Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)?
Deze subsidie is bedoeld voor werkgevers in de provincie Groningen (arbeidsmarktregio Groningen) die willen investeren in scholing en ontwikkeling van hun medewerkers. Je krijgt subsidie om een sterke leercultuur op te bouwen en de duurzame inzetbaarheid van je organisatie te vergroten. Denk aan het opzetten van praktijkgerichte leeromgevingen, het ontwikkelen van interne opleidingen, het vernieuwen van je HR-aanpak of het stimuleren van medewerkers om te leren en zich te ontwikkelen.
Je vraagt aan als individuele werkgever. Je krijgt maximaal 50% van de subsidiabele kosten vergoed, met minimaal € 10.000 en maximaal € 100.000 per project. Er is in totaal nog € 2.995.720,34 beschikbaar, en de subsidie wordt op volgorde van binnenkomst verdeeld (het "molenaarsprincipe"): wie eerst een complete aanvraag indient, wordt eerst behandeld, totdat het budget op is.
Je vraagt aan via het eLoket van het SNN, met eHerkenning of een eLoket-account. Je doorloopt daar negen stappen, waaronder een quickscan, verdiepende vragen, een begroting en het uploaden van verplichte bijlagen zoals een projectplan, een begroting, een staatssteunanalyse en (afhankelijk van je situatie) een mkb-verklaring of de-minimisverklaring. Je project moet starten binnen zes maanden na de verleningsbeschikking, duurt maximaal 24 maanden en moet uiterlijk 1 juli 2029 zijn afgerond.
Aanvragen kan tot en met 31 december 2028, 17:00 uur.
Wie komt in aanmerking voor de Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)?
Je komt in aanmerking als je een individuele werkgever bent die wil investeren in leven lang ontwikkelen (LLO) binnen je eigen organisatie. Er zijn wel een aantal harde eisen waar je niet onderuit komt.
Wie kan aanvragen
- Alleen een individuele werkgever kan de subsidie aanvragen. Samenwerkingsverbanden vallen hier niet onder (daarvoor bestaat de aparte regeling "Samen werken aan ontwikkeling").
Waar het project moet plaatsvinden
- Je activiteiten moeten plaatsvinden in de arbeidsmarktregio Groningen, of de resultaten moeten aantoonbaar ten goede komen aan deze regio. Vinden de activiteiten niet in de regio plaats en komen de resultaten er ook niet aantoonbaar ten goede aan, dan wordt de subsidie geweigerd.
Harde bedragen
- De subsidie die je kunt krijgen, moet minimaal € 10.000 bedragen. Komt de berekende subsidie op basis van je kosten en het subsidiepercentage lager uit dan € 10.000, dan wordt de aanvraag geweigerd.
- Maximaal krijg je € 100.000 per project.
Wat er mis kan gaan bij de inhoud van je project
- Je project moet gericht zijn op het versterken van leven lang ontwikkelen en bijdragen aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt. Sluit je project hier niet op aan, dan wordt de subsidie geweigerd.
- Je project moet obstakelvrij zijn: er mogen geen wezenlijke formele, juridische of financiële belemmeringen zijn (denk aan ontbrekende vergunningen) die de start op de voorziene datum in de weg staan.
- De financiering van het project moet, los van de gevraagde subsidie, aantoonbaar sluitend zijn.
- De kosten moeten in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken resultaat.
- Je mag geen subsidie krijgen voor een opleiding die je geeft om te voldoen aan bindende nationale opleidingsnormen.
Beoordelingsscore
- Je moet minimaal 70 van de 100 te behalen punten scoren op de beoordelingscriteria. Haal je dat niet, dan komt je project niet in aanmerking, ook al voldoe je aan alle andere eisen.
- Daarnaast moet je voor elk afzonderlijk criterium minimaal de helft van het maximaal te behalen aantal punten scoren. Scoor je op één criterium onder de helft, dan wordt de subsidie alsnog geweigerd, ook als je totaalscore boven de 70 punten uitkomt.
