Subsidie Zeeland in Stroomversnelling
Provincie Zeeland
Wat is de Subsidie Zeeland in Stroomversnelling?
Subsidie Zeeland in Stroomversnelling is bedoeld om de Zeeuwse economie structureel te versterken via innovatieprojecten. De regeling richt zich op consortia (netwerken van minimaal drie partijen, waaronder minstens één onderneming en één kennispartner) die samen een project uitvoeren dat bijdraagt aan één van vier thema's: Energie, Grondstoffen, Klimaat, of Landbouw en voeding. De vraag van de ondernemer staat daarbij centraal.
Er zijn twee varianten met eigen bedragen en voorwaarden. Voor haalbaarheidsstudies en verkenningen krijg je maximaal 50% van de totale kosten met een bovengrens van € 50.000 per project. Voor demonstratieprojecten en pilots krijg je maximaal 40% van de totale kosten met een bovengrens van € 200.000 per project.
Aanvragen kan alleen tijdens een openstellingsperiode. Op dit moment is aanvragen niet mogelijk; de volgende opening loopt van 27 februari 2026 (9.00 uur) tot 19 juni 2026 (17.00 uur). Beschikking volgt in september 2026. Een volledige aanvraag bestaat uit een aanvraagformulier, een projectplan, een meerjarenbegroting en een de-minimisverklaring; bij een demonstratieproject komt daar een instemmingsverklaring van alle consortiumpartners bij.
De beoordeling gebeurt via een tenderprocedure: aanvragen worden onderling met elkaar vergeleken en niet simpelweg op volgorde van binnenkomst gehonoreerd. Impuls Zeeland begeleidt aanvragers en beoordeelt vooraf projectideeën en conceptplannen op de kaders van de regeling. Op 26 februari 2026 is er een informatiemiddag bij Dockwize in Vlissingen.
Wie komt in aanmerking voor de Subsidie Zeeland in Stroomversnelling?
Deze regeling stelt een aantal harde eisen. Voldoe je er niet aan, dan wordt je aanvraag afgewezen zonder dat er inhoudelijk naar wordt gekeken.
Je vraagt aan met een consortium, niet alleen
Subsidie kan alleen worden aangevraagd door een consortium: een samenwerking van minimaal drie partijen, waaronder ten minste één onderneming en één kennispartner. Een individuele ondernemer of organisatie kan dus niet zelfstandig aanvragen. Heeft het consortium geen eigen rechtspersoonlijkheid, dan wordt de subsidie verstrekt aan één van de deelnemende partijen, en moeten alle consortiumpartners instemmen met het project (bij een demonstratieproject gebeurt dit met een instemmingsverklaring die alle partners tekenen).
Vestiging in Zeeland
De aanvrager vanuit het consortium moet in Zeeland gevestigd zijn. Ook moet de aanvrager ten minste op Zeeuws regionaal niveau acteren.
Project moet bij een thema passen
Het project moet bijdragen aan minstens één van de vier thema's uit de Regionale Innovatie Strategie (RIS3 Zuid-Nederland 2021-2027): Energie, Grondstoffen, Klimaat, of Landbouw en voeding. Projecten die aansluiten bij een van de benoemde prioriteiten binnen deze thema's krijgen een voordeel bij de beoordeling, maar dat is geen knock-outeis; het gaat om een extra kans.
Resultaten moeten (overwegend) ten goede komen aan Zeeland
De activiteit moet overwegend ten goede komen aan Zeeland. Ook moeten de projectresultaten openbaar zijn en breed worden verspreid onder (Zeeuwse) ondernemingen en instellingen die geen deel uitmaken van het consortium.
Geen reguliere bedrijfsvoering
De activiteit mag niet behoren tot de reguliere bedrijfsvoering van de aanvrager. Alleen specifieke projectkosten komen in aanmerking; kosten voor reguliere bedrijfsvoering vallen buiten de regeling.
