GeslotenFonds · Drenthe, Friesland, Groningen · Subsidie

Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021)

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021)?

Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021) was een subsidie van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) voor mkb-ondernemers in Drenthe, Friesland en Groningen die een nieuw softwarematig product of dienst wilden ontwikkelen, of proof-of-concept software wilden maken om een technisch werkingsprincipe aan te tonen.

Let op: deze regeling is gesloten. De status staat op "Aanvragen niet meer mogelijk" en het resterend budget is € 0. Je kunt hier dus niet meer op aanvragen; de informatie hieronder is alleen nog relevant als naslag of als je een vergelijkbare, nog openstaande SNN-regeling overweegt.

Als de regeling nog open was geweest, kwam je in aanmerking als je een mkb-onderneming was, gevestigd en actief in één van de drie noordelijke provincies, met een project dat bijdroeg aan de innovatiestrategie RIS3 2021-2027. Je kreeg dan 35% (middelgrote onderneming) of 45% (micro/kleine onderneming) van de subsidiabele kosten vergoed, met een minimum van € 10.000 aan subsidiabele kosten en een maximale subsidie van € 50.000 per project.

De subsidie was bedoeld voor het inschakelen van een onafhankelijke deskundige en voor loonkosten van eigen personeel (of eigen uren). Aanvragen ging via het eLoket van SNN, met een verplicht projectplan volgens het beschikbare format, een begroting, en diverse verklaringen (onder meer over de-minimissteun en financiële moeilijkheden). Beoordeling gebeurde op volgorde van binnenkomst: wie eerst een complete aanvraag indiende, kreeg voorrang zolang er budget was.

Wie komt in aanmerking voor de Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021)?

Aanvragen kan niet meer: het budget is op (resterend budget € 0) en de status staat op "Aanvragen niet meer mogelijk". Onderstaande eisen golden tijdens de openstelling en zijn relevant als je een vergelijkbare, nog open regeling overweegt of je aanvraag alsnog beoordeeld wordt.

Je bent actief in Drenthe, Friesland, Groningen
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Je viel af als:

  • Je onderneming niet in Drenthe, Friesland of Groningen was gevestigd en daar geen ondernemingsactiviteiten uitvoerde.
  • Je geen mkb-onderneming was (250 fte of meer, of jaaromzet boven € 50 miljoen én balanstotaal boven € 43 miljoen). Let op: bij een verband van ondernemingen (moeder-, dochter-, zusterbedrijven) telt het geheel mee, niet alleen jouw eigen bv.
  • Je onderneming in financiële moeilijkheden verkeerde (volgens de definitie in artikel 2 lid 18 sub a t/m e AGVV). Dit gold ook als de subsidie onder de-minimis werd verleend.
  • Je project niet bijdroeg aan één van de vier transities of het thema "ondernemende regio / krachtig ondernemerschap" binnen de RIS3 2021-2027.
  • Je project niet zag op de ontwikkeling van een voor jouw onderneming nieuw softwarematig product of dienst met een oplossing voor een technische onzekerheid, of op proof-of-concept software. Uitbreiding van bestaand product, finetunen, gebruiksvriendelijker maken (UX, design, AVG-compliance, vullen met gebruikersdata) telde niet.
  • Je product of dienst specifiek voor één klant werd ontwikkeld (op verzoek van of exclusief voor een bepaalde afnemer).
  • Je al vóór het indienen van de aanvraag verplichtingen was aangegaan (offerte getekend, opdracht mondeling bevestigd) of al met de werkzaamheden was begonnen. Dit leidde tot afwijzing van de hele aanvraag, ook als het maar om een deel van de kosten ging.
  • Je project bij indiening niet obstakelvrij was; de financiering moest zeker gesteld zijn.
  • Jouw onderneming al tweemaal subsidie had gekregen op grond van deze regeling (ook via andere rechtspersonen binnen hetzelfde economisch verband).
  • De subsidiabele kosten van je project onder € 10.000 uitkwamen.
  • Samenwerkingsprojecten werden niet toegelaten: de subsidie kon slechts door één onderneming worden aangevraagd. Een samenwerkingspartner buiten Noord-Nederland kon wel meedoen, maar werd geen subsidieontvanger en mocht niet meer dan 70% van de gezamenlijke kosten voor zijn rekening nemen.
  • Als je de aanvraag met je handelsnaam indiende in plaats van je statutaire KvK-naam, werd dit gecorrigeerd, maar het gaf geen afwijzingsgrond.

