GeslotenRijk · Landelijk · Subsidie

Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse

RVO

Ook bekend als OWE, Opschaling volledig hernieuwbare waterstofproductie via elektrolyse

Wat is de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse?

De OWE is bedoeld voor bedrijven die grootschalig hernieuwbare (groene) waterstof gaan produceren met een elektrolyser. Je installatie moet een nominaal elektrisch inputvermogen van minimaal 0,5 megawatt hebben en de waterstof moet je zowel bouwen als daadwerkelijk gaan produceren en gebruiken.

De subsidie bestaat uit twee delen. Je krijgt eerst een investeringsbijdrage voor de bouw van je productie-installatie (maximaal 80% van de subsidiabele kosten). Daarna krijg je gedurende minimaal 5 en maximaal 10 jaar een exploitatiesubsidie: een vergoeding per kilogram geproduceerde volledig hernieuwbare waterstof, ter compensatie van het verschil tussen de kostprijs van jouw waterstof en een correctiebedrag gebaseerd op de prijs van fossiele waterstof.

Het budget wordt verdeeld via een tender: alle aanvragen worden gerangschikt op basis van het gevraagde subsidiebedrag per megawatt vermogen. Wie relatief weinig subsidie per megawatt aanvraagt, staat hoger in de rangschikking en maakt meer kans.

De regeling was open van 15 oktober 2024 09:00 tot 28 november 2024 17:00, met een budget van € 998.330.000. Op dit moment is het loket tijdelijk gesloten voor nieuwe aanvragen.

Aanvragen doe je digitaal met eHerkenning (minimaal niveau eH3 met machtiging RVO-diensten), samen met een uitgebreid dossier: een projectplan, een investeringsbegroting en haalbaarheidsstudie, vergunningen, een technische specificatie van de elektrolyser en (bij netkoppeling) een transportindicatie en stroomafnameaanbod. RVO beoordeelt de volledigheid en rangschikt daarna alle aanvragen om te bepalen wie subsidie krijgt.

Wie komt in aanmerking voor de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse?

Je komt alleen in aanmerking als je aan een aantal harde eisen voldoet. Voldoe je hier niet aan, dan wordt je aanvraag niet in behandeling genomen of afgewezen.

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderneming
Je sector valt onder SBI energie, waterstof
De definitieve beoordeling ligt bij RVO.

Eisen aan de installatie

  • Je elektrolyser heeft een nominaal elektrisch inputvermogen van minimaal 0,5 megawatt (het gelijkstroom inputvermogen aan het begin van de levensduur).
  • De elektriciteit komt uit zon- of windenergie. Andere hernieuwbare bronnen, zoals een afvalenergiecentrale, zijn niet toegestaan.
  • Je installatie is gekoppeld via een directe lijn aan een wind- of zonnepark, via een aansluiting op het elektriciteitsnet, of een combinatie van beide (dubbelgekoppeld).
  • De geproduceerde waterstof moet volledig hernieuwbaar zijn volgens de eisen uit de gedelegeerde verordeningen (EU) 2023/1184 en (EU) 2023/1185. Produceer je met je installatie ook niet-hernieuwbare waterstof, dan moet de totale productie minimaal 70% minder broeikasgassen uitstoten dan het fossiele referentieproces.
  • De OWE-subsidie geldt alleen voor de zelfstandige waterstofproductie-installatie; je kunt geen subsidie aanvragen voor een deel van de elektrolysecapaciteit.

Wie afvalt

  • Projecten die al eerder SDE++-subsidie of eerder OWE-subsidie hebben ontvangen voor dezelfde investering, krijgen geen (nieuwe) investeringssubsidie voor die installatie.
  • Je mag niet afhankelijk zijn van nog te ontvangen andere subsidies om je project financieel haalbaar te maken.
  • Je mag nog geen onomkeerbare verplichtingen zijn aangegaan voor de installatie: geen betalingen, geen definitieve opdrachtverstrekking (een opdracht onder voorbehoud van subsidie mag wel) en je mag nog niet gestart zijn met de activiteiten uit je projectplan.
  • Je kunt de OWE niet combineren met SDE, eerder ontvangen OWE-subsidie of de Energie-investeringsaftrek (EIA) voor dezelfde kosten. Combinatie met bijvoorbeeld IPCEI mag wel, als dat de andere subsidie niet belemmert.
  • Je mag per subsidieronde maximaal één aanvraag per gemeente indienen.
  • Je mag maximaal de helft van het beschikbare subsidiebudget aanvragen, dat is € 499.165.000.
  • Het totale subsidiebedrag (investering plus exploitatie) mag niet hoger zijn dan € 9 per kilogram volledig hernieuwbare waterstof.

