Uitvoering gebiedsplan Fryslân
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Uitvoering gebiedsplan Fryslân?
Deze subsidie is voor samenwerkingsverbanden die in de provincie Fryslân een gebiedsplan uitvoeren gericht op landbouw, klimaat, natuur en de leefomgeving. Je krijgt geld voor concrete maatregelen op het gebied van waterkwaliteit en -kwantiteit, biodiversiteit en natuurherstel, duurzame landbouw, gezonde bodems, stikstofreductie, landschap en cultuurhistorie, brede welvaart en kavelruil.
De subsidie is bedoeld voor samenwerkingsverbanden van minimaal twee partners, waarvan tenminste één landbouwer. Overheden mogen wel deelnemen maar niet de aanvraag indienen (geen penvoerder). Je krijgt tussen € 600.000 en € 2.300.000, met een subsidiepercentage dat afhangt van het type investering: 40%, 70%, 80% of 100% van de subsidiabele kosten.
Let op: deze subsidie is op dit moment niet meer aan te vragen. Het resterende budget staat op € 0. Vraag je in de toekomst een vergelijkbare regeling aan, dan doe je dat via het GLB-webportaal van SNN.
Belangrijk om te weten voordat je aan een aanvraag begint: het loket organiseerde voorafgaand aan de aanvraagperiode vrijwillige pitchbijeenkomsten waarin je je plan kon voorleggen aan een adviescommissie en feedback kon ophalen. Een aanvraag moest daarnaast minimaal 54 punten scoren op een set beoordelingscriteria om voor subsidie in aanmerking te komen. Ook golden er strikte regels over welke niet-productieve investeringen subsidiabel waren: die moesten voorkomen op een vaste maatregelenlijst met per maatregel een eigen geografische begrenzing.
Wie komt in aanmerking voor de Uitvoering gebiedsplan Fryslân?
Je komt alleen in aanmerking als je aan een aantal harde eisen voldoet. Wie hieraan niet voldoet, valt automatisch af, ongeacht de kwaliteit van het plan.
Samenwerkingsverband verplicht
Je vraagt niet alleen aan. Er moet een samenwerkingsverband zijn van minimaal twee partijen, waarvan tenminste één landbouwer. Een aanvraag van een individuele partij zonder samenwerking wordt geweigerd.
Overheden mogen geen penvoerder zijn
Provincies, waterschappen en gemeenten kunnen wel meedoen als deelnemer in het samenwerkingsverband, maar mogen niet de penvoerder (indiener/aanvrager) zijn. De penvoerder moet gemachtigd zijn door alle deelnemers.
Extra eis bij kennisoverdracht
Maakt het gebiedsplan gebruik van bijeenkomsten voor kennisoverdracht, dan moet het samenwerkingsverband ook minstens één kennisaanbieder bevatten.
Locatie
De uitvoering van het project moet plaatsvinden in de provincie Fryslân.
Minimum- en maximumbedrag
De aanvraag moet uitkomen op minimaal € 600.000 en maximaal € 2.300.000 aan subsidie. Blijkt bij de beoordeling dat de subsidie onder € 600.000 uitkomt, dan wordt de aanvraag geweigerd.
Minimaal 54 punten
Een aanvraag die op basis van de selectiecriteria minder dan 54 punten (van de 90 te behalen punten) scoort, wordt niet gehonoreerd. Dit is een harde ondergrens, los van de vraag of er nog budget is.
Geen herhaling van een bestaande samenwerking
Is er al een samenwerkingsverband dat eerder subsidie kreeg, dan komt een nieuwe aanvraag alleen in aanmerking als de activiteit nieuw is voor die samenwerking. Een aanvraag voor iets wat de samenwerking al eerder deed, wordt geweigerd.
Aanvraag binnen de openstellingsperiode
De aanvraag moest zijn ingediend van 31 juli 2025, 9:00 uur tot en met 30 januari 2026, 17:00 uur, via het webportaal van SNN. Een aanvraag buiten deze periode wordt geweigerd. Het loket meldt dat aanvragen inmiddels niet meer mogelijk is en het resterend budget € 0 bedraagt.
