GeslotenRijk · Landelijk · Subsidie

Innovatieve projecten in de visserij 2024

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

Wat is de Innovatieve projecten in de visserij 2024?

Deze subsidie is voor visserijbedrijven, visserijorganisaties en kennisinstellingen die een innovatief idee hebben voor de zee-, kust- of binnenvisserij. Denk aan nieuwe producten, processen of uitrusting die zorgen voor een duurzamere visserij en meer veiligheid aan boord.

De regeling was open van 5 maart 2024 tot 7 mei 2024 17:00 uur. Op dit moment is het loket gesloten voor aanvragen. Er is in deze ronde € 6.600.000 beschikbaar, waarvan 70% komt uit het Europese EMFAF-fonds en de rest van de Nederlandse overheid.

Je krijgt 75% van je subsidiabele kosten vergoed, met een maximum van € 500.000 per project. Om mee te doen heb je minimaal € 250.000 aan subsidiabele kosten nodig, of minimaal € 100.000 als je project alleen over de binnen- en kustvisserij gaat.

Je vraagt aan via mijn.rvo.nl. Na de aanvraagperiode rangschikt een adviescommissie alle aanvragen op basis van criteria zoals innovativiteit, haalbaarheid en bijdrage aan duurzaamheid. Je hoort binnen 22 weken na de sluitingsdatum of en hoeveel subsidie je krijgt. Tijdens de uitvoering kun je deelbetalingen aanvragen (tot maximaal 90% van het subsidiebedrag) en na afronding vraag je de definitieve vaststelling aan.

Let op: voor deze ronde is de deadline al verstreken. Wil je toch subsidie aanvragen, houd dan de pagina in de gaten voor een volgende openstelling.

Wie komt in aanmerking voor de Innovatieve projecten in de visserij 2024?

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Waarvoor krijg je subsidie?

Je krijgt subsidie voor de subsidiabele kosten van je innovatieproject.

Kostencategorieën met werkelijke kosten

Deze kostensoorten declareer je op basis van daadwerkelijk gemaakte en betaalde facturen (Format Betalingsoverzicht voor projecten EMFAF):

  • Kosten derden, niet aanbesteed: kosten voor goederen of diensten van externe leveranciers zonder aanbestedingsprocedure. Bij een totale opdracht van meer dan € 25.000 aan één leverancier moet je voorafgaand minimaal 3 offertes hebben opgevraagd bij onafhankelijke leveranciers en de opdracht hebben verleend aan de economisch meest voordelige aanbieder. Uitzonderingen: je hebt een ontheffing gekregen (of aangevraagd) voor het aanleveren van drie offertes, de leverancier is zelf een kennisinstelling, of de opdracht is verleend via een aanbestedingsprocedure.
  • Kosten derden, aanbesteed: kosten voor goederen of diensten die via een aanbestedingsprocedure zijn ingekocht. Je geeft hierbij het aanbestedingsprocedurenummer op.
  • Btw die niet kan worden verrekend: de btw op kosten, als je deze niet via de Belastingdienst kunt terugvragen.
  • Afschrijvingen: heb je producten of machines al vóór de start van je project in bezit en schrijf je hierop af? Dan geef je de waardevermindering tijdens de projectperiode op, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen. Het moet gaan om bedrijfsmiddelen waarover je zelf economisch risico loopt, dus geen huur of operational lease. Investeringen onder € 450 (exclusief btw) gelden als kleine aanschaffingen waarover je niet hoeft af te schrijven, tenzij ze noodzakelijk onderdeel zijn van een duurzaam bedrijfsmiddel; dan tel je ze bij dat bedrijfsmiddel op.
  • Btw afschrijvingen: de btw over de afschrijvingskosten, als je deze niet kunt verrekenen.
  • Bijdrage in natura, roerende goederen: heb je bedrijfsmiddelen al in bezit en schrijf je er niet (meer) op af? Dan kun je de waarde hiervan als bijdrage in natura opvoeren. Een onafhankelijke deskundige (bijvoorbeeld een taxateur) bepaalt de waarde. Belangrijke beperking: de totale subsidie voor je project mag aan het einde niet hoger zijn dan je totale subsidiabele uitgaven exclusief deze bijdragen in natura.