Praktische knock-outs bij de aanvraag

Je moet bij de aanvraag al concreet zijn: de aanvraag voor de omgevingsvergunning moet zijn gedaan (met bevestiging dat deze in behandeling is), de locatie moet beschikbaar zijn (met toestemming van de eigenaar als je zelf geen eigenaar bent), je moet de keuze voor elektrolyser en leverancier al hebben gemaakt, en bij een net- of dubbelgekoppelde installatie is een transportindicatie van de netbeheerder en een schriftelijk aanbod van een stroomleverancier verplicht. Ontbreekt een van deze onderdelen, dan is je aanvraag niet volledig en wordt hij niet in behandeling genomen.

Wie zit in het proces van het oprichten van een aparte projectvennootschap (SPV) en deze nog niet heeft afgerond op het moment van aanvragen, moet de aanvraag laten indienen door het moederbedrijf, met een vermelding in het projectplan dat de installatie later wordt overgedragen aan de SPV.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidie kent twee delen met elk hun eigen kostensoorten: het investeringsdeel (bouw van de installatie) en het exploitatiedeel (productie van waterstof).

Investeringsdeel: subsidiabele kosten (maximaal 80% vergoed)

Je kunt subsidie krijgen voor kosten die nodig zijn voor de realisatie van je waterstofproductie-installatie, gemaakt ná het indienen van je aanvraag:

  • Machines en apparatuur ('balance of plant'): de elektrolyser zelf, plus onder meer waterstofzuivering, gas-/vloeistofscheider, koelapparatuur, apparatuur voor aansturing, bemetering en veiligheid, en de elektriciteitsvoorziening (transformatoren, gelijkrichters).
  • Waterstofopslag: alleen voor de hoeveelheid waterstof die je elektrolyser in 24 uur op vol vermogen maximaal produceert. Grotere opslag (bijvoorbeeld voor transport) valt hierbuiten.
  • Batterijopslagsysteem: maximaal 1 megawatt vermogen en maximaal 2 megawattuur opslagcapaciteit per megawatt gelijkstroom inputvermogen van de elektrolyser.
  • Projectengineering, project development en leges: alleen als je deze kosten activeert op de balans van je bedrijf én ze maakt na het indienen van je aanvraag. Ook uren van eigen personeel vallen hieronder, maar alleen als je die activeert en ze rechtstreeks verband houden met de bouw van de installatie.
  • Gronden en gebouwen: alleen het deel dat bedoeld is voor de waterstofproductie-installatie. Bij een gebouw of grond met meerdere doeleinden vraag je alleen subsidie aan voor het deel dat voor de installatie is.
  • Materialen en hulpmiddelen tijdens de bouw.
  • Aanleg van infrastructuur: alleen de aansluiting van de elektrolyser op het elektriciteitsnet, of aan de waterstofzijde op een distributienet. Kosten voor de infrastructuur zelf (buiten de aansluiting) vallen hierbuiten.
  • Waterstofcompressie-installatie tot maximaal 70 bar, om waterstof te kunnen leveren aan een waterstofnetwerk. Een compressor die bijvoorbeeld van 30 naar 50 bar comprimeert valt hieronder, omdat de einddruk onder de 70 bar blijft. Compressie naar hogere druk (voor opslag en transport) is uitgesloten.
  • Financieringskosten voor de bouw: alleen als je deze activeert als immateriële activa op de balans. Niet-geactiveerde financieringskosten kun je eventueel als exploitatiekosten opgeven.
  • Elektrakabel vanaf bijvoorbeeld een windmolen naar de elektrolyser (directe lijn) valt onder de subsidiabele kosten.

Wat niet meetelt bij het investeringsdeel

  • Omzetbelasting die je kunt terugvorderen.
  • Kosten die je al maakte vóórdat je de aanvraag indiende, ook als die kosten samenhangen met bijvoorbeeld een al gestarte FEED-fase. Is een deel van je engineering al gestart voor de aanvraag, dan vraag je alleen subsidie aan voor het deel dat nog niet is gestart.
  • Tube trailers en vulpunten voor tube trailers: dit valt buiten de waterstofproductie-installatie, ook als je de tube trailers gebruikt als 24-uursopslag.
  • Compressie naar meer dan 70 bar.
  • Kosten van onderdelen van de elektrolyser waarvoor je al onomkeerbare verplichtingen (opdracht, betaling) bent aangegaan vóór je aanvraag.
  • Een post 'onvoorzien' van meer dan circa 10% van de begroting wordt niet als redelijk gezien; je project moet bij aanvraag al ver genoeg ontwikkeld zijn.

