Open voor aanvragenProvincie · Subsidie

Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave

Gedeputeerde staten van Zeeland

Wat is de Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave?

Deze subsidie is bedoeld om woningbouwprojecten in Zeeland die vertraging dreigen op te lopen, weer op snelheid te brengen. De provincie Zeeland stelt hiervoor € 200.000 beschikbaar, met geld dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) aan de provincie ter beschikking heeft gesteld. De aanleiding is het tekort aan gekwalificeerd personeel bij gemeenten en provincie, waardoor woningbouwprojecten kunnen vastlopen.

De subsidie is alleen voor Zeeuwse gemeenten. Je krijgt geld voor de inhuur van tijdelijke capaciteit of externe expertise in de voorfase van woningbouw, denk aan vergunningverlening, het opstellen van woonzorgvisies, het uitwerken van een woningbouw- of herstructureringsproject, het sluiten van anterieure overeenkomsten of het opstellen van een bestemmingsplan.

De maximale subsidie per aanvraag is € 45.000, tenzij het project gericht is op "overige doelgroepen", dan is dat € 30.000. Maximaal 75% van de inhuurkosten wordt vergoed (50% bij overige doelgroepen); de rest breng je zelf in.

Je vraagt aan tussen 1 maart 2026 en 1 november 2026, volledig digitaal via het loket van de provincie Zeeland. Daarvoor heb je eHerkenning nodig met betrouwbaarheidsniveau 3 (eH3). Bij de aanvraag lever je een offerte, een plan van aanpak en een sluitende begroting inclusief eigen bijdrage aan. Zolang het subsidieplafond van € 200.000 niet is bereikt, kun je aanvragen. Verantwoording van de subsidie verloopt via Sisa.

Wie komt in aanmerking voor de Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave?

Deze subsidie is alleen voor Zeeuwse gemeenten. Andere partijen (marktpartijen, corporaties, ontwikkelaars) kunnen niet zelf aanvragen.

Harde eisen waarop je project moet voldoen:

  • Het woningbouwproject ligt binnen of aansluitend aan bestaand bebouwd gebied. Projecten daarbuiten komen niet in aanmerking.
  • Bij lopende projecten geldt dat de start plaatsvindt na 1 januari 2026.
  • De uitvoering is uiterlijk 31 december 2026 afgerond.
  • De inhuur van tijdelijke capaciteit of externe expertise moet dienen voor de voorfase van woningbouwactiviteiten: vergunningverlening, het opstellen van woonzorgvisies, het uitwerken van een woningbouw- of herstructureringsproject, het sluiten van anterieure overeenkomsten met marktpartijen, of het opstellen van een bestemmingsplan en de bijbehorende procedure.
  • Daarnaast moet de inhuur horen bij een van deze woningbouwactiviteiten: het wegnemen van overtollige plancapaciteit, de totstandkoming van lokale of regionale integrale woonzorgvisies gericht op betaalbare woningen met zorg en ondersteuning voor aandachtsgroepen, het versnellen van herstructureringsprojecten, het versnellen van transformatieprojecten, het versnellen van woningbouwprojecten voor betaalbare woningen, flexwonen, nultredenwoningen, zorggeschikte woningen, collectief particulier opdrachtgeverschap, wooncoöperaties of innovatieve woonvormen, of het versnellen van woningbouwprojecten voor overige doelgroepen.
  • Je moet een offerte, een plan van aanpak en een sluitende begroting inclusief eigen bijdrage overleggen.
  • De subsidie wordt verstrekt zolang het subsidieplafond van € 200.000 niet is bereikt. Is het plafond bereikt, dan val je buiten de boot, ook als je aan alle andere eisen voldoet.
  • Aanvragen kan alleen tussen 1 maart 2026 en 1 november 2026.

Verder geldt dat de Provincie Zeeland een Bibob-toets kan uitvoeren. Als dat onderzoek op jouw aanvraag van toepassing is, ontvang je een brief met een uitgebreide vragenlijst die je moet invullen. Het dossier noemt geen apart afwijzingsmoment hierbij, maar deze wet is er wel om te voorkomen dat de provincie criminele activiteiten steunt met subsidie.

Het dossier noemt geen inkomens- of omvangseisen aan de gemeente zelf, geen minimum aantal woningen en geen aparte kwaliteitsbeoordeling naast de genoemde voorwaarden. Wat niet expliciet in het dossier staat, kun je niet als eis aannemen.

Waarvoor krijg je subsidie?