Geen ondernemingen in moeilijkheden
De aanvrager mag geen "onderneming in moeilijkheden" zijn zoals gedefinieerd in de Algemene groepsvrijstellingsverordening. Ook wordt subsidie geweigerd als de subsidie geen stimulerend effect heeft (dat wil zeggen: als het project ook zonder subsidie op dezelfde manier zou worden uitgevoerd).
Niet al gestart
Zoals bij subsidies vaker het geval is, moet de activiteit nog niet zijn gerealiseerd op het moment van de aanvraag.
Status: gesloten, wacht op nieuwe opening
Belangrijk om nu te weten: het is momenteel niet mogelijk om subsidie aan te vragen. De volgende openstelling loopt van 27 februari 2026 tot 19 juni 2026. Het loket meldt dat er in het najaar (van het voorgaande jaar) een nieuwe brede openstelling volgt. Wie nu een projectidee heeft, doet er goed aan zich alvast bij Impuls Zeeland te melden; conceptplannen worden namelijk voorafgaand aan indiening beoordeeld.
Waarvoor krijg je subsidie?
De regeling vergoedt alleen kosten die rechtstreeks en aantoonbaar toe te rekenen zijn aan de projectactiviteiten. Kosten voor de reguliere bedrijfsvoering van je organisatie komen nooit in aanmerking, ook niet als ze zijdelings met het project te maken hebben.
Algemene regel voor subsidiabele kosten
Volgens het Algemeen Subsidiebesluit Zeeland 2023 zijn kosten subsidiabel als ze noodzakelijk zijn voor de activiteit en aantoonbaar rechtstreeks aan die activiteit zijn toe te rekenen. BTW die je kunt terugvorderen of op een andere manier terugkrijgt, komt niet voor subsidie in aanmerking.
Personeelskosten
Personeelskosten zijn subsidiabel als je een door de accountant controleerbare urenadministratie bijhoudt waaruit blijkt welke uren aan het project zijn besteed. Het uurtarief bedraagt maximaal 1,2 procent van het bruto maandsalaris van de betreffende medewerker. In dit tarief zitten al verwerkt: vakantiegeld, bijzondere uitkeringen, werkgeverslasten, feestdagen, verlof, improductieve uren en overige directe of indirecte personeelskosten. Werk je in deeltijd, dan wordt je salaris eerst omgerekend naar een voltijds maandsalaris. Het totale subsidiabele bedrag aan personeelskosten kan nooit hoger zijn dan wat je in de begroting had opgenomen. Gedeputeerde staten kunnen op een schriftelijk gemotiveerd verzoek van jou besluiten om van deze rekensystematiek af te wijken.
Kosten van derden (externe inhuur)
Kosten die je aan een derde partij verschuldigd bent, komen in aanmerking als ze:
- aantoonbaar verschuldigd zijn aan die derde,
- rechtstreeks aan de subsidiabele activiteit zijn toe te rekenen,
- doelmatig zijn,
- betrekking hebben op activiteiten die binnen de subsidieperiode zijn uitgevoerd, en
- een uurtarief hebben dat niet hoger is dan de norm uit de Wet normering topinkomens, gedeeld door 1.600.
Ook hier geldt: op schriftelijk gemotiveerd verzoek kunnen gedeputeerde staten van dit maximale uurtarief afwijken.
Wat je concreet mag indienen als kosten binnen het project
Het projectplanformat geeft aan dat de begroting sluitend moet zijn en per kostensoort en per deelnemer moet worden opgesteld. Voor de precieze indeling van kostensoorten geldt het Algemeen Subsidiebesluit Zeeland 2023 (hoofdstuk 1, met de bijzondere bepalingen in hoofdstuk 17 voor deze regeling specifiek). Het format voor de meerjarenbegroting is als apart Excel-bestand te downloaden en dient te worden gebruikt om de kosten per kostensoort en per consortiumpartner te specificeren.
