Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe?
Deze subsidie was bedoeld voor samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten in de Drentse landbouw wilden ontwikkelen: van duurzame verdienmodellen tot nieuwe waardeketens en klimaatmaatregelen. De regeling is onderdeel van het Europese Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) en werd uitgevoerd door SNN namens de provincie Drenthe.
Let op: deze ronde is gesloten. Het loket meldt "Aanvragen niet meer mogelijk" en het resterend budget is € 0. Aanvragen indienen kan dus niet meer.
Toen de regeling nog open was, kon je subsidie krijgen als je met minimaal twee partijen samenwerkte, waarvan minstens één landbouwer, aan een innovatief project gericht op de voortbrenging van of handel in landbouwproducten. De subsidie bedroeg minimaal € 125.000 en maximaal € 500.000 per project, met een vergoeding van 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen en 100% van de overige subsidiabele kosten (loonkosten, eigen arbeid, kosten van derden).
Aanvragen liep via het GLB-webportaal (glb-webportal.nl) met inloggen via eHerkenning. Beoordeling gebeurde op vier criteria (effectiviteit, haalbaarheid, innovativiteit, efficiëntie) met een minimale score van 36 van de 60 punten om in aanmerking te komen.
Deze tekst is vooral relevant als naslag: voor toekomstige EIP-rondes in Drenthe of andere provincies (zoals Fryslân, dat nog wel openstaat) gelden vergelijkbare voorwaarden en procedures.
Wie komt in aanmerking voor de Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe?
Deze ronde is gesloten (status "Aanvragen niet meer mogelijk", resterend budget € 0). Onderstaande eisen golden toen de regeling nog open was en zijn relevant voor wie een vergelijkbare EIP-ronde overweegt.
Harde eisen om in aanmerking te komen:
- Je vraagt aan met een samenwerkingsverband van minimaal twee partijen. Een aanvraag door één partij alleen wordt afgewezen.
- Minstens één van de partijen in het samenwerkingsverband is een landbouwer. Je bent landbouwer als je landbouwactiviteiten uitvoert en als zodanig geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel (landbouw als hoofdactiviteit, veeteelt of akkerbouw).
- Geen enkele partij mag meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening nemen. Dit voorkomt dat één partij het project in feite alleen doet en de andere(n) alleen op papier meedoen.
- Het project moet gaan over de voortbrenging van landbouwproducten of de handel daarin, zoals gedefinieerd in bijlage 1 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU).
- Het project wordt geheel of grotendeels uitgevoerd in de provincie Drenthe.
- De totale subsidiabele kosten moeten minimaal € 125.000 bedragen; komt de aanvraag daar na beoordeling onder, dan wordt de subsidie geweigerd.
- Het project moet nieuw zijn: een aanvraag van een reeds bestaand samenwerkingsverband wordt geweigerd, tenzij de activiteit nieuw is voor dat samenwerkingsverband. Een aanvraag voor een al lopend project is niet mogelijk.
- Je haalt minimaal 36 van de 60 punten bij de beoordeling door de adviescommissie. Haal je dat niet, dan wordt de aanvraag niet gehonoreerd, ook al is er budget.
Wie valt af:
- Eenlingen (geen samenwerkingsverband) en samenwerkingsverbanden zonder landbouwer.
- Verbonden partijen (bijvoorbeeld moeder- en dochterbedrijven, of partijen met overheersende zeggenschap over elkaar) tellen niet als aparte deelnemers. Als je samenwerkingsverband in feite uit verbonden partijen bestaat, voldoe je mogelijk niet aan de eis van "minimaal twee partijen".
- Projecten gericht op reguliere bedrijfsvoering van een bestaande samenwerking (dus geen innovatie) komen niet in aanmerking.
- Ondernemingen die volgens de Europese definitie "in financiële moeilijkheden" verkeren, komen niet in aanmerking; dit wordt getoetst via de verklaring financiële moeilijkheden (met uitzondering voor mkb-ondernemingen die korter dan 3 jaar bestaan).
- Kosten voor de voorbereiding van het project (vóór de aanvraag) zijn nooit subsidiabel, ongeacht wie aanvraagt.
Een leverancier van investeringen mag wel als projectpartner meedoen, maar geldt dan als verbonden partij: hij mag geen winstopslag rekenen over geleverde investeringen en gewerkte uren zijn alleen subsidiabel tegen de vastgestelde uurtarieven uit de openstelling.
