als het berekende bedrag na beoordeling lager uitkwam dan € 80.000,-.
  • Subsidieplafond voor deze ronde: € 600.000,- (voor 50% ELFPO-middelen, voor 50% provinciale middelen).

Openstelling 2018

  • Maximaal € 200.000,- subsidie per project.
  • Geen subsidie als het berekende bedrag na beoordeling lager uitkwam dan € 100.000,-.
  • Subsidieplafond voor deze ronde: € 1.040.866,- (helft Europese ELFPO-middelen, helft provinciale middelen).

Binnen de 2018-openstelling golden verschillende percentages, afhankelijk van of het project betrekking had op handel in en voortbrenging van landbouwproducten:

Voor projecten met betrekking op landbouwproducten:

  • 70% van de kosten voor coördinatie en verspreiding van resultaten.
  • 40% van de overige kosten (machines, adviseurs, software, testen, haalbaarheidsstudies) als het een productieve investering betrof.
  • 100% van diezelfde kosten als het een niet-productieve investering betrof.

Voor projecten zonder directe betrekking op landbouwproducten (experimentele ontwikkeling):

  • 25% van de subsidiabele kosten bij een grote onderneming.
  • 35% bij een middelgrote onderneming.
  • 45% bij een kleine onderneming.
  • 40% van de kosten voor haalbaarheidsstudies, ongeacht bedrijfsgrootte.

Deze percentages (25/35/45%) konden met 15 procentpunt omhoog als aan minstens een van deze voorwaarden werd voldaan:

  • het samenwerkingsverband bevatte minstens één kleine of middelgrote onderneming en geen partij droeg meer dan 70% van de kosten, en/of
  • een onderzoeks- of onderwijsinstelling nam deel en droeg minimaal 10% van de kosten.

Deze verhoogde percentages golden wel altijd onder het voorbehoud dat de totale overheidsbijdrage niet meer bedroeg dan Europeesrechtelijk (staatssteun) is toegestaan.

Verder gold: hoe hoger de puntenscore bij de beoordeling, hoe groter de kans dat het project daadwerkelijk subsidie kreeg, omdat toekenning plaatsvond op volgorde van score totdat het subsidieplafond was bereikt.

Wat zijn de voorwaarden van de Samenwerking EIP - Drenthe?

Hier val je op af

Samenwerkingsverband van minimaal twee organisaties, met minstens één landbouwer (of, in 2018, een vertegenwoordiger van landbouwers) als deelnemer.
De deelnemende partijen mochten onderling niet verbonden zijn.
Het project moest aansluiten bij de aangewezen beleidsdoelen (2016) of minimaal twee van de vijf genoemde thema's (2018).
Minimumscore bij de beoordeling: 22 van de 40 punten (2016) of 33 van de 55 punten (2018).
In 2016 gold bovendien dat een project niet onvoldoende of gering mocht scoren op specifiek de criteria "kans op succes" en "mate van innovativiteit".
In 2018 moest het project op TRL-niveau 4, 5, 6 of 7 zitten.
In 2018: bij projecten gericht op landbouwproducten mochten de totale subsidiabele kosten niet boven € 1.000.000,- uitkomen.
Het uiteindelijk berekende subsidiebedrag moest boven het minimum uitkomen (€ 80.000,- in 2016, € 100.000,- in 2018), anders werd niets uitgekeerd.

Wat je moet doen na toekenning

  • Je moest de resultaten van je project openbaar maken via het EIP-netwerk en andere geëigende netwerken.
  • In 2016 mocht de projectduur langer zijn dan drie jaar, maar moest het verzoek tot vaststelling uiterlijk 31 december 2021 zijn ingediend. Dezelfde einddatum gold in 2018.
  • Na afronding van het project (2016-regeling) moest je een verklaring afgeven dat het project fysiek is afgerond of dat alle activiteiten volledig zijn uitgevoerd, in een door SNN verstrekt format, bij te voegen bij het verzoek tot vaststelling.
  • In 2016 kon je één keer per kalenderjaar een voorschot aanvragen; in 2018 kon dit twee keer per kalenderjaar, met een minimumbedrag van € 25.000,- per verzoek.
  • Uit de subpagina van het loket: als je iets anders wilt gaan doen in het project dan afgesproken, moet je eerst een wijzigingsverzoek indienen en pas daarna beginnen met de uitvoering. SNN toetst dan of het aangepaste projectplan nog aan de voorwaarden voldoet.
  • Tijdens de looptijd moest je jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project, met uitzonderingen zoals vermeld in de verleningsbeschikking.

