Status onbekendProvincie · Subsidie

Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027

Provincie Limburg

Wat is de Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027?

Deze subsidie is bedoeld voor projecten die armoede of laaggeletterdheid in Limburg helpen terugdringen. De provincie stimuleert hiermee initiatieven uit het Actieplan Armoede 2025-2027 en het Aanvalsplan Laaggeletterdheid 2025-2027.

Je komt in aanmerking als je een stichting, vereniging, coöperatie of gemeente bent. Voor twee specifieke activiteiten (het bespreekbaar maken van stille armoede tussen werkgevers en werknemers, en het aanbieden van taalcursussen voor arbeidsmigranten door werkgevers) mogen ook andere rechtsvormen aanvragen, zoals een BV, maatschap of vof.

Je project moet vallen onder een van de activiteiten die genoemd staan in Bijlage 1 (Armoede) of Bijlage 2 (Laaggeletterdheid) van de Nadere subsidieregels, gebaseerd zijn op een bewezen effectieve interventie, en plaatsvinden in Limburg. Het project start in 2025, 2026 of 2027.

Je krijgt maximaal 50% van de totale projectkosten vergoed, met een minimum van € 15.000 en een maximum van € 60.000. Voor taalcursussen voor arbeidsmigranten geldt een lager minimum van € 5.000.

Je vraagt de subsidie aan via het digitale e-formulier op het loket van Provincie Limburg (met eHerkenning, of met DigiD als je zzp'er bent). De provincie adviseert vooraf een vooroverleg in te plannen. De uiterste inleverdatum is 15 december 2027, maar let op: je moet aanvragen vóór de start van je project, en het subsidieplafond kan eerder bereikt zijn.

Wie komt in aanmerking voor de Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027?

Je komt alleen in aanmerking als je aan de volgende harde eisen voldoet. Voldoe je niet aan één ervan, dan wordt je aanvraag afgewezen.

Wie mag aanvragen

  • Standaard: stichtingen, verenigingen, coöperaties en gemeenten.
  • Uitzondering voor armoede-activiteiten: bij "het bespreekbaar maken van (stille) armoede tussen werkgevers en hun werknemers" mogen ook andere rechtspersonen, maatschappen en vennootschappen onder firma aanvragen.
  • Uitzondering voor laaggeletterdheid-activiteiten: bij "het organiseren en aanbieden van taalcursussen voor arbeidsmigranten door werkgevers" mogen ook andere rechtspersonen, maatschappen en vennootschappen onder firma aanvragen.
  • Vraagt u aan als eenmanszaak of andere niet-standaard vorm buiten deze twee uitzonderingen? Dan valt u af.

Waar en wanneer

  • Het project wordt uitgevoerd in de Nederlandse provincie Limburg. Projecten buiten Limburg vallen af.
  • Het project start in 2025, 2026 of 2027. Start je project eerder of later, dan val je af.
  • De aanvraag moet vóór de start van het project zijn ingediend en uiterlijk op 15 december 2027 zijn ontvangen door Gedeputeerde Staten. Te laat ingediend betekent afwijzing.

Inhoud van het project

  • Het project moet gaan over minstens één van de activiteiten die genoemd staan in Bijlage 1 (Armoede) of Bijlage 2 (Laaggeletterdheid) van de Nadere subsidieregels. Past je project niet in één van die activiteiten, dan val je af.
  • Het project moet gebaseerd zijn op een bewezen effectieve interventie (dat wil zeggen: de effectiviteit is vastgesteld door minstens een onderzoek en/of eerder project).
  • Het project moet concrete en meetbare resultaten opleveren voor Limburgse inwoners met maatschappelijke impact.

Uitsluitingen (afwijzingsgronden)

Je aanvraag wordt in elk geval afgewezen als:

  • het project niet aansluit bij het doel van de regeling (terugdringen armoede/laaggeletterdheid);
  • niet wordt voldaan aan de algemene of specifieke voorwaarden;
  • hetzelfde project al op een andere manier door Provincie Limburg wordt gesubsidieerd of gefinancierd;
  • de aanvraag gaat over activiteiten gericht op de continuïteit van een onderneming of instelling (dus geen instandhoudingssubsidie);
  • de aanvraag onderzoek als hoofddoel heeft (dat is het geval als onderzoekskosten meer dan 50% van de subsidiabele projectkosten vormen);
  • het activiteiten betreft met een winstoogmerk;
  • de aanvraag buiten de indieningstermijn is ontvangen.