Waarvoor krijg je subsidie?
Subsidiabel waren de operationele kosten van het samenwerkingsverband, eventueel aangevuld met investeringen in bedrijfsmiddelen.
Loonkosten
Kosten van medewerkers in loondienst die aan het project werken. Er zijn twee manieren om deze te begroten:
- Werkelijke kosten: uurtarief per medewerker, berekend als bruto jaarloon vermeerderd met 44,2% werkgeverslasten, gedeeld door 1.720 uur (voltijd, 40-urige werkweek; naar rato bij deeltijd of niet-volledig jaar). Eventueel met een opslag van 15% voor overhead. Het totale aantal te subsidiëren uren per jaar is maximaal 1.720 uur bij een voltijd dienstverband (naar rato bij deeltijd).
- Vereenvoudigde kostenoptie (VKO) voor arbeidskosten: je hoeft dan geen aparte uren te verantwoorden. De loonkosten en kosten eigen arbeid worden berekend als 23% van de overige subsidiabele kosten. Voorbeeld: bij € 100.000 investeringen is de opslag € 100.000 × 0,23 = € 23.000, dus € 123.000 totale subsidiabele kosten.
Eigen arbeid
Voor ondernemers die zelf meewerken zonder loondienst:
- Werkelijke kosten: vast uurtarief van € 50 per uur, met een maximum van 1.372 uur per jaar.
- Bij vereenvoudigde kostenoptie voor overige kosten derden: vast uurtarief van € 43 per uur, eveneens met een maximum van 1.372 uur per jaar.
Afschrijvingskosten
Kosten voor bedrijfsmiddelen die al in bezit zijn van de subsidieontvanger en voor het project worden gebruikt. Je rekent met de gangbare afschrijvingsperiode en bedrijfseconomisch aanvaarde uitgangspunten. De kosten zijn alleen subsidiabel naar evenredigheid van de tijd dat het middel voor het project wordt gebruikt, afgezet tegen de normale bezetting (het aantal prestatie-eenheden dat het middel normaal gesproken over de hele levensduur jaarlijks levert).
Kosten van derden
Kosten voor inhuur van externen, aankoop van machines en materialen, communicatie-activiteiten en toerekenbare personeelsdeclaraties voor reis- en verblijfskosten, op basis van betaalde facturen en prestatiebewijzen. Als een leverancier ook projectpartner is (dus een verbonden partij), mag hij geen winstopslag rekenen en zijn zijn uren alleen subsidiabel tegen de vaste uurtarieven uit de openstelling. Is de leverancier geen partner, dan zijn de kosten subsidiabel op basis van facturen, mits redelijk.
Investeringen in bedrijfsmiddelen
Vaste activa binnen het ondernemingsvermogen die voor de bedrijfsvoering worden gebruikt, zoals gebouwen, machines, inventaris en software. Deze zijn alleen subsidiabel voor de duur van het project, naar rato van de afschrijvingstermijn (zie rekenvoorbeeld bij "Hoeveel krijg je?"). Hierover geldt een apart, lager subsidiepercentage van 40% in plaats van 100%.
Bijdragen in natura
Op geld te waarderen inbreng van producten of diensten zonder facturen of betaalbewijzen, zoals goederen, diensten of grond. De waarde moet onafhankelijk worden vastgesteld; bij grond of onroerend goed mag de waarde niet hoger zijn dan de marktwaarde (bijvoorbeeld op basis van de WOZ-waarde).
Wat niet subsidiabel is
- Kosten voor de voorbereiding van het project (vóór aanvraag) zijn nooit subsidiabel.
- Kosten gericht op de reguliere bedrijfsvoering van al bestaande, reguliere samenwerkingsactiviteiten zijn niet subsidiabel.
Voor de begroting moest je een van de twee vaste begrotingsformats van SNN gebruiken: op basis van werkelijke loon- en arbeidskosten, of op basis van de vereenvoudigde kostenoptie (VKO) voor arbeidskosten. Het format met VKO is eenvoudiger en vereist geen verantwoording van gewerkte uren, maar kan (afhankelijk van je kostenopbouw) tot een ander subsidiebedrag leiden dan het format met werkelijke kosten.
Hoeveel subsidie krijg je?