a. Kosteneffectiviteit (wegingsfactor 3, max. 12 punten): verhouding tussen kosten en prestatie, relevantie van de kosten, efficiënt gebruik van kennis en arbeid. Score 1 (onvoldoende) tot 4 (zeer goed) punten vóór weging.

b. Kans op succes (wegingsfactor 3, max. 12 punten): kwaliteit van het procesplan, oriëntatie op haalbaarheid en bestaande kennis, oriëntatie op businessmodel en markt, samenstelling en kennisniveau van het samenwerkingsverband, kennisdeling met het EIP-netwerk. Dit criterium mocht niet onvoldoende of gering scoren.

c. Effectiviteit/impact (wegingsfactor 2, max. 8 punten): meerwaarde van de innovatie voor het thema, bijdrage aan duurzame nieuwe samenwerkingsverbanden, geschiktheid voor brede toepassing/uitrol, kwaliteit van het communicatieplan.

d. Mate van innovativiteit (wegingsfactor 2, max. 8 punten): grensverleggend karakter van het idee, transitiekarakter, innovatieve waarde van het samenwerkingsverband, toepassingsgebied, waar de innovatie feitelijk wordt ontwikkeld. Dit criterium mocht ook niet onvoldoende of gering scoren.

Beoordelingscriteria openstelling 2018 (totaal 55 punten, per criterium 0-5 punten vóór weging)

a. Effectiviteit (wegingsfactor 4, max. 20 punten): meerwaarde van de innovatie, bijdrage aan duurzame samenwerkingsverbanden, geschiktheid voor brede uitrol, kwaliteit communicatieplan, en de hoogte van het gevraagde subsidiebedrag wordt hierbij ook meegewogen.

b. Kans op succes/haalbaarheid (wegingsfactor 3, max. 15 punten): kwaliteit procesplan, oriëntatie op haalbaarheid en kennis, oriëntatie op businessmodel en markt, samenstelling samenwerkingsverband, kennisdeling.

c. Innovativiteit (wegingsfactor 2, max. 10 punten): grensverleggend karakter, transitiekarakter, innovatieve waarde van het samenwerkingsverband, toepassingsgebied, innovatie-infrastructuur.

d. Efficiëntie (wegingsfactor 2, max. 10 punten): redelijkheid van de kosten, relevantie van de kosten, efficiënt gebruik van kennis, kunde en arbeid.

Bij beide openstellingen werd bij het rangschikken eerst gekeken naar spreiding over de beleidsdoelen: per beleidsdoel kwam de hoogst scorende aanvraag als eerste in aanmerking, dan de beste nummer 2 per beleidsdoel, enzovoort, tot het subsidieplafond was bereikt. Dit betekent dat een hoger scorend project op een ander beleidsdoel toch achteraan kon komen als het plafond al bereikt was door projecten met een lagere score maar een gunstiger positie binnen hun eigen beleidsdoel.

Hoe vraag je de Samenwerking EIP - Drenthe aan?

Deze subsidie is niet meer aan te vragen: beide openstellingen (2016 en 2018) zijn gesloten. De onderstaande procedure gold toen de regeling nog open was.

Openstellingsperiodes

  • Openstelling 2016: van 1 november 2016 tot en met 20 januari 2017.
  • Openstelling 2018: van 09.00 uur op 5 maart 2018 tot 17.00 uur op 8 juni 2018.

Stappen

  • Aanvraag voorbereiden. Je moest een samenwerkingsverband vormen van minstens twee organisaties, met minstens één landbouwer als deelnemer, en gezamenlijk een projectplan opstellen.
  • Aanvraag indienen. Dit gebeurde via het webportal van SNN (destijds www.snn.eu/pop3, nu bereikbaar via www.pop3-webportal.nl/mijn/), bij voorkeur digitaal. Het samenwerkingsverband wees één deelnemer aan als penvoerder, die de aanvraag namens de groep indiende.