Deze subsidie is uitsluitend bedoeld voor de inhuur van tijdelijke capaciteit of externe expertise. Het dossier maakt daarbij onderscheid tussen het doel van de inhuur (waarvoor de expertise wordt ingezet) en de woningbouwactiviteit waar dat aan moet bijdragen. Beide moeten kloppen: de inhuur is alleen subsidiabel als hij én bij een van de toegestane doelen hoort én bijdraagt aan een van de genoemde woningbouwactiviteiten.

Doelen waarvoor je de inhuur inzet (voorfase van woningbouw)

  • Vergunningverlening van woningbouwprojecten.
  • De totstandkoming van lokale of regionale integrale woonzorgvisies en het realiseren van betaalbare woningen met passende zorg en ondersteuning voor aandachtsgroepen.
  • Het uitwerken van een woningbouwproject of herstructureringsproject.
  • Het sluiten van anterieure overeenkomsten met marktpartijen.
  • Het opstellen van een bestemmingsplan en het doorlopen van de bijbehorende procedure.

Woningbouwactiviteiten waar de inhuur betrekking op moet hebben

  • Het wegnemen van overtollige plancapaciteit voor woningbouw.
  • De totstandkoming van lokale of regionale integrale woonzorgvisies en het realiseren van betaalbare woningen met passende zorg en ondersteuning voor aandachtsgroepen.
  • Het versnellen van herstructureringsprojecten.
  • Het versnellen van transformatieprojecten.
  • Het versnellen van woningbouwprojecten voor betaalbare woningen, flexwonen, nultredenwoningen, zorggeschikte woningen, collectief particulier opdrachtgeverschap, wooncoöperaties of innovatieve woonvormen.
  • Het versnellen van woningbouwprojecten voor overige doelgroepen.

Tarief en rekenregel

Het dossier geeft geen apart uurtarief of vast bedrag per kostensoort binnen deze regeling zelf; het gaat om de daadwerkelijke inhuurkosten volgens offerte. Wel is er een bijgevoegd begrotingsformat (XLSX) met een "Tabel inhuurtarieven" waarin je per functie in het project het uurtarief, het aantal uren en het totaalbedrag (uren x uurtarief) invult. Dit format moet je gebruiken om de kosten te onderbouwen; het dossier specificeert zelf geen maximumtarief per uur voor deze regeling.

De vergoeding werkt als volgt: van de subsidiabele inhuurkosten wordt maximaal 75% vergoed (of 50% bij projecten gericht op "overige doelgroepen"), met een maximum van € 45.000 (of € 30.000 bij "overige doelgroepen") per aanvraag. Het resterende deel van de kosten breng je zelf in als eigen bijdrage; dit moet blijken uit de sluitende begroting die je meestuurt.

Wat je moet aanleveren om de kosten te onderbouwen

  • Een offerte voor de inhuur.
  • Een plan van aanpak.
  • Een sluitende begroting inclusief eigen bijdrage, waarin de dekking (eigen inbreng en gevraagde subsidie) en de kosten inhuur (via de tabel inhuurtarieven) zijn uitgewerkt.

Wat niet subsidiabel is

Het dossier op de productpagina noemt geen expliciete lijst met niet-subsidiabele kosten voor deze specifieke regeling. Wel is duidelijk dat de inhuur alleen subsidiabel is als deze past binnen de genoemde doelen en woningbouwactiviteiten; kosten voor activiteiten die daar niet onder vallen, komen dus niet in aanmerking. Ook geldt dat het project binnen of aansluitend aan bestaand bebouwd gebied moet liggen; kosten voor projecten daarbuiten zijn niet subsidiabel. Verder moet de uitvoering uiterlijk 31 december 2026 zijn afgerond en start een lopend project na 1 januari 2026; kosten die daarbuiten vallen, licht het dossier niet nader toe, maar de tijdspanne van de regeling begrenst logischerwijs welke kosten meetellen.

Het dossier vermeldt geen BTW-regels, geen regels over overheadkosten, en geen aparte regels voor materiaalkosten binnen deze specifieke regeling. Voor zover dat niet expliciet in het dossier voor deze regeling staat, kunnen we dat niet als geldende regel opnemen.

Hoeveel subsidie krijg je?

De maximale subsidie per aanvraag verschilt per type project:

  • € 45.000 voor woningbouwprojecten in het algemeen.
  • € 30.000 als het project gericht is op "overige doelgroepen".

Naast dit maximumbedrag geldt een cofinancieringspercentage: de provincie vergoedt maximaal een deel van de inhuurkosten, en jij brengt de rest zelf in.

