GeslotenFonds · Groningen · Subsidie

EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019?

Deze subsidie is niet meer aan te vragen: het loket meldt "Aanvragen niet meer mogelijk" en er resteert nog € 17.842 aan budget. De informatie hieronder is bedoeld voor wie een lopend project uit deze regeling afhandelt of wil begrijpen hoe de regeling werkte.

De EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019 was een instrument van Economic Board Groningen (EBG), uitgevoerd door het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN). Doel: de investeringsbereidheid van mkb-ondernemers in Noord- en Midden-Groningen vergroten, door een financiële bijdrage te geven aan bedrijven die door een investering nieuwe banen creëren.

De regeling was bedoeld voor mkb-ondernemingen die gevestigd waren of zich gingen vestigen in Het Hogeland, Midden-Groningen, Delfzijl, Appingedam, Loppersum, de voormalige gemeente Ten Boer, of de dorpen Ezinge, Feerwerd, Garnwerd en Aduarderzijl. De nieuwe banen moesten het directe gevolg zijn van een vestigings-, uitbreidings-, diversificatie-, fundamenteel wijzigings- of innovatieproject.

Je kreeg € 5.000 per nieuwe arbeidsplaats, tot een maximum van € 25.000 per project. Elke arbeidsplaats moest minstens 32 uur per week zijn en minimaal 12 maanden duren, met verlenging daarna.

Aanvragen liep via het eLoket van SNN (https://eloket.snn.nl/eloket/zakelijk/Login.jsp), met onder meer een projectplan, begroting, de-minimisverklaring en mkb-verklaring als verplichte bijlagen. Beoordeling gebeurde op volgorde van binnenkomst en op basis van een puntensysteem met drempelscores. Na toekenning volgde een voorschot, tussentijdse voortgangsrapportages en aan het eind een gereedmelding waarbij de definitieve bijdrage werd vastgesteld.

Wie komt in aanmerking voor de EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019?

Deze regeling is gesloten: aanvragen is niet meer mogelijk. De onderstaande eisen golden op basis van de laatste versie (1 maart 2019) van de regeling.

Je bent actief in Groningen
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Je viel af als een van de volgende zaken op je van toepassing was:

Locatie en bedrijfstype

  • Je onderneming was niet gevestigd in en ging zich ook niet vestigen in het werkingsgebied: Het Hogeland, Midden-Groningen, Delfzijl, Appingedam, Loppersum, de voormalige gemeente Ten Boer, of de dorpen Ezinge, Feerwerd, Garnwerd en Aduarderzijl (voormalige gemeente Winsum).
  • Je onderneming behoorde niet tot het mkb (volgens de definitie in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening).
  • Je onderneming was actief in de primaire productie van landbouwproducten, de visserij of de aquacultuur. Bedrijven in verwerking en afzet van landbouwproducten kwamen alleen in specifieke situaties in aanmerking.

Eerdere steun

  • Je had al eerder een bijdrage ontvangen op grond van deze regeling of een van haar voorlopers. Dit sloot je definitief uit van een nieuwe aanvraag.

Omvang van de personeelsgroei

Afhankelijk van het aantal fte in je onderneming gold een minimum aantal nieuwe arbeidsplaatsen in 3 jaar (36 maanden):

  • Minder dan 10 fte: minimaal 2 nieuwe arbeidsplaatsen
  • 10 tot 30 fte: minimaal 3 nieuwe arbeidsplaatsen
  • 30 fte of meer: minimaal 5 nieuwe arbeidsplaatsen

Haalde je dit minimum niet, dan viel je af.

Extra eis bij 10 fte of meer

Had je onderneming 10 of meer fte in dienst op het moment van aanvraag, dan moest je project of bedrijfsactiviteit vallen onder een van deze thema's: aardbevingsbestendige, levensloopbestendige en energiezuinige bouw, groene chemie, energietransitie, of de volgende generatie mobiele communicatietechnologie (5G). Zonder deze koppeling kwam je met 10 fte of meer niet in aanmerking.

Puntenscore

Ook als je aan alle basisvoorwaarden voldeed, kon je nog afvallen op de puntenscore (zie sectie Voorwaarden): haalde je niet de minimale totaalscore of niet de minimale score op het onderdeel werkgelegenheid, dan werd geen bijdrage verstrekt.

