Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen
Provincie Zeeland
Wat is de Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen?
De subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen (GAW) is bedoeld voor gemeenten die een gebied met veel kwetsbare woningen willen aanpakken: verbeteren, vervangen of ombouwen, gecombineerd met een impuls voor de openbare ruimte. Het doel is een toekomstbestendige woningvoorraad, met aandacht voor woningen waar nu een tekort aan is, zoals nultredenwoningen, zorggeschikte woningen en flexwoningen.
Je komt in aanmerking als je gemeente bent en een project hebt gericht op renovatie, transformatie of herstructurering, eventueel gecombineerd met kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte. Je krijgt maximaal 50% van de subsidiabele kosten vergoed, met een maximum van € 750.000 per project en een minimum van € 50.000. De subsidie is nooit hoger dan het financieel tekort op het project. In 2026 is in totaal € 2.946.941 beschikbaar.
Je vraagt aan tussen 22 mei 2026 en 18 september 2026, volledig digitaal via het aanvraagformulier op zaken.zeeland.nl, met eHerkenning niveau eH3. Bij de aanvraag lever je onder meer een Plan van Aanpak aan, waarvoor de provincie een voorbeeldformat (dummy) beschikbaar stelt. De provincie beoordeelt de projecten op punten: onder meer het toevoegen van de juiste en betaalbare woningen, de aard van de aanpak, verbetering van de openbare ruimte en extra bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit (biodiversiteit, klimaatadaptatie, circulaire economie, energietransitie, beeldkwaliteit). Projecten met de meeste punten krijgen als eerste subsidie, tot het plafond bereikt is.
Wie komt in aanmerking voor de Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen?
Deze subsidie is alleen voor gemeenten. Andere partijen (corporaties, ontwikkelaars, particulieren) kunnen niet zelf aanvragen, dat moet via de gemeente waarbinnen de gebiedsgerichte aanpak plaatsvindt.
Harde eisen waarop je afvalt:
- Alleen gemeenten. De subsidie is bedoeld voor gemeenten waarbinnen de gebiedsgerichte aanpak plaatsvindt. Het dossier noemt geen mogelijkheid voor andere aanvragers.
- Minimumsubsidie € 50.000. Is de aangevraagde (of toe te kennen) subsidie lager, dan komt de aanvraag niet in aanmerking.
- Maximumsubsidie € 750.000 per project. Vraag je meer aan, dan wordt het bedrag daarboven niet vergoed.
- Er moet sprake zijn van een financieel tekort op het project. De subsidie wordt alleen verstrekt als het project een tekort heeft; de subsidie is nooit hoger dan dat tekort, ook niet als 50% van de subsidiabele kosten hoger zou uitvallen.
- De activiteit mag niet al gerealiseerd zijn op het moment dat de provincie de aanvraag ontvangt (algemene weigeringsgrond uit het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023).
- Geen ontoelaatbare staatssteun. Subsidies die als ontoelaatbare staatssteun worden aangemerkt, worden niet verstrekt. Je bent zelf verantwoordelijk voor het voldoen aan de staatssteunregels en moet dit in je Plan van Aanpak onderbouwen.
- Geen lopend terugvorderingsbevel. Als er tegen de aanvrager een bevel tot terugvordering van de Europese Commissie uitstaat wegens onrechtmatige staatssteun, wordt niet verstrekt.
- Subsidieplafond. In 2026 is € 2.946.941 beschikbaar. Aanvragen die kwalitatief onvoldoende scoren ten opzichte van andere aanvragen, vallen buiten het plafond af (zie de sectie Voorwaarden voor de beoordelingscriteria).
- Bibob-toets mogelijk. De provincie kan een Bibob-onderzoek instellen om te voorkomen dat er subsidie gaat naar criminele activiteiten. Als dit onderzoek op jouw aanvraag van toepassing is, moet je een uitgebreide vragenlijst invullen; niet meewerken kan gevolgen hebben voor de aanvraag.
De activiteit zelf moet gaan om een gebiedsgerichte aanpak gericht op renovatie, transformatie, herstructurering, of kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte in combinatie met een van deze drie. Projecten die geen van deze aanpakken bevatten, vallen buiten de regeling.
Waarvoor krijg je subsidie?