Twee typen projecten, met elk een eigen kostenkader
Voor *haalbaarheidsstudies en verkenningen* geldt: alleen specifieke projectkosten die passen bij het onderzoeken en toetsen van kansrijke ontwikkelingen komen in aanmerking. Denk aan de kosten die je maakt om te onderzoeken of een nieuwe technologie of aanpak kansen biedt voor de Zeeuwse sectoren, eventueel in samenwerking met andere regio's.
Voor *demonstratieprojecten en pilots* geldt: het gaat om kosten voor prototyping, demonstraties, pilotontwikkeling, testen en validatie van nieuwe of verbeterde producten, processen of diensten in een omgeving die representatief is voor het toekomstige gebruik. De officiële definitie hiervoor staat in artikel 2, onder 86, van de Algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV).
Wat expliciet is uitgesloten
- Kosten voor reguliere bedrijfsvoering van de aanvrager of consortiumpartners.
- Bij demonstratieprojecten: routinematige of periodieke wijzigingen van bestaande producten, processen, diensten en activiteiten. Dit geldt ook als die wijzigingen op zichzelf verbeteringen zijn; ze vallen alsnog buiten de definitie van een demonstratieproject en zijn dus niet subsidiabel.
Let op bij het opstellen van je begroting
Alleen de noodzakelijke kosten die aantoonbaar en rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de projectactiviteiten zijn subsidiabel. Zorg dus dat je in je begroting per kostenpost kunt onderbouwen waarom die kosten nodig zijn voor precies dít project, en niet voor de lopende bedrijfsvoering van een van de consortiumpartners. Dat onderscheid is belangrijk omdat het ook een rol speelt bij de beoordeling: de deskundigencommissie kijkt namelijk mede naar hoe helder en effectief de begroting is ingericht.
Hoeveel subsidie krijg je?
Het bedrag dat je kunt krijgen hangt af van welk type project je indient: een haalbaarheidsstudie/verkenning of een demonstratieproject/pilot.
Haalbaarheidsstudies en verkenningen
Je krijgt maximaal 50% van de totale kosten van je project, met een maximum van € 50.000 per project. Het totaal beschikbare subsidiebedrag voor deze categorie is € 400.000. Dat betekent dat er bij deze categorie in totaal ruimte is voor circa 8 volledig gehonoreerde projecten op het maximumbedrag, al hangt de daadwerkelijke verdeling af van de tenderprocedure en de kwaliteit van de ingediende aanvragen.
Demonstratieprojecten en pilots
Je krijgt maximaal 40% van de totale kosten van je project, met een maximum van € 200.000 per project. Het totaal beschikbare subsidiebedrag voor deze categorie is € 1.400.000.
De productpagina noemt voor demonstratieprojecten en pilots een totaalbudget van € 1.400.000, terwijl de factsheet voor deze categorie een totaalbudget van € 1.000.000 vermeldt. Het percentage (40%) en het maximum per project (€ 200.000) komen in beide bronnen overeen.
Wat het bedrag beïnvloedt
- Beide percentages (50% en 40%) zijn maxima: je krijgt nooit meer dan dat aandeel van je subsidiabele kosten vergoed, ook al zou het absolute maximumbedrag (€ 50.000 respectievelijk € 200.000) nog niet zijn bereikt.
- Alleen specifieke projectkosten zijn subsidiabel; kosten voor reguliere bedrijfsvoering tellen niet mee in de berekening.
- Omdat het om een tenderprocedure gaat, is er geen garantie dat je het gevraagde bedrag ook krijgt: aanvragen worden onderling afgewogen op kwaliteit, en bij een beperkt budget kan het zijn dat niet alle goedgekeurde aanvragen (volledig) worden gehonoreerd.
- Het subsidiebedrag wordt uiteindelijk vastgesteld op basis van de daadwerkelijk gemaakte, subsidiabele kosten en kan dus lager uitvallen dan het bedrag dat bij verlening is toegekend.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| Openstelling | 27 feb 2026 | 19 jun 2026 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Subsidie Zeeland in Stroomversnelling?
