Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)?
Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus) is een subsidie van het SNN voor mkb-ondernemers in Drenthe, Fryslân of Groningen die een nieuw product, nieuwe dienst of nieuw procedé willen ontwikkelen (of een bestaand product, dienst of procedé aanmerkelijk willen vernieuwen). De subsidie is bedoeld om een idee om te zetten in een prototype: je onderzoekt en test of het werkt zoals bedacht, en past het waar nodig aan.
Let op: deze regeling staat op "Aanvragen niet meer mogelijk" en het resterend budget is € 0. Onderstaande informatie is dus vooral relevant als naslag of als je een lopend project hebt.
Je kunt alleen of samen met andere mkb'ers aanvragen. Bij een individueel project krijg je maximaal € 50.000, bij een samenwerkingsproject maximaal € 100.000. Het subsidiepercentage ligt tussen 35% en 50% van de subsidiabele kosten, afhankelijk van het type project en de grootte van de onderneming. De subsidiabele kosten van een project moeten minimaal € 10.000 bedragen.
Subsidie kun je krijgen voor het inschakelen van een onafhankelijke deskundige, materialen voor het prototype, loonkosten en eigen uren van medewerkers, en huur van apparatuur en uitrusting.
De aanvraag verloopt via het eLoket van het SNN (eloket.snn.nl). Je dient een projectplan volgens een verplicht format in, samen met een reeks ondertekende formulieren en bewijsstukken, zoals een de-minimisverklaring, een mkb-verklaring en (bij een verbonden of partneronderneming) een instemmingsverklaring. Alle documenten moet je klaar hebben vóórdat je de aanvraag start, want er is geen mogelijkheid om achteraf verplichtingen aan te gaan: kosten van vóór de aanvraagdatum zijn nooit subsidiabel.
Wie komt in aanmerking voor de Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)?
Je komt alleen in aanmerking als je aan alle onderstaande harde eisen voldoet. Voldoe je aan één ervan niet, dan wordt de aanvraag afgewezen.
Wie kan aanvragen
- Je bent een mkb-onderneming (minder dan 250 fte, jaaromzet max € 50 miljoen of balanstotaal max € 43 miljoen). Voor het bepalen of je een mkb bent, telt het hele verband van ondernemingen mee waartoe je behoort (moeder-, dochter- en zusterondernemingen), naar rato of volledig, afhankelijk van de mate van zeggenschap.
- Je hebt een vestiging in Drenthe, Fryslân of Groningen en voert daar ondernemingsactiviteiten uit.
- Een stichting komt alleen in aanmerking als deze economische activiteiten uitvoert (een goed of dienst aanbiedt, met zicht op omzet).
Wat afvalt
- Particulieren: alleen ondernemingen komen in aanmerking.
- Ondernemingen in moeilijkheden (zoals gedefinieerd in de AGVV), ook als de steun via de-minimis wordt verleend.
- Ondernemingen die al twee keer subsidie hebben gekregen op grond van deze regeling of de voorganger VIA 2021 ontwikkelingsprojecten. Meerdere nauw verweven rechtspersonen kunnen daarbij als één onderneming gelden.
- Projecten die zien op de ontwikkeling van nieuwe software (dit is uitgesloten), tenzij het gaat om embedded software die onlosmakelijk verbonden is met hardware.
- Producten of diensten die op verzoek van of specifiek voor één bepaalde klant worden ontwikkeld.
- Projecten die niet obstakelvrij zijn bij indiening: een eventuele haalbaarheidsstudie moet zijn afgerond en de financiering moet zeker gesteld zijn.
- Projecten waarvoor al vóór de aanvraag verplichtingen zijn aangegaan (bijvoorbeeld een opdracht bevestigd of een offerte voor akkoord getekend) of waarvoor al is gestart met de werkzaamheden. Geldt dit voor een deel van de kosten, dan wordt de hele aanvraag afgewezen.