Beperking per aanvrager

Per aanvrager en per bijlage (Armoede of Laaggeletterdheid) is maximaal éénmaal per kalenderjaar subsidie mogelijk. Vraag je vaker in hetzelfde jaar voor dezelfde bijlage aan, dan komt die extra aanvraag niet in aanmerking.

Minimale projectomvang

Subsidies onder € 15.000 worden niet verstrekt. Dat betekent in de praktijk dat je totale subsidiabele projectkosten minstens € 30.000 moeten bedragen (want de subsidie is maximaal 50% daarvan). Uitzondering: bij taalcursussen voor arbeidsmigranten door werkgevers geldt een lager minimum van € 5.000.

Waarvoor krijg je subsidie?

Deze staan in de Nadere subsidieregels, aanvullend op de niet-subsidiabele kosten uit artikel 15 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v.

Wat is niet subsidiabel (geldt voor zowel Bijlage 1 Armoede als Bijlage 2 Laaggeletterdheid)

  • Reguliere exploitatiekosten. Dit zijn de lopende, terugkerende bedrijfskosten die je sowieso al maakt, los van het project.
  • Bouw-, verbouw- en onderhoudskosten. Fysieke investeringen in gebouwen of accommodaties komen dus niet in aanmerking.
  • Voeding en levensmiddelen. Kosten voor eten en drinken vallen buiten de regeling.
  • Inzet en uren van pedagogische medewerkers binnen het reguliere onderwijs. Loonkosten van onderwijzend personeel dat al binnen het gewone onderwijsprogramma werkt, komen niet voor subsidie in aanmerking.
  • Interne kosten van een organisatie die al met (andere) overheidsmiddelen zijn gedekt, zoals reguliere loon-, huisvestings- en overige overheadkosten. Kosten die je al via een andere overheidsbijdrage vergoed krijgt, mag je niet nog eens declareren.
  • Onvoorziene kosten. Een post "onvoorzien" in je begroting is niet subsidiabel.

Wat je project wél moet omvatten (dit bepaalt indirect waarvoor de subsidie is bedoeld)

Voor Bijlage 1 (Armoede) moet je project betrekking hebben op minstens één van de volgende activiteiten:

  • Het bevorderen van de inzet van ervaringsdeskundigheid om de kloof tussen inwoner en overheid te verkleinen.
  • Het implementeren van instrumenten die burgers kunnen gebruiken om te weten op welke vormen van financiële ondersteuning ze recht hebben.
  • Het vergroten van de financiële zelfredzaamheid van jongeren op mbo-instellingen en/of op scholen in het basis- en voortgezet onderwijs door middel van voorlichting.
  • Het implementeren van een specifieke schuldenaanpak voor Limburgse jongeren door of bij een Limburgse gemeente.
  • Het signaleren en tegengaan van (gok-)verslavingen onder jongeren.
  • Het bespreekbaar maken van (stille) armoede tussen werkgevers en hun werknemers.

Voor Bijlage 2 (Laaggeletterdheid) moet je project betrekking hebben op minstens één van de volgende activiteiten:

  • Het implementeren van bewezen effectieve interventies die de geletterdheid van Limburgers bevorderen.
  • De implementatie van een gezinsgerichte aanpak bij een bibliotheek of gemeente.
  • Het breder beschikbaar maken van Limburgse kinderkranten op basisscholen.
  • Het vergroten van de zelfredzaamheid van nieuwkomers door het leren van taal te combineren met het leren van een vak.
  • Het opzetten van multifunctionele concepten voor statushouders en/of arbeidsmigranten waarbij taal, werk en sociale integratie worden gecombineerd.
  • Het organiseren en aanbieden van taalcursussen onder werktijd, gericht op het behalen van een certificaat of diploma door een erkende onderwijsinstelling, voor arbeidsmigranten door werkgevers.
  • Het ondersteunen van vrijwilligers die migranten helpen bij het leren van de Nederlandse taal.
  • De deskundigheidsbevordering van mensen die in hun werk en/of organisatie te maken krijgen met laaggeletterden en/of laagdigivaardigen.