Staatssteun
- Is er sprake van staatssteun, dan moet je project passen binnen de de-minimisverordening of artikel 31 van de AGVV (opleidingssteun). Past je project niet binnen een geldig steunkader, dan wordt de subsidie geweigerd. Dit geldt bijvoorbeeld als je onderneming in financiële moeilijkheden verkeert of als er geen stimulerend effect is.
- Ben je al gestart met je activiteiten vóór het indienen van de aanvraag, dan is dat een weigeringsgrond.
Timing
- Je moet binnen zes maanden na de verleningsbeschikking starten en het project moet uiterlijk 1 juli 2029 zijn afgerond, met een maximale looptijd van 24 maanden.
Waarvoor krijg je subsidie?
De subsidiabele kosten zijn gekoppeld aan het type activiteit dat je uitvoert en het bijbehorende staatssteunkader. Voor "stimulering van deelname aan LLO" gelden de kosten uit het de-minimissteunkader; voor "om-, bij- en nascholing" gelden de kosten uit artikel 31 AGVV (opleidingssteun). Onderstaande kostensoorten komen in aanmerking:
Loonkosten
Loonkosten (inclusief overhead) van medewerkers die direct betrokken zijn bij de uitvoering, zoals projectmanagers, trainers, coaches en administratief personeel, plus kosten voor tijdelijk ingehuurde medewerkers en vergoedingen voor medewerkers die extra taken verrichten in het project. Je berekent deze kosten op een van deze manieren:
- Een vast uurtarief van € 60 per uur, vermenigvuldigd met het aantal begrote projecturen. Je moet dit aantal uren tijdens de projectperiode kunnen aantonen met een urenregistratie per medewerker. De medewerker moet in loondienst zijn en minimaal het wettelijk loon ontvangen.
- Een vast maandbedrag van € 8.600 per medewerker (bij een voltijd dienstverband van 1.720 uur per jaar, naar rato bij deeltijd), toegepast als vast percentage van de tijd die de medewerker per maand aan het project werkt. Bij deze optie is geen aparte urenregistratie verplicht, maar je moet wel een werkgeversdocument opstellen met naam, functie en het afgesproken percentage per medewerker, ondertekend door werkgever en (impliciet) akkoord van de medewerkers.
- Kennisinstellingen en grote bedrijven kunnen in plaats daarvan gebruikmaken van een tarief op basis van de Integrale Kostensystematiek (IKS), mits deze systematiek door RVO is goedgekeurd. Dit tarief is niet te combineren met het maandbedrag van € 8.600 binnen hetzelfde project.
Opleidings- en trainingskosten
Kosten voor het ontwikkelen van opleidingsprogramma's, inclusief lesmateriaal, cursuslocaties en het inhuren van trainers of docenten, én kosten voor het uitvoeren van trainingssessies, workshops en andere onderwijsactiviteiten gericht op het verbeteren van vaardigheden of kennis in de regio. Deze kosten vallen onder "kosten derden": alle direct aan de projectactiviteiten gerelateerde uitgaven, onderbouwd met betaalde facturen en prestatiebewijzen.
Kosten voor werkplekleren en leerbegeleiding (praktijkcomponenten)
Kosten voor werkplekken of praktijkmodules, zoals stageplekken of praktijkgerichte leeromgevingen, en kosten voor de begeleiding van lerenden tijdens hun praktijkervaring.
Verletkosten van lerenden
De niet-productieve uren waarin medewerkers zich niet met hun reguliere werk bezighouden, maar deelnemen aan leeractiviteiten. Deze kosten worden berekend door het aantal aan opleiding besteedde uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 23,91.
BTW
De subsidiabele kosten worden inclusief btw in aanmerking genomen, als jij die btw niet kunt terugvorderen (aftrekken) als voorbelasting.