- Samenwerkingsprojecten waarbij de deelnemende mkb-ondernemingen niet onafhankelijk van elkaar zijn (bijvoorbeeld door een financieel belang in elkaar, dezelfde directeur/bestuurder, of familierelaties in de eerste of tweede graad).
- Aanvragers tegen wie een bevel tot terugvordering loopt vanwege eerdere onrechtmatige EU-steun.
Belangrijk voor de-minimis
Is de ontwikkeling alleen nieuw voor je eigen onderneming (en bestaat het elders al), dan valt de subsidie onder de de-minimisverordening. Je onderneming (inclusief verbonden ondernemingen) mag dan over de afgelopen drie belastingjaren niet meer dan € 200.000 aan de-minimissteun hebben ontvangen (de verklaring de-minimissteun zelf noemt een ander maximum van € 300.000 voor niet-landbouw/visserij-sectoren, dus check dit bij twijfel).
Ook geldt: het project moet bijdragen aan één van de vier RIS3-transities of het thema ondernemerschap, en de baten moeten neerslaan in Noord-Nederland.
Waarvoor krijg je subsidie?
De subsidie geldt voor kosten die je in redelijkheid maakt voor het ontwikkelen van het prototype. Er gelden vier kostensoorten, elk met eigen regels.
1. Inschakelen van een onafhankelijke deskundige
De deskundige of diens organisatie moet ingeschreven staan in het Handelsregister van de KvK (of een vergelijkbaar buitenlands register); particulieren komen dus niet in aanmerking. De deskundige moet onafhankelijk zijn van jouw onderneming. Geen onafhankelijkheid is er bijvoorbeeld als de deskundige een financieel belang in jouw onderneming heeft, jij een belang hebt in de organisatie van de deskundige, dezelfde persoon directeur/bestuurder is van beide, er familierelaties in de eerste of tweede graad bestaan, of de deskundige een bovengemiddeld belang heeft bij de projectuitkomst. Voor externe kosten lever je bij de aanvraag altijd een offerte aan. Bij begrote kosten van meer dan € 50.000 bij één crediteur moet je in het projectplan motiveren of je meerdere offertes hebt opgevraagd en waarom het tarief redelijk en marktconform is.
2. Materialen voor een prototype
Alleen materialen die uitsluitend onderdeel zijn van het prototype zelf zijn subsidiabel. Materialen of hulpmiddelen die breder inzetbaar zijn, tellen niet mee. In elk geval niet subsidiabel (niet-limitatieve lijst): matrijzen, mallen, verbruiksartikelen en brandstof, evenals gereedschap, externe krachtbronnen en vervoersmiddelen. Voor materiaalkosten lever je een offerte of specificatie aan.
3. Loonkosten en eigen uren
- Loonkosten van onderzoekers, technici en ander ondersteunend personeel (geen stagiairs) worden berekend op basis van het bruto jaarloon, exclusief vakantiegeld, toeslagen, bonussen, winstuitkeringen en reiskostenvergoeding, inclusief een niet-prestatiegebonden eindejaarsuitkering.
- Rekenregel uurtarief: bruto jaarloon + 32% opslag werkgeverslasten, waarover vervolgens 15% overheadopslag wordt berekend, gedeeld door 1.720 uur (bij een 40-urige werkweek). Bij minder contracturen wordt dit naar verhouding aangepast (bijvoorbeeld 1.032 uur bij een 24-urige werkweek, 1.376 uur bij 32 uur, 1.548 uur bij 36 uur).
- Eigen arbeid (geen dienstverband, dus geen loonkosten): geldt als bijdrage in natura tegen een vast tarief van € 39,00 per uur. Voorwaarde: geen sprake van verloning elders (werkmaatschappij/holding); anders geldt het werkelijke-kostentarief. Dit verklaar je met de "Verklaring niet-verloning".