Exploitatiedeel

Hier krijg je geen vergoeding voor specifieke kostenposten, maar een subsidie per geproduceerde kilogram volledig hernieuwbare waterstof, uitgekeerd gedurende de door jou gekozen looptijd van 5 tot 10 jaar. Het bedrag is het verschil tussen de kostprijs van jouw waterstof (de productieprijs die je zelf aanvraagt) en een jaarlijks vastgesteld correctiebedrag, dat de vermeden kosten weerspiegelt van het produceren van waterstof met een stoommethaanreforminstallatie (SMR) op aardgas. Zakt de fossiele waterstofprijs onder een bepaalde ondergrens, dan krijg je de subsidie tot die ondergrens; is je eigen productieprijs lager dan het correctiebedrag, dan krijg je niets.

Uitgesloten van het exploitatiedeel is onder meer waterstof die niet volledig hernieuwbaar is (dan geldt hooguit de 70%-broeikasgaseis voor de totale productie), en waterstof waarvoor je geen Garantie van Oorsprong hebt afgeboekt.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt subsidie in twee delen, elk met een eigen maximum.

Investeringsdeel

Je krijgt maximaal 80% van de subsidiabele kosten vergoed die nodig zijn voor de realisatie van je productie-installatie. Ontving je voor dezelfde installatie al eerder subsidie, dan trek je dat bedrag af van de opgetelde subsidiabele kosten voordat je het maximale investeringssubsidiebedrag berekent: de 80% is inclusief eerder ontvangen subsidie. Blijken je werkelijke kosten achteraf lager dan begroot, dan verlaagt RVO de investeringssubsidie met hetzelfde percentage waarmee de kosten lager uitvallen. Je kunt dat verschil niet 'verschuiven' naar het exploitatiedeel.

Exploitatiedeel

Voor het exploitatiedeel vraag je een eigen productieprijs aan: het subsidiebedrag per kilogram geproduceerde hernieuwbare waterstof. Deze productieprijs moet minimaal € 1,7998 per kilogram zijn (de ondergrens van het correctiebedrag plus € 0,0001) en maximaal € 10,7997 per kilogram. Let op: dit maximum van € 10,7997 geldt alleen als je geen investeringssubsidie aanvraagt. Vraag je wel investeringssubsidie aan, dan wordt dit maximum verlaagd met het bedrag van je aangevraagde investeringssubsidie gedeeld door de totale hoeveelheid volledig hernieuwbare waterstof die je gaat produceren.

Tijdens de looptijd krijg je jaarlijks het verschil uitgekeerd tussen je productieprijs en het definitieve correctiebedrag van dat jaar, vermenigvuldigd met je geproduceerde hoeveelheid volledig hernieuwbare waterstof (plus eventuele gebankte over- of onderproductie). Stijgt de fossiele referentieprijs (bijvoorbeeld door een hogere gasprijs), dan daalt je subsidie. Daalt die referentieprijs, dan stijgt je subsidie, tot aan een ondergrens in het correctiebedrag. Is je productieprijs lager dan het correctiebedrag in een bepaald jaar, dan krijg je dat jaar geen subsidie.

Gezamenlijk maximum

Het totale subsidiebedrag van investering én exploitatie samen mag niet hoger zijn dan € 9 per kilogram volledig hernieuwbare waterstof. Dit bedrag van € 9 per kilogram is afgeleid van een maximum van € 1.000 subsidie per niet-uitgestoten ton CO2.

Plafond per aanvraag en totaalbudget

Per aanvraag mag je maximaal de helft van het totale beschikbare budget aanvragen: € 499.165.000 (de helft van € 998.330.000). Het totale subsidieplafond voor deze ronde was € 998.330.000. Omdat de subsidie via een tender wordt verdeeld, is niet gegarandeerd dat je het volledige bedrag krijgt dat je aanvraagt: alleen de hoogst gerangschikte aanvragen binnen het budget krijgen subsidie.