Wat níet subsidiabel is
De volgende kosten komen in geen geval in aanmerking:
- administratieve en financiële sancties en boetes
- winstopslagen binnen een groep of samenwerkingsverband
- fooien en geschenken
- representatiekosten en -vergoedingen
- kosten van personeelsactiviteiten
- kosten van overboekingen en annuleringen
- gratificaties en bonussen
- kosten van outplacementtrajecten
- kosten die je hebt gemaakt om de subsidieaanvraag zelf voor te bereiden of in te dienen
Let op: bij artikel 31 AGVV geldt een net iets andere, specifiekere lijst van kostensoorten volgens het staatssteunformulier: personeelskosten van opleiders (voor de uren dat zij aan de opleiding deelnemen), operationele kosten die rechtstreeks met het opleidingsproject verband houden (reiskosten, accommodatiekosten, materiaal, afschrijving van uitsluitend voor het project gebruikte apparatuur), kosten van adviesdiensten over het opleidingsproject, en personeelskosten en indirecte kosten van de deelnemers aan de opleiding zelf, voor de uren dat zij de opleiding volgen.
Hoeveel subsidie krijg je?
Je ontvangt maximaal 50% van de subsidiabele kosten. Dit percentage kan lager uitvallen als de regels van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) of de de-minimisverordening daartoe aanleiding geven; in dat geval geldt het lagere percentage.
Grenzen aan het subsidiebedrag
- Minimaal: € 10.000 per project. Komt de berekende subsidie lager uit, dan wordt deze geweigerd.
- Maximaal: € 100.000 per project.
Bij opleidingssteun (artikel 31 AGVV) kan het percentage hoger uitvallen
Volgens het formulier staatssteunanalyse bedraagt de steunintensiteit onder artikel 31 AGVV in beginsel maximaal 50% van de in aanmerking komende kosten, maar deze kan worden verhoogd tot maximaal 70%:
- +10 procentpunten als de opleiding wordt gegeven aan werknemers met een handicap of aan kwetsbare werknemers;
- +10 procentpunten als de steun aan een middelgrote onderneming wordt toegekend;
- +20 procentpunten als de steun aan een kleine onderneming wordt toegekend.
Let op: dit zijn de maxima volgens het staatssteunkader zelf.
Resterend budget en verdeling
Er is nog € 2.995.720,34 beschikbaar van het totale subsidieplafond van € 3.635.000. Het geld wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van complete aanvragen (het molenaarsprincipe): wie het eerst komt en compleet is, wordt het eerst geholpen, totdat het budget op is. Is je aanvraag nog niet compleet, dan geldt de datum waarop ze compleet is als datum van binnenkomst voor de rangschikking.
Cumulatie met andere subsidies
Heb je voor dezelfde kosten al subsidie gekregen van een ander bestuursorgaan of de Europese Commissie, dan wordt je subsidie zo berekend dat het totaal aan subsidies niet hoger uitkomt dan wat volgens het toepasselijke Europese steunkader is toegestaan.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| Openstelling | - | 31 dec 2028 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)?
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- Voldoet je project aan de knock-outeisen, dan wordt het inhoudelijk beoordeeld op vijf criteria. Je moet in totaal minimaal 70 punten scoren, én voor elk criterium apart minimaal de helft van het maximum aantal punten behalen. Mis je die helft op één criterium, dan wordt de subsidie alsnog geweigerd, ook als je totaalscore voldoende is.
- Bijdrage aan de ambities van het programma Werken aan Ontwikkeling / missiegedreven (maximaal 30 punten)
- 0 punten: het project draagt niet bij.
- 15 punten: concreet duidelijk welke problemen worden opgelost en welke doelen je wilt bereiken, maar onduidelijk hoe de activiteiten bijdragen aan duurzame inzetbaarheid, leercultuur, werkgeverschap en ontwikkeling van medewerkers, en geen inzicht in meerwaarde voor de regio.
- 30 punten: concreet duidelijk welke problemen worden opgelost, de activiteiten dragen aantoonbaar bij aan duurzame inzetbaarheid, leercultuur, werkgeverschap en ontwikkeling van medewerkers, en het project heeft meerwaarde voor de regio (bijvoorbeeld door kennisdeling).
- Mate van sociale innovatie (maximaal 20 punten)
- 0 punten: geen sprake van sociale innovatie.
- 10 punten: helder omschreven hoe het project leidt tot nieuwe werkwijzen, HR-aanpakken, leeromgevingen of manieren van organiseren, maar geen inzicht in een vernieuwde impuls voor organisatie of sector.