Daarnaast gold: het testen van een prototype was alleen toegestaan voor zover dit ging om het onderzoeken van oplossingen voor technische onzekerheden, niet om het prototype door te ontwikkelen tot eindproduct.

Waarvoor krijg je subsidie?

Deze regeling is gesloten, maar onderstaand overzicht laat zien welke kosten destijds subsidiabel waren, voor het geval je een vergelijkbare SNN-regeling bekijkt.

1. Het inschakelen van een onafhankelijke deskundige

De kosten van een externe, onafhankelijke organisatie die is ingeschreven in een handelsregister (ook een buitenlands handelsregister was toegestaan, met bewijs daarvan). Onafhankelijkheid was cruciaal: er mocht geen financieel belang zijn tussen de deskundige en de aanvrager, geen gedeeld bestuur/directeur, geen familierelatie in de eerste of tweede graad, en de deskundige mocht de ontwikkelde software niet zelf kunnen vermarkten. Voor deze kosten was altijd een offerte verplicht, gericht aan de aanvragende onderneming, met specificatie van uren, uurtarief en activiteiten, exclusief btw en met KvK-gegevens van de opdrachtnemer. Een offerte die vóór het indienen van de aanvraag al was ondertekend, maakte de hele aanvraag ongeldig.

2. Loonkosten van werknemers

Berekend door het aantal projecturen te vermenigvuldigen met een uurtarief. Dit uurtarief werd zo berekend: bruto jaarloon (exclusief vakantiegeld, overige vergoedingen, bonussen en winstuitkeringen) plus 32% opslag voor werkgeverslasten, waarover vervolgens 15% overheadkosten werd berekend. Dat totaal werd gedeeld door 1.720 uur (bij een 40-urige werkweek; bij minder uren naar rato, bijvoorbeeld 1.376 uur bij een 32-urige werkweek). Het maximum aantal declarabele uren per medewerker was 1.720 uur per kalenderjaar (naar rato bij deeltijd), geteld over alle ESI-gefinancierde projecten samen.

3. Eigen uren / niet-verloning

Als er geen sprake was van een dienstverband (bijvoorbeeld bij een eigenaar, bestuurder of aandeelhouder die winst uit de onderneming ontving in plaats van salaris), gold een vast uurtarief van € 39,00. Dit werd gezien als een bijdrage in natura. Belangrijke beperking: de subsidie over een project met eigen arbeid mocht nooit hoger zijn dan de subsidiabele kosten exclusief die eigen arbeid.

4. Kosten van verbonden ondernemingen en partnerondernemingen

Als een verbonden onderneming (meer dan 50% zeggenschap) kosten maakte voor het project, moesten deze tegen werkelijke kostprijs (zonder winstopslag) worden doorbelast aan de subsidieontvanger. Kosten van een partneronderneming (25-50% zeggenschap) mochten tegen gebruikelijk tarief worden doorbelast. Alternatief: de andere onderneming kon met een instemmingsverklaring mede-subsidieontvanger worden.

Wat niet subsidiabel was

  • Buitenlandse reis- en verblijfkosten.
  • Verrekenbare btw.
  • Kosten die niet rechtstreeks aan de activiteit waren toe te rekenen.
  • Kosten die niet in redelijke verhouding stonden tot de gestelde doelen.
  • Boetes, financiële sancties en daarmee samenhangende kosten.
  • De aanschaf van (standaard)software en het aanpassen of op maat maken van bestaande softwarepakketten.
  • Ontwikkelingen gericht op interne processen en ondersteunende activiteiten (personeel, informatisering, organisatie, financiën, administratie en middelen).
  • Activiteiten na de proof-of-concept-fase (als het project alleen voor proof-of-concept was aangevraagd): zodra het technische werkingsprincipe was aangetoond, was de vervolgontwikkeling niet meer subsidiabel onder die noemer.
  • Werkzaamheden voor uitbreiding van een bestaand product, of voor finetunen/gebruiksvriendelijker maken (UX-optimalisatie, design/vormgeving, het vullen met gebruikersdata, AVG-compliance).