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- Beoordeling gebeurt via een tenderprocedure: een onafhankelijke deskundigencommissie beoordeelt de aanvragen en brengt een positief of negatief advies uit aan Gedeputeerde Staten. Aanvragen worden onderling tegen elkaar afgewogen, niet simpelweg op volgorde van binnenkomst gehonoreerd.
- *Bijstuurbaarheid, planning en opzet van het projectplan.* Is het plan logisch opgebouwd en haalbaar binnen de gestelde termijnen?
- *Objectieve en meetbare doelstelling.* Is helder omschreven wat je wilt bereiken en hoe je dat meet?
- *Heldere en effectieve begroting.* Is de begroting sluitend, transparant en logisch ingericht per kostensoort en per deelnemer?
- *Ambitie en kwaliteit van de activiteiten.* Zijn de activiteiten goed beschreven en tonen ze ambitie?
- *Logisch geheel van activiteiten.* Bestaat er een logisch onderling verband tussen de verschillende activiteiten binnen het project?
- *Onderbouwing van marktfalen.* Wordt overtuigend beargumenteerd waarom subsidie noodzakelijk is (dat het project zonder overheidssteun niet, niet op deze manier, of niet op deze termijn tot stand zou komen)?
- *Meerwaarde ten opzichte van bestaande ontwikkelingen.* Hoe verhoudt de innovatie zich tot bestaande of lopende producten, diensten of ontwikkelingen, en tot (inter)nationale ontwikkelingen binnen het innovatiegebied?
- *Bijdrage aan structuurversterking van de Zeeuwse economie.* Denk aan schaaleffect, impact op werkgelegenheid of toegevoegde waarde, en versterking van de Zeeuwse kennisbasis.
- *Kennisdeling.* Hoe worden de resultaten breed gedeeld zodat ze ook ten goede komen aan partijen buiten het consortium?
- *Innovativiteit.* Is de innovatie nieuw voor de sector, voor Nederland of voor Zeeland? Wat is het onderscheidende karakter ten opzichte van wat al op de markt is?
- *Economisch perspectief (alleen bij demonstratieprojecten).* Kwaliteit van de businesscase, kwaliteit van het consortium, economische spin-off en perspectief op opschaling. Is er geen sterke businesscase te maken, dan mag je ook vanuit een ecologisch, maatschappelijk of organisatorisch perspectief een goede case maken.
- *Extra voordeel:* aanvragen die aansluiten bij een specifiek benoemde prioriteit binnen een thema (bijvoorbeeld netcongestie, warmtetransitie, zoetwaterbeschikbaarheid) krijgen een voordeel bij de beoordeling ten opzichte van aanvragen die dat niet doen.
Wat je moet doen na toekenning
- Na toekenning gelden onder meer de volgende verplichtingen:
- Je start het project op tijd: voor haalbaarheidsstudies en demonstratieprojecten geldt dat het project uiterlijk 19 december 2026 moet zijn gestart (zes maanden na sluiting van de openstelling).
- Je rondt het project op tijd af: bij haalbaarheidsstudies uiterlijk 19 december 2027 (18 maanden na sluiting); bij demonstratieprojecten en pilots uiterlijk 19 december 2028 (30 maanden na sluiting).
- De projectresultaten moeten openbaar worden gemaakt en breed worden verspreid onder Zeeuwse ondernemingen en instellingen buiten het consortium.
- Je besteedt de subsidie niet in strijd met wettelijke verplichtingen die op je organisatie rusten.
- Je meldt onverwijld schriftelijk aan Gedeputeerde Staten zodra aannemelijk is dat de activiteit niet, niet tijdig of niet geheel wordt uitgevoerd, of dat je niet aan de subsidievoorwaarden zult voldoen.
- Bij activa die je met de subsidie hebt aangeschaft: die moeten beschikbaar blijven voor het doel waarvoor ze zijn aangeschaft, gedurende de hele economische gebruiksduur (bij een gebruiksduur van minder dan vijf jaar) of gedurende vijf jaar (bij een langere gebruiksduur).