Voor afschrijvingen en bijdragen in natura moet je bewijsstukken aanleveren, zoals een factuur en betaalbewijs van de aanschafwaarde, een taxatierapport voor de restwaarde, en een jaarrekening of accountantsspecificatie voor de afschrijvingstermijn en -methode.

Kostencategorieën met een vast tarief per eenheid (VKO)

Voor deze kostensoorten gebruik je een vaste, vereenvoudigde rekenregel in plaats van losse facturen (Format Betalingsoverzicht met VKO's):

  • Reiskosten: een vast tarief (Tarief REES) per kilometer. Je houdt dit bij in het Format Reiskosten registratie EMFAF, met datum, vertrek- en aankomstplaats (met postcode), reden van de reis en aantal kilometers.
  • Loonkosten met een vast uurtarief: een vast tarief (Tarief REES) per gewerkt uur. Je houdt de uren bij in het Format Urenregistratie EMFAF, met naam van de medewerker, omschrijving van de werkzaamheden en de fase van het project waar de uren aan besteed zijn.
  • Loonkosten IKS: als een kennisinstelling een Integrale Kostensystematiek (IKS) gebruikt, geldt haar eigen IKS-tarief.
  • Loonkosten als vast percentage van andere kosten: een percentage dat automatisch wordt berekend over andere opgevoerde kosten; je vult dit bedrag niet zelf in.
  • Eigen arbeid: uren die je zelf (als ondernemer) aan het project besteedt, bijgehouden via het urenregistratieformat.
  • Vrijwilligerswerk: uren van vrijwilligers, verplicht bijgehouden via het Format Urenregistratie EMFAF; het aantal eenheden vul je hierbij naar rato in (met maximaal 2 cijfers achter de komma).
  • Communicatiekosten, duurzaam bord: een vast tarief voor een communicatiebord over je project.
  • Communicatiekosten, poster: een vast tarief voor een poster over je project.

Je kiest per deelnemer één manier om loonkosten te berekenen (vast tarief of IKS); dit geldt dan voor die deelnemer als geheel, met uitzondering van een kennisinstelling die IKS gebruikt.

Wat niet subsidiabel is

  • Kosten voor het verhogen van de bruto-tonnage of vangstcapaciteit van je vaartuig, behalve in de 4 uitzonderingssituaties genoemd in de sectie Voorwaarden.
  • De kosten voor het opstellen van de accountantsverklaring die nodig is als een kennisinstelling een IKS gebruikt.

Hoeveel subsidie krijg je?

Je krijgt 75% van je subsidiabele kosten vergoed, met een maximum van € 500.000 per project.

Ondergrens

Om subsidie te krijgen heb je een minimumbedrag aan subsidiabele kosten nodig:

  • Minimaal € 250.000 subsidiabele kosten voor projecten in het algemeen.
  • Minimaal € 100.000 subsidiabele kosten als je project alleen over de binnen- en kustvisserij gaat.

Heb je minder subsidiabele kosten dan deze drempel, dan komt je project niet in aanmerking.

Bovengrens

Het maximale subsidiebedrag per project is € 500.000, ongeacht hoe hoog je subsidiabele kosten daarboven uitkomen.

Totaalbudget van deze ronde

Voor deze openstelling was in totaal € 6.600.000 beschikbaar. Daarvan komt 70% uit het Europese EMFAF-fonds; de rest betaalt de Nederlandse overheid. Zodra het budget vol is of de aanvraagperiode sluit, worden aanvragen op basis van rangschikking beoordeeld: de adviescommissie kent per project scores toe en projecten met de hoogste score krijgen als eerste subsidie, totdat het budget op is.

