GeslotenFonds · Groningen · Subsidie

Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen?

Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen is een verzamelpagina voor zes afgeronde POP3-subsidierondes waarmee de provincie Groningen tussen 2016 en 2021 niet-productieve investeringen in natuur, landschap en biodiversiteit ondersteunde. Alle zes openstellingen zijn gesloten: aanvragen is niet meer mogelijk. De pagina dient nu vooral om te zien wat er destijds gold en, via "Mijn dossier", om lopende projecten te beheren.

Het ging telkens om investeringen die geen wezenlijke waardestijging van een landbouw- of bosbouwbedrijf opleveren, maar wel bijdragen aan herstel of aanleg van landschapselementen (zoals houtwallen, poelen, essen of wegbeplanting), aan ontsnippering (faunapassages bij wegen) of aan het verhogen van waterpeilen voor natte natuur en weidevogelgebieden. Elke ronde had een eigen aanvraagperiode, een eigen geografisch gebied binnen Groningen en een eigen doelgroep, uiteenlopend van individuele landbouwers en grondeigenaren tot provincies en waterschappen.

De subsidie bedroeg in alle gevallen 100% van de subsidiabele kosten, met per ronde een ander subsidieplafond en vaak een minimumbedrag waaronder niets werd uitgekeerd. Aanvragen liep via een webportal van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN), altijd met een verplicht projectplan volgens SNN-format en een begroting als vaste bijlagen.

Wie destijds subsidie heeft aangevraagd binnen een van de zes rondes, vindt op deze pagina ook informatie over de lopende verplichtingen: jaarlijks rapporteren, tussentijdse betalingen aanvragen en uiteindelijk een verzoek tot vaststelling indienen. Voor nieuwe aanvragen is deze regeling niet meer te gebruiken; het loket verwijst naar andere, actuele Groningse regelingen voor wie nu wil investeren in landschap of biodiversiteit.

Wie komt in aanmerking voor de Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen?

Deze verzamelpagina dekt zes losse openstellingen van Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen, elk met een eigen periode, eigen doelgroep en eigen gebied. Alle zes zijn gesloten: aanvragen is niet meer mogelijk. Voor wie met terugwerkende kracht wil weten of hij destijds in aanmerking kwam, gelden per openstelling andere eisen.

Je bent actief in Groningen
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

2016 (Westerwolde/Oldambt, sept-okt 2016)

  • Aanvrager: landbouwer, grondeigenaar, grondgebruiker, landbouworganisatie, natuur- of landschapsorganisatie, provincie, waterschap, gemeente of samenwerkingsverband hiervan.
  • Investering moest plaatsvinden in de gemeenten Vlagtwedde, Bellingwedde, Stadskanaal of Oldambt.
  • Subsidiabele kosten moesten minimaal € 250.000 bedragen; daaronder werd niets uitgekeerd.
  • Minimaal 7 punten totaal nodig (van de 13), met minimaal 2 punten op zowel "vergroting oppervlak" als "versterking kwaliteit".

2017 (tien gemeenten, okt-dec 2017)

  • Zelfde brede doelgroep als 2016.
  • Gebied: Zuidhorn, Winsum, De Marne, Eemsmond, Loppersum, Bedum, Ten Boer, Slochteren, Appingedam of Delfzijl.
  • Minimaal 18 van de 32 punten nodig.
  • Subsidiebedrag na beoordeling moest minimaal € 150.000 zijn.

2018 - Ontsnippering (mei-juli 2018)

  • Alleen provincies konden aanvragen.
  • Vaste locaties: A28 (Haren), A7 (Midden Groningen) en drie gemeentelijke wegen (Oude Weg, Borgweg, Hoofdweg) plus de Meerweg (Haren). Andere locaties vielen automatisch af.
  • Geen minimumbedrag genoemd, wel een maximum per locatie.

2018 - Augustus (aug-nov 2018)

  • Brede doelgroep: landbouwers, grondeigenaren/-gebruikers, landbouw-, natuur- en landschapsorganisaties, provincies, waterschappen, gemeenten, samenwerkingsverbanden.
  • Gebied: Zuidhorn, Grootegast, Leek, Marum, Haren of Groningen.
  • Minimaal 24 van de 40 punten nodig.
  • Subsidiebedrag na beoordeling moest minimaal € 150.000 zijn.