De subsidie bedroeg minimaal € 125.000 en maximaal € 500.000 per project. Bleven de subsidiabele kosten na beoordeling onder € 125.000, dan werd de subsidie geweigerd.
De hoogte werd berekend met twee verschillende percentages, afhankelijk van het type kosten:
- 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen in bedrijfsmiddelen (zoals machines, gebouwen, inventaris en software).
- 100% van de overige subsidiabele kosten (loonkosten, eigen arbeid, kosten van derden die geen investering zijn).
Investeringen in bedrijfsmiddelen waren alleen subsidiabel naar rato van de projectduur ten opzichte van de afschrijvingstermijn. Daarover geldt dan 40% subsidie, dus € 24.000.
Het subsidiepercentage kon effectief lager uitvallen door twee mechanismen:
- Stapeling met andere subsidies: als je voor dezelfde kosten ook subsidie van een andere instantie ontvangt, wordt de GLB-subsidie verlaagd zodat de totale subsidie niet hoger uitvalt dan zonder die andere bijdrage.
- De 70%-regel: geen van de partijen mag meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening nemen, wat indirect de verdeling van de subsidie over het samenwerkingsverband stuurt.
Het voorschot bedroeg maximaal 50% van de verleende subsidie (optioneel, je kunt hier ook van afzien). Voorschot plus eventuele deelbetalingen samen bedragen ten hoogste 90% van het verleende subsidiebedrag. Er kon maximaal één keer per kalenderjaar een deelbetaling worden aangevraagd.
De-minimissteun was niet van toepassing op deze regeling: omdat het project zich richt op voortbrenging van of handel in landbouwproducten (bijlage 1 VWEU), is de steun vrijgesteld van staatssteunregels op grond van artikel 42 VWEU. Een de-minimisverklaring of aanvullend formulier was daarom niet nodig.
Wat zijn de voorwaarden van de Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe?
Knock-outeisen (harde voorwaarden waarbij een aanvraag zonder meer wordt geweigerd): - Geen samenwerkingsverband van minimaal twee partijen, of geen landbouwer daarin. - Eén partij neemt meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening. - Totale subsidiabele kosten onder € 125.000. - Het project is niet nieuw voor het samenwerkingsverband, of het betreft een reeds lopend project. - Niet voldaan aan de aanvraagvereisten (zie hieronder). - Minder dan 36 van de 60 punten behaald bij de beoordeling.
Wat je moet doen na toekenning
- Je deelt de opgedane kennis en resultaten actief via het Nationale en Europese EIP-netwerk en andere geëigende netwerken (waaronder Groen Kennisnet), gedurende de hele uitvoering van het project.
- Duurt de uitvoering langer dan 12 maanden, dan lever je iedere 12 maanden een voortgangsverslag aan. Dit hoeft niet als je in de afgelopen 12 maanden al een deelbetaling met voortgangsverslag hebt aangevraagd; daarna geldt de 12-maandentermijn weer opnieuw.
- Het voortgangsverslag en deelbetalingsverzoek bevatten in elk geval: het gerealiseerde en verwachte aantal personen dat profiteert van advies, opleiding, kennisuitwisseling of EIP-deelname, en (indien van toepassing) het gerealiseerde en verwachte aandeel grootvee-eenheden (GVE) onder acties voor dierenwelzijn.
- Het project wordt geheel of grotendeels in Drenthe uitgevoerd; de resultaten komen grotendeels ten gunste van Drentse deelnemers.
- Je vraagt de subsidievaststelling aan binnen drie jaar na de datum van de subsidiebeschikking, of uiterlijk op 30 juni 2028 als dat eerder is.
- De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag volgens het SNN-format en een financieel verslag met een rapport van feitelijke bevindingen, opgesteld door een accountant.
- Bij deelbetalingen: maximaal één aanvraag per kalenderjaar.
- Blijkt tijdens de uitvoering dat je toch wilt investeren terwijl je bij aanvraag met VKO voor overige kosten hebt begroot zonder investeringen, dan kan de VKO voor overige kosten niet meer worden toegepast, wat tot een lager subsidiebedrag kan leiden.