Alle kosten werden exclusief btw beoordeeld en moesten in redelijkheid ten behoeve van de activiteit zijn gemaakt.

Hoeveel subsidie krijg je?

Het subsidiepercentage bedraagt 35% van de subsidiabele kosten voor een middelgrote onderneming. Voor een micro- of kleine onderneming lag dit percentage op 45%. De subsidiabele kosten moesten minimaal € 10.000 bedragen en de subsidie was maximaal € 50.000 per project.

Belangrijke beperking: subsidie voor loonkosten en eigen uren samen was afgetopt op maximaal € 25.000, ongeacht hoe hoog het percentage van 35% of 45% daarover zou uitkomen. Samen met de € 17.500 over de overige kosten kwam de verleende subsidie op € 42.500 in plaats van € 50.000.

Bij inbreng van eigen arbeid (niet-verloning, tarief € 39,00 per uur) gold een extra beperking: de subsidie mocht nooit hoger zijn dan de subsidiabele kosten exclusief die eigen arbeid. Had je bijvoorbeeld € 10.000 eigen arbeid en € 20.000 aan externe (out of pocket) kosten begroot, dan was de subsidie maximaal € 20.000, ook al was 35% of 45% van het totaal hoger.

Bij een samenwerkingspartner buiten Noord-Nederland telden alleen de kosten van de Noord-Nederlandse onderneming mee voor de berekening van de subsidiehoogte; de kosten van de partner buiten de regio werden wel beoordeeld maar niet gesubsidieerd.

Het subsidiebedrag werd verlaagd als Europese staatssteunnormen daartoe noopten (de-minimisplafond van € 300.000 per onderneming over drie belastingjaren, of lager voor visserij/aquacultuur en primaire landbouwproductie).

Bij vaststelling kon het bedrag nooit hoger uitvallen dan het bedrag in de verleningsbeschikking; vielen de werkelijke kosten lager uit dan begroot, dan werd de subsidie evenredig verlaagd.

Wat zijn de voorwaarden van de Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021)?

Deze regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen. De onderstaande knock-outeisen en beoordelingscriteria golden tijdens de openstelling.

Hier val je op af

Vóór ontvangst van de aanvraag mochten geen verplichtingen zijn aangegaan en mochten de werkzaamheden nog niet zijn gestart. Dit gold voor het hele project: als voor een deel van de kosten al een verplichting was aangegaan, werd de gehele aanvraag afgewezen.
Het project moest obstakelvrij zijn bij indiening; de financiering moest zeker gesteld zijn.
De onderneming mocht niet in financiële moeilijkheden verkeren (getoetst via de verklaring financiële moeilijkheden en de jaarrekening, eventueel op groepsniveau).
Producten of diensten die specifiek voor een bepaalde klant werden ontwikkeld, waren uitgesloten.
Eén onderneming (of het economische verband waartoe zij behoorde) mocht niet al tweemaal subsidie hebben gekregen onder deze regeling.

Waarop wordt beoordeeld

  1. De aanvraag werd inhoudelijk beoordeeld op:
  2. Bijdrage aan één van de vier transities of het thema ondernemerschap binnen de RIS3 2021-2027, beoordeeld op de mate waarin de projectactiviteiten een maatschappelijk belang dienen (een belang dat het individuele niveau overstijgt).
  3. Aanwezigheid van een aanmerkelijk element van nieuwheid en een oplossing voor een technische onzekerheid.
  4. Financiële haalbaarheid: of de onderneming het project financieel kan dragen (getoetst via jaarrekening, IB-aangifte of openingsbalans).
  5. Organisatorische en technische haalbaarheid van het project.
  6. Redelijke verhouding tussen de gevraagde subsidie en het te bereiken projectresultaat.