Niet-productieve investeringen alleen van de maatregelenlijst
Wil je subsidie voor niet-productieve investeringen (op landbouw- of niet-landbouwbedrijven), dan moet de investering voorkomen op de vaste maatregelenlijst (Bijlage 1) én binnen de daarbij aangegeven geografische begrenzing vallen. Past je maatregel daar niet in, dan komt die niet voor subsidie in aanmerking.
Overige algemene weigeringsgronden
Verder geldt onder meer dat je subsidie wordt geweigerd als je al vóór de aanvraag met de uitvoering bent gestart, als je voor dezelfde kosten al subsidie van een ander bestuursorgaan hebt gekregen boven het toegestane maximum, of als je onderneming in moeilijkheden verkeert volgens de Europese staatssteunregels.
Hoeveel subsidie krijg je?
De subsidie bedraagt minimaal € 600.000 en maximaal € 2.300.000 per aanvraag. Het subsidiepercentage varieert van 40% tot 100% van de subsidiabele kosten, afhankelijk van het type investering of activiteit:
- 40% van de kosten voor productieve investeringen groen-blauw of dierenwelzijn.
- 100% van de kosten voor niet-productieve investeringen op landbouwbedrijven die niet gericht zijn op het watersysteem.
- 70% van de kosten voor niet-productieve investeringen op landbouwbedrijven die wel gericht zijn op het watersysteem.
- 100% van de kosten voor niet-productieve investeringen op niet-landbouwbedrijven die niet alleen bijdragen aan waterkwantiteit.
- 70% van de kosten voor niet-productieve investeringen op niet-landbouwbedrijven die alleen bijdragen aan waterkwantiteit.
- 80% van de kosten voor bijeenkomsten voor kennisoverdracht.
- 100% van de kosten voor voorbereiding en uitvoering van ruilverkaveling (kavelruil).
- 100% van de kosten voor het ontwikkelen of beproeven van innovaties, voor zover het geen investeringen in bedrijfsmiddelen betreft. Gaat het om investeringen in bedrijfsmiddelen die deel uitmaken van het ontwikkelen of beproeven van innovaties, dan geldt 40%.
- 100% van de kosten voor draagvlakontwikkeling of samenwerkingsactiviteiten.
Plafond voor kavelruil en draagvlak/samenwerking
De kosten voor voorbereiding en uitvoering van kavelruil samen met draagvlakontwikkeling of samenwerkingsactiviteiten mogen samen niet meer bedragen dan 25% van de totale subsidie. Minimaal 75% van de subsidie moet dus gaan naar de overige activiteiten (productieve en niet-productieve investeringen, kennisoverdracht en innovatie).
Watermaatregelen: 70% of 100%
Bij investeringen in het watersysteem bepaalt de mate waarin de maatregel invloed heeft op de beschikbaarheid van water of je 70% of 100% subsidie krijgt. De adviescommissie toetst dit aan de hand van de toelichting die je hierover in je aanvraag geeft.
Voorschot en deelbetalingen
Je kunt een voorschot krijgen van maximaal 50% van de verleende subsidie; dit percentage kan later niet meer worden aangepast. Eén keer per kalenderjaar kun je een deelbetaling aanvragen. Voorschot en deelbetalingen samen bedragen maximaal 90% van de verleende subsidie.
Kosten van derden, loonkosten of legeskosten worden verrekend als onderdeel van de subsidiabele kosten tegen het percentage dat bij de betreffende activiteit hoort.</tekst> </invoke>
Wat zijn de voorwaarden van de Uitvoering gebiedsplan Fryslân?
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- Aanvragen worden op volgorde van score gehonoreerd, dus niet op volgorde van binnenkomst. Bij een gelijke score en een dreigende overschrijding van het subsidieplafond geldt een prioriteringsvolgorde: 1) draagvlak, 2) effectiviteit, 3) urgentie, 4) efficiëntie, 5) diversiteit van partijen, 6) ambitie, 7) haalbaarheid. Zijn aanvragen dan nog gelijk, dan bepaalt loting de volgorde.