Beoordelingscriteria (voor aanvragen die de knock-outtoets doorstaan, beoordeeld door een adviescommissie, elk criterium 0 tot 5 punten):
- Effectiviteit (weging 4, maximaal 20 punten). Beoordeeld wordt onder meer de meerwaarde van de innovatie voor de doelen van de openstelling, de voorbeeldwerking voor andere samenwerkingsverbanden, de brede toepasbaarheid en kans op snelle vertaling naar de praktijk, en de kwaliteit van het communicatieplan voor kennisdeling (via het EIP-netwerk).
- Haalbaarheid/kans op succes (weging 2, maximaal 10 punten). Gaat over de kwaliteit van het proces- of projectplan, de oriëntatie op bestaande kennis en businessmodel/marktpotentieel, de kwaliteit van het samenwerkingsverband in relatie tot het ambitieniveau, en de bereidheid tot kennisdeling.
- Innovativiteit (weging 3, maximaal 15 punten). Beoordeeld wordt het technisch of sociaal grensverleggende karakter van het idee, het transitiekarakter richting duurzame landbouw, de innovatieve waarde van het samenwerkingsverband zelf, en waar de innovatie feitelijk wordt ontwikkeld (bij voorkeur Drentse ondernemers aan zet).
- Efficiëntie (weging 3, maximaal 15 punten). Hier telt de redelijkheid van de begrote kosten ten opzichte van de geplande prestaties, de relevantie van de kosten, efficiënt gebruik van kennis en arbeid, en of er een jonge landbouwer bij het project betrokken is.
Maximaal te behalen: 60 punten. Minimaal vereist: 36 punten (60%).
Bij gelijke score en overschrijding van het subsidieplafond geldt een vaste rangorde voor voorrang: eerst het hoogste aantal punten op effectiviteit, dan innovativiteit, dan efficiëntie, dan haalbaarheid. Bij een resterende gelijke stand beslist loting.
Hoe vraag je de Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe aan?
Deze ronde is gesloten; de openstellingsperiode liep van 1 mei 2024, 9:00 uur tot en met 15 augustus 2024, 17:00 uur. Onderstaande stappen golden voor deze (inmiddels gesloten) ronde en zijn ter referentie, bijvoorbeeld voor vergelijkbare openstellingen in andere provincies of jaren.
Stap 1: Inloggen en aanvraag starten
Je logt in op het GLB-webportaal (glb-webportal.nl) met eHerkenning. Log je voor het eerst in, dan maak je eerst een account aan met een aantal basisgegevens. Let op: het portaal opent standaard op regio Brabant; je moet zelf de juiste openstelling in jouw regio (Drenthe) opzoeken en selecteren. Voor vragen over het webportaal is er een aparte helpdesk.
Stap 2: Gegevens en verplichte onderdelen invullen
Een volledige aanvraag bevat volgens het openstellingsbesluit in elk geval:
- Een omschrijving van de activiteiten conform het projectplan-format van SNN, met daarin de opzet en werkwijze van het project.
- Een begroting volgens het verplichte SNN-format. Er zijn twee formats: op basis van werkelijke loon- en arbeidskosten, of op basis van de vereenvoudigde kostenoptie (VKO) voor arbeidskosten. Je kiest zelf welk format het beste past; dit heeft gevolgen voor de manier waarop je loonkosten en eigen arbeid verantwoordt.
- Een toelichting of onderbouwing op de begroting, eventueel met één of meer offertes.
- Een aantoonbare oriëntatie op al uitgevoerde onderzoeken en bestaande initiatieven rond de betreffende innovatie (bijvoorbeeld via het EIP-netwerk, Netwerk Platteland of Groen Kennisnet).
- Een uitwerking van de beoogde kennisverspreiding via geëigende netwerken, waaronder het Nationale en Europese EIP-netwerk.
- Een toelichting op eventuele investeringen in bedrijfsmiddelen binnen het project.
- Het verwachte aantal personen dat baat heeft bij advies, opleiding, kennisuitwisseling of EIP-deelname.
- Het verwachte aandeel grootvee-eenheden (GVE) onder acties voor dierenwelzijn (indien van toepassing).