Wat je moet doen na toekenning

  • Na de verleningsbeschikking golden onder meer deze verplichtingen:
  • Het project moest binnen 18 maanden na de verleningsdatum zijn afgerond, met als absolute einddatum 30 april 2023 (ook als de 18 maanden verder zou reiken).
  • De kosten van het project moesten eenduidig herkenbaar in de administratie staan.
  • Gedurende de projectperiode moest op de eigen website een korte projectbeschrijving staan met het EU-embleem (in kleur, zichtbaar zonder scrollen) en een vermelding van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO).
  • Gedurende de projectperiode moest minimaal één affiche (minimaal A3-formaat) met vermelding van de EU-steun op een goed zichtbare plek worden opgehangen, volgens het format van SNN.
  • Wijzigingen in het project moesten zo snel mogelijk aan SNN worden gemeld via een wijzigingsverzoek in het eLoket (bijvoorbeeld een andere deskundige, meer tijd nodig, of een inhoudelijke koerswijziging).
  • De administratie moest minimaal 10 jaar na onherroepelijke vaststelling van de subsidie bewaard en toegankelijk gehouden worden.
  • Het prototype mocht na afloop niet worden doorontwikkeld tot eindproduct; het mocht wel gebruikt worden voor verdere tests of als demonstratiemodel.
  • Bij wijzigingen in de financiële of organisatorische verhouding met derden, of bij een naderend faillissement/surseance, gold een meldingsplicht.

Aanvragen werden beoordeeld op volgorde van ontvangst: wie als eerste een complete aanvraag indiende, werd als eerste behandeld en kwam als eerste in aanmerking voor het beschikbare budget. Compleetheid (alle documenten correct en getekend door de tekenbevoegde persoon) was dus net zo belangrijk als snelheid.

Wijziging of intrekking van de subsidie was mogelijk als het project niet volgens de regeling werd uitgevoerd, of als de minimale subsidiabele kosten van € 10.000 niet daadwerkelijk gemaakt en betaald werden.

Hoe vraag je de Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021) aan?

Deze regeling is gesloten; aanvragen is niet meer mogelijk. Onderstaand het proces zoals het gold tijdens de openstelling, bruikbaar als referentie voor vergelijkbare SNN-regelingen.

Stap 1: documenten voorbereiden

Voor je de aanvraag indiende, moest je onder meer de volgende documenten klaar hebben staan:

  • Een kopie van je bankafschrift, met IBAN, bedrijfsnaam en banklogo zichtbaar (ter verificatie van de rekening waarop de subsidie gestort wordt).
  • De (geconsolideerde) jaarrekening van het voorafgaande boekjaar, om te toetsen of je het project financieel kunt dragen. Bestond je onderneming korter dan 3 jaar, dan volstond een IB-aangifte of openingsbalans.
  • Bij een verband van ondernemingen: een schematische juridische organisatiestructuur met deelnemingspercentages, aantal fte, jaaromzet en balanstotaal per onderneming.
  • Eventueel een kopie van beschikkingen of aanvraagformulieren bij andere instanties, als je daar al subsidie voor dit project had aangevraagd of gekregen.
  • Offerte(s) van eventueel in te huren deskundigen, geadresseerd aan jouw onderneming, met uren, uurtarief, activiteiten en KvK-gegevens van de opdrachtnemer (exclusief btw).
  • De Verklaring de-minimissteun, in te vullen en te ondertekenen door jou (met pen; digitaal ondertekenen was niet toegestaan).
  • Het Ondertekeningsformulier (alleen verplicht als je niet met eHerkenning inlogde), getekend door de tekenbevoegde persoon of personen.
  • Het Machtigingsformulier, als je de aanvraag liet indienen door een intermediair (bijvoorbeeld boekhouder of subsidieadviseur); de intermediair mocht dan alleen de aanvraag zelf ondertekenen.
  • Het Model mkb-toets, om vast te stellen of je onderneming voldoet aan de mkb-definitie.
  • Het Format kosten aanvraag (Excel), met je begroting.
  • Het Format projectplan (Word), verplicht in de aangegeven vraagvolgorde ingevuld; afwijken werd sterk afgeraden omdat dit tot een incomplete aanvraag kon leiden.
  • De Verklaring niet-verloning, als je eigen arbeid inbracht tegen het tarief van € 39,00 per uur.
  • De Instemmingsverklaring, als een verbonden onderneming of partneronderneming werd toegevoegd als mede-subsidieontvanger.