Wat je moet doen na toekenning
| Verplichting | Wanneer |
|---|---|
| Na subsidieverlening gelden diverse verplichtingen. Je moet de vaststelling aanvragen binnen drie jaar na de datum van subsidieverlening, of eerder als dat volgt uit de deadline van 31 december 2028. Voortgangsverslagen, deelbetalingsverzoeken en het inhoudelijk verslag moeten een opgave van de gerealiseerde resultaten bevatten. Neem je activiteiten op voor het ontwikkelen of beproeven van innovaties, dan ben je verplicht de opgedane kennis en resultaten tijdens de uitvoering openbaar te maken via het Nationale en Europese EIP-netwerk. Bij kavelruil moet rekening worden gehouden met artikel 12.47 van de Omgevingswet. Vrijkomende grond mag niet leiden tot demping van sloten of greppels elders. | binnen drie jaar na de datum van subsidieverlening |
Beoordeling door adviescommissie
Aanvragen die aan de knock-outeisen voldoen, worden door een adviescommissie gescoord en gerangschikt op zeven criteria. Per criterium zijn 0 tot 5 punten te behalen, vermenigvuldigd met een wegingsfactor:
- Ambitie van het plan ten aanzien van de te realiseren gebiedsdoelen (wegingsfactor 2, max. 10 punten). Gekeken wordt onder meer of het plan past binnen provinciale en gemeentelijke omgevingsvisies en -plannen, of relevante beleidsdoelen integraal worden meegenomen en of er nieuwe elementen in het gebiedsproces zitten.
- Diversiteit van de partijen en aantal samenwerkende partijen (wegingsfactor 2, max. 10 punten). Doen alle relevante gebiedspartijen mee, steunen overheden het plan (ook financieel), en sluiten de partijen qua expertise aan bij de activiteiten?
- Draagvlak voor het gebiedsplan (wegingsfactor 4, max. 20 punten). Zijn er voldoende landbouwers en financierende partijen die het plan steunen, hoe blijkt de bereidheid tot langdurige samenwerking, en zijn alle relevante stakeholders betrokken?
- Effectiviteit van de activiteit (wegingsfactor 4, max. 20 punten). Zijn doelen concreet gemaakt in een nulmeting en streefbeeld, zijn de gebiedsdoelen goed uitgewerkt naar activiteiten, en zijn eventuele negatieve neveneffecten en de aanpak daarvan inzichtelijk?
- Efficiëntie van uitvoering van de activiteit (wegingsfactor 2, max. 10 punten). Heeft de penvoerder voldoende inhoudelijke en financiële expertise en draagkracht, en staan de kosten in verhouding tot de opbrengsten?
- Haalbaarheid van de activiteit (wegingsfactor 1, max. 5 punten). Is de samenwerking goed georganiseerd met een werkkader, is er ruimte voor een lerende aanpak, wordt er met risicoanalyses gewerkt, is er een plan voor structurele inbedding na afloop, en worden benodigde vergunningen naar verwachting verleend?
- Mate van urgentie van de activiteit (wegingsfactor 3, max. 15 punten). Is er sprake van een noodzakelijke opgave voor klimaat, water, landschap, natuur of biodiversiteit die binnen een bepaalde termijn moet worden opgepakt?
Maximaal zijn 90 punten te behalen. Je hebt minimaal 54 punten nodig (60% van het maximum) om überhaupt voor subsidie in aanmerking te komen.
Extra onderbouwing bij specifieke maatregelen
Voor maatregelen uit de maatregelenlijst (Bijlage 1) gelden aanvullende inhoudelijke eisen in de aanvraag zelf, zoals een onderbouwing van noodzakelijk grondwerk, een toelichting op het gebruik van inheems zaai- en plantmateriaal, een archeologische onderbouwing bij bepaalde maatregelen (pingoruïnes, dobben, sloten rond terpen, omgrachting), en een toelichting of watermaatregelen 70% of 100% subsidie krijgen.