Voorschotten

Tijdens de bouw ontvang je per kwartaal een voorschot van maximaal 90% van de subsidiabele kosten die in dat kwartaal voor subsidie in aanmerking komen. Tijdens de exploitatiefase ontvang je maandelijks 1/12e deel van een jaarlijks voorschot, berekend op basis van 80% van je verwachte productie maal het verschil tussen je productieprijs en het voorlopige correctiebedrag.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
202415 okt 202428 nov 2024€ 998,3 mlnTender (rangschikking na sluiting)

Wat zijn de voorwaarden van de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse?

Wat je moet doen na toekenning

  • Je vraagt Garanties van Oorsprong aan bij Verticer voor je volledig hernieuwbare waterstof en meldt je installatie zelf tijdig aan bij Verticer.
  • Je laat je installatie certificeren door een conformiteitsbeoordelingsinstantie (CBI): eerst bij een initiële audit, daarna jaarlijkse toezichtaudits. Een certificaat is 5 jaar geldig.
  • Je stuurt jaarlijks vóór 1 juni een verklaring over het voorgaande kalenderjaar, getekend door je CBI-auditor, met de geproduceerde hoeveelheden hernieuwbare en niet-hernieuwbare waterstof.
  • Je stuurt eens per 2 kalenderjaren een voortgangsverslag over je ervaringen en monitoringgegevens.
  • Eén jaar na ingebruikname lever je gegevens aan over kosten, inkomsten en overheidssteun, met een door je accountant ondertekende modelverklaring, zodat RVO kan toetsen of je niet te veel staatssteun ontvangt.
  • Je werkt eventueel mee aan een evaluatie van de subsidie, tot 5 jaar na de subsidievaststelling.
  • Haal je de vereiste 70% broeikasgasreductie niet, dan produceer je volgens de regeling geen hernieuwbare waterstof; RVO kan dan ook de al uitgekeerde investeringssubsidie terugvorderen.
  • Haal je niet de minimale productie om onder de € 9 per kilogram te blijven, dan vordert RVO deels subsidie terug.

Voordat je project inhoudelijk wordt beoordeeld, gelden een aantal harde eisen. Voldoe je er niet aan, dan wordt je aanvraag niet in behandeling genomen of afgewezen:

  • Nominaal elektrisch inputvermogen van de elektrolyser van minimaal 0,5 megawatt.
  • Elektriciteit uit zon- of windenergie (via directe lijn, netaansluiting, of beide).
  • De waterstof is volledig hernieuwbaar volgens de gedelegeerde verordeningen, of behaalt bij gedeeltelijk niet-hernieuwbare productie minimaal 70% broeikasgasreductie.
  • Geen eerdere SDE++- of OWE-subsidie voor dezelfde investering.
  • Geen onomkeerbare verplichtingen aangegaan vóór de aanvraag (geen betalingen, geen definitieve opdrachtverstrekking, nog niet gestart met de projectactiviteiten).
  • Niet afhankelijk van nog te ontvangen andere subsidies.
  • Maximaal één aanvraag per gemeente per ronde.
  • Aangevraagd bedrag van maximaal € 499.165.000 (helft van het budget).
  • Totale subsidie van maximaal € 9 per kilogram volledig hernieuwbare waterstof.
  • Volledige aanvraag: alle verplichte bijlagen en onderdelen van de haalbaarheidsstudie moeten zijn ingediend. Ontbreekt er iets, dan neemt RVO de aanvraag niet in behandeling.

Volledige aanvragen die aan de knock-outeisen voldoen, worden onderling vergeleken en gerangschikt op één criterium: het rangschikkingsbedrag. Dit bereken je als:

(investeringssubsidiebedrag + eerder ontvangen investeringssubsidie + het maximale exploitatiesubsidiebedrag) gedeeld door het nominaal elektrisch inputvermogen van de elektrolyser in megawatt.

Hoe lager je rangschikkingsbedrag (dus hoe minder subsidie je per megawatt vermogen vraagt), hoe hoger je eindigt in de rangschikking en hoe groter je kans op subsidie. De grootte van je project speelt hierbij geen rol; het gaat om de verhouding. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen directe lijn, netgekoppelde en dubbelgekoppelde projecten: ze concurreren in dezelfde rangschikking. Projecten die het hoogst scoren (het laagste rangschikkingsbedrag) krijgen als eerste subsidie, totdat het budget op is.

Daarnaast beoordeelt RVO de financiële en economische haalbaarheid van je project, onder meer op basis van je projectrendement, je rendement op eigen vermogen (ROE) en de debt service coverage ratio (DSCR). Is het projectrendement laag, dan wijst RVO je aanvraag af als onaannemelijk wordt geacht dat het plan financieel en economisch haalbaar is. Een laag rendement moet je dan expliciet motiveren: waarom wil je de installatie toch realiseren? RVO vergelijkt je uitgangspunten onder meer met de cijfers van het Planbureau voor de Leefomgeving voor de SDE 2024.