- Let op: de overheidssteun voor een project met inbreng in natura mag nooit hoger zijn dan de subsidiabele "out of pocket"-kosten (kosten die je daadwerkelijk maakt en betaalt).
- Loonkosten van verbonden ondernemingen: tegen kostprijs doorbelast, volgens dezelfde berekeningswijze. Kosten van partnerondernemingen mogen tegen gebruikelijk (commercieel) tarief worden doorbelast.
4. Huur van apparatuur en uitrusting
Huurkosten van apparatuur en uitrusting zijn subsidiabel voor zover en zolang deze voor het project worden gebruikt, en moeten van een derde partij worden gehuurd. Bij vaststelling worden deze onderbouwd met facturen en betalingsbewijzen. Voor deze kosten lever je bij de aanvraag een offerte aan.
Aftopping loonkosten en eigen uren
Ongeacht de uitkomst van de percentageberekening wordt de subsidie over loonkosten en eigen uren tezamen afgetopt: maximaal € 25.000 bij een individueel project en maximaal € 50.000 bij een samenwerkingsproject.
Niet-subsidiabele kosten
- Buitenlandse reis- en verblijfkosten.
- Verrekenbare of compensabele btw en verrekenbare inkomstenbelasting.
- Kosten die niet rechtstreeks aan het project zijn toe te rekenen, of niet in redelijke verhouding staan tot het doel.
- Boetes, financiële sancties en daarmee samenhangende kosten.
- Kosten van verbonden of partnerondernemingen die niet zijn doorbelast en waarvoor geen instemmingsverklaring is afgegeven.
- Ontwikkeling van nieuwe software (met uitzondering van embedded software, onlosmakelijk verbonden met hardware).
Hoeveel subsidie krijg je?
Het subsidiepercentage hangt af van het type project en de omvang van je onderneming: - 35% van de subsidiabele kosten voor een individueel project van één middelgrote onderneming. - 45% van de subsidiabele kosten voor een individueel project van één micro- of kleine onderneming. - 50% van de subsidiabele kosten voor een samenwerkingsproject (minimaal twee onafhankelijke mkb-ondernemingen, waarbij geen van de partijen meer dan 70% van de subsidiabele kosten voor haar rekening neemt).
Maximumbedragen
- Individueel project: maximaal € 50.000 subsidie, waarvan het deel voor loonkosten en eigen uren tezamen is afgetopt op € 25.000.
- Samenwerkingsproject: maximaal € 100.000 subsidie, waarvan het deel voor loonkosten en eigen uren tezamen is afgetopt op € 50.000.
Minimum
De totale subsidiabele kosten van het project moeten minimaal € 10.000 bedragen. Wordt dit bedrag niet gehaald (aan gemaakte en betaalde kosten), dan kan de subsidie worden ingetrokken of verlaagd.
Bij een individueel project van een middelgrote onderneming met € 200.000 loonkosten/eigen uren en € 50.000 overige kosten (totaal € 250.000, boven het regelmaximum): op basis van 35% zou de subsidie € 70.000 (loon) + € 17.500 (overig) = € 87.500 zijn, maar door de aftopping op € 25.000 voor loonkosten en het regelmaximum van € 50.000 wordt de verleende subsidie € 42.500.
Bij hetzelfde percentage maar € 60.000 loonkosten/eigen uren en € 50.000 overige kosten (totaal € 110.000): de subsidie op loon (€ 21.000) blijft onder de aftopping van € 25.000, dus wordt niet verlaagd; de verleende subsidie komt op € 38.500.
Wanneer gaat het bedrag omlaag
- Als Europese Commissie-normen daartoe verplichten, wordt het subsidiebedrag verlaagd.
- Als de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten bij afronding lager uitvallen dan begroot, wordt de subsidie bij vaststelling evenredig verlaagd. De uiteindelijke subsidie kan nooit hoger zijn dan het bedrag in de verleningsbeschikking.