Verplichte documenten bij de aanvraag

  • Een volledig ingevuld projectplan, opgesteld volgens het vaste format van SNN (Samenwerkingsverband Noord-Nederland). Dit format was verplicht; een eigen format volstond niet.
  • Een begroting van de kosten en inkomsten van het project.
  • Een toelichting op de begroting.
  • Een financieringsplan van de kosten van de activiteit, inclusief een opgave van subsidies of vergoedingen die voor dezelfde activiteiten bij andere instanties, organisaties of personen zijn aangevraagd, met de stand van zaken daarvan.
  • Als de aanvraag betrekking had op een investering met waarschijnlijke negatieve omgevingseffecten: een verkenning naar de mogelijke negatieve omgevingseffecten van die investering.
  • De vaste, door SNN verstrekte formats moesten worden gebruikt. De penvoerder diende de aanvraag namens het samenwerkingsverband in.

Beoordeling en selectie

Na sluiting van de openstelling beoordeelde een onafhankelijke Adviescommissie POP3 alle volledige aanvragen aan de hand van de selectiecriteria (zie sectie Voorwaarden) en stelde een prioriteitenlijst op. Projecten onder de minimumscore vielen af. Van de overige projecten kregen de hoogst scorende projecten voorrang, met dien verstande dat bij het rangschikken ook werd gekeken naar spreiding over de beleidsdoelen.

Wijzigingen tijdens het project

Wilde je tijdens de looptijd iets anders doen dan in het goedgekeurde projectplan stond? Dan moest je vooraf een wijzigingsverzoek indienen bij SNN en pas na akkoord beginnen met de aangepaste uitvoering. SNN toetste dan opnieuw of het plan aan de voorwaarden voldeed.

Voor vragen over een lopende aanvraag kun je contact opnemen met SNN via plattelandsontwikkeling@snn.nl of telefonisch via 050 5224 988. Let op de aangepaste (beperkte) telefonische bereikbaarheid van 20 juli tot en met 14 augustus, van 08.30 tot 12.00 uur; vanaf 17 augustus gelden weer de gebruikelijke openingstijden.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Beoordeling

Aanvragen werden beoordeeld door de Adviescommissie POP3, het SNN en RVO gezamenlijk. Zij streefden ernaar binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de openstelling een besluit te nemen. Over het besluit kreeg je een bericht per e-mail.

Bij toekenning

Werd je aanvraag goedgekeurd, dan ontving je een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag dat je kon ontvangen. In deze beschikking stond ook wanneer het project uiterlijk afgerond moest zijn.

Tijdens de projectperiode

  • Je moest jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project via een voortgangsverslag. In sommige gevallen gold hierop een uitzondering; wat voor jouw project gold, stond in de verleningsbeschikking.
  • Je kon een tussentijdse betaling (voorschot) aanvragen voor kosten die je al had gemaakt en betaald. In de openstelling van 2016 kon dit één keer per kalenderjaar, in 2018 twee keer per kalenderjaar met een minimumbedrag van € 25.000,- per aanvraag.
  • Wilde je iets anders gaan doen dan in het goedgekeurde projectplan stond? Dan moest je dat eerst melden via een wijzigingsverzoek, en pas daarna met de aangepaste uitvoering starten. SNN toetste of het aangepaste plan nog aan de subsidievoorwaarden voldeed, om financiële gevolgen achteraf te voorkomen.

Afronding en vaststelling

Na afronding van het project diende je een verzoek tot vaststelling in. Voor de 2016-regeling moest hierbij een verklaring worden gevoegd, in een door SNN verstrekt format, dat het project fysiek is afgerond of dat alle projectactiviteiten volledig zijn uitgevoerd. Deze verklaring kon ook eerder worden opgevraagd door SNN.

Voor beide openstellingen (2016 en 2018) gold dat de projectduur langer dan drie jaar mocht zijn, maar dat het verzoek tot vaststelling uiterlijk op 31 december 2021 moest zijn ingediend.

Doorlopende verplichting

Gedurende en na afloop van het project moest je de resultaten van de activiteit openbaar maken via het EIP-netwerk en andere geëigende netwerken. Dit was een uitdrukkelijke voorwaarde van de subsidie.

Heb je in het verleden subsidie aangevraagd binnen deze regeling? Kijk dan op de loketpagina onder het tabblad "Aangevraagd" voor de knoppen om een wijziging door te geven, een voortgangsverslag in te dienen, een tussentijdse betaling aan te vragen of een verzoek tot vaststelling te doen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Samenwerking EIP - Drenthe. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.