Je kunt subsidie aanvragen voor de kosten van een gebiedsgerichte aanpak gericht op renovatie, transformatie, herstructurering, en kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte in combinatie met een van deze drie. Het dossier verwijst voor de precieze subsidiabele en niet-subsidiabele kosten naar hoofdstuk 26 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 (artikelen 26.4 en 26.5), maar de tekst van die specifieke artikelen staat niet in dit dossier. Wat wel is aangeleverd, is de indeling van kostenposten die je in de begroting bij je Plan van Aanpak moet gebruiken. Deze indeling geeft een goed beeld van welke kostensoorten relevant zijn:
Grondkosten. Hieronder vallen onder meer:
- directe en indirecte kosten van aankoop van grond of vastgoed
- sloopkosten
- saneringskosten (bijvoorbeeld bodemsanering of asbestsanering)
- notaris- en kadasterkosten
Het voorbeeld in het Plan van Aanpak werkt met eenheidsprijzen, bijvoorbeeld aankoop grond per m² tegen een vaste prijs per m², sloopkosten per m³, sanering grond per m³ en asbestsanering per m². Let op: dit zijn in het dummy-document nadrukkelijk fictieve, niet-reële bedragen, bedoeld als voorbeeld van hoe je de begroting moet opbouwen, niet als geldende tarieven.
Ontwerpkosten. Hieronder vallen onder meer:
- kosten voor planologische procedures
- onderzoeken
- ontwerp van gebouw en installaties
Infrakosten. Hieronder vallen onder meer:
- bouw- en woonrijp maken (aanleg van ondergrondse en bovengrondse infrastructuur, straatmeubilair, groen)
- bijbehorende ontwerp- en meetkosten
- de maatregelen voor verbetering van de openbare ruimte en de inrichtingsgebonden maatregelen voor ruimtelijke kwaliteit (biodiversiteit en klimaatadaptatie) moeten hier herkenbaar in worden opgenomen
Ontwikkelingskosten. Hieronder vallen onder meer:
- notariskosten bij verkoop
- diverse leges
- aansluitingen (nutsvoorzieningen)
- promotiekosten
- OZB
Bouwkosten. Hieronder vallen onder meer:
- kosten van de aannemer
- bouwmaterialen
- de gebouwgebonden maatregelen voor ruimtelijke kwaliteit (energie, circulaire economie, biodiversiteit, klimaatadaptatie) moeten hier herkenbaar in worden opgenomen
Rentekosten. Hieronder vallen:
- rentekosten op grond
- overige rentekosten
Voor de financieringstoelichting die je moet aanleveren, geldt verder dat je werkt met nominale waarden voor grond- en opstalexploitaties, dat je verwachte en verleende subsidies voor het exploitatiegebied opneemt, en dat je een onderbouwde raming van de totale kosten per maatregel geeft, uitgesplitst per kalenderjaar. Ook moet je de niet-subsidiabele kosten van het project inzichtelijk maken, omdat de provincie op basis daarvan beoordeelt of er sprake is van een tekort op het project (zie hoeveel je krijgt). Wat precies wel en niet subsidiabel is binnen deze hoofdposten, staat toegelicht in de regeling zelf (hoofdstuk 26 Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023), maar die toelichting is in dit dossier niet meegenomen.
Wat je in ieder geval niet krijgt vergoed: BTW die je kunt terugvorderen of op enigerlei wijze terugbetaald krijgt, telt volgens de algemene regels van het subsidiebesluit niet als subsidiabele kosten. Verder geldt dat de subsidie nooit meer bedraagt dan 50% van de subsidiabele kosten en nooit meer dan het financieel tekort op het project, dus kosten die al gedekt zijn door andere opbrengsten of subsidies vallen buiten de berekening.
Voor personeelskosten en kosten van derden gelden de algemene regels uit het Algemeen subsidiebesluit: personeelskosten zijn subsidiabel als ze aantoonbaar toe te rekenen zijn aan de activiteit via een controleerbare urenadministratie, tegen een uurtarief van ten hoogste 1,2 procent van het bruto maandsalaris. Kosten van derden zijn subsidiabel als ze aantoonbaar aan een derde verschuldigd zijn, rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de activiteit, doelmatig zijn en binnen de subsidieperiode zijn gemaakt, met een uurtarief tot de norm van de Wet normering topinkomens gedeeld door 1.600. Het is niet duidelijk uit dit dossier of deze algemene regels ook onverkort gelden binnen hoofdstuk 26, of dat daar specifieke afwijkingen voor GAW zijn vastgelegd.
Wat zijn de voorwaarden van de Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen?
Hier val je op af
De provincie beoordeelt elk project op een aantal aspecten en kent er punten op toe. Projecten met de meeste punten krijgen als eerste subsidie. Het dossier noemt de volgende aspecten, zonder exacte puntenverdeling per aspect:
- Het toevoegen van de juiste woningen. Denk aan nultredenwoningen, geclusterde woningen, zorggeschikte woningen en flexwoningen: typen woningen waar nu een tekort aan is.
- Het toevoegen van betaalbare woningen. In lijn met de Zeeuwse Woondeal, waarin is afgesproken dat twee derde van de nieuw te bouwen woningen betaalbaar moet zijn. Je moet aangeven hoeveel woningen vallen binnen categorieën als huur onder de liberalisatiegrens, huur tussen liberalisatiegrens en het bedrag bij 186 WWS-punten, huur daarboven, koop onder € 420.000 en koop daarboven.