Wat gebeurt er als een winnend project afvalt of intrekt?

Trekt een aanvrager de aanvraag in vóórdat de beoordeling is afgerond, dan behandelt RVO het volgende project in de rij. Ná afronding van de beoordeling schuift een subsidie bij afwijzing of intrekking niet meer door naar een eerder afgewezen project; wel schuift de budgetgrens op, waardoor het volgende project in de rangschikking alsnog kans maakt.

Na een positieve beschikking gelden gedurende de bouw (realisatiefase) onder meer deze verplichtingen:

  • Je voert het project uit volgens de mijlpalen en het projectplan uit je beschikking.
  • Je rapporteert jaarlijks over de voortgang tot je installatie in gebruik is genomen.
  • Wijkt je kostenbegroting tussen twee mijlpalen meer dan 25% af van de eerder opgegeven investeringsbegroting, dan meld je dit direct aan RVO.
  • Binnen 13 weken na ingebruikname lever je een eindverslag in, met onder meer een specificatie van gemaakte en betaalde subsidiabele kosten met bewijsstukken en een controleverklaring van je accountant.
  • Bij een net- of dubbelgekoppelde installatie lever je ook de stroomafnameovereenkomsten aan (voor 2024-aanvragen: voor de eerste 3 jaar productie).

Hoe vraag je de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse aan?

Je diende je aanvraag digitaal in bij RVO, tijdens de openstellingsperiode van 15 oktober 2024 09:00 tot 28 november 2024 17:00. De digitale aanvraagomgeving ging minimaal 2 weken van tevoren open zodat je je aanvraag in concept kon klaarzetten.

Stap 1: verzamel de bijlagen

Je zorgde zelf voor de volgende documenten:

  • Investeringsbegroting en haalbaarheidsstudie: ingevuld met het Excelmodel 'Model investeringsbegroting en haalbaarheidsstudie OWE 2024'. Hierin staan onder meer je waterstofopbrengstberekening, projectgegevens, mijlpalenbegroting, financieringsplan en exploitatieberekening. Bij minder dan 20% eigen vermogen in het project is een intentieverklaring van een financier verplicht bijlage.
  • Projectplan: op te stellen met het 'Model projectplan OWE 2024' (Word). Hierin staan minimaal 3 mijlpalen met tijdschema, een omschrijving van je installatie en een begroting per kostenonderdeel. Geen ondertekening vereist, wel een beschrijving conform het model.
  • Transportindicatie: verplicht bij een netgekoppelde of dubbelgekoppelde installatie. Je vraagt deze aan bij je netbeheerder; deze mag niet ouder zijn dan 3 maanden vóór je aanvraag. Bij een puur direct-lijn-gekoppelde installatie is dit niet nodig.
  • Vergunningen: de aanvraag van het milieudeel van de omgevingsvergunning (of de definitieve vergunning) plus de bevestiging van de instantie dat de aanvraag in behandeling is genomen. Bij een nog te bouwen wind- of zonnepark op land stuur je ook de vergunning voor het bouwdeel van dat park mee. Bij een project op zee stuur je de vergunning of vergunningaanvraag op basis van de Omgevingswet (of Waterwet, bij aanvragen van vóór 1 januari 2024) mee.
  • Model Toestemming locatie-eigenaar OWE (PDF): verplicht als jij niet de eigenaar bent van de locatie. Wordt ondertekend door de tekenbevoegde van de locatie-eigenaar (bij meerdere eigenaren: door alle eigenaren, met datum en handtekening per eigenaar).
  • Technische specificatie van de elektrolyser: van de leverancier, met het nominaal elektrisch inputvermogen (gelijkstroom, begin levensduur) van alleen de elektrolyser zelf, niet de hele installatie.
  • Schriftelijk aanbod van stroomafname (PPA): verplicht bij een net- of dubbelgekoppelde installatie. Hierin staan het wind- of zonnepark, de leveringsperiode, hoeveelheid, prijs (of prijsberekening) en geldigheidsduur, en dit aanbod moet minimaal de eerste 3 jaar van de exploitatiefase dekken.
  • Machtigingen: bij een samenwerkingsverband machtig je een penvoerder; treed je op als intermediair (bijvoorbeeld als subsidieadviseur of voor een dochter-/zusterbedrijf), dan is een ondertekende machtiging verplicht. Zonder ondertekening is de machtiging niet geldig.