Financiële en organisatorische afwijzingsgronden

Je aanvraag werd ook geweigerd bij een ongezonde verhouding tussen eigen en vreemd vermogen, gerede twijfel aan het voortbestaan van de onderneming, een gevraagd bedrag dat niet in verhouding stond tot het projectresultaat, gegronde twijfel aan de haalbaarheid van het project, verschuiving van personeel binnen hetzelfde concern in het werkingsgebied, of strijd met Europese staatssteunregels.

Arbeidsplaatsen zelf

Arbeidsovereenkomsten van minder dan 32 uur per week telden niet mee, en ook stagecontracten golden niet als arbeidsplaats.

Waarvoor krijg je subsidie?

Deze regeling vergoedde geen investeringskosten zelf, maar gaf een vaste bijdrage per nieuwe arbeidsplaats die het gevolg was van een investering. Hieronder de kostensoort en de voorwaarden waaraan een arbeidsplaats moest voldoen om mee te tellen.

Nieuwe arbeidsplaats: € 5.000 per stuk

Dit was de enige "kostenpost" binnen de regeling. Je kreeg € 5.000 per nieuwe arbeidsplaats, tot het maximum van € 25.000 per project. Een arbeidsplaats moest aan de volgende voorwaarden voldoen om mee te tellen:

  • Minimale omvang: de arbeidsovereenkomst tussen onderneming en werknemer moest minimaal 32 uur per week zijn. Een overeenkomst van minder dan 32 uur kwam niet in aanmerking, ook niet gedeeltelijk.
  • Minimale duur: de arbeidsplaats moest voor minimaal 12 maanden worden gerealiseerd binnen de looptijd van het project (36 maanden na de startdatum). Na deze 12 maanden moest het dienstverband worden voortgezet voor minstens 12 maanden of voor onbepaalde tijd.
  • Geen stage: een stagecontract werd nadrukkelijk niet gezien als arbeidsovereenkomst en telde dus niet mee.
  • Netto toename: het project moest leiden tot een netto toename van het aantal arbeidsplaatsen bij de vestiging, vergeleken met het gemiddelde van de voorafgaande 12 maanden. Verloren arbeidsplaatsen werden afgetrokken van de bruto gecreëerde arbeidsplaatsen. Je kon dus geen bijdrage claimen voor plaatsen die alleen op papier "nieuw" waren terwijl er per saldo geen banen bijkwamen.
  • Timing: de arbeidsplaats moest worden ingevuld ná de in de aanvraag genoemde startdatum en binnen 36 maanden daarna. Die startdatum mocht maximaal 6 weken vóór de ontvangstdatum van de aanvraag liggen, maar nooit later dan de ontvangstdatum zelf.
  • Vervanging telt mee: als een werknemer na een deel van de 12 maanden vertrok en werd vervangen door een nieuwe werknemer onder dezelfde voorwaarden, telden beide dienstverbanden samen voor de 12-maandentermijn. De vervangende werknemer moest daarna wel nog minstens 12 maanden in dienst blijven.
  • Herkomst van het project: de arbeidsplaats moest direct onderdeel of gevolg zijn van een investering in een van de volgende projecttypen: vestigingsproject (nieuwe onderneming of nieuwe vestiging), fundamenteel wijzigingsproject (volledige herinrichting van het productieproces), uitbreidingsproject (opschaling van bestaande activiteiten), diversificatieproject (nieuwe activiteiten naast bestaande) of innovatieproject (onderzoek en ontwikkeling gericht op technologisch nieuwe of wezenlijk verbeterde producten, diensten of procedés).
  • Minimumaantal per aanvrager: afhankelijk van je bedrijfsomvang moest je project al minimaal 2 (bij minder dan 10 fte), 3 (bij 10 tot 30 fte) of 5 (bij 30 fte of meer) nieuwe arbeidsplaatsen opleveren om überhaupt in aanmerking te komen.