2018 - November (nov 2018-feb 2019)

  • Doelgroep: grondeigenaren, grondgebruikers, natuur- en landschapsorganisaties, provincies, samenwerkingsverbanden. Landbouwers als zelfstandige aanvrager worden hier niet genoemd.
  • Alleen investeringen in de aangewezen gebieden Hoeksmeer, Reitdiep, Gorecht (weidevogels), Westerbroek of De Drie Polders kwamen in aanmerking.
  • Subsidiebedrag na beoordeling moest minimaal € 200.000 zijn.

2021 - Dwarsdiep (mei-juli 2021)

  • Doelgroep: grondeigenaren, grondgebruikers, natuur- en landschapsorganisaties, waterschappen, provincies, samenwerkingsverbanden.
  • Alleen het gebied Dwarsdiep (Westerkwartier), of maatregelen die daar noodzakelijk voor zijn.
  • Subsidiebedrag na beoordeling moest minimaal € 4.000.000 zijn: dit was dus alleen haalbaar voor zeer grote projecten.

Een terugkerende eis in alle openstellingen: de investering moet een "aangetoonde directe link met de landbouw" hebben. Puur natuurbeheer zonder die link viel af.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidiabele kostensoorten verschillen enigszins per openstelling, maar de opbouw is grotendeels vergelijkbaar. Hieronder per ronde de kosten die vergoed werden.

2016 en 2017 (in afwijking van de standaardregeling)

Subsidie werd uitsluitend verstrekt voor:

  • de kosten van bouw, verbetering, verwerving of leasing van onroerende goederen;
  • de kosten van koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties, tot maximaal de marktwaarde van de activa;
  • de kosten van adviseurs, architecten en ingenieurs;
  • de kosten van adviezen over duurzaamheid op milieu- en economisch gebied;
  • personeelskosten;
  • niet-verrekenbare of niet-compensabele btw. Voorbereidingskosten waren in deze twee rondes uitdrukkelijk niet subsidiabel.

2018 (Ontsnippering, Augustus en November) en 2021 (Dwarsdiep)

Deze vier openstellingen hanteren een net andere, bredere lijst, voor zover de kosten direct samenhangen met de investering:

  • kosten van bouw of verbetering van onroerende zaken;
  • kosten van verwerving of leasing van onroerende zaken;
  • kosten van aankoop van grond (bij Ontsnippering en November, niet genoemd bij Augustus 2018);
  • kosten van koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties, tot maximaal de marktwaarde van de activa;
  • algemene kosten (zoals bedoeld in artikel 1.12a van de regeling);
  • kosten van projectmanagement en projectadministratie;
  • bij Dwarsdiep 2021 komen daar nog voorbereidingskosten (artikel 1.12) bij, die bij deze ronde dus wél subsidiabel zijn.

Bij deze vier openstellingen geldt bovendien een beperking op de kostentype: de subsidiabele kosten mogen alleen bestaan uit:

  • personeelskosten, berekend volgens de regeling (artikel 1.9 of, bij Dwarsdiep, artikel 1.9a);
  • kosten derden: kosten waarvoor een factuur of document met gelijkwaardige bewijskracht kan worden overgelegd.

Btw-regel bij 2018 November en 2021 Dwarsdiep

Als btw aantoonbaar niet verrekenbaar of niet compensabel is, mag dit worden meegeteld bij de berekening van de subsidiabele kosten.

Standard Cost Option, alleen bij Dwarsdiep 2021

Voor kosten derden (die geen verband houden met overheidsopdrachten voor werken boven het Europese drempelbedrag) mag een vaste opslag voor personeelskosten worden berekend zonder dat daar een urenregistratie of onderbouwing van het uurtarief tegenover hoeft te staan. De opslag is: kosten derden x 20%, en dat bedrag vervolgens vermeerderd met 15% overheadkosten. Rekenvoorbeeld: bij € 300.000 subsidiabele kosten derden is de opslag personeelskosten € 300.000 x 0,2 x 1,15 = € 69.000, waardoor het subsidiebedrag (€ 300.000 + € 69.000) x 100% = € 369.000 wordt.