- Bij een bijdrage in natura (eigen arbeid) kan de subsidie nooit hoger zijn dan de daadwerkelijke out-of-pocketkosten.
- Als voor dezelfde kosten al subsidie van een andere overheidsinstantie of de Europese Commissie is verstrekt, wordt de subsidie zo berekend dat het totaal aan subsidies niet hoger is dan de subsidiabele kosten, en niet meer dan het Europese steunkader toestaat.
Het gezamenlijke subsidieplafond van de regeling bedroeg € 4.000.000 in totaal; het resterend budget staat inmiddels op € 0.
Wat zijn de voorwaarden van de Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)?
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- Bij overschrijding van het subsidieplafond door aanvragen die op dezelfde dag zijn ontvangen, beslist loting over de onderlinge rangschikking. Inhoudelijk wordt getoetst op:
- Bijdrage aan één van de vier RIS3-transities (van analoog naar digitaal, van fossiel naar duurzame energie, van zorg naar positieve gezondheid, van lineair naar circulair) of het doorsnijdende thema "ondernemende regio/krachtig ondernemerschap". Dit wordt beoordeeld op de mate waarin de projectactiviteiten een maatschappelijk belang dienen (een belang dat het individuele niveau overstijgt).
- Mate van nieuwheid: het project moet zien op een nieuw product, nieuwe dienst of nieuw procedé (voor de eigen onderneming, of voor de markt), met een aanmerkelijk element van nieuwheid en een te ontwikkelen oplossing voor een technische onzekerheid. Routinematige of periodieke wijzigingen van bestaande producten of processen vallen hier niet onder.
- Financiële haalbaarheid: de kosten moeten in redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat, en er wordt gekeken of de verhouding eigen/vreemd vermogen aanvaardbaar is en of er gerede twijfel bestaat over het voortbestaan van de onderneming.
- Organisatorische, technische en economische haalbaarheid van het project.
Wat je moet doen na toekenning
- Je houdt de projectkosten op eenduidige wijze bij in je administratie, inclusief een urenregistratie.
- Je meldt onverwijld schriftelijk als aannemelijk is dat de activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel worden uitgevoerd, of als niet aan de verplichtingen kan worden voldaan.
- Je meldt surseance van betaling, een faillissementsaanvraag, ontbinding van de rechtspersoon of andere relevante wijzigingen in financiële/organisatorische verhoudingen, statutenwijzigingen (rechtsvorm, bestuurder, doel), en het aanvragen of ontvangen van subsidie van een andere instantie voor hetzelfde project.
- Je voldoet aan de EFRO-publicatie-eisen gedurende de projectperiode: een korte projectbeschrijving met EU-embleem en vermelding van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling op je website (zichtbaar zonder scrollen), én minimaal één affiche (A3-formaat) op een voor het publiek zichtbare plaats in je onderneming. Je moet kunnen aantonen dat je hieraan hebt voldaan.
- Wijzigingen in het project meld je zo spoedig mogelijk aan het SNN.
- Je bewaart de projectadministratie ten minste tien jaar nadat de vaststelling onherroepelijk is geworden.
- Je werkt mee aan controles en verstrekt desgevraagd inzage in je administratie.
- Bij kosten van een verbonden of partneronderneming: deze worden ofwel doorbelast aan jou (met facturen en betalingsbewijzen), ofwel die onderneming wordt via een instemmingsverklaring mede-subsidieontvanger.
Niet naleven van deze verplichtingen kan leiden tot intrekking of verlaging van de subsidie, bijvoorbeeld als niet minimaal de vereiste subsidiabele kosten zijn gemaakt en betaald.
Hoe vraag je de Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus) aan?
Aanvragen voor deze regeling is niet meer mogelijk (resterend budget € 0). Onderstaand stappenplan gold toen de regeling nog open was en is bedoeld als naslag.