Stap 2: projectomschrijving schrijven

Een beknopte samenvatting van je project voor openbare publicatie; deze werd gebruikt in publiek toegankelijke publicaties.

Stap 3: indienen via het eLoket

Via https://eloket.snn.nl/eloket/zakelijk/Login.jsp uploadde je alle documenten en informatie, waaronder het projectplan. Handtekeningen moesten fysiek zijn (met pen); een paraaf mocht als je kon aantonen dat die van de juiste persoon was, bijvoorbeeld met een parafenlijst. Digitaal ondertekenen was niet toegestaan. Vanuit je persoonlijke account kon je daarna de behandeling van je aanvraag volgen.

Let op: als je met de handelsnaam in plaats van de statutaire KvK-naam indiende, werd dit door SNN gecorrigeerd. Als het aangevraagde subsidiebedrag niet overeenkwam met de berekening op basis van subsidiabele kosten en percentage, paste SNN dit automatisch aan naar het juiste bedrag.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Deze regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen, maar dit is hoe het proces na indiening verliep voor wie destijds al had aangevraagd (relevant als naslag).

Beoordeling

SNN beoordeelde eerst of de aanvraag compleet was, op volgorde van ontvangst: aanvragen die als eerste binnenkwamen én compleet waren, werden als eerste behandeld en kwamen als eerste in aanmerking voor het beschikbare budget. SNN streefde ernaar binnen 8 weken na ontvangst een besluit te nemen; volgens de Algemene subsidieregeling SNN 2019 was de formele beslistermijn 13 weken na ontvangst van de aanvraag (of 22 weken bij cofinanciering vanuit een EU-programma, extern advies of nader onderzoek, wat hier van toepassing kon zijn gezien de EFRO-cofinanciering). Je ontving de uitkomst per e-mail.

Voorschotten

Na een positief besluit ontving je een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag. Binnen drie weken na bekendmaking van dat besluit werd automatisch 40% van het verleende subsidiebedrag als werkvoorschot uitgekeerd. Je kon daarnaast eenmalig een tweede voorschot aanvragen van maximaal 40% van de verleende subsidie, gebaseerd op de kosten die je al daadwerkelijk had gemaakt en betaald. Dit voorschot vroeg je aan via het eLoket.

Tijdens de looptijd

Tijdens het project golden onder meer deze verplichtingen:

  • Eenduidige verwerking van projectkosten in je administratie.
  • Publicatieverplichtingen: een projectbeschrijving met EU-embleem en EFRO-vermelding op je website, en een affiche (minimaal A3) op een zichtbare plek.
  • Meteen melden van wijzigingen (planning, uitvoerder, inhoud) via een wijzigingsverzoek in het eLoket. Bijvoorbeeld als je een andere externe deskundige moest inschakelen (met nieuwe offerte, te beoordelen op onafhankelijkheid en deskundigheid), als je zelf vrijgekomen uren ging invullen (met motivatie van je eigen kennis en kunde), of als je meer tijd nodig had (met onderbouwing, mits je de maximale 18 maanden nog niet had volgemaakt).
  • Urenregistratie bijhouden en laten accorderen door zowel de medewerker als een tekenbevoegde leidinggevende (of bij ontbreken daarvan, bijvoorbeeld de samenwerkingspartner of de huisaccountant).

Vaststelling

Uiterlijk vier weken na de realisatietermijn van 18 maanden moest je het vaststellingsverzoek (de einddeclaratie) indienen. Daarbij leverde je aan: het eindverslag volgens het vastgestelde format, urenregistraties, loonstroken (van de eerste en laatste maand waarin iemand aan het project werkte, plus een extra loonstrook bij een loonwijziging tussentijds), facturen en betalingsbewijzen van derden, de getekende overeenkomst met de onafhankelijke deskundige, en bewijsstukken van de publicatieverplichtingen. Had je al een voorschot ontvangen, dan declareerde je bij vaststelling alleen de kosten die je na het voorschotverzoek had gemaakt en betaald, niet opnieuw de eerdere kosten.