Uitbetaling tijdens je project

Na de toekenning kun je deelbetalingen aanvragen voor kosten die je al hebt gemaakt en betaald. In totaal kun je zo maximaal 90% van je toegekende subsidiebedrag als deelbetaling krijgen. De resterende 10% (of meer, als er bij vaststelling minder subsidiabele kosten blijken) volgt bij de definitieve vaststelling na afronding van je project.

Bijzondere regel bij bijdragen in natura

Breng je bijdragen in natura in (bijvoorbeeld eigen bedrijfsmiddelen)? Dan mag de totale subsidie voor je project aan het einde niet hoger zijn dan je totale subsidiabele uitgaven exclusief die bijdragen in natura. Dit werkt dus als een extra plafond binnen de al genoemde 75% en € 500.000.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
Openstelling5 mrt 20247 mei 2024--

Wat zijn de voorwaarden van de Innovatieve projecten in de visserij 2024?

Voordat er inhoudelijk naar je project wordt gekeken, moet je aan een paar harde voorwaarden voldoen:

  • Je bent een visserijbedrijf, visserijorganisatie of kennisinstelling, of je werkt samen met minimaal een van deze partijen in een samenwerkingsverband.
  • Je project heeft minimaal € 250.000 aan subsidiabele kosten (of € 100.000 bij een project dat alleen over binnen- en kustvisserij gaat). Zit je daaronder, dan komt je aanvraag niet in behandeling.
  • Er is een kennisinstelling betrokken bij je project, tenzij die al deelnemer is in je samenwerkingsverband.
  • Je begint pas met je project (en het maken van kosten) na je aanvraag, niet ervoor.
  • Wil je subsidie voor het verhogen van bruto-tonnage of vangstcapaciteit? Dan moet je project in één van de 4 genoemde situaties vallen en aan de extra vaartuigeisen voldoen (vlootsegment in evenwicht, maximaal 24 meter lengte over alles, minimaal 10 jaar in het Register van vissersvaartuigen, en compensatie van de extra vangstcapaciteit).

Na sluiting van de aanvraagperiode rangschikt een adviescommissie alle aanvragen. De commissie scoort elk project op 5 criteria, elk met een score van 1 tot en met 10 punten. Hoe hoger je totaalscore, hoe hoger je in de rangschikking staat en hoe eerder je in de beoordelings- en toekenningsvolgorde komt. De criteria en hun weging:

  • Hoe innovatief het project is (weegt 20%).
  • Hoe goed de resultaten van het project in de praktijk gebruikt kunnen worden, technisch en economisch (weegt 10%).
  • Hoe haalbaar het project is, economisch en technisch (weegt 10%).
  • Hoe het project bijdraagt aan een ecologisch duurzamere visserij. Hierbinnen kijkt de commissie naar 4 aspecten: minder bodemberoering, selectiever vissen, efficiënter energieverbruik en beter dierenwelzijn (dit criterium weegt samen 40%).
  • Hoe het project bijdraagt aan een economisch duurzamere visserij. Hierbinnen kijkt de commissie naar 2 aspecten: betere veiligheid aan boord en het gebruik van flexibelere vismethodes (dit criterium weegt samen 20%).

Belangrijk: voor criterium 1, 3 en 4 geldt een minimumscore van 6 punten per criterium. Scoor je op een van deze drie lager dan 6, dan val je alsnog af, ook al is je gemiddelde score hoog.