Stap 2: inloggen met eHerkenning

Je logde in met eHerkenning niveau 3, met machtiging RVO-diensten op niveau eH3. Een ketenmachtiging is niet mogelijk voor deze subsidie. Bij een eerste keer inloggen vulde je eerst een profielscherm in.

Stap 3: invullen aanvraagformulier

Via 'Nieuwe aanvraag' open je het formulier voor deze aanvraagronde. Je vult alle gegevens van je productie-installatie in, controleert elk tabblad, en voegt in het laatste tabblad de bijlagen toe (bestanden groter dan 20 MB stuur je in delen mee).

Stap 4: indienen

Via 'Naar verzenden' onder het tabblad 'Controleren' zie je alle vragen en antwoorden. Je vinkt de verklaring en ondertekening aan en verzendt definitief. Je ontvangt direct een ontvangstbevestiging met een projectnummer per e-mail.

Stap 5 en 6: behandeling en beschikking

RVO controleert de volledigheid van alle aanvragen en rangschikt ze vervolgens. Je ontvangt binnen 13 weken na je aanvraag een beslissing (eenmalig te verlengen met maximaal 13 weken). Bij een positieve beschikking kun je starten met de bouw. Ben je het niet eens met de beslissing, dan kun je binnen 6 weken na de datum van afgifte bezwaar maken.

Verdeling: Tender (rangschikking na sluiting). Een sterke, complete aanvraag maakt het verschil.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Beoordeling

RVO beoordeelt eerst of je aanvraag volledig is: ontbreekt een verplicht onderdeel van de haalbaarheidsstudie of een andere verplichte bijlage, dan wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. Volledige aanvragen worden vervolgens gerangschikt op basis van het rangschikkingsbedrag (subsidiebedrag gedeeld door het elektrisch inputvermogen). RVO beoordeelt daarbij ook de financiële haalbaarheid, waaronder projectrendement, rendement op eigen vermogen en de debt service coverage ratio.

Je ontvangt binnen 13 weken na je aanvraag een beslissing (beschikking); deze termijn kan eenmalig met maximaal 13 weken worden verlengd. In de positieve beschikking staat je maximale subsidiebedrag voor het investeringsdeel, wanneer je voorschotten ontvangt, je maximale subsidiebedrag voor het exploitatiedeel en de duur van de subsidielooptijd.

Realisatiefase: voorschotten investeringsdeel

Na een positieve beschikking begint de realisatiefase. Bij een aanvraag in 2024 heb je hiervoor 5 jaar de tijd. Je krijgt voorschotten per kwartaal, binnen 2 weken na de start van de activiteiten in een mijlpaalperiode, ter hoogte van maximaal 90% van de subsidiabele kosten die in dat kwartaal in aanmerking komen. Voorschotten ontvang je alleen als de benodigde vergunningen definitief zijn. Wijkt je kostenbegroting tussen twee mijlpalen meer dan 25% af van je investeringsbegroting, dan meld je dit direct.

Na afronding van de bouw lever je binnen 13 weken een eindverslag in, met onder meer een specificatie van gemaakte en betaalde subsidiabele kosten met bewijsstukken en een accountantsverklaring. RVO stelt het investeringsvoorschot dan bij en stuurt binnen 13 weken na ontvangst van het eindverslag de bijgestelde beschikking. Heb je te weinig ontvangen, dan volgt uitbetaling binnen 6 weken na die beschikking. Heb je te veel ontvangen, dan moet je terugbetalen.

Exploitatiefase: voorschotten en bijstelling

Zodra je installatie in gebruik is en is ingeschreven bij Verticer, ontvang je maandelijks 1/12e deel van een jaarlijks voorschot: 80% van (verwachte jaarproductie x (productieprijs - voorlopig correctiebedrag)). Na afloop van elk kalenderjaar stelt RVO het voorschot bij op basis van je werkelijke productie en het definitieve correctiebedrag (100% van (werkelijke productie + gebankte overproductie) x (productieprijs - definitief correctiebedrag)). Te weinig ontvangen wordt direct aangevuld; te veel ontvangen wordt verrekend met volgende voorschotten.

Je kunt onder- of overproductie verrekenen via banking: forward banking (achterstand inhalen in latere jaren, eventueel met een verlenging van maximaal 1 jaar) en backward banking (overproductie gebruiken voor een later productietekort, tot maximaal 25% van de subsidiabele jaarproductie).