- 20 punten: hetzelfde als bij 10 punten, plus duidelijk hoe het project een vernieuwde impuls geeft aan de organisatie of sector.
- Kwaliteit van het project (maximaal 10 punten)
- 0 punten: geen gebruik gemaakt van het format projectplan en/of onderdelen niet ingevuld.
- 5 punten: het project is flexibel en wendbaar (bijvoorbeeld door een plan voor monitoring en bijsturing), maar het mist een heldere en realistische kostenstructuur (bijvoorbeeld door een ontbrekende begroting) of voldoet niet aan de minimale 50% cofinanciering en een duidelijke projectorganisatie en planning.
- 10 punten: flexibel en wendbaar project, heldere en realistische kostenstructuur (zichtbaar in de begroting), minimaal 50% cofinanciering en een duidelijke projectorganisatie en planning.
- Mate waarin het project evidence-based werkt (maximaal 20 punten)
- 0 punten: geen inzicht gegeven in hoe evidence-based wordt gewerkt.
- 10 punten: gebruik van bestaande kennis, onderzoeken of best practices, maar geen mechanisme om bij te sturen op basis van wat geleerd wordt, of geen inzicht in hoe kennis wordt gedeeld met organisatie of sector.
- 20 punten: gebruik van bestaande kennis, onderzoeken of best practices, met bijsturing tijdens het project op basis van wat geleerd wordt, en actieve kennisdeling binnen organisatie of sector.
- Bijdrage aan duurzame ontwikkeling en maatschappelijke-sociale impact (maximaal 20 punten)
- 0 punten: geen inzicht in duurzame impact.
- 10 punten: inzicht in hoe resultaten structureel worden ingebed in de organisatie, maar niet hoe het project leidt tot blijvende verandering in leercultuur of HR-beleid.
- 20 punten: inzicht in structurele inbedding én blijvende verandering in leercultuur of HR-beleid.
Wat moet je ná toekenning doen
Na goedkeuring gelden de volgende verplichtingen:
- Je rondt het project boekhoudkundig uiterlijk 1 juli 2029 af.
- Duurt je project langer dan twaalf maanden, dan lever je jaarlijks een tussentijds voortgangsverslag aan.
- Op verzoek van de provincie werk je mee aan regionale of sectorale bijeenkomsten om de opgedane inzichten van je project toe te lichten.
- Je werkt gedurende vijf jaar na de datum van de verleningsbeschikking mee aan een evaluatie van de doeltreffendheid en effecten van de subsidie, voor zover dat redelijkerwijs van je gevraagd kan worden.
- Verleen je opdrachten aan derden voor de uitvoering van (een deel van) de activiteiten, dan doe je dat op basis van transparante criteria en tegen marktconforme tarieven, en houd je je aan de toepasselijke wet- en regelgeving (bijvoorbeeld aanbestedingsrecht).
- Wijzigt er iets in je project? Meld dit vooraf via een wijzigingsverzoek. Mogelijk krijg je dan een nieuwe verleningsbeschikking.
- Gebruik je het maandtarief van € 8.600 voor loonkosten, dan houd je een werkgeversdocument bij met de namen van medewerkers en het afgesproken percentage, en bewaar je dit in je administratie.
Hoe vraag je de Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG) aan?
Je vraagt de subsidie aan via het eLoket van het SNN, met eHerkenning of een eLoket-account (aan te maken als je geen eHerkenning hebt, met activatie via e-mail).
Stap 1: verzamel je documenten
Download eerst de verplichte formulieren en vul ze digitaal in. Print ze, onderteken ze met pen (digitale handtekeningen worden niet geaccepteerd) en scan ze weer in. De volgende documenten heb je nodig:
- Projectplan (verplicht format, DOCX): beschrijft je project en de onderbouwing van de vijf beoordelingscriteria. Geen ondertekening vereist, wel opstellen volgens het vaste format en de voorgeschreven volgorde.
- Begroting (verplicht format, XLSX): hierin verwerk je alle begrote kosten, financiering en de staatssteunanalyse per werkpakket.
- Bewijs van rechtsgeldige ondertekening: een document waaruit blijkt wie tekenbevoegd is, bijvoorbeeld een KvK-uittreksel (niet ouder dan één jaar), statuten of een intern autorisatieschema.