Verklaring financiële moeilijkheden
Alle projectpartners vullen een "Verklaring financiële moeilijkheden" in en ondertekenen deze (naam onderneming, KvK-nummer, naam en functie ondertekenaar, datum, handtekening). Hierin doorloop je een beslisschema over onder meer insolventie, ontvangen reddings- of herstructureringssteun, en (afhankelijk van rechtsvorm) de verhouding tussen eigen vermogen en reserves of vreemd vermogen. Mkb-ondernemingen die korter dan 3 jaar bestaan, hoeven alleen de verklaring te ondertekenen zonder de uitgebreide financiële toets. Bij een groep van ondernemingen (verbonden ondernemingen) vul je de verklaring in op groepsniveau en voeg je het "Stroomschema verbonden ondernemingen" toe als onderbouwing. Een organogram van de organisatiestructuur en de laatst vastgestelde (geconsolideerde) jaarrekening zijn geen verplichte bijlagen, maar worden aangeraden om de beoordeling te versnellen.
Termijn
De aanvraag moet binnen de openstellingsperiode (destijds 1 mei tot en met 15 augustus 2024, 17:00 uur) door SNN zijn ontvangen via het webportaal. Te laat is te laat: een aanvraag buiten deze periode wordt niet in behandeling genomen.
Voor vragen tijdens het aanvraagproces kun je terecht bij Team Plattelandsontwikkeling van SNN, telefonisch op werkdagen tussen 08:30-17:00 uur (met aangepaste bereikbaarheid in de zomerperiode) of via e-mail (plattelandsontwikkeling@snn.nl).
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Beoordeling
Aanvragen die aan de knock-outeisen voldoen, worden beoordeeld en gerangschikt door een onafhankelijke adviescommissie op basis van de vier selectiecriteria (effectiviteit, haalbaarheid, innovativiteit, efficiëntie). Deze commissie adviseert Gedeputeerde Staten van Drenthe, die uiteindelijk over de subsidie beslissen. Aanvragen worden op volgorde van de rangschikking (het aantal behaalde punten) gehonoreerd totdat het subsidieplafond van € 2.000.000 (samengesteld uit € 860.000 Europese ELFPO-middelen en € 1.140.000 provinciale cofinanciering) is bereikt.
Bevoorschotting
Na verlening kun je een voorschot aanvragen. Dit voorschot bedraagt maximaal 50% van de verleende subsidie en is optioneel: je kunt er ook voor kiezen geen voorschot te vragen. Daarnaast kun je één keer per kalenderjaar een deelbetaling aanvragen. Voorschot en deelbetaling(en) samen bedragen ten hoogste 90% van het verleende subsidiebedrag.
Verplichtingen tijdens de looptijd
- De projectperiode is maximaal drie jaar.
- Duurt de uitvoering langer dan 12 maanden, dan lever je eenmalig (en daarna telkens na een nieuwe periode van 12 maanden) een voortgangsverslag aan, met daarin het gerealiseerde en verwachte aantal personen dat profijt heeft van het project en (indien relevant) het aandeel grootvee-eenheden onder dierenwelzijnsacties.
- Je deelt de opgedane kennis en resultaten actief via het Nationale en Europese EIP-netwerk en andere geëigende netwerken, gedurende de hele looptijd van het project.
- Bij een deelbetalingsverzoek gelden dezelfde rapportage-eisen als bij het voortgangsverslag.
Vaststelling en einduitbetaling
Je dient het vaststellingsverzoek in binnen drie jaar na de datum van de subsidiebeschikking, of uiterlijk op 30 juni 2028 als die datum eerder valt. Het vaststellingsverzoek bevat in elk geval:
- Een inhoudelijk verslag volgens het format van SNN, waarin de uitgevoerde activiteiten worden beschreven.
- Een financieel verslag met een rapport van feitelijke bevindingen, opgesteld door een accountant.
Na beoordeling van dit vaststellingsverzoek stelt SNN/de provincie de definitieve subsidie vast en wordt het resterende bedrag (na aftrek van eventueel voorschot en deelbetalingen) uitbetaald.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 19 documenten bij deze regeling, waarvan er 6 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Begrotingsformat aanvraag GLB EIP 2024 VKO arbeidskostenDownloadExcel · 5 pagina'sVerplicht
Dit is het begrotingsformat dat je gebruikt als je kiest voor de vereenvoudigde kostenoptie (VKO) voor arbeidskosten, waarbij loonkosten en eigen arbeid automatisch worden berekend als 23% opslag over de overige kosten.
- Machtigingsformulier GLB 23-27DownloadPDF · 1 paginaVerplicht
Dit is het machtigingsformulier waarmee je een gemachtigde aanwijst om namens jou of je organisatie de aanvraag in het GLB-webportal te doen.