Verplichtingen tijdens de looptijd

Je vraagt Garanties van Oorsprong aan bij Verticer, laat je installatie certificeren door een conformiteitsbeoordelingsinstantie (eerste audit plus jaarlijkse toezichtaudits, certificaat 5 jaar geldig), stuurt jaarlijks vóór 1 juni een verklaring over de productie van het voorgaande jaar, levert eens per 2 jaar een voortgangsverslag, en levert 1 jaar na ingebruikname gegevens over kosten en steun aan (met accountantsverklaring) zodat RVO kan toetsen op te veel ontvangen staatssteun. RVO kan je tot 5 jaar na de subsidievaststelling vragen mee te werken aan een evaluatie.

Vaststelling

Na afloop van de subsidieperiode (bij aanvragen in 2024: 5 tot 10 jaar plus eventueel een bankingsjaar) stelt RVO het definitieve subsidiebedrag vast, pas nadat de definitieve correctiebedragen voor het laatste jaar bekend zijn (rond 1 april van het volgende jaar) en alle verklaringen zijn ontvangen. Je krijgt eerst een voornemen tot vaststelling ter controle. Heb je recht op meer dan je ontving, dan wordt dat uitbetaald; heb je te veel ontvangen, dan betaal je terug.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling, waarvan er 3 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Veelgestelde vragen over de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse

Voor wie is de OWE-subsidie bedoeld?

De subsidie is voor bedrijven die een productie-installatie voor hernieuwbare waterstof realiseren én gebruiken, met een elektrolyser van minimaal 0,5 megawatt vermogen die elektriciteit uit zon en wind gebruikt.

Hoe wordt bepaald wie subsidie krijgt?

Het budget wordt verdeeld met een tender: alle aanvragen worden gerangschikt op basis van het rangschikkingsbedrag (het aangevraagde subsidiebedrag inclusief eerder ontvangen subsidie, gedeeld door het elektrisch inputvermogen van de elektrolyser). Hoe lager dit bedrag, hoe hoger de kans op subsidie.

Waarvoor krijg ik subsidie bij het investeringsdeel?

U krijgt maximaal 80% van de kosten vergoed die nodig zijn voor de realisatie van uw productie-installatie, zoals de elektrolyser en bijbehorende apparatuur, waterstofopslag, een beperkt batterijopslagsysteem, engineeringskosten, gebouwen en grond, materialen tijdens de bouw, infrastructuuraansluiting en een compressor tot maximaal 70 bar.

Wat is het exploitatiedeel van de subsidie?

Het exploitatiedeel is een subsidie per geproduceerde kilogram volledig hernieuwbare waterstof, gedurende minimaal 5 en maximaal 10 jaar. U ontvangt het verschil tussen de gemiddelde kostprijs van uw hernieuwbare waterstof en een correctiebedrag dat de vermeden kosten van fossiele waterstofproductie weerspiegelt.

Kan ik zowel SDE++ als OWE-subsidie krijgen voor mijn project?

Nee, u kunt de OWE-subsidie niet combineren met SDE, eerder ontvangen OWE-subsidie of de Energie-investeringsaftrek (EIA). Combineren met bijvoorbeeld IPCEI mag wel, als dit geen belemmering vormt voor de andere subsidie.

Wat is het maximale subsidiebedrag per kilogram waterstof?

Het totale subsidiebedrag voor investering en exploitatie is maximaal € 9 per kilogram volledig hernieuwbare waterstof, afgeleid van maximaal € 1.000 subsidie per niet uitgestoten ton CO2.

Mag ik al beginnen met de bouw voordat ik subsidie heb aangevraagd?

Nee, u mag nog geen onomkeerbare verplichtingen aangaan voor de installatie, zoals betalingen doen, een definitieve opdracht tekenen of starten met de activiteiten uit uw projectplan. Een opdrachtverstrekking onder voorbehoud van subsidie is wel toegestaan.

Hoeveel aanvragen mag ik per gemeente indienen?

U mag per subsidieronde één aanvraag per gemeente indienen.

Wanneer ontvang ik het investeringsdeel van de subsidie?

Het investeringsdeel krijgt u tijdens de realisatie van uw productie-installatie, uitbetaald als voorschotten van maximaal 90% van de subsidiabele kosten per periode.

Wanneer ontvang ik het exploitatiedeel van de subsidie?

Het exploitatiedeel krijgt u verdeeld over minimaal 5 en maximaal 10 jaar na realisatie van uw installatie, voor de daadwerkelijk geproduceerde volledig hernieuwbare waterstof.

