GeslotenRijk · Landelijk · Subsidie

Thematische Technology Transfer

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO)

Ook bekend als TTT

Wat is de Thematische Technology Transfer?

De Thematische Technology Transfer (TTT) is een subsidie voor onderzoeksorganisaties die samen kennis over een bepaald thema naar de markt willen brengen, met als doel dat daaruit start-ups (kennisstarters) ontstaan. De regeling is niet voor individuele bedrijven: je vraagt aan als samenwerkingsverband van minimaal 3 onderzoeksorganisaties, eventueel samen met een investeringsfonds.

De regeling bestaat uit 2 pijlers. Pijler 1 geeft subsidie aan onderzoeksorganisaties die samenwerken aan een kennisoverdrachtplan: hoe ze binnen een thema kennis delen en die kennis richting de markt brengen. Pijler 2 geeft een lening aan een thematisch technology transferfonds (TTT-fonds) van particuliere investeerders, dat investeert in kennisstarters binnen datzelfde thema, in hun vroegste ontwikkelingsfase.

Op dit moment is de regeling tijdelijk gesloten voor aanvragen. De meest recente tender (16 december 2025 tot en met 15 april 2026) was speciaal gericht op dual-use en defensiethema's, uitgevoerd door RVO in opdracht van het ministerie van Defensie. Voor die tender was het budget € 13.800.000, met een maximale subsidie van € 4.312.500 voor pijler 1 en € 9.187.500 (lening) plus € 300.000 (managementkosten) voor pijler 2.

RVO en NWO beoordelen aanvragen samen: eerst op formele vereisten, daarna inhoudelijk. Voor toekenning zijn een kennisoverdrachtplan (pijler 1) en/of een fondsplan (pijler 2) nodig, met daarin een onderbouwing van het gekozen thema en de verwachte economische en maatschappelijke meerwaarde. Na toekenning rapporteer je jaarlijks over de voortgang; de eerste rapportage moet uiterlijk 1 jaar na de start van je project binnen zijn.

Wie komt in aanmerking voor de Thematische Technology Transfer?

De TTT is geen regeling voor individuele bedrijven. Je komt alleen in aanmerking als je onderdeel bent van een samenwerkingsverband van minimaal 3 onderzoeksorganisaties, eventueel met een investeringsfonds. Bent u een bedrijf? Dan kunt u geen aanvraag indienen voor deze regeling, zo stelt het loket expliciet.

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderzoeksorganisatie of hogeschool of investeringsfonds
Uitgesloten: BV, Eenmanszaak, VOF, Maatschap, Zzp'er, Particulier
Deze rechtsvormen komen niet in aanmerking.
Je vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

Let op: de regeling staat momenteel op "tijdelijk gesloten voor aanvragen". De laatst geopende tender (Defensietender 2025-2026, van 16 december 2025 tot en met 15 april 2026) is inmiddels gesloten.

Harde eisen voor pijler 1 (kennisoverdracht):

  • Minimaal 3 onderzoeksorganisaties werken samen, in één van twee vormen: als "samenwerkende onderzoeksorganisaties" (minimaal 3 organisaties voeren in daadwerkelijke samenwerking een kennisoverdrachtplan uit) of als "thematisch samenwerkingsverband" (een aparte rechtspersoon, opgericht door minimaal 3 onderzoeksorganisaties).
  • Ook hogescholen tellen mee als ze kwalificeren als onderzoeksorganisatie.
  • De samenwerking moet hoge economische en maatschappelijke toegevoegde waarde opleveren.

Harde eisen voor pijler 2 (risicofinanciering via een TTT-fonds):

  • Het fonds werkt samen met minimaal 3 onderzoeksorganisaties (eventueel gebundeld in een thematisch samenwerkingsverband).
  • Het fonds richt zich op hetzelfde thema als het kennisoverdrachtplan uit pijler 1.
  • Het fonds heeft een toegestane rechtsvorm: een kapitaalvennootschap, een vennootschap met afgescheiden vermogen, of een andere rechtspersoon zonder vennootschapsvorm met afgescheiden vermogen, opgericht naar het recht van een EU-lidstaat.
  • Het fonds verstrekt groeifinanciering; herfinanciering van bestaande verplichtingen mag niet.
  • De investeringen moeten binnen de eerste 6 jaar van het fonds plaatsvinden, en het fonds moet uiterlijk 15 jaar na start worden geliquideerd.
  • Het fonds begeleidt de kennisstarters actief.
  • Minimaal 10% van het investeringsbudget komt van particuliere investeerders.
  • Het fonds heeft een externe fondsbeheerder.