- Verklaring financiële moeilijkheden GLBDownloadPDF · 6 pagina'sVerplicht
Dit is de verklaring financiële moeilijkheden die elke projectpartner moet invullen om aan te tonen dat de onderneming niet in financiële moeilijkheden verkeert en dus in aanmerking komt voor subsidie.
- Urenregistratieformulier GLBDownloadExcel · 1 paginaAanbevolen
Dit is het urenregistratieformulier waarmee je de gewerkte uren aan het project vastlegt, nodig als je werkelijke loonkosten of eigen arbeidskosten verantwoordt (niet nodig bij de VKO voor arbeidskosten).
- Checklist benodigde stukken aanbestedingsdossierDownloadExcel · 2 pagina'sAanbevolen
Dit is een checklist met de benodigde stukken voor een aanbestedingsdossier, die je nodig hebt als je binnen je project kosten van derden aanbesteedt.
- Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie DrentheDownloadPDFAanbevolen
De Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Drenthe is het juridische basiskader waarop het openstellingsbesluit is gebaseerd en waarin algemene regels voor GLB-subsidies staan.
- Openstellingsbesluit Samenwerking aan innovatie EIPDownloadPDF · 22 pagina'sAanbevolen
Dit is het Openstellingsbesluit Samenwerking aan innovatie EIP Drenthe 2024, vastgesteld door Gedeputeerde Staten van Drenthe, waarin de specifieke voorwaarden, doelgroep, subsidiehoogte, aanvraagvereisten en selectiecriteria van deze regeling staan.
- EU Verordening 2021_2115DownloadPDF · 48 pagina'sAanbevolen
Dit is de EU Verordening 2021/2115 die het Europese kader vormt voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) waarop deze subsidieregeling is gebaseerd.
En nog 11 andere bestanden in het dossier.
Veelgestelde vragen over de Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe
Mag iedereen deze subsidie aanvragen?
Deze subsidie is bedoeld voor samenwerkingsverbanden van minimaal twee partijen, waarvan minstens één partij een landbouwer is. Geen van de deelnemende partijen mag meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening nemen.
Wanneer word ik gezien als landbouwer voor deze regeling?
Je bent een landbouwer als je landbouwactiviteiten uitvoert en als landbouwer geregistreerd staat bij de Kamer van Koophandel, waarbij landbouwactiviteiten de hoofdactiviteit vormen. Dit kan zowel veeteelt als akkerbouw zijn.
Mag mijn bedrijf meerdere subsidies aanvragen naast deze regeling?
Ja, als aanvrager mag je meerdere subsidies ontvangen. Let wel op de de-minimisverordening: als deze van toepassing is, mag je niet meer dan € 300.000 in 3 jaar aan subsidie ontvangen.
Mag ik in meerdere provincies subsidie aanvragen voor GLB-EIP?
Ja, dat mag. Voor elke provincie geldt wel dat het project grotendeels uitgevoerd moet worden in de provincie waarin de subsidie is aangevraagd en dat de projectresultaten grotendeels ten gunste moeten komen van de deelnemers uit die provincie.
Mag een leverancier van investeringen deelnemen aan het samenwerkingsverband?
Ja, een leverancier mag als projectpartner meedoen. In dat geval is de leverancier een verbonden partij en mag deze geen winstopslag meer rekenen over de geleverde investeringen. Gewerkte uren zijn dan subsidiabel tegen de uurtarieven uit de openstelling. Is de leverancier geen projectpartner, dan zijn de kosten subsidiabel op basis van facturen en moeten deze redelijk zijn.
Worden verbonden partijen binnen een samenwerkingsverband als aparte deelnemers gezien?
Nee. Als deelnemers verbonden zijn, in welke vorm dan ook, worden ze niet als afzonderlijke deelnemers in het samenwerkingsverband beschouwd.
Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?
Je kunt subsidie krijgen voor loonkosten, eigen arbeidskosten, afschrijvingskosten en kosten van derden.
Hoe hoog is het subsidiepercentage?
De subsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten voor investeringen in bedrijfsmiddelen en 100% van de overige subsidiabele kosten.
Wat valt er onder investeringen in bedrijfsmiddelen?
Onder bedrijfsmiddelen vallen vaste activa die je voor de bedrijfsvoering gebruikt en die onder het ondernemingsvermogen vallen, zoals gebouwen, machines, inventaris en software. Investeringen in bedrijfsmiddelen zijn subsidiabel voor de duur van het project.