- Je vermeldt de provincie Zeeland als subsidieverstrekker in je bekendmakingen en publiciteitsuitingen over het project, tenzij Gedeputeerde Staten hier gelet op de hoogte van het bedrag of de aard van de activiteit van afwijken.
- Je houdt een inzichtelijke financiële administratie bij en verleent op verzoek inzage aan Gedeputeerde Staten, een aangewezen ambtenaar of de accountant.
- Na afloop dien je een aanvraag tot vaststelling in met het prestatiebewijs en, afhankelijk van het subsidiebedrag, een financiële verantwoording (eventueel met accountantsverklaring).
Hoe vraag je de Subsidie Zeeland in Stroomversnelling aan?
Voorafgaand aan indiening: begeleiding door Impuls Zeeland
Voordat je een aanvraag indient, is het sterk aan te raden (en in de praktijk vrijwel noodzakelijk) om eerst contact te leggen met Impuls Zeeland, die de aanvragen voor deze regeling begeleidt. Zij toetsen een projectidee aan de kaders van de regeling, beoordelen de innovatie en checken of de juiste bedrijven en kennispartners zijn aangesloten. Ook conceptplannen worden door Impuls Zeeland beoordeeld voordat ze formeel worden ingediend. Neem hiervoor contact op met Yvonne Braamse (yvonnebraamse@impulszeeland.nl). Op 26 februari 2026 is er bovendien een informatiemiddag bij Dockwize in Vlissingen; aanmelden kan via een formulier op de loketpagina.
Stap 1: Aanvraagperiode
De volgende openstelling loopt van 27 februari 2026 (9.00 uur) tot 19 juni 2026 (17.00 uur). Buiten deze periode kun je niet aanvragen; op dit moment is het loket gesloten voor nieuwe aanvragen.
Stap 2: Documenten verzamelen en indienen
Een volledige aanvraag bestaat uit de volgende onderdelen:
- Aanvraagformulier: het digitale aanvraagformulier waarmee je de aanvraag officieel indient bij de provincie.
- Projectplan: hierin beschrijf je onder andere de samenstelling van het consortium, een samenvatting van het project (maximaal 5 zinnen), de huidige situatie en het probleem dat je aanpakt, de doelstelling, een uitgebreide projectbeschrijving, een activiteitenplanning met fasen, start- en einddata en beoogde resultaten per activiteit, de aansluiting bij een van de vier thema's, de bijdrage aan structuurversterking van de Zeeuwse economie, de kennisdelingsaanpak, de innovativiteit van het project en (alleen bij demonstratieprojecten) het economisch perspectief. Er is een format beschikbaar dat je kunt gebruiken maar niet verplicht is.
- Meerjarenbegroting: een sluitende begroting per kostensoort en per deelnemer. Hiervoor is een apart Excel-format beschikbaar op de website.
- De-minimisverklaring: een verklaring waarmee je aangeeft welke overheidssteun je al hebt ontvangen, relevant voor de Europese staatssteunregels.
- Instemmingsverklaring (alleen bij een demonstratieproject): een verklaring die alle consortiumpartners moeten tekenen om hun instemming met het project vast te leggen. Dit is met name van belang als het consortium geen eigen rechtspersoonlijkheid heeft; dan draagt het project sowieso de instemming van alle deelnemers.
Stap 3: Beoordeling
Na indiening beoordeelt een onafhankelijke deskundigencommissie je projectplan op de genoemde criteria (zie sectie Voorwaarden) en brengt advies uit aan Gedeputeerde Staten. De beoordeling verloopt via een tenderprocedure: ingediende aanvragen worden onderling met elkaar vergeleken, in plaats van simpelweg op volgorde van binnenkomst te worden gehonoreerd.
Stap 4: Beschikking
De beschikking op de aanvragen vindt plaats in september 2026.
