Open voor aanvragenProvincie · Subsidie

Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen

Provincie Overijssel

Wat is de Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen?

Deze subsidie is bedoeld voor samenwerkingsverbanden van agrarische onderwijsinstellingen die samen nieuw onderwijs of praktijkgericht onderzoek ontwikkelen voor een toekomstbestendige landbouwsector in Overijssel. Denk aan nieuwe leergangen, onderwijsmodules of praktijkprojecten rond thema's als nieuwe teelten, emissiearme landbouw, biologische landbouw, agritech, duurzame veehouderij of nieuwe verdienmodellen in de Agro&food sector.

Je vraagt aan met minimaal een agrarische mbo- of hbo-instelling én minimaal een andere mbo- of hbo-instelling die fysiek in Overijssel gevestigd is. Het moet gaan om iets nieuws: bestaande leergangen of eerder gesubsidieerde projecten komen niet in aanmerking. Agrarische bedrijven of maatschappelijke partijen moeten actief meedoen bij de ontwikkeling.

Je krijgt maximaal 80% van de subsidiabele kosten vergoed, met een maximum van € 75.000 per aanvraag en € 150.000 per aanvrager of deelnemende onderwijsinstelling. Alleen personeelskosten en inhuur van derden komen in aanmerking; materialen en apparatuur niet.

Je vraagt aan via het digitale aanvraagformulier van het Overijssels loket. Daarbij lever je een projectplan, een begroting volgens het verplichte format, een samenwerkingsovereenkomst en (indien van toepassing) een bewijs van bankrekening of machtigingsverklaring aan. Aanvragen worden op volgorde van binnenkomst van complete aanvragen behandeld, totdat het subsidieplafond van € 375.000 (voor 2025-2027) is bereikt. Je kunt aanvragen totdat het budget op is. De behandeltermijn is maximaal 13 weken. De activiteiten moet je uiterlijk 31 december 2027 hebben uitgevoerd, en het resultaat moet minimaal 3 jaar in het onderwijsaanbod blijven staan.

Wie komt in aanmerking voor de Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen?

Je komt alleen in aanmerking als je aanvraagt met een samenwerkingsverband. Dat is de eerste knock-out: een enkele onderwijsinstelling kan niet zelfstandig aanvragen.

Harde eisen aan wie aanvraagt:

  • Het samenwerkingsverband bestaat uit minimaal een agrarische mbo- of hbo-onderwijsinstelling en minimaal een andere mbo- of hbo-onderwijsinstelling.
  • Die laatste instelling moet fysiek gevestigd zijn in Overijssel.
  • Voor de betekenis van "samenwerkingsverband" en "samenwerkingsovereenkomst" verwijst het loket naar artikel 1.1.3 van het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 (Ubs), onder het kopje "De aanvrager". Check dat artikel goed, want daar staat de precieze juridische definitie.

Harde eisen aan de inzet van partijen:

  • Geen van de deelnemende instellingen mag minder dan 30% van het totaal begrote uren bijdragen. Val je onder die 30%, dan voldoet de aanvraag niet.
  • Er wordt gestreefd naar een gelijke urenverdeling, maar dat is een inspanningsverplichting, geen harde grens (behalve die 30%-ondergrens).

Harde eisen aan de activiteiten:

  • Het moet gaan om nieuwe activiteiten en nieuwe samenwerkingen. Bestaande leergangen, onderwijsmodules of praktijkprojecten komen niet in aanmerking, ook niet als je ze een beetje aanpast.
  • Een leergang, module of project die al eerder subsidie kreeg onder deze regeling komt niet opnieuw in aanmerking, zelfs niet als het om een nieuw onderdeel of een doorontwikkeling gaat.
  • Agrarische bedrijven en/of maatschappelijke partijen moeten meedoen en betrokken zijn bij de ontwikkeling. Zonder die betrokkenheid val je af.
  • De ontwikkelde leergang, module of praktijkproject (of onderdelen ervan) moet minimaal 3 jaar in het onderwijsaanbod opgenomen worden. Eenmalige activiteiten zonder blijvend effect komen niet in aanmerking.
  • De activiteiten moeten uiterlijk 31 december 2027 zijn uitgevoerd. Kun je dat niet binnen die termijn realiseren, dan is dit voor jou geen passende regeling.