Er staan geen concrete tarieven per kostensoort (zoals een uurtarief voor personeel of een vast bedrag per deelnemer). De begroting die je moet indienen, moet worden opgesteld met het verplichte begrotingsformat van de provincie; welke kostenposten daarin exact worden uitgevraagd en tegen welke rekenregels, staat niet in de aangeleverde stukken. Voor de volledige en actuele lijst van niet-subsidiabele kosten uit artikel 15 van de Algemene Subsidieverordening verwijst het loket naar de volledige tekst van die verordening, die hier niet is meegeleverd.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt maximaal 50% van de totale subsidiabele projectkosten van je project vergoed. De rest moet je uit andere middelen (cofinanciering) dekken.

Bedragen

  • Minimaal € 15.000 subsidie. Dit betekent dat je project in totaal minstens € 30.000 aan subsidiabele kosten moet hebben (aangezien de subsidie nooit meer dan 50% van de kosten is).
  • Maximaal € 60.000 subsidie per aanvrager, per bijlage (Armoede of Laaggeletterdheid).
  • Uitzondering: bij projecten die gaan over het organiseren en aanbieden van taalcursussen onder werktijd voor arbeidsmigranten door werkgevers, geldt een lager minimum van € 5.000.

Wanneer gaat het bedrag omhoog of omlaag

  • Het maximum van 50% is een harde grens: heb je meer cofinanciering, dan verandert dat niets aan het maximale subsidiepercentage. Heb je minder cofinanciering, dan krijg je dus ook minder subsidie (nooit meer dan de helft van je kosten).
  • Het subsidiebedrag is ook gebonden aan het jaarlijkse subsidieplafond dat Gedeputeerde Staten vaststellen. Is dat plafond bereikt, dan kan je aanvraag alsnog worden afgewezen ook als je verder aan alle voorwaarden voldoet.
  • Subsidies onder € 15.000 (of onder € 5.000 bij de uitzondering voor taalcursussen arbeidsmigranten) worden niet verstrekt: is je berekende subsidiebedrag lager, dan krijg je niets.

Let op bij de cofinanciering

Het aanvraagformulier vraagt uitdrukkelijk of er cofinanciering is met minimaal hetzelfde bedrag als de gevraagde provinciale subsidie. Dit wijst erop dat je zelf (of via andere partijen) minstens 50% van de projectkosten moet kunnen aantonen.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
Openstelling-15 dec 2027--

Wat zijn de voorwaarden van de Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027?

Hier val je op af

Deze eisen zijn keihard: voldoe je er niet aan, dan wordt de aanvraag afgewezen, los van de kwaliteit van je plan.
Project wordt uitgevoerd in de Nederlandse provincie Limburg.
Project start in 2025, 2026 of 2027.
Aanvraag betreft minstens één activiteit uit Bijlage 1 (Armoede) of Bijlage 2 (Laaggeletterdheid).
Aanvrager is een toegestane rechtsvorm (zie sectie "Kom ik in aanmerking?").
Aanvraag is ontvangen vóór start van het project en uiterlijk 15 december 2027.
Het project sluit aan bij het doel van de regeling (terugdringen armoede/laaggeletterdheid).
Hetzelfde project wordt niet al op andere wijze door Provincie Limburg gesubsidieerd of gefinancierd.
De aanvraag is niet gericht op de continuïteit van een onderneming of instelling.
Onderzoek is geen hoofddoel (onderzoekskosten mogen niet meer dan 50% van de subsidiabele projectkosten vormen).
De activiteiten hebben geen winstoogmerk.
Per aanvrager per bijlage is maximaal één aanvraag per kalenderjaar mogelijk.