- Mkb-verklaring (indien je tot het mkb behoort): ondertekend door de tekenbevoegde persoon (of bij gezamenlijke bevoegdheid, alle tekenbevoegden), fysiek met pen.
- Verklaring financiële moeilijkheden (als je activiteiten gericht zijn op om-, bij- of nascholing): fysiek ondertekend door de tekenbevoegde(n).
- Enkelvoudige jaarrekening én, indien van toepassing, de geconsolideerde jaarrekening van het meest recente boekjaar. Bestaat je onderneming korter dan drie jaar, dan lever je een openingsbalans of aangifte inkomstenbelasting aan.
- Onderbouwing van de financiering van het project, bijvoorbeeld via de jaarrekening, een rekening-courant of andere financiële middelen.
- Juridische organisatiestructuur (verplicht format, DOCX): een organogram met fte's, omzet, balanstotaal en deelnemingspercentages van alle verbonden ondernemingen.
- Formulier Staatssteunanalyse artikel 31 (als je activiteiten gericht zijn op om-, bij- of nascholing): hierin motiveer je per lid van artikel 31 AGVV waarom je project voldoet.
- De-minimisverklaring (als je activiteiten gericht zijn op het stimuleren van deelname aan leven lang ontwikkelen): fysiek ondertekend, niet digitaal geldig.
- Offertes voor externe kosten.
- Werkgeversverklaring (als je het vaste maandtarief van € 8.600 gebruikt voor loonkosten): fysiek ondertekend door de tekenbevoegde, met naam, functie en het afgesproken percentage per medewerker.
- Ondertekening aanvraag (alleen nodig als je geen eHerkenning gebruikt): fysiek ondertekend door de tekenbevoegde(n).
- Machtigingsformulier intermediair (alleen als je aanvraag via een intermediair loopt).
- Kopie van beschikkingen van een andere instantie (als je voor dit project ook subsidie hebt aangevraagd of gekregen bij een andere instantie).
- Instemmingsverklaring (alleen als een verbonden of partneronderneming kosten maakt voor het project): fysiek ondertekend door de tekenbevoegde(n).
- Kopie bankafschrift (alleen als er in het eLoket geen automatische match is tussen jouw bedrijfsnaam en IBAN, getoetst via SurePay).
- IKS-verklaring (als je als kennisinstelling of groot bedrijf het IKS-tarief voor loonkosten gebruikt).
Stap 2: start je aanvraag
Klik op 'Aanvraag starten' en log in met eHerkenning of je eLoket-account.
Stap 3: doorloop de negen stappen in het eLoket
- Quickscan: meerkeuzevragen om te checken of je aan de belangrijkste voorwaarden voldoet.
- Verdiepende vragen over de inhoud van je aanvraag.
- Projectinformatie: korte gegevens over je project.
- NAW-gegevens: je naam, adres, woonplaats en eventuele andere gevraagde informatie.
- Deskundigen: gegevens van eventuele ingeschakelde deskundige(n), zoals naam en KvK-nummer.
- Begroting: de begrote kosten voor je project.
- Bijlagen: hier upload je alle documenten uit stap 1.
- Controleren en bevestigen: check je volledige aanvraag en klik op 'aanvraag indienen'.
- Aanvraag ingediend: je aanvraag is definitief binnen.
Stap 4: bevestiging
Je ontvangt per e-mail een bevestiging dat je aanvraag is ingediend.
Let op: aanvragen worden op volgorde van ontvangst en compleetheid behandeld. Is je aanvraag niet compleet, dan geldt de dag waarop ze wél compleet is als datum van binnenkomst voor de rangschikking. Dien je aanvraag dus zo vroeg en zo volledig mogelijk in, want het budget kan eerder op zijn dan de sluitingsdatum van 31 december 2028, 17:00 uur.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Beoordeling
Het SNN beoordeelt eerst of je aanvraag compleet is, op volgorde van ontvangst. Complete aanvragen die als eerste binnenkomen, worden als eerste inhoudelijk beoordeeld en komen als eerste in aanmerking voor het beschikbare budget. Bij de inhoudelijke beoordeling toetst het SNN of je project aan alle voorwaarden van de regeling voldoet en scoort het op de vijf beoordelingscriteria. Heeft het SNN aanvullende vragen, dan stelt het die via het eLoket en ontvang je daarover ook een e-mail.