Zodra je de beslisbrief hebt ontvangen, gelden verplichtingen tijdens de looptijd van je project:

  • Je houdt een projectadministratie bij, inclusief bewijsstukken van kosten en communicatie.
  • Je begint uiterlijk binnen 12 maanden na de beslisbrief met je project en rondt het af binnen 3 jaar na de beslisbrief.
  • Je regelt zelf alle vergunningen, ontheffingen en andere vormen van toestemming die je nodig hebt om je project uit te voeren. De subsidie zelf geeft je deze documenten niet.
  • Loopt je project anders dan gepland, of wil je zelf iets wijzigen? Dan geef je dit zo snel mogelijk door. Sommige wijzigingen moet je volgens de wet altijd melden, bijvoorbeeld als je activiteiten (deels) niet uitvoert of niet volgens planning gaat. Bij twijfel neem je contact op met RVO om te checken of je de wijziging digitaal moet doorgeven.
  • Wil je de penvoerder of de deelnemers in je samenwerkingsverband wijzigen? Ook dat geef je door, inclusief een nieuwe machtiging voor de penvoerder.
  • Er zijn situaties waardoor je (verder) geen subsidie uit het EMFAF-fonds kunt krijgen, bijvoorbeeld als je als visser te veel inbreukpunten hebt.

Tijdens de looptijd kun je deelbetalingen aanvragen voor gemaakte en betaalde kosten (tot maximaal 90% van je subsidiebedrag). Na afronding van je project vraag je binnen 13 weken na de einddatum van je project (die in je beslisbrief staat) de definitieve vaststelling van je subsidie aan.

Hoe vraag je de Innovatieve projecten in de visserij 2024 aan?

Let op: deze ronde is gesloten. De aanvraagperiode liep van 5 maart 2024 00:00 tot 7 mei 2024 17:00 uur. Onderstaand proces gold voor deze ronde en is een goede indicatie voor een volgende openstelling.

Stap 1: aanvraag indienen (tot 7 mei 2024, 17:00 uur)

Je vraagt subsidie aan via mijn.rvo.nl.

Stap 2: beoordeling en rangschikking

Na sluiting van de aanvraagperiode beoordeelt een adviescommissie alle aanvragen op de 5 criteria (zie sectie Voorwaarden) en rangschikt ze. Aanvragen worden in deze rangschikkingsvolgorde beoordeeld en van subsidie voorzien, totdat het budget van € 6.600.000 op is.

Stap 3: de beslisbrief

Je krijgt de beslissing binnen 22 weken na de sluitingsdatum van de subsidieronde. In de beslisbrief staat het maximale subsidiebedrag dat je kunt krijgen, en de einddatum van je project.

Stap 4: tijdens de uitvoering, deelbetaling aanvragen

Zodra je kosten hebt gemaakt en betaald, kun je een deelbetaling aanvragen (tot maximaal 90% van je subsidiebedrag in totaal). Bij elke aanvraag voor een deelbetaling stuur je mee:

  • Tussenrapport (verplicht format: Format Tussenrapport EMFAF-projecten, Word-document). Hierin beschrijf je de stand van zaken van je activiteiten, behaalde resultaten, of je project volgens planning loopt, verschillen tussen begrote en gemaakte kosten, de status van vergunningen en je communicatieactiviteiten.
  • Verantwoordingsoverzicht (format). Je vult hierin per deelnemer, kostencategorie en factuur de bedragen in en neemt de samenvatting over in het digitale aanvraagformulier.
  • Bewijsstukken van communicatie: materiaal van je uitgevoerde communicatieactiviteiten.
  • Bewijsstukken van kosten: facturen, betaalbewijzen en eventueel offertes (bij opdrachten boven € 25.000 aan één leverancier moet je bijvoorbeeld drie offertes van onafhankelijke leveranciers kunnen laten zien, tenzij je een ontheffing hebt gekregen of de opdracht via een aanbestedingsprocedure is verleend).
  • Vergunningen en toestemmingen die je nog niet eerder had opgestuurd.

Gebruik je bij loonkosten of reiskosten een vast tarief per eenheid (VKO)? Dan vul je aanvullend het Format Urenregistratie EMFAF (Excel) in voor gewerkte uren (verplicht bij vrijwilligerswerk), met een handtekening (paraaf) van de leidinggevende of projectleider, en/of het Format Reiskosten registratie EMFAF (Excel) voor gereden kilometers.