Wat je moet doen na toekenning

  • Correspondentie over je aanvraag en de uitvoering verloopt via het klantportaal (mijnsubsidies.limburg.nl), waarvoor je eHerkenning of DigiD nodig hebt.
  • Wijzigingen binnen je organisatie en/of je project moet je melden via het klantportaal.
  • Het project moet daadwerkelijk starten in de aangegeven periode (2025, 2026 of 2027) en in Limburg worden uitgevoerd, zoals aangevraagd.
  • Voor het overige verwijst het loket naar de volledige tekst van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. en de Nadere subsidieregels voor de exacte verplichtingen; deze staan niet volledig uitgeschreven in het aangeleverde dossier (bijvoorbeeld verplichtingen rond einddeclaratie of vaststelling zijn hier niet terug te vinden).

Voor Bijlage 1 (Armoede) moet je aantonen:

  • Het project is gebaseerd op een bewezen effectieve interventie (effectiviteit vastgesteld door minstens één onderzoek en/of eerder project, bijvoorbeeld via de databases van RIVM, Movisie of Loketgezondleven.nl).
  • Het project draagt bij aan het verminderen van het aandeel Limburgse huishoudens met een langdurig laag inkomen en/of problematische schulden.
  • Bij activiteiten gericht op financiële zelfredzaamheid van jongeren op scholen, of een specifieke schuldenaanpak voor Limburgse jongeren: partners met een wettelijke taak (zoals publiek onderwijs, gemeenten, werkgevers of bibliotheken) ondersteunen de aanpak. De mate en wijze van betrokkenheid moet duidelijk blijken uit het projectplan.

Voor Bijlage 2 (Laaggeletterdheid) moet je aantonen:

  • Het project is gericht op het bevorderen van digitale vaardigheden en/of geletterdheid in het Standaardnederlands.
  • Het project is gebaseerd op een bewezen effectieve interventie.
  • Het project draagt bij aan het herkennen, bereiken en/of ondersteunen van laaggeletterden en/of laagdigivaardigen.
  • Bij activiteiten gericht op het beschikbaar maken van kinderkranten of het combineren van taal met een vak: partners met een wettelijke taak ondersteunen de aanpak, met duidelijke onderbouwing in het projectplan.

Wat verder in het projectplan moet staan

  • Een concrete en smart geformuleerde omschrijving van doel en beoogd resultaat (specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch, tijdgebonden).
  • De partijen waarmee wordt samengewerkt en de taakverdeling, inclusief namen en functies van inhoudelijk verantwoordelijke personen.
  • Een tijdschema van de activiteiten.
  • Een projectbegroting met financieringsplan, verplicht opgesteld met het vastgestelde begrotingsformat.

Hoe vraag je de Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027 aan?

Stap 1: checklist en oriëntatie

Voordat je begint, doorloop je een checklist om te bepalen of je project kans maakt. Kruis je bij één van deze vragen "nee" aan, dan heeft het geen zin om verder te gaan:

  • Vindt het project plaats in de Nederlandse provincie Limburg?
  • Ben je een rechtspersoon (stichting, vereniging, etc.) of onderneming?
  • Is er sprake van cofinanciering met minstens hetzelfde bedrag als de gevraagde provinciale subsidie?
  • Ligt de startdatum van het project na de ontvangstdatum van de subsidieaanvraag?

Stap 2: vooroverleg (aanbevolen)

De provincie adviseert om vóór het indienen een vooroverleg in te plannen. Dit doe je door het digitale vooroverlegformulier in te vullen.

Stap 3: digitaal aanvragen

Je dient je aanvraag in via het e-formulier op het klantportaal (mijnsubsidies.limburg.nl):

  • Organisaties gebruiken hiervoor eHerkenning.
  • Zzp'ers kunnen het e-formulier voor natuurlijke personen gebruiken, met DigiD.
  • Heb je geen eHerkenning? Meld dit via het contact-e-mailadres van de provincie, dan neemt de provincie contact met je op.
  • Aanvragen per e-mail wordt niet in behandeling genomen.
  • Een aanvraag per post is ook mogelijk: het analoge aanvraagformulier met bijlagen stuur je naar Gedeputeerde Staten van Limburg, Cluster Subsidies, Postbus 5700, 6202 MA Maastricht. Bij post geldt de datum van de ontvangststempel als ontvangstdatum, bij digitale aanvragen de datum van digitale ontvangst.