De 40%-grens voor begeleidingskosten

Bij alle zes openstellingen geldt een weigeringsgrond: als de kosten voor begeleiding van de maatregelen (dat zijn de algemene kosten en/of de kosten van adviseurs, architecten, ingenieurs, projectmanagement en -administratie, afhankelijk van de ronde) meer dan 40% van de totale subsidiabele kosten bedragen, wordt de subsidie geheel of gedeeltelijk geweigerd. Let hier dus goed op bij het opstellen van de begroting: een te grote adviseurs- of managementpost kan de hele aanvraag onderuithalen.

Wat niet subsidiabel is

  • Voorbereidingskosten, bij de openstellingen 2016 en 2017 expliciet uitgesloten (bij Dwarsdiep 2021 juist wél toegestaan).
  • Investeringen die dienen om te voldoen aan eisen die direct voortvloeien uit EU-richtlijnen; hiervoor gelden overgangstermijnen op grond van artikel 17 lid 5 en 6 van Verordening (EU) 1305/2013, en dergelijke investeringen worden niet via deze maatregel ondersteund.
  • Bij 2018 Ontsnippering en 2018 Augustus staat aankoop van grond niet in de kostenlijst (in tegenstelling tot Ontsnippering en November 2018), dus daar is grondaankoop niet subsidiabel.

Voor alle openstellingen geldt dat de kosten direct moeten samenhangen met de investering; algemene bedrijfskosten die geen verband houden met het project vallen erbuiten.

Hoeveel subsidie krijg je?

Bij alle zes openstellingen bedraagt de subsidie 100% van de subsidiabele kosten. Er wordt dus niet met een lager percentage gewerkt, maar wel met drempelbedragen, plafonds en (in één geval) maxima per locatie.

Ondergrenzen (geen subsidie als je hieronder blijft)

  • 2016: subsidiabele kosten van minimaal € 250.000.
  • 2017: subsidiebedrag na beoordeling minimaal € 150.000.
  • 2018 Ontsnippering: geen minimumbedrag van toepassing.
  • 2018 Augustus: subsidiebedrag na beoordeling minimaal € 150.000.
  • 2018 November: subsidiebedrag na beoordeling minimaal € 200.000.
  • 2021 Dwarsdiep: subsidiebedrag na beoordeling minimaal € 4.000.000.

Subsidieplafonds per openstelling

  • 2016: € 1.000.000 (€ 500.000 ELFPO + € 500.000 provincie).
  • 2017: € 1.137.500 (€ 568.750 ELFPO + € 568.750 provincie).
  • 2018 Ontsnippering: € 6.500.000 (€ 3.250.000 ELFPO + € 3.250.000 provincie).
  • 2018 Augustus: € 1.400.000 (€ 700.000 ELFPO + € 700.000 provincie).
  • 2018 November: € 8.000.000 totaal, verdeeld in deelplafonds: € 500.000 voor Weidevogels, € 3.500.000 voor Westerbroek en € 4.000.000 voor De Drie Polders.
  • 2021 Dwarsdiep: € 8.000.000 (€ 4.000.000 ELFPO + maximaal € 4.000.000 nationale cofinanciering, die je als aanvrager zelf moet regelen en onderbouwen met een cofinancieringsverklaring).

Maxima per locatie (alleen 2018 Ontsnippering)

  • A28 gemeente Haren: maximaal € 1.900.000.
  • A7 gemeente Midden Groningen: maximaal € 2.100.000.
  • Gemeentelijke wegen (Oude Weg, Borgweg, Hoofdweg) samen: maximaal € 1.000.000.
  • Meerweg gemeente Haren: maximaal € 1.500.000.

Wat het bedrag omlaag kan brengen

Bij alle openstellingen (behalve 2021, waar dit anders is opgebouwd) geldt: als de kosten voor begeleiding van de maatregelen (algemene kosten en kosten van projectmanagement/-administratie) meer dan 40% van de totale subsidiabele kosten bedragen, wordt de subsidie geheel of gedeeltelijk geweigerd.