Aan welke eisen moet mijn productie-installatie voldoen?

De installatie moet een nominaal elektrisch inputvermogen van minimaal 0,5 megawatt hebben en gekoppeld zijn aan wind- of zonne-energie (direct, via het net, of een combinatie). Andere hernieuwbare energiebronnen zijn niet toegestaan en de waterstof moet volledig hernieuwbaar zijn volgens de gedelegeerde verordeningen.

Kan ik subsidie krijgen als mijn installatie ook niet-hernieuwbare waterstof produceert?

Ja, maar dan moet de geproduceerde waterstof minimaal 70% minder broeikasgassen uitstoten.

Moet ik de geproduceerde waterstof in Nederland afzetten?

Nee, de regeling stelt hierin geen eisen. U mag de hernieuwbare waterstof ook in het buitenland afzetten.

Moet ik al een koper voor mijn waterstof hebben bij de aanvraag?

U moet de afname aannemelijk maken door aan te tonen dat u in contact staat met potentiële koper(s) die een schriftelijk voornemen tot aankoop willen vastleggen. Een 100% garantie is niet vereist.

Moet ik de stroomafnameovereenkomst (PPA) al gesloten hebben bij het indienen van de aanvraag?

Nee, de PPA moet pas gesloten zijn bij de start van de productie. Voor de aanvraag van een net- of dubbelgekoppelde installatie in 2024 moet u wel een schriftelijk aanbod meesturen.

Kan ik subsidie krijgen voor tubetrailers of vulpunten?

Nee, apparatuur waarmee u de geproduceerde waterstof aan afnemers levert, zoals tubetrailers en vulpunten, valt buiten de waterstofproductie-installatie en komt niet in aanmerking voor subsidie.

Kan ik subsidie krijgen voor een compressor?

Ja, als de compressor de druk verhoogt tot maximaal 70 bar om te leveren aan een waterstofnetwerk. Compressie naar hogere druk voor opslag en transport komt niet in aanmerking voor subsidie.

Kan ik subsidie krijgen voor engineeringskosten en gemaakte uren van eigen personeel?

Ja, detailontwerp van de installatie valt onder immateriële activa. Ook uren van eigen personeel kunnen meetellen, maar alleen als deze op de balans geactiveerd worden en rechtstreeks verband houden met de bouw van de installatie.

Mag de FEED al gestart zijn voordat ik de subsidie aanvraag?

Ja, de FEED mag al gestart zijn. Kosten die u vóór het indienen van uw aanvraag heeft gemaakt, vallen echter niet onder de subsidie. U moet dan de FEED-fase splitsen in een deel voor en een deel na de aanvraag.

Hoe lang moet ik wachten op een beslissing na mijn aanvraag?

U ontvangt binnen 13 weken na uw aanvraag een beslissing. Deze periode kan eenmalig met maximaal 13 weken worden verlengd.

Binnen welke termijn moet ik mijn installatie realiseren?

Bij een aanvraag in 2024 heeft u 5 jaar de tijd om de waterstofinstallatie te realiseren vanaf de subsidiebeschikking. Bij een aanvraag in 2023 was dit 4 jaar.

Moet ik subsidie terugbetalen als mijn installatie de vereiste broeikasgasreductie niet behaalt?

Ja, als u niet voldoet aan de eis van minimaal 70% broeikasgasemissiereductie, produceert u geen hernieuwbare waterstof en valt uw project niet onder de subsidie. Ook de investeringssubsidie kan dan worden terugvorderd.

Kan ik mijn OWE-subsidie overdragen aan een andere organisatie?

U kunt de subsidie niet overdragen, tenzij RVO hiervoor vooraf op uw verzoek toestemming geeft. Hiervoor gebruikt u het formulier Wijziging subsidieontvanger OWE.

Wat gebeurt er als een winnend project de subsidie teruggeeft?

Als een aanvrager de subsidie intrekt vóórdat de beoordeling is afgerond, wordt het volgende project in de rij in behandeling genomen. Na afronding van de beoordeling schuift de subsidie niet meer door naar een eerder afgewezen project, maar schuift de budgetgrens op zodat het volgende project kans maakt.

Moet ik in fases opleveren of moet de hele installatie in één keer klaar zijn?

U mag de installatie in fases opleveren, zolang de volledige productie-installatie binnen de realisatietermijn van 5 jaar na de subsidiebeschikking in gebruik wordt genomen. Er geldt wel één exploitatieperiode voor de hele installatie.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.