  • 75% van de kosten voor inhuur wordt vergoed bij woningbouwprojecten in het algemeen.
  • 50% van de kosten voor inhuur wordt vergoed als het project gericht is op "overige doelgroepen".

In de praktijk betekent dit dat je bij het reguliere percentage van 75% zelf 25% van de inhuurkosten meebrengt, en bij "overige doelgroepen" (50% vergoeding) zelf de helft van de kosten draagt. Het maximumbedrag en het percentage werken samen: je krijgt het laagste van de twee. Zijn je subsidiabele kosten zo hoog dat 75% (of 50%) boven het maximumbedrag uitkomt, dan krijg je niet meer dan € 45.000 (of € 30.000).

Het totale budget voor deze regeling is een subsidieplafond van € 200.000 voor alle Zeeuwse gemeenten samen. Zodra dit plafond is bereikt, kun je geen subsidie meer krijgen, ook niet als je aanvraag verder aan alle eisen voldoet. Het dossier noemt geen aparte verdeelmethode (zoals loting of volgorde van binnenkomst) voor deze regeling specifiek; het vermeldt alleen dat subsidie wordt verstrekt zolang het plafond niet is bereikt.

Het dossier noemt geen mogelijkheid om boven de genoemde maximumbedragen uit te komen, en geen situaties waarin het percentage van 75% of 50% omhoog kan. Wel is duidelijk dat het percentage naar beneden gaat (van 75% naar 50%) zodra het om "overige doelgroepen" gaat.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
20261 mrt 20261 nov 2026€ 200k-

Wat zijn de voorwaarden van de Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave?

Wat je moet doen na toekenning

  • Je besteedt de subsidie niet in strijd met wettelijke verplichtingen die op jouw organisatie rusten.
  • Je stelt de provincie onverwijld schriftelijk op de hoogte zodra aannemelijk is dat de activiteit niet, niet tijdig of niet geheel wordt uitgevoerd, of dat niet aan de voorwaarden en verplichtingen van de subsidie zal worden voldaan.
  • Als je activa aanschaft met de subsidie, moeten deze gedurende de (resterende) economische gebruiksduur beschikbaar blijven voor het doel waarvoor ze zijn aangeschaft; bij een gebruiksduur van meer dan vijf jaar geldt dit gedurende vijf jaar na vaststelling van de subsidie.
  • Je vermeldt de provincie Zeeland als subsidieverstrekker in publiciteitsuitingen over de gesubsidieerde activiteit, tenzij de provincie besluit dat dit niet nodig is. Doe je dit niet of niet volledig, dan kan het uiteindelijke subsidiebedrag met maximaal 5% worden verlaagd, tot een maximum van € 5.000.
  • Je verantwoordt de subsidie via Sisa (Single information, Single audit), zoals gebruikelijk bij specifieke uitkeringen tussen overheden.
  • Je verstrekt op verzoek alle gewenste inlichtingen aan gedeputeerde staten of de door hen aangewezen ambtenaar, voor zover dit nodig is voor de subsidievaststelling.
  • Uitvoering van de activiteit moet uiterlijk 31 december 2026 zijn afgerond.

Deze eisen zijn harde voorwaarden; voldoe je er niet aan, dan wordt de aanvraag afgewezen:

  • Alleen Zeeuwse gemeenten kunnen aanvragen.
  • Het woningbouwproject ligt binnen of aansluitend aan bestaand bebouwd gebied.
  • Bij lopende projecten geldt dat de start plaatsvindt na 1 januari 2026.
  • De uitvoering vindt plaats tot uiterlijk 31 december 2026.
  • De inhuur past bij een van de genoemde doelen (vergunningverlening, woonzorgvisies, uitwerken van projecten, anterieure overeenkomsten, bestemmingsplan) én bij een van de genoemde woningbouwactiviteiten (plancapaciteit wegnemen, woonzorgvisies, herstructurering, transformatie, betaalbare woningen/flexwonen/etc., of overige doelgroepen).
  • Er is een offerte, een plan van aanpak en een sluitende begroting inclusief eigen bijdrage aangeleverd.
  • Het subsidieplafond van € 200.000 is nog niet bereikt op het moment van aanvragen.
  • Aanvragen worden alleen behandeld binnen de openstellingsperiode van 1 maart 2026 tot 1 november 2026.