Wat niet in aanmerking kwam

  • Arbeidsovereenkomsten korter dan 32 uur per week.
  • Stagecontracten en praktijkovereenkomsten (deze speelden wel een rol bij de puntenscore op het criterium opleidingsfaciliteiten, maar leverden zelf geen subsidiebedrag op).
  • Verschuiving van personeel binnen concernverband binnen het werkingsgebied: als je iemand simpelweg overplaatste van het ene onderdeel van je concern naar het andere binnen hetzelfde werkingsgebied, gold dit niet als een nieuwe arbeidsplaats en was dit zelfs een grond voor afwijzing van de hele aanvraag.
  • Arbeidsplaatsen bij ondernemingen in de sectoren primaire productie van landbouwproducten, visserij en aquacultuur (uitgesloten van de regeling); bedrijven in verwerking en afzet van landbouwproducten kwamen alleen in specifieke situaties in aanmerking.

Onderliggende investeringskosten

Hoewel de bijdrage zelf gekoppeld was aan arbeidsplaatsen en niet aan investeringsbedragen, moest je bij de aanvraag wel een "Overzicht Investeringen" aanleveren met een uitsplitsing tussen investeringen in bedrijfsgebouwen en investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting, onderverdeeld in begrote investeringen, gemaakte en betaalde investeringen, en een prognose van nog te realiseren investeringen. Dit overzicht diende ter onderbouwing van het project, maar de subsidie werd niet berekend als percentage van deze investeringskosten.

Hoeveel subsidie krijg je?

De regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen. De bedragen hieronder golden voor lopende aanvragen/projecten onder de laatste versie van de regeling (1 maart 2019).

Basisbedrag

Je kreeg maximaal € 5.000 per nieuwe arbeidsplaats die je realiseerde.

Maximum per project

De bijdrage was aan een plafond gebonden: maximaal € 25.000 per project, ongeacht hoeveel arbeidsplaatsen je meer zou realiseren.

Rekenvoorbeeld

Bij 5 nieuwe arbeidsplaatsen kwam je al op het maximum van € 25.000 (5 × € 5.000). Extra arbeidsplaatsen boven dit aantal leverden geen extra subsidie op binnen hetzelfde project.

Wat het bedrag omlaag kon brengen

  • Bij de gereedmelding werd de definitieve bijdrage vastgesteld op basis van het daadwerkelijk aantal gecreëerde arbeidsplaatsen. Vielen de gerealiseerde arbeidsplaatsen lager uit dan begroot, dan werd de bijdrage naar rato verlaagd.
  • De bijdrage kon nooit hoger zijn dan het bedrag in de toekenningsbrief, ook niet als je meer arbeidsplaatsen realiseerde dan gepland.
  • Bij de gereedmelding werd een deel van de beoordelingscriteria opnieuw getoetst (waaronder toename arbeidsplaatsen, opleidingsfaciliteiten, stageplekken en samenwerking met kennisinstellingen). Een lager puntenaantal dan bij de aanvraag kon leiden tot een lager subsidiepercentage.
  • De aanvullende voorwaarden in je toekenningsbrief konden zelf ook eisen bevatten waarvan het niet-voldoen de bijdrage kon beïnvloeden.

Cumulatie met andere subsidies

Cumuleren met andere steun was toegestaan, mits je bleef binnen de staatssteunvoorschriften (de-minimisverordening, met een maximum van doorgaans € 300.000 aan de-minimissteun per onderneming over drie jaar, tenzij je actief was in een uitgesloten sector).

Voorschot

Geen aanvullend subsidiebedrag, maar wel een voorschot van maximaal 80% van de verleende bijdrage, uit te keren zodra je 20% van de beoogde arbeidsplaatsen had gerealiseerd.

Wat zijn de voorwaarden van de EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019?

Wat je moet doen na toekenning

  • Binnen 4 weken na toekenning moest je de standaardovereenkomst ondertekend retourneren.
  • Je moest de kosten van arbeidsplaatsen op eenduidige wijze in je administratie verwerken.
  • Je moest elke 12 maanden rapporteren over de voortgang van het project (inhoudelijk en financieel).
  • Binnen 8 weken na de einddatum van je project (volgens de subpagina: tot 13 weken) diende je een aanvraag tot gereedmelding in.
  • Je moest minimaal 5 jaar na de onherroepelijke gereedmelding je projectadministratie bewaren en toegankelijk houden.
  • Bij de gereedmelding werden criteria als toename arbeidsplaatsen, opleidingsfaciliteiten, stageplekken en samenwerking met kennisinstellingen opnieuw getoetst; een lager puntenaantal kon leiden tot een lager subsidiepercentage.