Stap 1: documenten verzamelen
Zorg dat alle benodigde stukken klaarstaan voordat je start, want lopende de aanvraag mogen geen verplichtingen zijn aangegaan. Verplicht of, afhankelijk van je situatie, van toepassing:
- Kopie bankafschrift, ter verificatie van je IBAN-nummer.
- (Geconsolideerde) jaarrekening van het voorafgaande boekjaar, om de financiële gezondheid van je onderneming te beoordelen.
- Bij een verband van ondernemingen: een schematische weergave van de juridische organisatiestructuur, inclusief deelnemingspercentages, fte's, jaaromzet en balanstotaal per onderneming.
- Bij subsidie aangevraagd of gekregen bij een andere instantie voor hetzelfde project: kopie van beschikking(en) of aanvraagformulier(en).
- Offerte(s) voor externe kosten (deskundigen en/of huur van apparatuur), altijd verplicht bij dit type kosten.
- Offerte(s) of specificatie van materiaalkosten, indien van toepassing.
- Verklaring de-minimissteun (PDF): ondertekend door de tekenbevoegde van de onderneming; alleen een geprint en met de hand ondertekend formulier is geldig.
- Format projectplan (DOCX): geen ondertekening vereist, wel invullen volgens het verplichte format (indicatie: circa 10 pagina's), met onder meer projectomschrijving, aanpak per fase, economische effecten, aansluiting bij RIS3 en informatie over het prototype.
- Ondertekening (PDF): verklaring dat de aanvraag naar waarheid is ingevuld, ondertekend door de tekenbevoegde (fysieke handtekening verplicht).
- Format kosten aanvraag (XLSX): de begroting, ingevuld per kostensoort (loonkosten, materialen, kosten derden, huurkosten).
- Machtigingsformulier (PDF), alleen nodig als een derde partij namens jou tekent: ondertekend door zowel de aanvrager als de gemachtigde.
- Instemmingsverklaring (PDF), alleen bij kosten van een verbonden of partneronderneming: ondertekend door zowel de penvoerder als de betreffende onderneming, met bijlagen zoals mkb-toets, organisatiestructuur, de-minimisverklaring en jaarrekening.
- Verklaring niet-verloning (PDF), bij gebruik van het vaste uurtarief van € 39 voor eigen arbeid: ondertekend door de aanvrager.
- Gegevens medeaanvrager (PDF), bij een samenwerkingsproject: door elke projectpartner (niet de penvoerder) ingevuld en ondertekend.
- Verklaring financiële moeilijkheden (PDF): ondertekend door de aanvrager, op basis van de laatste (geconsolideerde) jaarrekening.
- Mkb-verklaring (PDF): ondertekend door de tekenbevoegde, om vast te stellen of je onderneming tot het mkb behoort.
Stap 2: beknopte projectomschrijving
Schrijf een korte, publiek toegankelijke samenvatting van je project. Deze wordt gebruikt voor openbare publicatie.
Stap 3: aanvraag indienen
Via het eLoket (eloket.snn.nl) upload je alle documenten en informatie, waaronder het projectplan. Via je persoonlijke account volg je vervolgens de voortgang van de behandeling.
Let op privacy: verwijder of scherm BSN's af in aangeleverde documenten, deze zijn niet nodig.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Beoordeling
Het SNN beoordeelt eerst of je aanvraag compleet is, op volgorde van ontvangst: complete aanvragen die het eerst binnenkomen, worden als eerst behandeld en komen als eerst in aanmerking voor het beschikbare budget. Het SNN streeft ernaar binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag een besluit te nemen; je ontvangt hierover een e-mail. (De Algemene subsidieregeling SNN 2019 noemt als wettelijke termijn 13 weken, of 22 weken als sprake is van cofinanciering vanuit een EU-programma, extern advies of nader onderzoek.)