Het dossier noemt voor deze regeling geen puntensysteem, weging of kwaliteitsgradaties waarop aanvragen onderling worden vergeleken of gerangschikt. Er is dus, voor zover het dossier laat zien, geen beoordeling op inhoudelijke kwaliteit met scores; de aanvraag wordt getoetst aan de hierboven genoemde knock-outeisen. Het dossier vermeldt wel dat subsidie wordt verstrekt "zolang het subsidieplafond niet is bereikt", wat duidt op een systeem waarbij volgorde van binnenkomst een rol kan spelen, maar dit wordt voor deze regeling niet expliciet zo benoemd. Waar dat niet met zekerheid uit het dossier blijkt, melden we het hier als onduidelijkheid in plaats van dit zelf in te vullen.

Bibob-toets

Bij het aanvragen van de subsidie kan de Provincie Zeeland de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen (Bibob) toepassen. Deze wet moet voorkomen dat de provincie criminele activiteiten steunt door subsidie te verlenen. Is het Bibob-onderzoek op jouw aanvraag van toepassing, dan ontvang je een brief met uitleg over de werkwijze. Je moet dan een uitgebreide vragenlijst invullen. Voor vragen hierover kun je terecht bij team Bibob van de Provincie Zeeland.

Welk arrangement (qua bevoorschotting en vaststellingsprocedure) precies van toepassing is, hangt af van het toegekende subsidiebedrag: bedragen tot en met € 10.000 volgen arrangement 1, bedragen van meer dan € 10.000 tot en met € 50.000 volgen arrangement 2. Omdat de maximale subsidie hier € 45.000 of € 30.000 bedraagt, valt de subsidie in de praktijk onder arrangement 2, tenzij gedeputeerde staten op basis van een risicoafweging besluiten arrangement 1 toe te passen. Zie de sectie "Na je aanvraag" voor wat dit concreet betekent voor voorschot en vaststelling.

Hoe vraag je de Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave aan?

Stap 1: Voorbereiden binnen de openstellingsperiode

Je kunt alleen aanvragen tussen 1 maart 2026 en 1 november 2026. Zorg dat je vóór het indienen alle onderstaande documenten gereed hebt, want de aanvraag verloopt volledig digitaal.

Stap 2: Zorg voor eHerkenning

Voor het indienen van de aanvraag is inloggen met eHerkenning met betrouwbaarheidsniveau 3 (eH3) vereist. Heeft je gemeente hier nog niet eerder mee gewerkt, dan moet je dit eerst regelen; het loket verwijst hiervoor naar een aparte instructie over het aanvragen van eHerkenning. Houd rekening met de tijd die dit in beslag kan nemen, zodat je dit niet vlak voor de deadline van 1 november 2026 hoeft te regelen.

Stap 3: Verzamel de verplichte documenten

Bij de aanvraag lever je in ieder geval aan:

  • Een offerte voor de inhuur van tijdelijke capaciteit of externe expertise. Dit is de prijsopgave van de partij die je wilt inhuren.
  • Een plan van aanpak. Hierin beschrijf je waarvoor de inhuur wordt ingezet en hoe dit bijdraagt aan de woningbouwactiviteit.
  • Een sluitende begroting inclusief eigen bijdrage. Hierin werk je de kosten en de dekking uit, met de eigen inbreng en de gevraagde subsidie van de Provincie Zeeland. De provincie stelt hiervoor een begrotingsformat (XLSX) beschikbaar met een tabel voor inhuurtarieven, waarin je per functie het uurtarief, het aantal uren en het totaalbedrag invult.

Het dossier vermeldt niet expliciet wie deze documenten namens de gemeente moet ondertekenen. Ga voor de zekerheid uit van ondertekening door een daartoe bevoegde functionaris van de gemeente (zoals vermeld in het aanvraagformulier), maar dit staat niet letterlijk in het dossier vermeld.

Stap 4: Vul het aanvraagformulier in en dien in

Je vraagt de subsidie aan via het digitale aanvraagformulier "Aanvraagformulier subsidie flexibele inzet voor versnelling van de Zeeuwse woningbouwopgave", te bereiken via het aanvraagloket van de provincie Zeeland (zaken.zeeland.nl). Log in met eHerkenning eH3, vul het formulier volledig in en voeg de offerte, het plan van aanpak en de begroting toe.

Stap 5: Houd het subsidieplafond in gedachten

De subsidie wordt verstrekt zolang het subsidieplafond van € 200.000 niet is bereikt. Het dossier specificeert geen aparte verdeelmethode (zoals loting) voor het geval er op enige dag meer aanvragen binnenkomen dan er budget is; wacht dus niet onnodig lang binnen de openstellingsperiode, want als het plafond eerder is bereikt, kun je geen subsidie meer krijgen ook al valt dit nog binnen de periode tot 1 november 2026.