Voordat er naar de kwaliteit van je project werd gekeken, moest je aan een aantal harde eisen voldoen. Je viel af als:

  • Je onderneming niet tot het mkb behoorde.
  • Je onderneming niet gevestigd was of zich niet ging vestigen in het werkingsgebied.
  • Je al eerder een bijdrage had ontvangen op grond van deze regeling of haar voorlopers.
  • Je project niet leidde tot het minimum aantal nieuwe arbeidsplaatsen dat voor jouw bedrijfsgrootte gold (2 bij <10 fte, 3 bij 10-30 fte, 5 bij >30 fte).
  • Je 10 fte of meer had, maar je project niet viel onder een van de vereiste thema's (aardbevingsbestendige/levensloopbestendige/energiezuinige bouw, groene chemie, energietransitie, 5G).
  • Je onderneming actief was in een uitgesloten sector (primaire landbouwproductie, visserij, aquacultuur).
  • De verhouding eigen/vreemd vermogen niet aanvaardbaar was, of er gerede twijfel bestond over het voortbestaan van de onderneming.
  • Het gevraagde bedrag niet in redelijke verhouding stond tot het projectresultaat.
  • Er gegronde reden was om te twijfelen aan de financiële, organisatorische, technische of economische haalbaarheid.
  • Er sprake was van verschuiving van personeel binnen concernverband in het werkingsgebied.
  • Verlening in strijd zou zijn met (Europese) staatssteunregels.

Beoordeling op punten

Voldeed je aan de knock-outeisen, dan werd je project op basis van drie criteriaclusters beoordeeld (maximaal 100 punten):

*1. Werkgelegenheid (max. 40 punten)* Het aantal gecreëerde arbeidsplaatsen leverde punten op, met een puntenwaarde per arbeidsplaats en een minimumscore die afhingen van je bedrijfsgrootte:

  • 0-10 fte: 10 punten per nieuwe arbeidsplaats, minimaal vereiste score 20 punten
  • 10-30 fte: 8 punten per nieuwe arbeidsplaats, minimaal vereiste score 24 punten
  • 30 fte of meer: 2 punten per nieuwe arbeidsplaats, minimaal vereiste score 10 punten

Haalde je deze minimumscore niet, dan kreeg je geen bijdrage, ook niet als je totaalscore hoog genoeg was.

*2. Economische structuur (max. 25 punten)*

  • (Verwachte) verankering in de regio: max. 10 punten, kwalitatief beoordeeld (zeer goed = 100%, voldoende = 50%, neutraal/onvoldoende = 0% van het maximum). Gekeken wordt naar regionale toeleveranciers, de mate waarin het bedrijf fysiek te verplaatsen is, en of medewerkers regionaal gebonden zijn.
  • Opleidingsfaciliteiten voor werknemers, inclusief (praktijk)stages en samenwerking met opleidingsinstellingen: max. 15 punten. Scoor je voldoende op twee of meer van de drie aspecten (opleidingsbudget per medewerker boven € 900 per jaar, meer dan 1 stagiair op 6 medewerkers, projectmatige samenwerking met opleidingsinstituten), dan krijg je de volle 15 punten; bij één aspect 7,5 punten; anders 0 punten.

*3. Maatschappelijke opgave (max. 35 punten)*

  • Project heeft betrekking op een of meer thema's (aardbevingsbestendige/levensloopbestendige/energiezuinige bouw, groene chemie, energietransitie, 5G): max. 15 punten, kwalitatief beoordeeld.
  • Project speelt in op duurzaamheid (verduurzaming bedrijfspand/bedrijfsmiddelen, CO2-reductie, biobased economy, circulaire economie): max. 15 punten, kwalitatief beoordeeld.
  • Investering ten behoeve van onderzoek, ontwikkeling en/of vermarkting van voor de regio nieuwe producten of processen: max. 5 punten, kwalitatief beoordeeld.

Minimale totaalscore

Naast de minimumscore op werkgelegenheid gold ook een minimale totaalscore, afhankelijk van je bedrijfsgrootte:

  • Minder dan 10 fte: minimaal 40 punten totaal
  • 10 tot 30 fte: minimaal 44 punten totaal
  • 30 fte of meer: minimaal 50 punten totaal

Volgorde van behandeling

Aanvragen werden beoordeeld op volgorde van ontvangst, niet op kwaliteit alleen. Bij een aanvulling gold de datum van de aanvulling als ontvangstdatum. Overschreed de verstrekking van bijdragen voor aanvragen die op dezelfde dag binnenkwamen het budgetplafond, dan werd geloot om de rangschikking te bepalen.