Het SNN streeft ernaar binnen 13 weken na ontvangst van je aanvraag een besluit te nemen. Je vindt het besluit in het eLoket en krijgt hierover een melding per e-mail.
Bij een akkoord
Je ontvangt een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag.
Voorschot
Is je subsidie hoger dan € 25.000, dan krijg je een eerste voorschot van 40% van het verleende bedrag, vooruitlopend op de start van je project. Dit voorschot is alleen mogelijk als zeker is dat het project gefinancierd kan worden; je moet dit aantonen, bijvoorbeeld met een bankafschrift of leningsovereenkomst. Bevat je verleningsbeschikking opschortende of ontbindende voorwaarden (bijvoorbeeld omdat de financiering niet zeker is), dan krijg je geen voorschot totdat aan die voorwaarden is voldaan.
Latere voorschotten vraag je aan op basis van de kosten die je al hebt gemaakt en betaald. Deze voorschotten samen bedragen maximaal 80% van het verleende subsidiebedrag, tenzij je project bijna is afgerond: dan kan dit oplopen tot maximaal 100%. Bij een voorschotverzoek lever je onder andere aan: facturen en betaalbewijzen (bij externe kosten), een getekende overeenkomst (bij een ingeschakelde deskundige), beschikkingen van andere instanties (indien van toepassing), urenregistraties (bij loonkosten) en een tussentijds verslag (als er geen voortgangsrapportage wordt ingediend). Het voorschotbedrag ontvang je binnen drie weken na het akkoord op je aanvraag (voor het eerste voorschot) of na indiening van je voorschotverzoek.
Voortgangsrapportage
Na 12 maanden lever je een voortgangsrapportage in via het eLoket, met daarin welke kosten zijn gemaakt en wanneer, over welke periode je rapporteert, wat inhoudelijk is gerealiseerd en of de werkzaamheden volgens planning lopen. De eerste rapportage lever je uiterlijk 1 jaar en 1 maand na de dagtekening van je verleningsbeschikking in. Je kunt de rapportage combineren met een voorschotverzoek.
Wijzigingen
Verandert er iets in je project, dan meld je dit vooraf via een wijzigingsverzoek. Het SNN beoordeelt of de wijziging binnen de voorwaarden past en stuurt je zo nodig een nieuwe verleningsbeschikking.
Vaststelling
Is je subsidie € 25.000 of meer, dan dien je na afronding van het project (of na afloop van de realisatietermijn) een vaststellingsverzoek in, uiterlijk binnen 13 weken na de einddatum van je project. Hierbij lever je aan: een eindverslag met de uitgevoerde activiteiten, een verklaring van kosten en opbrengsten (met onder meer het totale bedrag aan gerealiseerde subsidiabele kosten en gerealiseerde eigen bijdrage), en eventueel de ondertekening van het vaststellingsverzoek (als je geen eHerkenning gebruikt) en een machtigingsformulier of instemmingsverklaring (indien van toepassing). Het SNN controleert of je hebt gewerkt volgens het projectplan en welke kosten daadwerkelijk zijn gemaakt, en stelt op basis daarvan het definitieve subsidiebedrag vast. Dit bedrag kan nooit hoger zijn dan het bedrag in de verleningsbeschikking; vallen je kosten lager uit dan begroot, dan wordt de subsidie naar verhouding lager vastgesteld. Subsidies onder € 25.000 stelt het SNN direct vast.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 20 documenten bij deze regeling, waarvan er 14 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Format begrotingDownloadExcel · 3 pagina'sVerplicht
Het verplichte begrotingsformat waarin je de kosten van je project per werkpakket en kostensoort invult.
- Juridische organisatiestructuurDownloadWord · 2 pagina'sVerplicht
Het overzicht van de juridische organisatiestructuur van je onderneming, nodig om verbonden en partnerondernemingen en de mkb-status vast te stellen.