Voor niet-productieve investeringen geldt een instandhoudingsverplichting van tien jaar vanaf de vaststellingsbrief, met uitzondering van maatregel 2 (akker-, grasland- en struweelranden), waarvoor drie jaar geldt. Bij maatregel 2 geldt bovendien een verplichte spuitvrije bufferzone van minimaal 50 meter gedurende de instandhoudingsperiode. Bij maatregel 11 (historische paden) moet het pad minimaal gedurende de instandhoudingstermijn openstaan voor wandelaars, met uitzondering van beperkingen tijdens het broedseizoen.
Hoe vraag je de Uitvoering gebiedsplan Fryslân aan?
Stap 1: verkennen en optioneel pitchen (vrijwillig)
Voordat je een volledige aanvraag indient, kun je gebruikmaken van pitchbijeenkomsten om te toetsen of je gebiedsplan kans maakt. Dit is niet verplicht en staat los van de daadwerkelijke aanvraag. Aanmelden voor de pitches moest vóór dinsdag 23 september via het aanmeldformulier, met opgave van drie voorkeursdata. Uiterlijk 24 september kreeg je te horen bij welke bijeenkomst je terecht kon. Ter voorbereiding werd gevraagd een 2-pager in te sturen (nadere toelichting hierop stond in de bevestigingsmail).
Stap 2: eventueel eerst een planvormingstraject
Je kunt eerst een samenwerkingsverband opzetten en een gebiedsplan opstellen via de openstelling voor planvorming, maar dit is niet verplicht. Heeft je samenwerkingsverband al een plan dat past binnen de voorwaarden, dan kun je direct een aanvraag voor uitvoering indienen.
Stap 3: aanvraag indienen
De aanvraag werd ingediend bij Gedeputeerde Staten van Fryslân via het webportaal van SNN, bereikbaar via het GLB-webportaal (https://www.glb-webportal.nl/mijn/LoginPage). De aanvraagperiode liep van 31 juli 2025, 9:00 uur tot en met 30 januari 2026, 17:00 uur. Een aanvraag is tijdig als deze binnen deze periode door SNN is ontvangen. Aanvragen is op dit moment niet meer mogelijk.
Verplichte documenten bij de aanvraag
- Een volledig ingevuld projectplan conform het format van SNN, ondertekend/ingediend door de penvoerder namens het samenwerkingsverband.
- Een begroting voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, met een toelichting bijvoorbeeld via offertes, een SSK-raming of een kostenoverzicht op basis van de Catalogus Groenblauwe Diensten.
- Een sluitend financieringsplan, inclusief een opgave van subsidies of vergoedingen die voor dezelfde activiteiten al bij andere bestuursorganen, private organisaties of personen zijn aangevraagd, met de stand van zaken daarvan.
- Een integraal gebiedsplan, bestaande uit: een beschrijving van de afbakening, analyse en uitdagingen van het gebied; een uitwerking van de beoogde activiteiten; aangetoond draagvlak uit het gebied (bijvoorbeeld via handtekeningen of andere documentatie); een beschrijving van de betrokken partijen; een beschrijving van de organisatiestructuur van het samenwerkingsverband; een beschrijving van belanghebbenden en de relatie daarmee; een beschrijving van de wijze van monitoring en evaluatie; en een beschrijving van de wijze van rapportage over de resultaten.
- Een samenwerkingsovereenkomst, door alle deelnemende partijen ondertekend, waaruit blijkt dat de penvoerder is aangewezen om de aanvraag in te dienen en de betaling te ontvangen, plus de verdeling van verantwoordelijkheden, bevoegdheden en financiële verplichtingen (baten en lasten) tussen de deelnemers. Het format hiervoor staat op de website van SNN bij de betreffende openstelling onder 'aanvraag voorbereiden' - documenten - 'Format samenwerkingsovereenkomst'.
- Voor btw-plichtige aanvragers: het btw- of fiscaal identificatienummer van de aanvrager en, indien van toepassing, van iedere deelnemer aan het samenwerkingsverband.
- Indien de activiteit waarschijnlijk negatieve omgevingseffecten heeft: een omschrijving van de benodigde vergunningen waarin die effecten worden getoetst.
- Bij maatregelen uit de maatregelenlijst (Bijlage 1): extra onderbouwingen, zoals een toelichting op grondwerk, gebruik van inheems zaai- en plantmateriaal, en (bij specifieke maatregelen) een archeologische onderbouwing.