- De aard van de aanpak (renovatie, transformatie, herstructurering). Deze aanpakken worden verschillend gewaardeerd, omdat ze verschillen in complexiteit en benodigde investering.
- Kwaliteitsverbetering van de openbare ruimte gericht op het bevorderen van gezondheid. Denk aan veilige beweegplekken, een goede padenstructuur voor ouderen en minder validen, ontmoetingsplekken en aantrekkelijk groen.
- Extra bijdrage aan de ruimtelijke kwaliteit via bovenwettelijke maatregelen op het gebied van:
- biodiversiteit (bijvoorbeeld groene daken, gevelgroen, nestkasten, natuurlijke erfafscheidingen)
- klimaatadaptatie (maatregelen tegen hitte, droogte, wateroverlast en overstromingen)
- circulaire economie (hergebruikte materialen, herbruikbare constructieve elementen, biobased isolatiemateriaal)
- energietransitie (bijvoorbeeld CO2-gestuurde ventilatie met minimaal 85% warmteterugwinning, en isolatiewaarden zoals Rc 6,5 voor het dak, Rc 5,0 voor de gevel, Rc 4,0 voor de vloer, U 0,7 voor glas, U 1,5 voor kozijnen en U 1,0 voor gevel-deuren)
- beeldkwaliteit (behoud van karakteristieke bebouwing, omgang met cultuurhistorisch erfgoed)
Het dossier geeft geen exacte wegingsfactor of puntenaantal per criterium; het noemt alleen dat elk project op deze aspecten punten krijgt en dat de hoogst scorende projecten voorrang krijgen bij de verdeling van het subsidieplafond.
Verplichte onderbouwing in het Plan van Aanpak
Om goed beoordeeld te kunnen worden, moet je in het Plan van Aanpak (of een gelijkwaardig projectplan met verwijzingen) onder meer onderbouwen:
- de aanleiding, locatie (met kaart van het exploitatiegebied) en aard van de aanpak, met aantallen sloop, nieuwbouw en renovatie, uitgesplitst naar corporatie- en particuliere woningen
- de toevoeging van kwaliteit, met aantallen per woningtype en prijscategorie
- de bijdrage aan de Zeeuwse Woondeal-doelstelling van twee derde betaalbare woningen
- de aansluiting bij een gemeentelijke visie (masterplan, dorpsvisie, omgevingsvisie et cetera)
- de verbetering van de openbare ruimte
- de bovenwettelijke maatregelen voor circulaire economie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, energietransitie en belevingswaarde
- een planning die laat zien dat het project binnen één jaar na het einde van de openstelling kan starten en binnen drie jaar kan worden afgerond; kan dit niet, dan moet je dat motiveren en in het aanvraagformulier vragen om af te mogen wijken van de driejaarstermijn
- een financieringstoelichting met grond- en opstalexploitaties, verwachte en verleende subsidies, en een onderbouwde kostenraming per maatregel
- een uitgebreide meerjarenbegroting in Excel, uitgesplitst per kalenderjaar
- een toelichting op de staatssteunregels en hoe je daaraan voldoet
Uit de algemene regels van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 die op deze subsidie van toepassing zijn (voor zover hoofdstuk 26 daar niet van afwijkt, wat het dossier niet uitsluit noch bevestigt):
- je besteedt de subsidie niet in strijd met wettelijke verplichtingen die op je rusten
- je meldt onverwijld schriftelijk aan gedeputeerde staten als aannemelijk is dat de activiteit niet, niet tijdig of niet geheel wordt uitgevoerd, of dat je niet aan de voorwaarden en verplichtingen zal voldoen
- aangeschafte activa met een gebruiksduur van meer dan vijf jaar moeten gedurende vijf jaar na vaststelling van de subsidie beschikbaar blijven voor het doel waarvoor ze zijn aangeschaft; bij een kortere gebruiksduur geldt dit voor de gehele gebruiksduur
- als de subsidie is aangemerkt als toelaatbare staatssteun, voldoe je aan de daaraan door de Europese Unie gestelde verplichtingen
- je vermeldt de provincie als subsidieverstrekker in je publiciteitsuitingen, tenzij gedeputeerde staten hiervan hebben afgezien; doe je dit niet, dan kan het subsidiebedrag met maximaal 5% (met een maximum van € 5.000) worden verlaagd
- gedeputeerde staten kunnen bij de subsidieverlening extra verplichtingen opleggen
Het dossier bevestigt niet expliciet welk arrangement (1, 2 of 3 uit het Algemeen subsidiebesluit) op deze regeling van toepassing is; gezien de bedragen (€ 50.000 tot € 750.000, dus boven de € 50.000-grens) ligt arrangement 3 het meest voor de hand, maar hoofdstuk 26 zelf, waarin dit specifiek voor GAW zou zijn vastgelegd, is niet in dit dossier opgenomen.