SNN stelde het definitieve subsidiebedrag vast op basis van de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten. De einduitkomst kon nooit hoger zijn dan het bedrag in de verleningsbeschikking; vielen de kosten lager uit, dan werd de subsidie evenredig verlaagd. Volgens de Algemene subsidieregeling SNN 2019 werd binnen 22 weken na ontvangst van een complete vaststellingsaanvraag beslist, en werd het definitieve bedrag binnen 30 dagen na de vaststelling uitbetaald.

Je bewaarplicht liep door: de administratie over de projectkosten moest minimaal 10 jaar na de onherroepelijke vaststelling toegankelijk blijven, voor eventuele controle door SNN.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 26 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 18 andere bestanden in het dossier.

Veelgestelde vragen over de Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021)

Mag ik een deskundige inhuren die in het buitenland gevestigd is?

Ja, dit mag. Let op: de deskundige moet ingeschreven staan in een handelsregister. Voor een buitenlandse partij moet je dus aantonen dat deze partij in een handelsregister staat ingeschreven. Je kunt hier een bewijs van aanleveren bij je aanvraag.

Wat is niet-verloning?

Bij niet-verloning wordt er ook wel gesproken over eigen arbeid (een bijdrage in natura). Je kunt dan gebruik maken van een vast uurtarief van € 39,00. Er moet dan geen sprake zijn van een dienstverband en er moet sprake zijn van het ontvangen van winst uit de onderneming (dit geldt voor een eigenaar, bestuurder of aandeelhouder).

Hoe wordt het subsidiebedrag berekend bij niet-verloning?

Bij een project met niet-verloning mag het subsidiebedrag niet meer bedragen dan het bedrag aan subsidiabele kosten zonder eigen arbeid.

Wat als mijn samenwerkingspartner gevestigd is buiten Noord-Nederland?

Je kunt dan wel een aanvraag indienen, maar de samenwerkingspartner wordt geen subsidieontvanger. Alleen de onderneming in Noord-Nederland ontvangt het subsidiebedrag waar de onderneming recht op heeft. De gegevens en begrote kosten van de samenwerkingspartner worden wel beoordeeld, waarbij geen van de ondernemingen meer dan 70% van de kosten mag maken.

Wat mag ik met mijn prototype doen na afloop van het project?

Het prototype is alleen bedoeld om het werkingsprincipe van de innovatie aan te tonen. Het is niet toegestaan om het prototype na afloop door te ontwikkelen tot een eindproduct, en materialen mogen niet voor andere doeleinden gebruikt worden. Je mag het prototype na afloop wel gebruiken voor verdere testen of als demonstratiemodel.

Mag ik een aanvraag indienen met de handelsnaam van mijn onderneming?

Dit wordt afgeraden. De subsidie wordt verleend aan de statutaire naam zoals deze staat ingeschreven in de Kamer van Koophandel. Dien je toch de aanvraag in met de handelsnaam, dan wordt dit aangepast naar de statutaire naam.

Ik heb bij het indienen van mijn aanvraag niet het juiste subsidiebedrag ingevuld, wat nu?

Het subsidiebedrag wordt berekend op basis van de subsidiabele begrote kosten en het subsidiepercentage waar je recht op hebt. Is dit een ander bedrag dan wat je hebt aangevraagd, dan wordt dit bedrag aangepast naar waar je recht op hebt.

Ik heb mijn aanvraag al ingediend, maar ik ga meer kosten maken dan begroot, wat nu?

Er kunnen niet meer kosten verleend worden dan de kosten die je hebt begroot. Het is goed om dit te melden, waarna de begroting wordt afgetopt naar het opgegeven bedrag. Vallen kosten weg die wel begroot waren, dan kun je deze aanvullen met kosten die je meer bent gaan maken.

Ik heb geen printer, kan ik dan wel een aanvraag indienen?

Nee, voor het indienen van een aanvraag zijn documenten nodig die je met pen moet ondertekenen en inscannen. Je kunt bijvoorbeeld bij een copyshop of bij iemand die wel een printer heeft de documenten printen, ondertekenen en inscannen.

Ik heb geen scanner, wat nu?