Financiële uitsluiting:

  • Als de berekende subsidie per aanvraag minder dan € 20.000 uitkomt, wordt de subsidie niet verleend. Kleine aanvragen met een laag subsidiabel kostenbedrag vallen dus automatisch af.

Praktische eis:

  • Je hebt eHerkenning niveau EH3 nodig om aan te vragen. Zonder EH3 kun je niet indienen.

Tot slot geldt: het budget is eindig. Zodra het subsidieplafond van € 375.000 (voor 2025-2027) is bereikt, val je af ongeacht of je verder aan alle eisen voldoet.

Waarvoor krijg je subsidie?

Slechts twee kostensoorten komen voor subsidie in aanmerking.

Personeelskosten van de aanvrager(s)

De personeelskosten van de deelnemende onderwijsinstellingen zelf zijn subsidiabel. Dit betreft de uren die medewerkers van de samenwerkende instellingen besteden aan het ontwikkelen van de leergangen, onderwijsmodules of praktijkprojecten.

Inhuur van derden door de aanvragers

Kosten voor het inhuren van externe partijen (bijvoorbeeld een expert, onderzoeker of adviseur die niet in dienst is bij een van de deelnemende instellingen) zijn subsidiabel. Let op een belangrijke uitsluiting: als de samenwerkende onderwijsinstellingen elkaar onderling inhuren als "derde" (dus instelling A huurt instelling B in binnen het samenwerkingsverband), dan zijn die kosten niet subsidiabel. De inhuur van derden moet dus van buiten het samenwerkingsverband komen.

Wat niet subsidiabel is

  • Materialen: de kosten van materialen komen niet voor subsidie in aanmerking.
  • Aankoopkosten van machines en apparatuur: ook deze kosten zijn uitgesloten.

Ga er dus vanuit dat alles behalve personeelskosten en inhuur van (externe) derden waarschijnlijk niet subsidiabel is, tenzij je dit bij het Overijssel Loket navraagt.

Rekenregel voor het subsidiebedrag

Van de subsidiabele kosten (personeelskosten plus inhuur van externe derden) wordt maximaal 80% vergoed, met een bovengrens van € 75.000 per aanvraag en € 150.000 per aanvrager of deelnemende instelling. Komt de berekende subsidie op basis van je kostenopgave onder € 20.000 uit, dan wordt er geen subsidie verleend; je moet dus voldoende subsidiabele kosten begroten om boven die drempel te komen.

Begroting verplicht in vast format

Voor het onderbouwen van de kosten is het verplicht om het begrotingsformat van het loket te gebruiken, samen met een dekkingsplan waarin je aangeeft hoe de overige 20% (en niet-subsidiabele kosten) gefinancierd worden. Vul deze begroting bij voorkeur eerst in en sla die op, voordat je die uploadt in het aanvraagformulier.

Kortom: reken vooraf goed uit welk deel van je projectbegroting daadwerkelijk bestaat uit personeelsuren van de deelnemende instellingen en inhuur van externe derden, want alleen dat deel bepaalt de hoogte van je subsidie. Kosten voor materialen, machines en apparatuur moet je uit andere bronnen dekken.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt maximaal 80% van de kosten die voor subsidie in aanmerking komen. De overige 20% (en eventueel meer, als je kosten maakt die niet subsidiabel zijn) betaal je zelf of dek je uit andere middelen.

