Experimenteerlocaties voor de agrarische sector
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Wat is de Experimenteerlocaties voor de agrarische sector?
Werk je in een samenwerkingsverband aan nieuwe ideeën en technieken voor een toekomstbestendige land- of tuinbouw? Dan kun je subsidie krijgen om een gebiedsgerichte experimenteerlocatie op te zetten. Op die locatie voer je praktijkproeven uit en deel je de resultaten met betrokkenen. Je project moet bijdragen aan minimaal één van vijf doelen: een eerlijk inkomen voor de landbouwer, minder stikstof- en broeikasgasuitstoot en minder gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, beter dierenwelzijn, meer biodiversiteit, of beter bodem- en waterbeheer.
De regeling is voor samenwerkingsverbanden van minimaal twee partijen, waarvan er minstens één een onderzoeksorganisatie is. Je krijgt tussen € 2.000.000 en € 5.000.000 per project, uit een totaalbudget van € 20.000.000. Deze openstelling loopt van 7 mei 2026 09:00 tot 18 juni 2026 17:00. Je dient je aanvraag in via Mijn RVO, met een werkplan en begroting volgens de verplichte formats, en een onafhankelijke commissie beoordeelt en rangschikt daarna alle aanvragen.
Let op: deze openstelling staat op het loket momenteel als "gesloten voor aanvragen".
Wie komt in aanmerking voor de Experimenteerlocaties voor de agrarische sector?
Je komt alleen in aanmerking als je aanvraagt namens een samenwerkingsverband, niet als individuele organisatie. Harde eisen:
- Minimaal 2 deelnemers, waarvan ten minste één een onderzoeksorganisatie is.
- Het grootste deel van de subsidiabele activiteiten vindt plaats in aangewezen postcodegebieden in Drenthe, Flevoland, Friesland, Gelderland, Groningen, Limburg, Noord-Brabant, Noord-Holland, Zeeland of Zuid-Holland. Op het loket kun je met je postcode checken of je hoofdlocatie en andere locaties meetellen.
- Je regelt zelf de benodigde vergunningen (bijvoorbeeld een omgevingsvergunning, een vergunning Wet natuurbescherming of een verklaring van geen bedenkingen).
- Je start niet vóór het indienen van je aanvraag met het project, gaat geen verplichtingen aan en maakt geen kosten.
- Je kunt aantonen dat je het project kunt financieren.
- Geen deelnemer in het samenwerkingsverband is een onderneming in moeilijkheden.
Wie valt af:
- Provincies, gemeentes en openbare lichamen kunnen niet aanvragen.
- Grote ondernemingen die geen onderzoeksorganisatie zijn, kunnen niet aanvragen.
- Andere deelnemers dan landbouwondernemingen en onderzoeksorganisaties krijgen geen subsidie voor investeringen.
Deelnemen kan als landbouwer, mkb'er of als medewerker van een organisatie zonder economische activiteiten (zoals een stichting of vereniging), zolang de activiteiten bijdragen aan de landbouw. Twijfel je of je organisatie telt als onderzoeksorganisatie? Check dan de definitie op het loket, want niet elke organisatie die onderzoek doet voldoet daaraan.
Waarvoor krijg je subsidie?
Je krijgt subsidie voor vier soorten activiteiten, elk met een eigen percentage:
- Oprichten en onderhouden van het samenwerkingsverband: 100% van de kosten.
- Voorbereiden, uitvoeren en meten van praktijkproeven (om het doelbereik te toetsen): maximaal 80% van de kosten.
- Investeringen voor de experimenteerlocatie en praktijkproeven: landbouwondernemingen krijgen 65% voor productieve investeringen en 100% voor niet-productieve investeringen. Onderzoeksorganisaties krijgen 100% voor beide soorten investeringen. Andere deelnemers krijgen hiervoor geen subsidie.
- Kennis delen over de resultaten van praktijkproeven: 100% van de kosten.
Voor productieve investeringen kun je tot 15% extra subsidie krijgen als je jonge landbouwer bent, of als je investering bijdraagt aan dierenwelzijn of milieu- en klimaatdoelen.
Welke kostensoorten precies subsidiabel zijn en onder welke voorwaarden, staat in het Format begroting. Dat format was op het moment van controleren nog niet beschikbaar op het loket ("dit format vindt u binnenkort op deze pagina").
Hoeveel subsidie krijg je?
Je vraagt minimaal € 2.000.000 en maximaal € 5.000.000 subsidie aan per project. Het totale budget voor deze openstelling is € 20.000.000, en het geld gaat niet op volgorde van binnenkomst maar naar de aanvragen die het hoogst scoren bij de beoordeling (zie Voorwaarden).
De subsidiepercentages verschillen per activiteit en deelnemer:
- Oprichten en onderhouden van het samenwerkingsverband: 100%.
- Voorbereiden, uitvoeren en meten van praktijkproeven: maximaal 80%.
- Investeringen: landbouwondernemingen krijgen 65% voor productieve investeringen en 100% voor niet-productieve investeringen. Onderzoeksorganisaties krijgen 100% voor zowel productieve als niet-productieve investeringen. Andere deelnemers krijgen geen subsidie voor investeringen.
- Kennis delen over de resultaten van praktijkproeven: 100%.
Extra: vraag je aan als jonge landbouwer, of draagt je investering bij aan dierenwelzijn of milieu- en klimaatdoelen? Dan krijg je voor productieve investeringen maximaal 15% extra subsidie boven het reguliere percentage.