Bij toekenning
Je ontvangt een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag. Binnen drie weken na deze beschikking wordt automatisch een eerste voorschot van 40% van het verleende bedrag uitgekeerd. Je kunt eenmalig een tweede voorschot van maximaal 40% aanvragen, op basis van de kosten die je al hebt gemaakt en betaald.
Tijdens de looptijd
- Je houdt een urenregistratie bij per medewerker, fysiek ondertekend door zowel de medewerker als de leidinggevende.
- Bij een voorschotaanvraag lever je een tussentijds verslag aan volgens het verplichte format, met onder meer een beschrijving van de voortgang, afwijkingen ten opzichte van de aanvraag, ondervonden knelpunten en eventueel afwijkende gedeclareerde kosten.
- Je meldt tussentijds relevante wijzigingen (financieel, organisatorisch, in de projectopzet) zo snel mogelijk aan het SNN.
- Gedurende de projectperiode voldoe je aantoonbaar aan de EFRO-publicatie-eisen (website en affiche).
Vaststelling
Uiterlijk vier weken na afloop van de realisatietermijn van 18 maanden dien je het vaststellingsverzoek (de einddeclaratie) in. Hiervoor lever je aan:
- Een verslag of (concept)rapport van de uitgevoerde werkzaamheden, of het formele eindverslag volgens het verplichte format.
- Urenregistraties.
- Loonstroken per medewerker (van de eerste en de laatste maand van projectdeelname, plus een extra loonstrook bij een tussentijdse loonwijziging).
- Facturen en betalingsbewijzen (bij kosten van derden, huur en/of materialen).
- De getekende overeenkomst met de onafhankelijke deskundige, indien van toepassing.
- Bewijsstukken van de publicatievereisten.
Het SNN stelt vervolgens het definitieve subsidiebedrag vast op basis van de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten. De einduitkomst is nooit hoger dan het bedrag uit de verleningsbeschikking; vallen de kosten lager uit dan begroot, dan wordt de subsidie evenredig verlaagd. Volgens de Algemene subsidieregeling SNN 2019 wordt binnen 22 weken na ontvangst van een complete vaststellingsaanvraag beslist, en wordt het definitieve subsidiebedrag binnen 30 dagen na de vaststelling uitbetaald.
Na afronding blijf je verplicht je projectadministratie minstens tien jaar te bewaren en toegankelijk te houden, en moet je meewerken aan eventuele controles door het SNN.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 21 documenten bij deze regeling, waarvan er 9 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- VIA 2021 plus ontwikkelingsprojecten - Format projectplanDownloadWord · 3 pagina'sVerplicht
Het verplichte format voor het projectplan waarin je de aanleiding, doelen, werkzaamheden, aansluiting bij de RIS3 en financiering van je project moet beschrijven bij de aanvraag.
- Verklaring de-minimissteunDownloadPDF · 2 pagina'sVerplicht
Formulier waarmee je verklaart hoeveel de-minimissteun je onderneming de afgelopen drie jaar heeft ontvangen, nodig omdat de subsidie mogelijk onder de de-minimisverordening valt en dit bij de aanvraag moet worden aangeleverd.
- VIA 2021 plus ontwikkelingsprojecten - OndertekeningDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
Het ondertekeningsformulier waarmee je verklaart de aanvraag naar waarheid te hebben ingevuld, dat als onderdeel van de aanvraag ingediend moet worden en ondertekend moet worden door de aanvrager.
- Verklaring financiële moeilijkheden (2024)DownloadPDF · 6 pagina'sVerplicht
Verklaring waarin je op groepsniveau aantoont dat je onderneming niet in financiële moeilijkheden verkeert, wat een voorwaarde is voor subsidieverlening onder deze regeling.
- Toelichting VIA 2021 plus ontwikkelingsprojectenDownloadPDF · 7 pagina'sAanbevolen
Toelichting op de subsidieregeling die per artikel uitlegt hoe voorwaarden zoals mkb-definitie, onafhankelijkheid en subsidiabele kosten precies worden toegepast, ter ondersteuning bij het invullen van de aanvraag.