Hoe worden de subsidiabele kosten van een investering berekend als de afschrijvingstermijn langer is dan de projectduur?
Bijvoorbeeld: een machine van € 100.000 wordt in 5 jaar afgeschreven, maar het project duurt 3 jaar. Dan is 60% van de kosten, dus € 60.000, subsidiabel. De subsidiabele kosten zijn dan 40% van € 60.000, wat neerkomt op € 24.000.
Moet mijn project aan een bepaald TRL-niveau voldoen?
Nee, er worden geen eisen gesteld aan het TRL-niveau (Technology Readiness Level) van een project. Wel wordt bij de beoordeling een meerwaarde gezien in projecten op TRL 7 en/of 8.
Wat wordt verstaan onder landbouwproducten binnen deze regeling?
Hiervoor wordt de definitie gebruikt uit bijlage 1 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU). Deze lijst is te vinden bij het kopje Wet- en regelgeving van de subsidiepagina.
Hoeveel voorschot kan ik krijgen bij verlening van de subsidie?
Het voorschot bedraagt maximaal 50% van de verleende subsidie. Bevoorschotting is een optie; je kunt er ook voor kiezen dit niet te doen.
Wat moet ik delen op het EIP-netwerk?
Je moet een globaal overzicht geven van je onderzoek en vooraf onderzoeken of er al vergelijkbaar onderzoek is uitgevoerd, zie hiervoor EU Cap Network. De aanmelding van je project wordt geregeld via Netwerk Platteland, die de projectgegevens publiceert op de website van het EIP-netwerk.
Zijn voorbereidingskosten subsidiabel?
Nee, kosten die betrekking hebben op de voorbereiding van je project zijn niet subsidiabel. Dit staat in artikel 1.10 van de regeling.
Valt deze subsidie onder de de-minimisverordening?
Nee, de de-minimisverordening is niet van toepassing op deze openstelling omdat deze zich richt op de voortbrenging en handel in landbouwproducten. Hierdoor is artikel 42 VWEU van toepassing en is de steun vrijgesteld van staatssteun, zonder dat je een de-minimisverklaring of aanvullend formulier hoeft in te vullen.
Mag ik deze subsidie stapelen met subsidie van een andere instantie?
Dit kan als de subsidie die je van andere instanties ontvangt niet hoger is dan de subsidie die je bij deze aanvraag ontvangt, zoals beschreven in artikel 1.5 en 1.11 van de regeling. Vraag je bijvoorbeeld € 300.000 GLB-subsidie aan en ontvang je daarnaast € 100.000 van een andere instantie, dan is de maximaal te verlenen GLB-subsidie nog € 200.000.
Verschilt de openstelling per provincie?
Nee, de openstellingen zijn inhoudelijk gelijk in de verschillende provincies.
Welk begrotingsformat moet ik gebruiken?
Er zijn twee begrotingsformats: op basis van werkelijke loonkosten en eigen arbeidskosten, of op basis van de vereenvoudigde kostenoptie (VKO) voor arbeidskosten. Bij het VKO-format worden loonkosten en kosten eigen arbeid berekend door de overige subsidiabele kosten te vermenigvuldigen met 0,23, en ben je niet verplicht verantwoording over gemaakte uren af te leggen.
Wat is het minimale en maximale subsidiebedrag?
De hoogte van de subsidie is minimaal € 125.000 en maximaal € 500.000.
Hoe lang mag mijn project maximaal duren?
De projectperiode is maximaal drie jaar.
Hoe vaak kan ik een deelbetaling aanvragen?
Er kan één keer per kalenderjaar een aanvraag worden gedaan voor een deelbetaling.
Welke verplichtingen heb ik als ik subsidie ontvang?
Je moet de opgedane kennis en resultaten delen via het Nationale en Europese EIP-netwerk, iedere 12 maanden een voortgangsverslag aanleveren, het project grotendeels in Drenthe uitvoeren, en bij het vaststellingsverzoek een rapport van feitelijke bevindingen van een accountant bijvoegen.
Hoeveel punten moet mijn project minimaal scoren om subsidie te krijgen?
Het project moet minimaal 36 punten van de in totaal 60 te behalen punten scoren.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthe. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Samenwerken aan innovatie EIP 2024 Drenthesnn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.