Maak dan een duidelijke foto van het document. Je kunt deze foto naar jezelf mailen, opslaan en vervolgens uploaden bij je aanvraag.

Mag ik digitaal ondertekenen?

Nee, een fysieke handtekening is vereist omdat elke handtekening uniek is.

Mag ik documenten ondertekenen met een paraaf?

Ja, dit mag als je kunt aantonen dat de paraaf van deze persoon is, bijvoorbeeld met een parafenlijst met de paraaf en handtekening van deze persoon.

Moet ik altijd een formulier ondertekening aanvraag aanleveren bij mijn aanvraag?

Nee, je hoeft het ondertekeningsformulier niet aan te leveren als je inlogt met eHerkenning. Maak je geen gebruik van eHerkenning, dan moet je het formulier wel aanleveren.

Waarom moet ik het format projectplan gebruiken bij de aanvraag?

Hiermee zorg je ervoor dat er geen belangrijke informatie over je project ontbreekt bij de aanvraag, waardoor de beoordeling sneller en soepeler verloopt.

Mag ik van het format projectplan afwijken?

Dit wordt sterk afgeraden. Door af te wijken loop je risico dat benodigde informatie ontbreekt, waardoor de aanvraag niet compleet is.

Waarom moet ik een bankafschrift aanleveren bij mijn subsidieaanvraag?

Met het bankafschrift wordt gecontroleerd of de subsidie ook daadwerkelijk op de rekening wordt gestort van de onderneming die de aanvraag indient.

Wat moet er op het aan te leveren bankafschrift staan?

Op het bankafschrift moeten het bankrekeningnummer (IBAN) van de onderneming die de aanvraag indient, de naam van de onderneming en het logo van de bank te zien zijn.

Wanneer ben ik een mkb-onderneming?

Je bent een mkb-onderneming wanneer er bij de onderneming minder dan 250 fte werkzaam zijn en de jaaromzet de € 50 miljoen of het jaarlijkse balanstotaal de € 43 miljoen niet overschrijdt.

Wanneer ben ik een micro-onderneming?

Je bent een micro-onderneming wanneer er bij jouw onderneming minder dan 10 fte werkzaam zijn en je jaaromzet de € 2 miljoen of je balanstotaal de € 2 miljoen niet overschrijdt.

Wanneer ben ik een kleine onderneming?

Je bent een kleine onderneming wanneer er bij jouw onderneming minder dan 50 fte werkzaam zijn en je jaaromzet de € 10 miljoen of je balanstotaal de € 10 miljoen niet overschrijdt.

Wat is de-minimissteun?

De de-minimisverordening is een Europese vrijstellingsverordening op grond waarvan subsidie kan worden verleend zonder dat dit staatssteun oplevert. Je mag tot € 300.000 aan de-minimissteun ontvangen over drie jaren, met afwijkende bedragen voor visserij en aquacultuur (€ 30.000) en primaire productie van landbouwproducten (€ 50.000).

Waarom moet ik een jaarrekening aanleveren?

Een voorwaarde om voor subsidie in aanmerking te komen is dat je onderneming niet in financiële moeilijkheden is. Dit wordt beoordeeld aan de hand van een jaarrekening, waaruit ook blijkt of er voldoende vermogen is om het project financieel te kunnen dragen.

Wanneer moet ik een offerte aanleveren?

Voor externe kosten zoals het inhuren van een deskundige of huurkosten moet je altijd een offerte aanleveren bij het indienen van je aanvraag.

Mag ik al een offerte ondertekenen voordat ik mijn aanvraag heb ingediend?

Nee, je mag pas een verplichting aangaan nadat je het project bij ons hebt ingediend. Heb je de offerte eerder ondertekend, dan voldoet je aanvraag niet aan de voorwaarden.

Hoeveel voorschot kan ik ontvangen?

Bij akkoord op je subsidieaanvraag ontvang je de verleningsbeschikking en standaard een werkvoorschot van 40% van de subsidie. Daarnaast kun je nog een tweede voorschot aanvragen op basis van de gemaakte en betaalde kosten, tot maximaal 40% van de verleende subsidie.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Innoveren VIA softwareontwikkeling (2021). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.