- Subsidieregeling VIA 2021 plus ontwikkelingsprojectenDownloadPDF · 6 pagina'sAanbevolen
De volledige subsidieregeling met alle artikelen over doelgroep, subsidiehoogte, subsidiabele kosten en verplichtingen, dienend als juridische basis voor je aanvraag.
- AGVV 2020/972 wijziging van de verordening Nr. 1407/2013 en Nr. 651/2014DownloadPDF · 5 pagina'sAanbevolen
De EU-verordening die de looptijd van de AGVV en de-minimisverordening verlengt en waarop het staatssteunkader van deze regeling is gebaseerd, ter achtergrondinformatie.
- VIA 2021 plus - InstemmingsverklaringDownloadPDF · 3 pagina'sAanbevolen
Verklaring die nodig is als een verbonden- of partneronderneming kosten maakt binnen het project en als mede-subsidieontvanger aan de aanvraag wordt toegevoegd, te ondertekenen door zowel penvoerder als de toe te voegen onderneming.
En nog 13 andere bestanden in het dossier.
Veelgestelde vragen over de Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)
Wanneer moet ik een offerte aanleveren?
Voor externe kosten zoals het inhuren van een deskundige of huurkosten van apparatuur moet je altijd een offerte aanleveren. Dit doe je bij het indienen van je aanvraag.
Er is geen verband van ondernemingen bij een zelfstandige onderneming, wat moet ik aanleveren?
In dat geval lever je de meest recente gegevens van je onderneming aan: het aantal fte, de jaaromzet en het balanstotaal.
Een andere onderneming in hetzelfde verband van ondernemingen maakt ook kosten voor het project, wat nu?
De subsidie moet ten goede komen aan de onderneming die de aanvraag indient. Kosten van een partner- of verbonden onderneming komen alleen in aanmerking als die onderneming via een instemmingsverklaring wordt toegevoegd als mede-subsidieontvanger, of als de kosten worden doorbelast aan de aanvrager met een factuur en betalingsbewijs als bewijs.
Wat is de maximale subsidie voor een individueel project?
De maximale subsidie voor een individueel project is € 50.000, met een aftopping op de loonkosten en eigen uren van € 25.000.
Wat is de maximale subsidie voor een samenwerkingsproject?
De maximale subsidie voor een samenwerkingsproject is € 100.000, met een aftopping op de loonkosten en eigen uren van € 50.000.
Hoeveel subsidiepercentage geldt voor deze regeling?
Het subsidiepercentage bedraagt 35% voor een project van één middelgrote onderneming, 45% voor een project van één micro- of kleine onderneming, en 50% voor een samenwerkingsproject.
Wat is het minimale bedrag aan subsidiabele kosten voor een project?
De subsidiabele kosten van het project bedragen in totaal minimaal € 10.000.
Voor wie is deze subsidie bedoeld?
De subsidie is voor ondernemers in het midden- en kleinbedrijf die gevestigd en actief zijn in Drenthe, Fryslân of Groningen.
Waarvoor kan ik subsidie krijgen binnen deze regeling?
Je kunt subsidie krijgen voor het inschakelen van een onafhankelijke organisatie, materialen voor een prototype, loonkosten van werknemers en eigen uren, en huur van apparatuur en uitrusting.
Kan ik al beginnen met mijn project voordat ik de aanvraag heb ingediend?
Nee, er mogen geen verplichtingen zijn aangegaan vóór het indienen van de subsidieaanvraag. Als voor een deel van de projectkosten al een verplichting is aangegaan, wordt de gehele aanvraag afgewezen.
Binnen welke termijn moet mijn project zijn afgerond?
Het project moet binnen 18 maanden na toezegging van de subsidie zijn gerealiseerd en dient in ieder geval voor 1 mei 2023 te zijn afgerond.