Let op bij het opstellen van je aanvraag
Zorg dat je begroting per kostensoort en per deelnemer inzichtelijk is; dit is namelijk ook onderdeel van de kwaliteitsbeoordeling. Alleen kosten die aantoonbaar en rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de projectactiviteiten zijn subsidiabel, dus onderbouw dat helder in je begroting en toelichting.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Wie beoordeelt en hoe lang duurt het
Een onafhankelijke deskundigencommissie beoordeelt je projectplan op de vastgestelde criteria en brengt een positief of negatief advies uit aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Zeeland. Zij nemen vervolgens het besluit. De beschikking op alle aanvragen uit de openstellingsperiode van 27 februari tot 19 juni 2026 vindt plaats in september 2026. Omdat het om een tenderprocedure gaat, wordt jouw aanvraag niet apart en los van de andere beoordeeld, maar in samenhang: alle binnengekomen aanvragen worden onderling tegen elkaar afgewogen op kwaliteit.
Termijnen na toekenning
Als je subsidie krijgt toegekend, gelden strikte termijnen voor start en afronding van je project, gerekend vanaf de sluiting van de openstelling (19 juni 2026):
- Bij *haalbaarheidsstudies en verkenningen*: starten binnen zes maanden (uiterlijk 19 december 2026), afronden binnen 18 maanden (uiterlijk 19 december 2027).
- Bij *demonstratieprojecten en pilots*: starten binnen zes maanden (uiterlijk 19 december 2026), afronden binnen 30 maanden (uiterlijk 19 december 2028).
Uitbetaling: voorschot en vaststelling
- Bij subsidies tot en met € 10.000 (arrangement 1) wordt een voorschot van 100% van de maximale subsidie verleend.
- Bij subsidies hoger dan € 10.000 tot en met € 50.000 (arrangement 2) wordt een voorschot van maximaal 75% van de maximale subsidie verleend, eventueel in termijnen.
- Bij subsidies hoger dan € 50.000 (arrangement 3) wordt eveneens een voorschot van maximaal 75% verleend, eventueel in termijnen. Gezien de maximumbedragen van deze regeling (€ 50.000 en € 200.000) val je bij demonstratieprojecten/pilots vrijwel altijd binnen dit derde arrangement, en bij haalbaarheidsstudies mogelijk in arrangement 2 of 3, afhankelijk van het exacte toegekende bedrag.
Verantwoording en vaststelling
Bij arrangement 3 (subsidies boven € 50.000) dien je binnen twaalf weken na afloop van de activiteit een aanvraag tot vaststelling in. Deze bevat het prestatiebewijs over de gerealiseerde afspraken, de overige in de beschikking genoemde bescheiden, en een financiële verantwoording voorzien van een controleverklaring van een accountant (Gedeputeerde staten kunnen in individuele gevallen hiervan afzien en volstaan met een beoordelingsverklaring of bewijsstukken zoals facturen en betalingsbewijzen). Gedeputeerde Staten stellen de subsidie vervolgens binnen twaalf weken na ontvangst van deze aanvraag definitief vast. Bij arrangement 2 (€ 10.000 tot € 50.000) geldt dezelfde termijn van twaalf weken voor het indienen van de aanvraag tot vaststelling, maar zonder de verplichte accountantscontrole.
Verplichtingen tijdens de looptijd
Gedurende de looptijd van je project moet je onder meer:
- Onverwijld melden aan Gedeputeerde Staten als aannemelijk wordt dat je de activiteit niet, niet tijdig of niet volledig kunt uitvoeren, of niet aan de voorwaarden kunt voldoen.
- Een inzichtelijke financiële administratie voeren en op verzoek inzage geven aan Gedeputeerde Staten, een aangewezen ambtenaar of accountant.
- De provincie Zeeland vermelden als subsidieverstrekker in je publiciteit over het project.
- De projectresultaten na afloop openbaar maken en breed verspreiden onder Zeeuwse partijen buiten het consortium.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Subsidie Zeeland in Stroomversnelling. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Subsidie Zeeland in Stroomversnellingzeeland.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Zeeland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.