Wat het bedrag omhoog kan brengen (alleen 2021 Dwarsdiep)

Voor kosten derden mag een Standard Cost Option (SCO) voor personeelskosten worden toegepast: kosten derden x 20%, vermeerderd met 15% overheadopslag. Voorbeeld: bij € 300.000 kosten derden is de opslag € 69.000, en het totale subsidiebedrag dan (€ 300.000 + € 69.000) x 100% = € 369.000.</tekst> </invoke>

Wat zijn de voorwaarden van de Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen?

Omdat deze pagina zes losse openstellingen bundelt, gelden er per ronde andere knock-outeisen en beoordelingscriteria. Alle zes zijn gesloten, maar voor de volledigheid en voor lopende dossiers hieronder de voorwaarden per ronde.

Hier val je op af

De investering moet plaatsvinden binnen het aangewezen geografische gebied van die specifieke openstelling. Buiten het gebied vallen aanvragen automatisch af (bij vier van de zes rondes is het geografisch criterium zelfs het enige selectiecriterium).
De niet-productieve investering moet een aangetoonde directe link met de landbouw hebben.
De aanvrager moet tot de aangewezen doelgroep van die ronde behoren.
De begeleidingskosten mogen niet meer dan 40% van de subsidiabele kosten bedragen.
Bij een aantal rondes geldt een minimum subsidiebedrag (zie hoeveel-sectie); kom je daaronder uit, dan wordt niets uitgekeerd.

Wat je moet doen na toekenning

  • Je ontvangt een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag en de uiterste datum waarop het project afgerond moet zijn.
  • Bij de meeste rondes (2018 en later) geldt: het vaststellingsverzoek moet drie jaar na de datum van de verleningsbeschikking zijn ingediend.
  • Je moet jaarlijks rapporteren over de voortgang van je project, tenzij je verleningsbeschikking een uitzondering vermeldt.
  • Je kunt, in aanvulling op de standaardregeling, één keer per kalenderjaar een voorschot (tussentijdse betaling) aanvragen op basis van realisatie.
  • Wil je iets anders doen dan in het goedgekeurde projectplan staat? Meld dit vooraf als wijzigingsverzoek en wacht de toetsing af vóór je begint met de gewijzigde uitvoering. Zo voorkom je dat je kosten maakt die achteraf niet subsidiabel blijken.

Beoordeling 2016

Selectie op basis van drie criteria met wegingsfactoren, maximaal 13 punten:

  • Vergroting oppervlak/aansluiting kernkwaliteit landschap (0-3 punten, wegingsfactor 1): van "nagenoeg geen vergroting" tot "optimale vergroting/nieuw netwerk".
  • Versterking van de kwaliteit / verrijking leefgebied soorten Lijst (0-3 punten, wegingsfactor 2, dus zwaarst meewegend): van "nagenoeg geen verbeterde ecologische waarde" tot "leefgebied van meer dan 10 soorten van de Lijst".
  • Borging onderhoud na projectperiode (0-2 punten, wegingsfactor 1): van "nagenoeg niet" tot "meer dan 5 jaar".
  • Kosteneffectiviteit, gemeten aan het aandeel advieskosten (0-2 punten, wegingsfactor 1): hoe lager het aandeel, hoe meer punten. Knock-out: minimaal 7 punten totaal nodig, én minimaal 2 punten op zowel criterium 1 als criterium 2.

Beoordeling 2017

Vier criteria, maximaal 32 punten, ondergrens 18 punten (55%):

  • Kosteneffectiviteit (1-4 punten, wegingsfactor 2, max 8 punten).
  • Effectiviteit van de activiteit (1-4 punten, wegingsfactor 3, max 12 punten): bijdrage aan de doelstellingen van het vigerend beleid.
  • Kans op succes/haalbaarheid (1-4 punten, wegingsfactor 1, max 4 punten): kwaliteit projectleider, realisme plan, betrokkenheid partijen, realistische planning en begroting.
  • Urgentie (1-4 punten, wegingsfactor 2, max 8 punten): toename van soorten van de Lijst Groninger soorten. Bij gelijke score prevaleert het project met de hoogste score op "Effectiviteit van de activiteit".