Duurt de uitvoering langer dan één jaar, dan voeg je ook een meerjarenbegroting met declaratieplanning per jaar en een fasenoverzicht toe.
Welke vergunningen nodig zijn, verschilt per maatregel en locatie (denk aan stikstof-, ontgrondings-, omgevings- of waterschapsvergunning). Controleer zelf welke vergunningen en doorlooptijden voor jouw project nodig zijn.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Beoordeling
Aanvragen die voldoen aan de knock-outeisen worden door een adviescommissie gescoord en gerangschikt op de zeven selectiecriteria (ambitie, diversiteit, draagvlak, effectiviteit, efficiëntie, haalbaarheid en urgentie). De adviescommissie toetst bij watermaatregelen op landbouwgronden ook specifiek of 70% of 100% subsidie van toepassing is, op basis van de door jou aangeleverde toelichting over de invloed op de beschikbaarheid van water. Gedeputeerde Staten beslissen binnen 22 weken na afloop van de aanvraagperiode.
Uitbetaling: voorschot
Na subsidieverlening kun je een voorschot aanvragen van maximaal 50% van de verleende subsidie. Dit percentage kan achteraf niet meer worden gewijzigd.
Uitbetaling: deelbetaling
Eén keer per kalenderjaar kun je een aanvraag voor een deelbetaling indienen. Voorschot en deelbetalingen samen bedragen maximaal 90% van de verleende subsidie.
Vaststelling
De aanvraag tot vaststelling moet worden ingediend binnen drie jaar na de datum van subsidieverlening, of eerder als dat volgt uit de uiterste datum van 31 december 2028. Bij de aanvraag tot vaststelling toon je door middel van een inhoudelijk en financieel verslag aan dat de activiteiten zijn uitgevoerd en dat aan de verplichtingen is voldaan. De verantwoording vindt plaats op basis van daadwerkelijk gerealiseerde kosten.
Rapportageverplichtingen tijdens de looptijd
Voortgangsverslagen, deelbetalingsverzoeken en het inhoudelijk verslag moeten een opgave van de gerealiseerde resultaten bevatten. Ook rapporteer je over het aantal personen dat baat heeft gehad bij het gebiedsplan, zoals deelname aan advies, opleiding, kennisuitwisseling of de EIP-groep.
Overige verplichtingen tijdens de looptijd
Neem je in het gebiedsplan activiteiten op voor het ontwikkelen of beproeven van innovaties, dan moet je de opgedane kennis en resultaten tijdens de uitvoering delen via het Nationale en Europese EIP-netwerk. Bij kavelruil moet rekening worden gehouden met artikel 12.47 van de Omgevingswet. Vrijkomende grond mag nergens leiden tot demping van sloten of greppels elders.
Voor niet-productieve investeringen geldt een instandhoudingsverplichting van tien jaar na de vaststellingsbrief (drie jaar voor maatregel 2, akker-, grasland- en struweelranden). Bij maatregel 2 geldt gedurende die periode een spuitvrije bufferzone van minimaal 50 meter. Bij maatregel 11 (historische paden) moet het pad minimaal gedurende de instandhoudingstermijn open blijven voor wandelaars, met uitzondering van eventuele beperkingen tijdens het broedseizoen; het Recreatieschap mag hier markeringen plaatsen en onderhouden.
Ook moet je onverwijld melden aan Gedeputeerde Staten als een verzoek tot schuldsanering, surseance van betaling of faillissement wordt ingediend voor de subsidieontvanger of, bij een samenwerkingsverband, voor een deelnemer. Hetzelfde geldt zodra aannemelijk is dat de activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel worden verricht, of niet aan de verplichtingen zal worden voldaan.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 14 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Begrotingsformat GLB uitvoering gebiedsontwikkelingDownloadExcel · 5 pagina's
- Format projectplan gebiedsontwikkeling uitvoeringDownloadWord · 4 pagina's
- Format samenwerkingsovereenkomst GLB 23-27DownloadWord · 2 pagina's
- Handleiding GLB webportalDownloadPDF · 21 pagina's
- Mkb-VerklaringDownloadPDF · 2 pagina's
En nog 6 andere bestanden in het dossier.