- Formulier Staatssteunanalyse artikel 31DownloadWord · 2 pagina'sVerplicht
Het formulier waarin je onderbouwt waarom je aanvraag past binnen artikel 31 AGVV, nodig als je activiteiten gericht zijn op om-, bij- of nascholing.
- Mkb-verklaringDownloadPDF · 2 pagina'sVerplicht
De mkb-verklaring waarmee je aantoont of je onderneming tot het mkb behoort, nodig als je tot het mkb behoort.
- De-minimisverklaringDownloadPDF · 2 pagina'sVerplicht
De de-minimisverklaring waarin je aangeeft of en hoeveel de-minimissteun je eerder hebt ontvangen, nodig als je activiteiten onder het de-minimissteunkader vallen (stimulering deelname LLO).
- Mkb-VerklaringDownloadPDF · 2 pagina'sVerplicht
Een tweede exemplaar van de mkb-verklaring waarmee je aantoont of je onderneming tot het mkb behoort, nodig als je tot het mkb behoort.
- Subsidieregeling Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)DownloadPDF · 13 pagina'sAanbevolen
De volledige subsidieregeling met alle voorwaarden, criteria en verplichtingen waarop je je aanvraag baseert.
- Procedureregeling subsidies provincie Groningen 2018DownloadPDF · 44 pagina'sAanbevolen
De algemene procedureregels van de provincie Groningen over aanvraag, beoordeling, bevoorschotting en vaststelling van subsidies, als achtergrondinformatie bij je aanvraag.
En nog 12 andere bestanden in het dossier.
Veelgestelde vragen over de Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)
Wie kan subsidie aanvragen voor deze regeling?
Subsidie kan worden aangevraagd door een individuele werkgever.
Hoeveel subsidie kan ik maximaal krijgen?
Je kunt maximaal 50% van de subsidiabele kosten ontvangen, met een maximum van € 100.000 per project.
Wat is het minimale subsidiebedrag per project?
De subsidie bedraagt minimaal € 10.000 per project.
Tot wanneer kan ik de subsidie aanvragen?
Je kunt de subsidie aanvragen tot en met 31 december 2028 om 17:00 uur, mits het budget nog niet op is.
Waarvoor kan ik deze subsidie gebruiken?
Je kunt de subsidie gebruiken voor het stimuleren van deelname aan scholing en ontwikkeling, vaardigheidsontwikkeling en leer- en ontwikkeltrajecten, en voor het ontwikkelen, verbeteren of toegankelijk maken van trajecten gericht op om-, bij- of nascholing.
Welke kosten komen in aanmerking voor subsidie?
In aanmerking komen loonkosten, opleidings- en trainingskosten, kosten voor werkplekleren en leerbegeleiding, en verletkosten van lerenden (leeruren van medewerkers).
Wanneer moet ik starten met mijn project?
Je start binnen zes maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking met de uitvoering van je project.
Hoelang mag mijn project duren?
Een project duurt maximaal 24 maanden na dagtekening van de verleningsbeschikking en moet voor 1 juli 2029 zijn voltooid.
Kan de projectperiode verlengd worden?
Ja, op verzoek van de subsidieontvanger kunnen Gedeputeerde Staten de starttermijn verlengen, en bij onvoorziene omstandigheden kan een verzoek tot verlenging van de projectperiode worden ingediend bij het SNN.
Waar moeten de projectactiviteiten plaatsvinden?
De activiteiten vinden plaats in de arbeidsmarktregio Groningen of komen aantoonbaar ten goede aan deze regio.
Op welke criteria wordt mijn aanvraag beoordeeld?
Je aanvraag wordt beoordeeld op de bijdrage aan de ambities van het programma Werken aan Ontwikkeling, de mate van sociale innovatie, de kwaliteit van het project, de mate waarin het project evidence-based werkt en de bijdrage aan duurzame ontwikkeling en maatschappelijke-sociale impact.
Hoeveel punten moet ik minimaal scoren om subsidie te krijgen?
Een aanvraag dient minimaal 70 punten te behalen om voor subsidie in aanmerking te komen, en voor elk criterium moet minimaal de helft van het maximaal aantal punten worden behaald.