Beoordeling 2018 Ontsnippering

Alleen het geografisch criterium: de activiteiten moeten plaatsvinden binnen de op de kaart aangegeven gebieden (bijlage 1). Geen puntensysteem.

Beoordeling 2018 Augustus

Vier criteria, maximaal 40 punten, ondergrens 24 punten (60%):

  • Effectiviteit (0-5 punten, wegingsfactor 3, max 15 punten): bijdrage aan doelstellingen vigerend beleid.
  • Haalbaarheid/kans op succes (0-5 punten, wegingsfactor 1, max 15 punten): kwaliteit projectleider, realisme, betrokkenheid partijen, planning/begroting.
  • Urgentie (0-5 punten, wegingsfactor 2, max 10 punten): toename biodiversiteit gemeten in aantal (nieuwe) soorten van de Lijst, van "zeer geringe toename" tot "optimale toename met ten minste 15 soorten".
  • Efficiëntie (0-5 punten, wegingsfactor 2, max 10 punten): of input (geld, kennis, middelen) efficiënt wordt ingezet. Bij gelijke score prevaleert het project dat hoger scoort op "Effectiviteit".

Beoordeling 2018 November en 2021 Dwarsdiep

Alleen het geografisch criterium: projecten komen alleen in aanmerking als ze liggen in het aangewezen gebied (of, bij Dwarsdiep, noodzakelijk zijn om maatregelen daar mogelijk te maken).

Verplichte bijlagen bij de aanvraag (vrijwel alle rondes)

  • Een projectplan volgens het vaste SNN-format.
  • Een begroting van de projectkosten.
  • Een toelichting op de begroting.
  • Een kaart met de locatie van de investeringen.
  • Bij mogelijke negatieve omgevingseffecten: een verkenning naar die effecten.

Hoe vraag je de Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen aan?

Alle zes openstellingen binnen deze regeling zijn gesloten: nieuwe aanvragen zijn niet meer mogelijk. Onderstaande beschrijving is dus relevant voor wie destijds een aanvraag heeft lopen of wil begrijpen hoe het proces destijds werkte.

Stap 1: Aanvraagperiode

Elke openstelling had een eigen, strikte periode:

  • 2016: 1 september 2016 t/m 31 oktober 2016.
  • 2017: 2 oktober 2017 t/m 22 december 2017, 17.00 uur.
  • 2018 Ontsnippering: 1 mei 2018, 9.00 uur t/m 2 juli 2018, 17.00 uur.
  • 2018 Augustus: 20 augustus 2018, 9.00 uur t/m 1 november 2018, 17.00 uur.
  • 2018 November: 13 november 2018, 9.00 uur t/m 15 februari 2019, 17.00 uur.
  • 2021 Dwarsdiep: 31 mei 2021, 9.00 uur t/m 30 juli 2021, 17.00 uur. Aanvragen die buiten deze vensters binnenkwamen, werden niet in behandeling genomen.

Stap 2: Indienen via het webportal

De aanvraag moest worden ingediend bij Gedeputeerde Staten via het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN), via een webportal. Hiervoor gold het adres www.snn.eu/pop3 (2016, 2017, Ontsnippering 2018) of www.snn.nl/pop3 (Augustus 2018, November 2018, Dwarsdiep 2021); de huidige statuspagina verwijst naar https://www.pop3-webportal.nl/mijn/. Bij de 2017- en Ontsnippering-2018-ronde had digitaal indienen de voorkeur.

Stap 3: Verplichte bijlagen

Bij vrijwel alle openstellingen moest de aanvraag vergezeld gaan van:

  • Een projectplan conform het vaste format van het SNN. Dit format is verplicht; een eigen format wordt niet geaccepteerd.
  • Een begroting van de projectkosten (bij 2016 en 2017 impliciet via de kostenonderbouwing, bij Ontsnippering, Augustus, November en Dwarsdiep expliciet genoemd als apart document).
  • Een toelichting op de begroting.
  • Een kaart met de locatie van de investeringen.
  • Indien de investering waarschijnlijk negatieve omgevingseffecten heeft: een verkenning naar die mogelijke effecten. Bij Dwarsdiep 2021 komt daar een cofinancieringsverklaring bij, waarmee de aanvrager de toegezegde nationale cofinanciering onderbouwt; de aanvrager is zelf verantwoordelijk voor het regelen van die cofinanciering.