Daarnaast gelden twee maximumbedragen die tegelijk van toepassing zijn:

  • Maximaal € 75.000 per aanvraag. Ook als 80% van je subsidiabele kosten hoger uitkomt, krijg je dus niet meer dan dit bedrag per aanvraag.
  • Maximaal € 150.000 per aanvrager of deelnemende onderwijsinstelling. Dit is een totaalplafond: een onderwijsinstelling kan dus vaker subsidie krijgen onder deze regeling, zolang het totaal over alle aanvragen samen niet boven de € 150.000 uitkomt.

Er is ook een ondergrens: als de berekende subsidie per aanvraag minder dan € 20.000 is, wordt er helemaal geen subsidie verleend. Reken dus vooraf goed door of je boven die drempel uitkomt, anders is indienen zinloos.

Het totale budget voor deze regeling is € 375.000 voor de jaren 2025 tot en met 2027 samen. Dat budget is niet per jaar, maar voor de hele looptijd. Aanvragen worden op volgorde van ontvangst van complete aanvragen behandeld, en zodra het budget op is, kun je niet meer aanvragen (ook niet als je aan alle voorwaarden voldoet). Met een plafond van € 375.000 en een maximum van € 75.000 per aanvraag betekent dit in de praktijk dat er ruimte is voor een beperkt aantal aanvragen.

Er zijn geen opslagen, bonussen of verhogingen op het subsidiebedrag. Het enige wat het bedrag kan verlagen is: minder subsidiabele kosten (alleen personeelskosten en inhuur van derden tellen mee), een lager kostenpercentage dan 80% dat je zelf declareert, of het bereiken van de € 150.000-grens per instelling doordat je al eerder subsidie onder deze regeling ontving.

Wat zijn de voorwaarden van de Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen?

Voordat er ook maar naar kwaliteit wordt gekeken, moet je aan een aantal harde eisen voldoen:

  • Je vraagt aan met een samenwerkingsverband van minimaal een agrarische mbo- of hbo-instelling en minimaal een andere mbo- of hbo-instelling, fysiek gevestigd in Overijssel.
  • Geen deelnemende instelling draagt minder dan 30% van het totaal begrote uren bij.
  • Het gaat om nieuwe activiteiten en nieuwe samenwerkingen; bestaande leergangen, modules of praktijkprojecten vallen af.
  • Een leergang, module of praktijkproject die al eerder onder deze regeling subsidie ontving, komt niet opnieuw in aanmerking, ook niet als doorontwikkeling.
  • De activiteiten zijn uiterlijk 31 december 2027 uitgevoerd.
  • De berekende subsidie is minimaal € 20.000 per aanvraag.
  • Je hebt eHerkenning EH3.
  • Het subsidieplafond van € 375.000 is nog niet bereikt op het moment van aanvragen.

Waarop wordt beoordeeld

Er is geen apart puntensysteem of wegingsfactoren voor een kwalitatieve beoordeling; de afhandeling gebeurt op volgorde van ontvangst van complete aanvragen, niet op kwaliteitsranking. Dat betekent dat je aanvraag wordt getoetst aan de voorwaarden (voldoet hij wel of niet), en niet vergeleken met andere aanvragen op inhoudelijke kwaliteit. De voorwaarden waaraan je aanvraag inhoudelijk moet voldoen, functioneren dus feitelijk als beoordelingscriteria:

  • Nieuwheid van de activiteiten: bestaande leergangen, modules of projecten komen niet in aanmerking. De aanvraag moet aantoonbaar nieuwe activiteiten en nieuwe samenwerking betreffen.
  • Bijdrage aan toekomstbestendige landbouw: de activiteiten moeten aansluiten bij een of meer van de genoemde thema's (nieuwe teelten, emissiearme landbouw, biologische landbouw, regionaal voedselsysteem, verbinding stad-platteland, nieuwe verdienmodellen, agritech, duurzame veehouderij, natuurlijke ecosystemen).
  • Betrokkenheid van agrarische bedrijven en/of maatschappelijke partijen: deze partijen moeten meedoen en betrokken zijn bij het ontwikkelen van de nieuwe leergangen, modules of projecten.
  • Gerichtheid op kennisontwikkeling en -deling: de samenwerking moet gericht zijn op inhoudelijke kennisontwikkeling, kennisdeling én van elkaar leren.
  • Structurele borging: de ontwikkelde leergang, module of project (of onderdelen ervan) moet minimaal 3 jaar in het onderwijsaanbod worden opgenomen; het gaat om blijvend effect, niet om eenmalige activiteiten.
  • Urenverdeling: instellingen streven naar een gelijke inzet van uren, met als harde ondergrens dat niemand minder dan 30% bijdraagt.

Deze punten moeten allemaal terugkomen in het projectplan dat je meestuurt. Er is geen aparte score of weging per punt; ze worden gebruikt om te toetsen of de aanvraag compleet en aan de voorwaarden voldoet.

Wat moet je ná toekenning doen

Expliciet genoemd wordt vooral de eis dat de te ontwikkelen leergangen, onderwijsmodules of praktijkprojecten (of onderdelen ervan) voor minimaal 3 jaar worden opgenomen in het onderwijsaanbod, en dat de activiteiten uiterlijk 31 december 2027 zijn uitgevoerd. Voor de volledige set aanvullende verplichtingen na toekenning verwijst het loket naar het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 (Ubs), hoofdstuk 1 en paragraaf 4.42 "Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen". Deze vind je onder "Actuele wet- en regelgeving" op de productpagina. Voor exacte verplichtingen tijdens de uitvoering (bijvoorbeeld tussentijdse rapportages) raadpleeg je het Ubs.

Hoe vraag je de Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen aan?

Je vraagt aan via het digitale aanvraagformulier op de loketpagina van de provincie Overijssel. In dat formulier upload je direct ook alle verplichte bijlagen. Je kunt aanvragen totdat het beschikbare budget van € 375.000 is bereikt; er is geen vaste sluitingsdatum, maar wel geldt: op tijd zijn loont, want de behandeling gaat op volgorde van ontvangst van complete aanvragen.

Stap 1: voorbereiden van de bijlagen

Het loket raadt aan om de bijlagen eerst in te vullen en op te slaan, zodat je ze daarna kunt uploaden in het aanvraagformulier. Dit zijn de verplichte documenten:

  • Projectplan. Hierin beschrijf je minimaal:
  • de doelstelling van het project en hoe het bijdraagt aan een toekomstbestendige landbouw, inclusief welke onderwijsmodules, leergangen of praktijkprojecten ontwikkeld worden;
  • een beschrijving van de activiteiten (praktijkgericht onderzoek, kennisdeling, netwerkvorming) en waarom deze nieuw en innovatief zijn;
  • de samenwerking: welke onderwijsinstellingen, agrarische bedrijven en/of maatschappelijke organisaties betrokken zijn en hoe de samenwerking vorm krijgt;
  • de inhoudelijke bijdrage aan kennisontwikkeling, toepassing in de praktijk en kennisverspreiding;
  • de planning en fasering van de activiteiten;
  • de structurele borging: hoe de leergangen, modules of projecten worden opgenomen in het onderwijsaanbod.
  • Begroting en dekkingsplan. Hiervoor is het verplicht om het begrotingsformat van het loket te gebruiken.
  • Samenwerkingsovereenkomst. Deze moet minimaal bevatten:
  • de taken, verantwoordelijkheden en financiële bijdragen van elke deelnemende partij;
  • de aangewezen penvoerder binnen het samenwerkingsverband;
  • de betrokken agrarische onderwijsinstellingen, bedrijven en/of maatschappelijke organisaties;
  • de manier waarop de samenwerking wordt vormgegeven. RVO biedt op hun website een voorbeeld samenwerkingsovereenkomst als hulpmiddel.
  • Bewijs van bankrekening. Alleen verplicht als je niet eerder subsidie van de provincie ontving, of als je rekeningnummer is gewijzigd. Bijvoorbeeld een kopie van een bankafschrift of een schermprint bij telebankieren, met naam en rekeningnummer zichtbaar. Stuur geen kopie van je bankpas mee.
  • Machtigingsverklaring. Alleen verplicht als je als gemachtigde aanvraagt én inlogt met je eigen eHerkenningsmiddel (dus zonder ketenmachtiging). Deze verklaring moet ondertekend zijn door de aanvrager. Je kunt hiervoor het voorbeeld "Machtiging" van het loket gebruiken.