Verplichte onderdelen van het aanvraagformulier

Het formulier vraagt onder meer:

  • Gegevens aanvrager: naam, rechtsvorm, KvK-nummer, adres, IBAN, contactpersoon met functie, telefoon en e-mail.
  • Projectgegevens: projectnaam, regio (Noord-, Midden- of Zuid-Limburg), gemeente(n) van uitvoering, gevraagd subsidiebedrag, korte projectomschrijving, projectperiode (start en einde), totale projectkosten.
  • Een smart geformuleerd projectdoel en beoogd resultaat/effect (circa 100 woorden).
  • Keuze voor Bijlage 1 (Armoede) of Bijlage 2 (Laaggeletterdheid), met bijbehorende inhoudelijke vragen (welke activiteit, onderbouwing bewezen effectieve interventie, bijdrage aan doelstellingen, aantal betrokken vrijwilligers, betrokken wettelijke partners).

Verplichte bijlagen

  • Activiteitenplan: beschrijving van de activiteiten, doelen en resultaten, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen (smart geformuleerd). Inclusief de samenwerkingspartners en taakverdeling, namen en functies van inhoudelijk verantwoordelijke personen, en een tijdschema. Dit stel je zelf op; er wordt geen apart format voor voorgeschreven, alleen de inhoudelijke eisen.
  • Begroting: een projectbegroting met financieringsplan. Hiervoor is een verplicht begrotingsformat van Gedeputeerde Staten dat je moet downloaden en gebruiken (het "format begroting projectsubsidies provincie Limburg").
  • Ondertekening: het formulier moet rechtsgeldig ondertekend worden door degene(n) die volgens de statuten bevoegd zijn de organisatie te vertegenwoordigen, met voor- en achternaam en handtekening. Bij twee handtekeningen worden beide namen vermeld.

Termijn

Je aanvraag moet uiterlijk 15 december 2027 door Gedeputeerde Staten zijn ontvangen, en in elk geval vóór de startdatum van je project. De regeling loopt vanaf 17 juni 2025 tot en met 31 december 2027, dus vanaf 17 juni 2025 kun je indienen.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt

Gedeputeerde Staten van Limburg nemen de beslissing over je aanvraag. De aanvraag wordt getoetst aan de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. en aan de Nadere subsidieregels Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027.

Doorlooptijd

Wel is duidelijk dat je project pas mag starten na de ontvangstdatum van je aanvraag, dus in de praktijk moet je rekening houden met een bepaalde behandeltijd voordat je project kan beginnen.

Correspondentie en beheer

Zodra je aanvraag is ingediend, verloopt alle correspondentie via het klantportaal (mijnsubsidies.limburg.nl). Hier vind je:

  • correspondentie met de provincie over je ingediende aanvraag;
  • openstaande taken;
  • de mogelijkheid om veranderingen binnen je organisatie en/of je project te melden.

Voor toegang tot het klantportaal heb je dezelfde inlogmiddelen nodig als bij het aanvragen: eHerkenning voor organisaties, DigiD voor zzp'ers.

Uitbetaling, voorschotten en vaststelling

Voor deze details verwijst het loket zelf naar de volledige tekst van de subsidieregeling.

Verplichtingen tijdens de looptijd

  • Je meldt wijzigingen binnen je organisatie en/of je project via het klantportaal.
  • Je project moet worden uitgevoerd zoals aangevraagd: in Limburg, binnen de gestelde startperiode (2025, 2026 of 2027), en conform het activiteitenplan en de begroting die je hebt ingediend.
  • Bij de regeling geldt dat de Nadere subsidieregels blijven gelden voor aanvragen die vóór 1 januari 2028 zijn ontvangen en voor besluiten die vóór die datum zijn genomen, ook voor de vervolgstappen in het subsidietraject (zoals afhandeling en vaststelling na 2028).

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 6 documenten bij deze regeling, waarvan er 2 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Subsidie Armoede en Laaggeletterdheid 2025-2027. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Limburg. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.