Stap 4: Aanvraagformulier

Voor het doen van de aanvraag moest gebruik worden gemaakt van een door het SNN verstrekt aanvraagformulier, eveneens te vinden via het webportal.

Let op bij wijzigingen tijdens de looptijd

Voor lopende projecten geldt: als je iets anders wilt doen dan in het goedgekeurde plan staat, dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en start pas daarna met de uitvoering. Er wordt getoetst of het aangepaste plan nog aan de voorwaarden voldoet, om te voorkomen dat je achteraf financiële gevolgen ondervindt van een niet-toegestane wijziging.

Contact bij vragen

Voor vragen over een lopende aanvraag kun je de veelgestelde vragen op de subsidiepagina raadplegen, of contact opnemen via plattelandsontwikkeling@snn.nl of telefonisch 050 5224 988 (met aangepaste bereikbaarheid van 08.30 tot 12.00 uur tussen 20 juli en 14 augustus).

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Beoordeling

Je aanvraag wordt beoordeeld door de Adviescommissie POP3, het SNN en RVO gezamenlijk. Bij de rondes met een puntensysteem (2016, 2017, Augustus 2018) stelt een Adviescommissie een prioriteitenlijst op door punten toe te kennen op de vastgestelde selectiecriteria; bij de rondes met alleen het geografisch criterium (Ontsnippering 2018, November 2018, Dwarsdiep 2021) wordt getoetst of het project binnen het aangewezen gebied valt. Deze Adviescommissie bestaat (bij de rondes waar dit vermeld wordt) uit een onafhankelijke voorzitter en deskundigen van de provincies Groningen, Drenthe en Fryslân, waarbij de deskundigen van Drenthe en Fryslân juist de Groningse projecten beoordelen. Dit moet een onafhankelijke en transparante behandeling garanderen.

Termijn

Het loket streeft ernaar om samen (adviescommissie, SNN en RVO) binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de betreffende ronde een besluit te nemen. Over de uitkomst ontvang je per e-mail bericht.

Bij toekenning

Word je aanvraag goedgekeurd, dan ontvang je een verleningsbeschikking. Daarin staat het maximale subsidiebedrag dat je kunt ontvangen en de datum waarop het project uiterlijk afgerond moet zijn. Bij de meeste openstellingen (2018 en 2021) geldt bovendien dat het vaststellingsverzoek uiterlijk drie jaar na de datum van de verleningsbeschikking moet zijn ingediend.

Tijdens de looptijd: rapportage en betaling

  • Je bent verplicht jaarlijks te rapporteren over de voortgang van je project, tenzij je verleningsbeschikking hierop een uitzondering vermeldt.
  • Je kunt een betaalverzoek (tussentijdse betaling/voorschot) indienen voor kosten die je al hebt gemaakt en betaald. Dit mag, in aanvulling op de standaardregeling, één keer per kalenderjaar.
  • Meld een wijziging in je project altijd vóórdat je ermee begint. Dien een wijzigingsverzoek in en wacht de toetsing af; zo voorkom je dat een aanpassing achteraf niet blijkt te voldoen aan de subsidievoorwaarden, met financiële gevolgen van dien.

Afronding: vaststelling

Heb je je project afgerond, dan dien je een verzoek tot vaststelling in. Dit moet binnen drie jaar na de verleningsbeschikking, bij de rondes waar dat vermeld staat.

Uitzonderingen

In sommige gevallen gelden uitzonderingen op de verplichting tot jaarlijkse rapportage en/of het indienen van een betaalverzoek. Wat voor jouw project geldt, staat in je eigen verleningsbeschikking; dit is dus altijd maatwerk per toegekend project.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 8 documenten bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Biodiversiteit, Natuur en Landschap - Groningen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.