Voor de (inmiddels gesloten) Defensietender golden aanvullende eisen: het thema moest gericht zijn op dual-use en defensie, en de aanvraag moest aansluiten op minimaal 2 van de 5 Nationale Langetermijn Defensiethema's (NLD's). Aanvragen die geheel of gedeeltelijk op andere thema's waren gericht, werden uitgesloten.

Waarvoor krijg je subsidie?

Pijler 1: kennisoverdrachtplan

De subsidie in pijler 1 is bedoeld voor de uitvoering van een kennisoverdrachtplan. Dit plan beschrijft hoe onderzoeksorganisaties rondom een thema samenwerken aan kennisoverdracht, en onderbouwt de bijdrage aan economische en maatschappelijke doelen. De activiteiten die binnen pijler 1 vallen, richten zich op:

  • Screening van de kennis en scouting van potentiële gebruikers: het inventariseren van beschikbare kennis binnen het thema en het opsporen van partijen die deze kennis kunnen gebruiken.
  • Verwerven van intellectuele eigendomsrechten: activiteiten gericht op het vastleggen van eigendom over ontwikkelde kennis of technologie.
  • Activiteiten voor het creëren van spin-offs: voorbereidende stappen richting het oprichten van een kennisstarter (start-up), maar niet de ondersteuning van de kennisstarter zelf na oprichting.
  • Bekendheid geven aan het thematisch samenwerkingsverband en verspreiding van de resultaten: communicatie- en disseminatieactiviteiten.
  • Onafhankelijk uitvoeren van validatieprojecten: het toetsen van de haalbaarheid of werking van kennis of technologie.

Belangrijke beperking: activiteiten die onder pijler 1 vallen, vinden plaats binnen de onderzoeksorganisaties zelf, vóór de daadwerkelijke oprichting van de kennisstarter. Er is vanuit pijler 1 geen subsidie beschikbaar voor activiteiten ter ondersteuning van de kennisstarter na oprichting. Die start-up moet zijn eigen financiering rond krijgen, eventueel met hulp van een TTT-fonds uit pijler 2.

Middelen of vouchers uit pijler 1 mogen wel worden ingezet voor het gebruik van onderzoeksfaciliteiten. Verder geldt dat subsidie die is verleend aan een TTT-samenwerkingsverband voor activiteiten uit het kennisoverdrachtplan, ook besteed mag worden door onderzoeksorganisaties die zelf niet in het samenwerkingsverband deelnemen, maar dit geldt uitsluitend voor besteding aan activiteiten die uit het kennisoverdrachtplan volgen.

Pijler 2: risicofinanciering via een TTT-fonds

In pijler 2 gaat het niet om subsidiabele kosten van een project, maar om een geldlening aan een TTT-fonds, aangevuld met een bijdrage voor managementkosten. Het fonds gebruikt deze middelen om te investeren in kennisstarters binnen het gekozen thema, in hun vroegste ontwikkelingsfase. Concreet gelden de volgende regels:

  • Het fonds verstrekt groeifinanciering aan kennisstarters. Dit is de kern van waarvoor het geleende kapitaal is bedoeld.
  • Herfinanciering van bestaande verplichtingen is expliciet niet toegestaan: het fonds mag de lening niet gebruiken om al bestaande schulden van een kennisstarter af te lossen.
  • De investeringen door het fonds moeten plaatsvinden binnen de eerste 6 jaar van het fonds.
  • Naast de geldlening is er een apart maximum voor managementkosten (zie sectie "Hoeveel krijg je"), bedoeld voor de kosten van het beheer van het fonds.

Wat niet subsidiabel is

  • Kosten of activiteiten ter ondersteuning van een kennisstarter ná oprichting, vanuit pijler 1. De kennisstarter moet zelf financiering regelen.
  • Herfinanciering van bestaande verplichtingen, vanuit pijler 2.

Voor de Defensietender gold daarnaast een thematische uitsluiting: aanvragen die geheel of gedeeltelijk gericht waren op andere thema's dan de 5 NLD-thema's, waren uitgesloten van die tender.

Hoeveel subsidie krijg je?

Voor die tender gold een totaalbudget van € 13.800.000.