Het bestuur van EBG kon overigens van de regeling afwijken als toepassing tot onbillijkheid van overwegende aard zou leiden (hardheidsclausule), behalve als het ging om strijd met staatssteunregels.

Hoe vraag je de EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019 aan?

Deze regeling is gesloten; aanvragen is niet meer mogelijk. Onderstaand proces gold voor aanvragen die zijn ingediend toen de regeling nog open was.

Stap 1: documenten verzamelen

Voordat je de aanvraag indiende, moest je de volgende documenten klaar hebben:

  • Aanvraagformulier, volledig ingevuld.
  • Projectplan, opgesteld volgens het "Format Projectplan EBG ArbeidsplaatsenregelinG versie 1 maart 2019". Hierin moest je onder meer aangeven: naam, type en omschrijving van het project, startdatum en realisatietermijn, het thema waaronder je project valt (bij 10+ fte), de aansluiting bij de doelstellingen van de regeling (werkgelegenheid, economische structuur, maatschappelijke opgave), de investeringskosten uitgesplitst naar bedrijfsuitrusting en bedrijfsgebouwen, en de risico's voor haalbaarheid.
  • Begroting en sluitend financieringsplan, via het format "Begroting en sluitend financieringsplan - APR EBG".
  • De-minimisverklaring, waarin je aangeeft of en hoeveel de-minimissteun je in de afgelopen drie jaar hebt ontvangen. Dit document kan alleen rechtsgeldig worden ingediend als geprint en ondertekend exemplaar; een digitale handtekening volstaat niet. Ondertekening door de tekenbevoegde van de onderneming.
  • Mkb-verklaring, om vast te stellen of je onderneming tot het mkb behoort. Ondertekend door de tekenbevoegde.
  • Meest recente (geconsolideerde) jaarrekening, indien beschikbaar.
  • Overzicht Investeringen, met een uitsplitsing in begrote, gemaakte/betaalde en nog te realiseren investeringen in bedrijfsgebouwen en duurzame bedrijfsuitrusting.
  • Verzamelloonstaat of loonstaten van de afgelopen 12 maanden (niet nodig bij een vestigingsproject).
  • Arbeidsovereenkomsten tussen onderneming en werknemer, indien deze al aanwezig waren.
  • Kopie van beschikking(en) of aanvraagformulier(en) bij een andere instantie, als je voor dit project elders al subsidie had aangevraagd of ontvangen.
  • Machtigingsformulier - APR EBG, alleen nodig als een derde partij (bijvoorbeeld een adviseur) namens jou de aanvraag ondertekende en indiende. Ook dit formulier moest geprint en ondertekend worden aangeleverd; een digitale handtekening telde niet.

Stap 2: aanvraag indienen via het eLoket

Je diende de aanvraag in via het eLoket van SNN (https://eloket.snn.nl/eloket/zakelijk/Login.jsp). Hier uploadde je alle documenten en informatie. Via je persoonlijke account op het eLoket kon je vervolgens de behandeling van je aanvraag volgen.

Let op privacy

Het loket vroeg geen burgerservicenummers. Als deze wel in de aan te leveren documenten stonden, moest je ze zelf verwijderen of afschermen voordat je de documenten deelde.

Beoordeling en beslistermijn

Na indiening beoordeelde SNN eerst of de aanvraag compleet was, op volgorde van ontvangst. Compleet en op tijd binnengekomen aanvragen werden als eerste behandeld. Economic Board Groningen streefde ernaar binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag een besluit te nemen, waarover je per e-mail werd geïnformeerd.

Deze indieningsprocedure gold voor de laatste versies van de regeling (2019). Voor eerdere versies (2017, 2018) konden de vereiste documenten iets afwijken, zoals een "verklaring financiële moeilijkheden" in plaats van de mkb-verklaring; check bij twijfel de versie van de regeling die op jouw aanvraagdatum van toepassing was.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt en hoe lang duurt het

Het bestuur van Economic Board Groningen nam het besluit over je aanvraag, met SNN als uitvoerder. SNN beoordeelde eerst of je aanvraag compleet was, op volgorde van ontvangst: complete aanvragen die eerder binnenkwamen, werden eerder behandeld. Economic Board Groningen streefde naar een besluit binnen 8 weken na ontvangst van de aanvraag. Je ontvangt hierover een e-mail.