Kan ik nog subsidie aanvragen als ik al twee projecten heb lopen binnen de vorige VIA 2021 ontwikkelingsprojecten?
Nee, als je al twee projecten hebt lopen binnen de vorige subsidie VIA 2021 ontwikkelingsprojecten, kun je helaas geen aanvraag indienen.
Welke materialen worden niet gezien als materiaalkosten voor het prototype?
Matrijzen, mallen, verbruiksartikelen en brandstof worden in ieder geval niet gezien als materiaalkosten. Deze lijst is niet limitatief.
Wat moet ik aanleveren voor mijn aanvraag?
Je hebt onder andere nodig: een kopie bankafschrift, de jaarrekening van het voorafgaande boekjaar, eventueel de juridische organisatiestructuur van het verband van ondernemingen, een kopie van beschikkingen bij andere instanties, offertes van externe kosten en materiaalkosten, en diverse verklaringen zoals de-minimissteun en mkb-verklaring.
Hoe lang duurt het voordat ik een besluit krijg op mijn aanvraag?
Het SNN streeft ernaar om binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag een besluit te nemen. Hierover ontvang je een e-mail.
Wat gebeurt er als mijn aanvraag wordt goedgekeurd?
Je ontvangt een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag. Daarna ontvang je automatisch 40% van de subsidie als werkvoorschot.
Kan ik een tweede voorschot aanvragen?
Ja, dat is eenmalig mogelijk. Een tweede voorschot van maximaal 40% kan op aanvraag worden gegeven op basis van de gemaakte en betaalde subsidiabele kosten.
Wanneer moet ik mijn aanvraag tot vaststelling indienen?
Je dient het vaststellingsverzoek (einddeclaratie) in aan het einde van het project, uiterlijk vier weken na de realisatietermijn van 18 maanden.
Hoe wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld?
Het SNN stelt het definitieve subsidiebedrag vast aan de hand van de gemaakte kosten tijdens het project. De subsidie kan nooit hoger zijn dan het bedrag in de verleningsbeschikking. Vallen de kosten lager uit dan begroot, dan wordt de subsidie evenredig verlaagd.
Welke documenten heb ik nodig bij de vaststelling van mijn project?
Je hebt onder andere nodig: een verslag of rapport van de uitgevoerde werkzaamheden, urenregistraties, loonstroken, facturen en betalingsbewijzen, een getekende overeenkomst met de onafhankelijke deskundige (indien van toepassing) en bewijsstukken van de publicatievereisten.
Hoe worden loonkosten berekend binnen deze regeling?
Loonkosten worden bepaald op basis van het bruto loon inclusief niet-prestatiegebonden eindejaarsuitkering, maar exclusief vakantie-uitkering en overige vergoedingen. De berekening gaat uit van een 40-urige werkweek; bij minder contracturen wordt het aantal uren naar verhouding aangepast.
Komen de uren van stagiairs in aanmerking voor subsidie?
Nee, de uren van stagiairs die meewerken aan het project komen niet in aanmerking voor subsidie.
Wat is het verschil tussen een partneronderneming en een verbonden onderneming?
Een partneronderneming bezit minstens 25% en hoogstens 50% van de aandelen of stemrechten van de aanvrager (of omgekeerd). Een verbonden onderneming bezit meer dan 50% van de aandelen of stemrechten van de aanvrager (of omgekeerd).
Aan welke publicatie-eisen moet ik voldoen als ontvanger van deze subsidie?
Je moet op de website een korte beschrijving van het project plaatsen met het embleem van de Europese Unie en vermelding van het EFRO, en minimaal één affiche (A3-formaat) met informatie over het project op een goed zichtbare plaats in je onderneming plaatsen. Je moet kunnen aantonen dat aan deze eisen is voldaan.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Innoveren VIA ontwikkelingsprojecten (2021 plus)snn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.