Pijler 1 (kennisoverdrachtplan):

  • Voor de reguliere TTT-tender: maximaal € 3.125.000.
  • Voor TTT Defensie: maximaal € 4.312.500. Dit bedrag is bovendien gemaximeerd op 50% van het subsidiebedrag van de geldlening uit pijler 2. Dat betekent dat je pijler 1-subsidie omlaag kan uitvallen als de geldlening uit pijler 2 lager is dan het maximum.

Pijler 2 (risicofinanciering via een TTT-fonds):

  • Geldlening: maximaal € 9.187.500.
  • Managementkosten: maximaal € 300.000, los van de geldlening.

Voor pijler 2 gelden ook percentage-eisen die de omvang van het fonds mede bepalen: minimaal 10% van het investeringsbudget van het fonds moet afkomstig zijn van particuliere investeerders.

De looptijd waarover je met een kennisoverdrachtplan subsidie kunt besteden, is minimaal 5 jaar en maximaal 6 jaar.

Wel is duidelijk dat de rangschikking van aanvragen meespeelt: de mate van aansluiting op minimaal 1 van de 10 prioriteiten uit de Nationale Technologiestrategie (NTS) is een rangschikkingscriterium voor de reguliere Tender TTT. Voor de Tender Defensie zijn de NTS-prioriteiten vervangen door de 5 thema's van de Nationale Langetermijn Defensiethema's (NLD's).

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
2025-2026-defensie16 dec 202515 apr 2026€ 13,8 mlnTender (rangschikking na sluiting)
Defensietender 2025-202616 dec 202515 apr 2026€ 13,8 mln-

Wat zijn de voorwaarden van de Thematische Technology Transfer?

Knock-outeisen

Waarop wordt beoordeeld

  1. Wetenschappelijke basis en potentie van het thema. De samenwerking moet draaien om een thema met, in de woorden van het loket, "sterke potentie vanuit excellente wetenschappelijke basis voor innovaties van processen, producten of diensten".
  2. Economische en maatschappelijke toegevoegde waarde. De samenwerking moet een hoge economische en maatschappelijke toegevoegde waarde opleveren.
  3. Aansluiting op de Nationale Technologiestrategie (NTS). De mate van aansluiting op minimaal 1 van de 10 prioriteiten uit de NTS is een rangschikkingscriterium voor de reguliere Tender TTT. Dit betekent dat aanvragen tegen elkaar worden afgezet op basis van deze aansluiting; het gaat dus niet om wie het eerst binnen is, maar om kwaliteit en fit met de NTS-prioriteiten.
  4. Aansluiting op de NLD-thema's (alleen Defensietender). Voor de Tender Defensie zijn de NTS-prioriteiten vervangen door de 5 thema's van de Nationale Langetermijn Defensiethema's. De aanvraag moest aansluiten op minimaal 2 hiervan.

Wat je moet doen na toekenning

VerplichtingWanneer
Jaarlijkse voortgangsrapportage. Na afloop van ieder projectjaar rapporteer je over de voortgang van je project. Je eerste rapportage, over het eerste projectjaar, moet je uiterlijk 1 jaar na de start van je project indienen. De exacte datum staat in je beschikking.Jaarlijks
Wijzigingen doorgeven. Vindt er een wijziging plaats in je project, de uitvoering en/of organisatie, dan meld je dit altijd bij RVO. Ook een wijziging van de penvoerder van je samenwerkingsverband moet je doorgeven. Hiervoor zijn losse meldroutes: "Wijziging in project, uitvoering of organisatie doorgeven" en "Wijziging in penvoerder doorgeven".
Thematische focus vasthouden (pijler 2). Het fonds moet actief blijven binnen het afgesproken thema, hetzelfde thema als het kennisoverdrachtplan van pijler 1.binnen het afgesproken thema
Investeringstermijnen naleven (pijler 2). Het fonds moet zijn investeringen binnen de eerste 6 jaar van het fonds doen, en moet uiterlijk 15 jaar na start worden geliquideerd.binnen de eerste 6 jaar van het fonds doen
Particuliere financiering op peil houden (pijler 2). Minimaal 10% van het investeringsbudget moet afkomstig blijven van particuliere investeerders.
Actieve begeleiding van kennisstarters (pijler 2). Het fonds moet de kennisstarters waarin het investeert actief begeleiden, niet alleen financieren.