Stap 2: indienen

Je dient de aanvraag met alle bijlagen digitaal in via het formulier. Kun je een document niet openen, lezen of gebruiken, dan helpt het Overijssel Loket je verder.

Stap 3: compleetheidstoets

Is je aanvraag niet compleet, dan vraagt de provincie om aanvulling. Je aanvraag is pas volledig op het moment dat alle gevraagde gegevens zijn ontvangen. Let op: de klok van de behandeltermijn en de volgorde van afhandeling gaan pas lopen vanaf het moment dat de aanvraag compleet is, dus zorg dat je in één keer alles compleet aanlevert om vertraging te voorkomen.

Voor toegang tot het formulier heb je eHerkenning niveau EH3 nodig.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

De provincie Overijssel behandelt de aanvragen. Dat gebeurt in volgorde van ontvangst van complete aanvragen: een aanvraag met alle gevraagde bijlagen. Is je aanvraag niet compleet, dan vraagt de provincie om een aanvulling, en pas op het moment dat alle gevraagde gegevens zijn ontvangen, is de aanvraag volledig en telt hij mee in de volgorde van behandeling.

Behandeltermijn

De behandeltermijn van je aanvraag is maximaal 13 weken.

Toekenning tot het budget op is

Subsidie wordt verleend totdat het beschikbare budget (het subsidieplafond van € 375.000 voor 2025-2027) is bereikt. Dat betekent dat een op zichzelf goede en complete aanvraag toch buiten de prijzen kan vallen als het budget net daarvoor al is uitgeput door eerder binnengekomen complete aanvragen. Snelheid en compleetheid bij het indienen zijn dus direct van invloed op je kans op subsidie.

Uitbetaling, voorschotten en vaststelling

Voor deze details verwijst het loket naar het Uitvoeringsbesluit subsidies Overijssel 2022 (Ubs), hoofdstuk 1 en paragraaf 4.42, en naar de Algemene Subsidieverordening Overijssel 2005 en de Algemene wet bestuursrecht (titel 4.2 subsidies). Raadpleeg deze bronnen voor de exacte afspraken over voorschotten en verantwoording.

Verplichtingen tijdens de looptijd

Dit zijn geen eenmalige rapportageverplichtingen, maar een resultaatsverplichting die de blijvende impact van het project moet waarborgen. Voor eventuele aanvullende verplichtingen tijdens de uitvoering, zoals tussentijdse voortgangsrapportages, geeft de loketpagina zelf geen concrete informatie; ook hiervoor geldt dat het Ubs, paragraaf 4.42, de volledige set verplichtingen bevat.

Persoonsgegevens

Tijdens de behandeling en controle van je aanvraag verwerkt de provincie persoonsgegevens van de aanvrager en contactpersonen, onder meer om de aanvraag te beoordelen, te communiceren tijdens de behandeling, de rechtmatigheid en doelmatigheid van de subsidie te controleren, managementrapportages te maken en evaluatie- of klanttevredenheidsonderzoek uit te voeren. Deze gegevens worden niet langer bewaard dan wettelijk verplicht is volgens de Archiefwet.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Stimuleren samenwerking agrarische onderwijsinstellingen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Overijssel. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.