Bibob-onderzoek

Houd er rekening mee dat de Provincie Zeeland een Bibob-toets kan toepassen. Is dit onderzoek op jouw aanvraag van toepassing, dan ontvang je een brief met uitleg en een uitgebreide vragenlijst die je moet invullen. Dit kan de doorlooptijd van je aanvraag beïnvloeden.

Contact bij vragen

Voor vragen over deze regeling kun je contact opnemen via e-mail (ppf.denteneer@zeeland.nl) of telefonisch (+31 6 48413758). Voor vragen specifiek over Bibob-onderzoeken is er een apart e-mailadres (bibob@zeeland.nl).

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt en hoe lang duurt het

Gedeputeerde staten van de provincie Zeeland beoordelen en beslissen op de aanvraag. Het dossier voor deze specifieke regeling (hoofdstuk 25 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023) noemt geen eigen, afwijkende beslistermijn. Volgens de algemene regels van dat besluit beslissen gedeputeerde staten in de regel binnen acht weken na ontvangst van de volledige aanvraag, tenzij in het besluit voor een specifieke regeling anders is bepaald. Voor deze regeling wordt in het dossier geen andere termijn genoemd, dus ga uit van deze termijn, met de kanttekening dat het dossier dit niet letterlijk voor hoofdstuk 25 herhaalt.

Bevoorschotting

Welk bevoorschottingsregime geldt, hangt af van het toegekende subsidiebedrag. Omdat de maximale subsidie in deze regeling € 45.000 (of € 30.000 bij overige doelgroepen) bedraagt, valt dit binnen de bandbreedte "hoger dan € 10.000 en tot en met € 50.000" uit het algemene besluit. Daarvoor geldt normaal gesproken een voorschot van ten hoogste 75% van de maximale subsidie, eventueel in termijnen uitgekeerd. Gedeputeerde staten kunnen in individuele gevallen, op basis van een risicoafweging, besluiten om in plaats daarvan het lichtere regime (met een voorschot van 100% van de maximale subsidie, uitgekeerd als vast bedrag per prestatieafspraak) toe te passen. Het dossier bevestigt niet expliciet welk van de twee regimes voor deze woningbouwregeling exact wordt gevolgd; dit is een algemene regel uit het onderliggende besluit die logischerwijs op deze subsidie van toepassing is, maar niet letterlijk voor hoofdstuk 25 is uitgeschreven.

Vaststelling

Na afloop van de activiteit (uiterlijk na 31 december 2026, de deadline voor uitvoering) dien je een aanvraag tot vaststelling in. Bij het regime voor bedragen tot en met € 50.000 geldt normaliter dat je dit uiterlijk twaalf weken na afloop van de activiteit doet, met het prestatiebewijs over de gerealiseerde prestatieafspraken en de overige in de subsidiebeschikking genoemde bescheiden. Gedeputeerde staten stellen de subsidie vervolgens in de regel binnen twaalf weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling vast, waarbij wordt gekeken in hoeverre de prestatieafspraken daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Ook dit zijn algemene regels uit het onderliggende besluit; het dossier bevat voor hoofdstuk 25 zelf geen aparte, afwijkende vaststellingsprocedure.

Verantwoording tijdens en na de looptijd

Verantwoording van deze subsidie verloopt via Sisa (Single information, Single audit), het systeem waarmee gemeenten specifieke uitkeringen van het Rijk en de provincie verantwoorden in hun jaarrekening. Dit betekent dat je als gemeente de besteding van de subsidie meeneemt in de reguliere Sisa-verantwoording, in plaats van een losse, aparte verantwoording aan de provincie.

Verplichtingen tijdens de looptijd

Zolang het project loopt, meld je het onverwijld schriftelijk aan de provincie als aannemelijk is dat de activiteit niet, niet tijdig of niet volledig wordt uitgevoerd, of als niet aan de subsidievoorwaarden zal worden voldaan. Verder houd je je aan de deadline voor uitvoering (uiterlijk 31 december 2026) en aan de startvoorwaarde (start na 1 januari 2026 bij lopende projecten). Ook vermeld je de provincie Zeeland als subsidieverstrekker in publiciteitsuitingen, tenzij de provincie besluit dat dit niet nodig is; doe je dit niet, dan kan de subsidie met maximaal 5% (tot € 5.000) worden verlaagd. Op verzoek verstrek je alle gewenste inlichtingen aan de provincie of de daartoe aangewezen ambtenaar, voor zover nodig voor de vaststelling.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Flexibele inzet versnelling Zeeuwse woningbouwopgave. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Gedeputeerde staten van Zeeland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.