Veelgestelde vragen over de Uitvoering gebiedsplan Fryslân
Wie kan subsidie aanvragen voor de uitvoering van een gebiedsplan in Fryslân?
De subsidie is bedoeld voor een samenwerkingsverband met minimaal 2 partners, waarvan tenminste één partner landbouwer is. Initiatiefnemers kunnen landbouwers, grondeigenaren, grondgebruikers, landbouworganisaties, natuur- en landschapsorganisaties, provincies, waterschappen, gemeenten of overige natuurlijke- of rechtspersonen zijn. Overheden kunnen geen penvoerder zijn, maar wel deelnemer in het samenwerkingsverband.
Hoe hoog is de subsidie die ik maximaal kan aanvragen?
De hoogte van de subsidie bedraagt minimaal €600.000 en maximaal €2.300.000.
Welk subsidiepercentage geldt voor mijn investering?
Het subsidiepercentage is afhankelijk van het type investering en bedraagt 40%, 70%, 80% of 100%. Bekijk hiervoor artikel 7 van het openstellingsbesluit.
Voor welke kosten kan ik subsidie ontvangen?
Je kunt subsidie ontvangen voor loonkosten inclusief overheadkosten, eigen arbeid inclusief overheadkosten, legeskosten en kosten van derden.
Is het nog mogelijk om een aanvraag in te dienen?
Nee, de status is 'Aanvragen niet meer mogelijk' en het resterend budget is €0.
Waar moet de uitvoering van mijn project plaatsvinden?
De uitvoering van het project moet plaatsvinden in de provincie Fryslân.
Wat zijn de eisen aan het samenwerkingsverband?
Een samenwerkingsverband bestaat minimaal uit twee partijen, waarvan tenminste één landbouwer. Overheden kunnen deelnemen maar niet als penvoerder. Als bijeenkomsten voor kennisoverdracht onderdeel uitmaken van het gebiedsplan, moet het samenwerkingsverband ook uit tenminste één kennisaanbieder bestaan.
Hoeveel punten moet mijn aanvraag minimaal behalen?
Een aanvraag moet op basis van de gestelde criteria minimaal 54 punten behalen om voor subsidie in aanmerking te komen.
Hoe vaak kan ik een deelbetaling aanvragen?
Eén keer per kalenderjaar kan een aanvraag voor een deelbetaling worden ingediend.
Hoeveel voorschot kan ik krijgen?
Een voorschot bedraagt 50% van de verleende subsidie. Het maximale voorschot inclusief deelbetalingen is 90% van de verleende subsidie.
Wat is de maximale uitvoeringsperiode van mijn project?
De uitvoeringsperiode is maximaal 3 jaar.
Moet ik de resultaten van mijn project delen?
Ja, projectresultaten moeten gedeeld worden via het EIP-netwerk.
Wat is er veranderd in de nieuwe versie van de regeling ten opzichte van 2024?
Voorheen mocht maximaal 25% van de subsidie gaan naar kennisoverdracht, innovatie, ruilverkaveling en draagvlakontwikkeling. Nu vallen alleen ruilverkaveling en draagvlakontwikkeling nog onder deze 25%-grens, waardoor kennis en innovatie ruimer ingezet mogen worden. Daarnaast is er een maatregelenlijst opgesteld voor niet-productieve investeringen, die geldt voor zowel landbouwbedrijven als niet-landbouwbedrijven.
Kan ik me voorbereiden op mijn aanvraag door mijn plan te pitchen?
Ja, je kunt je aanmelden voor een pitchbijeenkomst in oktober om je gebiedsplan te presenteren aan de adviescommissie, andere initiatiefnemers en inhoudelijke experts en mondelinge feedback te ontvangen. Deelname is vrijwillig en niet verplicht voor het indienen van een volledige aanvraag.
Hoe meld ik me aan voor een pitchbijeenkomst?
Je meldt je aan vóór dinsdag 23 september via het aanmeldformulier en geeft daarbij drie voorkeuren voor data op (1e, 2e en 3e voorkeur). Uiterlijk 24 september hoor je welke bijeenkomst je kunt bijwonen. Ter voorbereiding wordt gevraagd een 2-pager in te sturen.