Bij toekenning

Kreeg je een akkoord, dan ontving je een toekenningsbrief met het maximale bedrag dat je kon ontvangen. Binnen 4 weken na de toekenning moest je de standaardovereenkomst ondertekend retourneren. Je had daarna 3 jaar (36 maanden) na de datum van de toekenningsbrief om het project af te ronden.

Voorschot

Je kon een voorschot aanvragen via het eLoket. Je kwam in aanmerking voor een voorschot van maximaal 80% van de verleende bijdrage, zodra je minimaal 20% van het beoogde aantal arbeidsplaatsen had gerealiseerd. Dit toonde je aan met de gesloten arbeidsovereenkomsten, die je tijdens het indienen van het voorschotverzoek kon uploaden. Het bestuur van Economic Board Groningen kon gemotiveerd afwijken van deze voorschotregeling.

Voortgangsrapportage

Tijdens de looptijd rapporteerde je elke 12 maanden over de voortgang van het project, zowel inhoudelijk als financieel. De eerste voortgangsrapportage moest je uiterlijk één jaar en één maand na dagtekening van de toekenningsbrief indienen, via het eLoket. Hierbij gebruikte je de formats "Format Overzicht Arbeidsplaatsen", het machtigingsformulier (indien van toepassing) en "Overzicht Investeringen".

Gereedmelding en vaststelling

Aan het einde van je project diende je het verzoek tot gereedmelding (de einddeclaratie) in via het eLoket. Dit kon tot maximaal 13 weken na afloop van de overeenkomst (de regelingtekst zelf noemt hiervoor 8 weken na de einddatum van het project; het loket en de regeling spreken elkaar op dit punt dus tegen). SNN stelde de definitieve bijdrage vast op basis van de kosten die tijdens het project waren gemaakt en het daadwerkelijk aantal gecreëerde arbeidsplaatsen. De bijdrage kon nooit hoger zijn dan het bedrag in de toekenningsbrief. Vielen de gerealiseerde arbeidsplaatsen lager uit dan begroot, dan werd de bijdrage verlaagd. Bij de gereedmelding werden bepaalde criteria opnieuw getoetst (toename arbeidsplaatsen, opleidingsfaciliteiten, stageplekken, samenwerking met kennisinstellingen); een lager puntenaantal dan bij de aanvraag kon leiden tot een lager subsidiepercentage. Andere criteria, zoals duurzaamheid en R&D, werden alleen getoetst als deze van toepassing waren.

Voor de gereedmelding waren onder meer nodig: het gereedmeldingsformulier, machtiging (indien van toepassing), het format overzicht arbeidsplaatsen, kopieën van arbeidsovereenkomsten en stage-/praktijkovereenkomsten, verzamelloonstaten van de 12 maanden voorafgaand aan het gereedmeldingsverzoek, onderbouwing van opleidingskosten, en een kopie van een bankafschrift ter verificatie van de IBAN. Waar nodig werden projectspecifieke aanvullende gegevens opgevraagd.

Het bestuur van Economic Board Groningen besliste binnen 8 weken na ontvangst van de gereedmeldingsaanvraag.

Bewaarplicht

Je moest je projectadministratie minstens 5 jaar bewaren nadat de gereedmelding onherroepelijk was geworden.

Niet eens met een besluit

Ben je het niet eens met een besluit, dan kun je dit binnen 6 weken na de dag van verzending van het besluit laten weten aan SNN, met vermelding van je naam, adres, de verzenddatum, het projectnummer en je bezwaren. Na een ambtshalve toetsing kan een hoorzitting volgen bij een commissie (bestaande uit een voorzitter, een juridisch medewerker van SNN en een medewerker van EBG), die advies uitbrengt aan het bestuur van Economic Board Groningen. Deze procedure duurt in de regel maximaal 14 weken, te verlengen met de tijd die nodig is om aanvullende stukken van jou te ontvangen.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 22 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 14 andere bestanden in het dossier.

Vraag het dossier

Stel een vraag over EBG ArbeidsplaatsenregelinG 2018-2019. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.