Hoe wordt het beschikbare budget verdeeld?
Het budget wordt verdeeld op volgorde van ontvangst van de aanvragen, het zogenoemde molenaarsprincipe. Is een aanvraag nog niet volledig, dan geldt de dag waarop de aanvraag compleet is als datum van binnenkomst.
Wat gebeurt er als op één dag meer aanvragen binnenkomen dan er budget is?
Als op een dag het subsidieplafond dreigt te worden overschreden, vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige aanvragen plaats door middel van loting.
Hoe worden loonkosten berekend?
Loonkosten worden berekend door het aantal aan het project besteedde uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 60, of als vast percentage van een maandtarief van € 8.600 per werknemer bij een voltijd dienstverband van 1.720 uur per jaar.
Hoe worden loonverletkosten berekend?
De loonverletkosten worden berekend door het aantal aan opleiding te besteden uren te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 23,91.
Mogen kennisinstellingen een ander loonkostentarief gebruiken?
Ja, kennisinstellingen kunnen gebruikmaken van een uurtarief op basis van de integrale kostensystematiek (IKS), mits deze door de Minister van EZK is goedgekeurd. Dit is niet toegestaan als binnen een project wordt gekozen voor het maandtarief van € 8.600.
Welke kosten komen niet in aanmerking voor subsidie?
Niet subsidiabel zijn onder andere administratieve en financiële sancties en boetes, winstopslagen binnen een groep, fooien en geschenken, representatiekosten, kosten van personeelsactiviteiten, kosten van overboekingen en annuleringen, gratificaties en bonussen, kosten van outplacementtrajecten en kosten voor het indienen van de aanvraag.
Welke documenten heb ik nodig voor mijn aanvraag?
Je hebt onder andere een projectplan, begroting, bewijs van rechtsgeldige ondertekening, eventueel een mkb-verklaring, verklaring financiële moeilijkheden, jaarrekening(en), onderbouwing van de financiering, juridische organisatiestructuur, staatssteunanalyse en/of de-minimisverklaring, offertes en eventueel een werkgeversverklaring nodig.
Hoe log ik in om de aanvraag te starten?
Je logt in met eHerkenning bij het eLoket Zakelijk. Heb je geen eHerkenning, dan maak je een eLoket-account aan.
Welke stappen doorloop ik in het eLoket bij het indienen van de aanvraag?
In het eLoket doorloop je negen stappen: Quickscan, Verdiepende vragen, Projectinformatie, NAW-gegevens, Deskundigen, Begroting, Bijlagen, Controleren en bevestigen, en Aanvraag ingediend.
Wanneer krijg ik een besluit op mijn aanvraag?
Het SNN streeft ernaar binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag een besluit te nemen. Dit besluit vind je in het eLoket en je ontvangt hierover ook een e-mail.
Krijg ik een voorschot als mijn aanvraag wordt goedgekeurd?
Bij subsidies van € 25.000 of meer ontvang je een voorschot van 40% van de verleende subsidie, als het project gefinancierd kan worden. Later kun je op basis van gemaakte en betaalde kosten aanvullende voorschotten krijgen tot maximaal 80%, of zelfs 100% als het project bijna is afgerond.
Wanneer moet ik een voortgangsrapportage indienen?
De eerste voortgangsrapportage lever je uiterlijk 1 jaar en 1 maand na de dagtekening van je verleningsbeschikking in, als de projectperiode langer dan twaalf maanden duurt.
Wanneer moet ik mijn subsidie laten vaststellen?
Als je subsidie € 25.000 of meer is, dien je binnen 13 weken na de einddatum van je project een vaststellingsverzoek in. Subsidies tot € 25.000 worden direct door Gedeputeerde Staten vastgesteld.
Wat gebeurt er als mijn werkelijke kosten lager zijn dan begroot?
Als de kosten lager uitvallen dan begroot, wordt de subsidie in verhouding verlaagd tot de lagere kosten. De subsidie kan nooit hoger zijn dan het bedrag in de verleningsbeschikking.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Werkgevers investeren in scholing en ontwikkeling (NPG)snn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.