Stap 5: na afronding, vaststelling aanvragen

Is je project klaar en heb je alle kosten betaald? Dan vraag je binnen 13 weken na de einddatum van je project (te vinden in je beslisbrief) de vaststelling aan. Je stuurt hierbij mee:

  • Eindverslag (format, op moment van schrijven nog niet beschikbaar volgens het loket).
  • Verantwoordingsoverzicht (dezelfde formats als bij de deelbetaling).
  • Bewijsstukken van communicatie.
  • Bewijsstukken van kosten.
  • Vergunningen en toestemmingen.
  • Verklaring van de kennisinstelling over haar rol in het project. Gebruikt de kennisinstelling een Integrale Kostensystematiek (IKS)? Dan stuur je altijd een accountantsverklaring mee, zonder dat hiervoor een minimumbedrag geldt. De kosten voor het opstellen van deze verklaring zijn zelf niet subsidiabel.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt en hoe lang duurt het

Na sluiting van de aanvraagperiode (7 mei 2024) beoordeelt een adviescommissie alle aanvragen op de 5 criteria uit de sectie Voorwaarden en rangschikt ze op score. Aanvragen worden in deze rangschikkingsvolgorde beoordeeld en van subsidie voorzien, tot het budget van € 6.600.000 op is. Je krijgt de beslissing binnen 22 weken na de sluitingsdatum van de subsidie. In de beslisbrief staat het maximale subsidiebedrag dat je kunt krijgen en de einddatum van je project.

Met de subsidie krijg je geen vergunning of andere vorm van toestemming. Je regelt alle benodigde vergunningen, ontheffingen en toestemmingen zelf, los van de subsidie.

Uitbetaling: deelbetalingen tijdens de looptijd

Na de toekenning kun je deelbetalingen aanvragen voor kosten die je al gemaakt en betaald hebt. In totaal kun je zo tot maximaal 90% van je subsidiebedrag als deelbetaling ontvangen. Bij elke deelbetaling stuur je een tussenrapport en verantwoordingsoverzicht mee (zie sectie Aanvraagproces), plus bewijsstukken van kosten, communicatie en eventuele vergunningen.

Vaststelling na afronding

Is je project klaar en heb je alles betaald? Dan vraag je binnen 13 weken na de einddatum van je project (te vinden in je beslisbrief) de definitieve vaststelling aan. Hierbij stuur je een eindverslag, verantwoordingsoverzicht, bewijsstukken en, als er een kennisinstelling met IKS bij betrokken is, een accountantsverklaring mee. Bij de vaststelling wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld en verrekend met de deelbetalingen die je al hebt ontvangen.

Verplichtingen tijdens de looptijd

  • Je begint uiterlijk binnen 12 maanden na de beslisbrief met je project en rondt het af binnen 3 jaar na de beslisbrief. Kun je dit niet halen vanwege vergunningen die niet op tijd komen, en ligt dat niet aan jou, dan kun je een ontheffing aanvragen.
  • Je houdt je aan regels voor communicatie over je project en voor je projectadministratie.
  • Loopt je project anders dan gepland of wil je zelf iets wijzigen? Geef dit zo snel mogelijk door. Sommige wijzigingen (bijvoorbeeld als je activiteiten deels niet uitvoert of niet volgens planning) moet je volgens de wet altijd melden. Bij twijfel neem je contact op met RVO.
  • Wil je de penvoerder of deelnemers in je samenwerkingsverband wijzigen, dan geef je dit door inclusief een nieuwe machtiging voor de penvoerder.
  • Er zijn situaties waardoor je (verder) geen subsidie uit het EMFAF-fonds kunt krijgen, bijvoorbeeld als je als visser te veel inbreukpunten hebt.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling, waarvan er 3 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Innovatieve projecten in de visserij 2024. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.