Het subsidiebedrag dekt meestal niet alle kosten. Je vult het verschil zelf aan (eigen bijdrage), en legt in je aanvraag uit hoe je dat regelt, onderbouwd met documenten. Voor praktijkproeven en productieve investeringen mag die eigen bijdrage bestaan uit geld of een bijdrage in natura van de private markt, subsidie van een provincie, gemeente of waterschap, of eigen middelen. Voor (andere) investeringen mag de eigen bijdrage niet van een provincie, gemeente of waterschap komen.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 2026 | 7 mei 2026 | 18 jun 2026 | € 20 mln | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Experimenteerlocaties voor de agrarische sector?
Knock-outeisen (zie ook Kom ik in aanmerking): minimaal 2 deelnemers met minstens één onderzoeksorganisatie, activiteiten grotendeels in aangewezen postcodegebieden, geen onderneming in moeilijkheden, geen start of kosten vóór indiening, en je kunt de financiering aantonen.
Voldoe je hieraan, dan beoordeelt een onafhankelijke adviescommissie je aanvraag op vijf rangschikkingscriteria, elk met een score van 0-5 punten en een eigen wegingsfactor:
- Effectiviteit (wegingsfactor 5, max 25 punten): meerwaarde van de locatie, keuze praktijkproeven, bijdrage aan overheidsdoelen, toepassing van resultaten in de praktijk, kennisdeling.
- Haalbaarheid (wegingsfactor 4, max 20 punten): kwaliteit werkplan en samenwerkingsverband, technische haalbaarheid, aangetoond draagvlak in de regio.
- Efficiëntie (wegingsfactor 3, max 15 punten): verhouding begrote kosten en verwachte resultaten, noodzaak van de kosten, benutting van bestaande kennis en arbeid.
- Innovatie (wegingsfactor 3, max 15 punten): grensverleggend karakter van de aanpak en van de experimenten.
- Betrokkenheid agrariërs (wegingsfactor 2, max 10 punten): aangetoonde steun van agrarische ondernemers, bijvoorbeeld met brieven of verklaringen.
Je kunt maximaal 85 punten scoren en moet minimaal 50 punten halen om in aanmerking te komen. Het budget gaat naar de aanvragen met de hoogste score, niet op volgorde van binnenkomst.
Na toekenning: je houdt je aan de voorwaarden uit je beslisbrief, meldt wijzigingen vooraf, levert jaarlijks een tussenrapportage aan (uiterlijk 1 november, met het verplichte Format Tussenrapportage) en vraagt na afronding vaststelling aan.
Hoe vraag je de Experimenteerlocaties voor de agrarische sector aan?
Je dient je aanvraag in via Mijn RVO (knop "Uw aanvraag beheren"), tussen 7 mei 2026 09:00 en 18 juni 2026 17:00. Inloggen kan met eHerkenning op betrouwbaarheidsniveau 3.
Verplichte onderdelen van je aanvraag:
- Een werkplan, opgesteld volgens het (gewijzigde) verplichte format van het loket. Hierin beschrijf je onder meer je activiteiten en planning voor het projectjaar (hoofdstuk 6.1), waarnaar de tussenrapportage later terugverwijst.
- Een projectbegroting, opgesteld volgens het (gewijzigde) verplichte Format begroting.
- Onderbouwing van je eigen bijdrage (financiering), met ondersteunende documenten.
- Eventuele documenten voor benodigde vergunningen.
De beoordeling gebeurt op basis van het werkplan en de begroting zoals die op de sluitingsdatum (18 juni 2026) bij RVO binnen zijn. Je krijgt de beslissing rond 2 november 2026.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Een onafhankelijke adviescommissie beoordeelt alle complete aanvragen die aan de voorwaarden voldoen, op basis van het werkplan en de begroting. Ze kan tijdens de beoordeling aanvullende informatie bij je opvragen. Je ontvangt de beslissing rond 2 november 2026. Aanvragen met de meeste punten krijgen als eerste subsidie.
Je mag na het indienen van je aanvraag al starten met je project, maar dat is op eigen risico zolang je de beslisbrief nog niet hebt.
Uitbetaling via voorschotten: krijgt een deelnemer meer dan € 25.000 subsidie, dan ontvangt die binnen 2 weken na projectstart het eerste voorschot, en daarna telkens binnen 2 weken na 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober van elk projectjaar. Het voorschot is maximaal 90% van het subsidiebedrag; de rest volgt na vaststelling. Krijgt een deelnemer minder dan € 25.000, dan ontvangt die binnen 2 weken na projectstart direct 100%.
Tijdens de looptijd meld je wijzigingen (vertraging, inhoudelijke aanpassingen, afwijkingen van meer dan 25% in kosten, surseance of faillissement) vooraf; RVO beoordeelt dit binnen 8 weken, eenmaal te verlengen met 8 weken. Elk jaar levert de penvoerder uiterlijk 1 november een tussenrapportage aan met het verplichte format.
Na afronding vraag je binnen 13 weken vaststelling aan, met een eindrapportage, een controleverklaring van een accountant per deelnemer (bij subsidie boven € 125.000) en een gewaarmerkt overzicht van gemaakte kosten.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Format Tussenrapportage Experimenteerlocaties voor de agrarische sector Word document | 92.18 KBDownloadWord · 2 pagina'sVerplicht
Dit is het format voor de jaarlijkse tussenrapportage dat de penvoerder gebruikt om de voortgang van praktijkproeven, activiteiten, investeringen, kennisdeling en samenwerking te rapporteren, verplicht als bijlage bij het voortgangsformulier voor wie in 2025 subsidie heeft ontvangen.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Experimenteerlocaties voor de agrarische sector. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Experimenteerlocaties voor de agrarische sectorrvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.