Welke kosten komen niet voor subsidie in aanmerking?
Niet-subsidiabel zijn onder meer kosten van investeringen van €2.000.000 of meer in aanleg/verbetering van infrastructuur (behalve investeringen in het watersysteem gericht op waterkwaliteit), afvoer- en stortkosten van vrijkomende grond, puin of bagger, het aanleggen van kruidenrijkgrasland dat niet aansluit bij de bemesting in het verleden en het bemestingsplan, en plant- en zaaigoed dat niet inheems of autochtoon is.
Wat moet mijn aanvraag bevatten als ik niet-productieve investeringen uit de maatregelenlijst wil doen?
Je aanvraag moet onder meer een onderbouwing van de noodzaak van grond- en bodembewerking bevatten, een toelichting op combinatie van doelstellingen, een beschrijving van het gebruikte zaai- en plantmateriaal, en indien van toepassing een archeologische onderbouwing en een toelichting op de watermaatregelen. Ook mag grondwerk niet leiden tot demping van sloten of greppels elders.
Hoe lang moet ik niet-productieve investeringen in stand houden?
De subsidieontvanger is verplicht de niet-productieve investeringen tien jaar in stand te houden vanaf het moment van de vaststellingsbrief, met uitzondering van maatregel 2 (akker-, grasland- en/of struweelranden) waarvoor de instandhoudingsverplichting minimaal drie jaar bedraagt.
Welke verplichting geldt er bij maatregel 2 (akker-, grasland- of struweelranden)?
Bij maatregel 2 geldt een verplichte (spuit)vrije bufferzone van minimaal 50 meter waarin geen gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast gedurende de instandhoudingsperiode, ook als het naastgelegen perceel van een andere eigenaar of beheerder is. Ook mag geen behandeld zaai- en plantmateriaal worden toegepast in deze zone.
Moet een herstelde historisch pad toegankelijk blijven voor wandelaars?
Ja, voor de duur van minimaal de instandhoudingstermijn moet het herstelde pad onder maatregel 11 opengesteld zijn voor wandelaars, met uitzondering van eventuele beperkingen tijdens het broedseizoen. Het Recreatieschap mag langs het pad markeringen plaatsen en onderhouden.
Waar vind ik meer informatie over welke watermaatregelen op mijn projectlocatie zijn toegestaan?
Je kunt de Kaart watermaatregelen GLB-NSP Herstel en inrichting van het cultuurlandschap op landbouwgronden 2025 gebruiken. Daarop zoek je je projectlocatie op en zie je in welk waterhuishoudkundig gebied en bodemtype je je bevindt en welke maatregelen daar zijn toegestaan.
Welke selectiecriteria worden gebruikt om aanvragen te rangschikken?
Aanvragen worden gerangschikt op basis van de criteria: ambitie van het plan, diversiteit van de partijen, draagvlak voor het gebiedsplan, effectiviteit van de activiteit, efficiëntie van uitvoering, haalbaarheid van de activiteit en mate van urgentie. Elk criterium heeft een eigen wegingsfactor en er zijn maximaal 90 punten te behalen.
Welke vergunningen kan ik nodig hebben voor mijn project?
Benodigde vergunningen variëren per maatregel en locatie. Denk bijvoorbeeld aan een stikstof-, ontgrondings-, omgevings- of waterschapsvergunning. Deze voorbeelden zijn niet limitatief, dus controleer goed welke vergunningen en doorlooptijden voor jouw project nodig zijn.
Kan ik eerst een samenwerkingsverband opzetten en een gebiedsplan opstellen voordat ik deze subsidie aanvraag?
Ja, dat kan via de openstelling 'Steun voor planvorming van integrale gebiedsontwikkeling', maar dit is niet verplicht. Als een samenwerkingsverband al bestaat en een passend plan heeft, kan direct een aanvraag voor deze uitvoeringsopenstelling worden ingediend.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Uitvoering gebiedsplan Fryslân. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Uitvoering gebiedsplan Fryslânsnn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.