Hoe vraag je de Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen aan?
Wanneer aanvragen
De aanvraagperiode loopt van 22 mei 2026 tot en met 18 september 2026. Dien je aanvraag pas in nadat deze periode is gesloten, dan wordt hij niet meer behandeld.
Stap 1: voorbereiden
Verzamel voordat je aan het aanvraagformulier begint:
- een compleet Plan van Aanpak (of een verwijzing naar een bestaand projectplan met aanvullingen op de ontbrekende onderdelen). De provincie stelt hiervoor een voorbeeldformat beschikbaar (Dummy Plan van aanpak GAW 2026, DOCX-bestand). Als je dit format volgt, weet je zeker dat de provincie over alle informatie beschikt om je aanvraag te beoordelen en te vergelijken met andere aanvragen.
- een planning (mag ook los worden aangeleverd), die laat zien dat de werkzaamheden passen binnen de start- en einddatum uit het aanvraagformulier, dat de uitvoering binnen één jaar na het einde van de openstelling kan starten, en dat het project binnen drie jaar na het einde van de openstelling kan worden afgerond
- een financieringstoelichting (mag ook los worden aangeleverd) met grond- en opstalexploitaties, verwachte en verleende subsidies, en een onderbouwde kostenraming per maatregel
- een uitgebreide meerjarenbegroting in Excel van de subsidiabele kosten en opbrengsten per maatregel, uitgesplitst per kalenderjaar
Het dossier vermeldt niet wie deze documenten binnen de gemeente moet ondertekenen; het aanvraagformulier zelf wordt digitaal ingediend na inloggen met eHerkenning, waardoor een fysieke handtekening op losse documenten niet als vereiste wordt genoemd in dit dossier.
Stap 2: eHerkenning regelen
De aanvraag moet volledig digitaal worden ingediend via het aanvraagformulier op zaken.zeeland.nl. Hiervoor is inloggen met eHerkenning niveau betrouwbaarheidsniveau 3 (eH3) verplicht. Heeft je gemeente nog geen eHerkenning op dit niveau, dan moet je dit eerst aanvragen; de provincie verwijst hiervoor naar een aparte instructiepagina over het aanvragen van eHerkenning. Zorg dat dit op tijd geregeld is, want zonder eH3 kun je niet inloggen om de aanvraag te doen.
Stap 3: aanvraagformulier invullen en indienen
Log in met eHerkenning (eH3) op https://zaken.zeeland.nl/aanvragen/2481/organisatie/aanvraag-subsidie-gebiedsgerichte-aanpak-wonen-gaw- en vul het digitale aanvraagformulier volledig in. Upload hierbij:
- het Plan van Aanpak
- de planning (indien niet al opgenomen in het Plan van Aanpak)
- de financieringstoelichting (indien niet al opgenomen in het Plan van Aanpak)
- de meerjarenbegroting in Excel
Als je project niet binnen drie jaar na het einde van de openstelling kan worden afgerond, moet je dit in het aanvraagformulier expliciet motiveren en verzoeken om af te mogen wijken van deze driejaarstermijn.
Wat er daarna gebeurt
Zodra je aanvraag is ingediend, beoordeelt de provincie deze op de genoemde criteria (zie Voorwaarden) en vergelijkt hij deze met andere ingediende aanvragen binnen het subsidieplafond van € 2.946.941. Het dossier geeft geen concrete beslistermijn specifiek voor deze regeling; de algemene termijn uit het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 is acht weken na ontvangst van de volledige aanvraag, maar of deze termijn ook voor GAW geldt of dat hoofdstuk 26 hiervan afwijkt, staat niet in dit dossier.
Contact bij vragen
Voor inhoudelijke vragen over de regeling kun je terecht bij wonen@zeeland.nl of bij Anja Deij (am.deij@zeeland.nl, +31 6 3405 7397).
Bibob-onderzoek
Houd er rekening mee dat de provincie een Bibob-onderzoek kan instellen. Is dit op jouw aanvraag van toepassing, dan ontvang je een brief met uitleg over de werking van het onderzoek en moet je een uitgebreide vragenlijst invullen. Vragen hierover kun je stellen aan team Bibob via bibob@zeeland.nl.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- DOCX bestand Dummy Plan van aanpak GAW 2026 52.42 KB downloadDownloadWord · 7 pagina'sAanbevolen
Een voorbeeld Plan van Aanpak dat je kunt gebruiken als hulpmiddel om je aanvraag te onderbouwen met informatie over onder meer de aanpak, kwaliteit, betaalbaarheid, openbare ruimte, ruimtelijke kwaliteit, planning, financiering en staatssteun.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Subsidie Gebiedsgerichte Aanpak Wonenzeeland.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Zeeland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.