Voordat je inhoudelijk wordt beoordeeld, moet je aanvraag aan een aantal harde eisen voldoen. Voldoe je hier niet aan, dan valt je aanvraag af zonder dat de inhoud wordt gewogen:

  • Je bent geen individueel bedrijf. Het loket stelt expliciet: "Bent u een bedrijf? Dan kunt u geen aanvraag indienen voor deze regeling."
  • Voor pijler 1: minimaal 3 onderzoeksorganisaties werken samen, als "samenwerkende onderzoeksorganisaties" of als "thematisch samenwerkingsverband" (een aparte rechtspersoon opgericht door minimaal 3 onderzoeksorganisaties).
  • Voor pijler 2: het fonds heeft een samenwerkingsverband met minimaal 3 onderzoeksorganisaties, is actief binnen een specifiek thema (hetzelfde als pijler 1), heeft een toegestane rechtsvorm (kapitaalvennootschap, vennootschap met afgescheiden vermogen, of vergelijkbare EU-rechtspersoon), heeft een externe fondsbeheerder, en minimaal 10% van het investeringsbudget komt van particuliere investeerders.
  • Voor de (gesloten) Defensietender: de aanvraag moet aansluiten op minimaal 2 van de 5 NLD-thema's. Aanvragen geheel of gedeeltelijk gericht op andere thema's zijn uitgesloten.
  • De regeling staat momenteel op "tijdelijk gesloten voor aanvragen"; zonder een geopende tender kun je niet aanvragen.

Voor pijler 2 gelden daarnaast inhoudelijke eisen aan de opzet van het fonds die tijdens de beoordeling worden getoetst: het fonds moet groeifinanciering verstrekken (geen herfinanciering), de investeringen moeten binnen de eerste 6 jaar van het fonds plaatsvinden, het fonds moet uiterlijk 15 jaar na start worden geliquideerd, en het fonds moet de kennisstarters actief begeleiden.

Hoe vraag je de Thematische Technology Transfer aan?

De regeling staat momenteel op "tijdelijk gesloten voor aanvragen". Je kunt op dit moment dus geen nieuwe aanvraag indienen. De meest recente tender, speciaal voor dual-use en defensiethema's, liep van 16 december 2025 tot en met 15 april 2026 en is inmiddels gesloten. Wil je op de hoogte blijven van een nieuwe openstelling, dan kun je een e-mail sturen naar TTT@rvo.nl.

  • Voor pijler 1: een kennisoverdrachtplan. Hierin beschrijven de aanvragers hoe zij rondom een thema samenwerken aan kennisoverdracht, en onderbouwen ze hoe deze samenwerking bijdraagt aan economische en maatschappelijke doelen.
  • Voor pijler 2: een fondsplan. Dit plan moet dezelfde thematische focus hebben als het kennisoverdrachtplan van pijler 1.

Voor de Defensietender golden aanvullende inhoudelijke eisen aan de aanvraag: deze moest gericht zijn op minimaal 2 van de 5 Nationale Langetermijn Defensiethema's (NLD's), en mocht niet gedeeltelijk op andere thema's zijn gericht.

Na indiening

  • RVO en NWO beoordelen de binnengekomen aanvragen gezamenlijk.
  • Eerst wordt getoetst of de aanvraag voldoet aan de formele vereisten.
  • Voldoet de aanvraag hieraan, dan volgt een inhoudelijke beoordeling.

Als die eisen bestaan, staan ze niet in de aangeleverde loketpagina's.

Lopende verplichtingen tijdens de aanvraag en uitvoering

Zodra je subsidie of lening is toegekend, gelden verplichte meldingen:

  • Wijzigingen in project, uitvoering en/of organisatie geef je door via de daarvoor bestemde meldroute op het loket.
  • Een wijziging van de penvoerder van het samenwerkingsverband meld je apart, via "Wijziging in penvoerder doorgeven".
  • Na elk projectjaar dien je een voortgangsrapportage in. De eerste rapportage moet uiterlijk 1 jaar na de start van je project binnen zijn; de exacte datum staat in je beschikking.

Voor specifieke fondsen binnen pijler 2, zoals het AI Rise Fund van LUMO TTT AI B.V., loopt de aanvraag voor financiering niet via RVO maar rechtstreeks bij het fonds. Voor het AI Rise Fund geldt dat teams met proposities in relevante fasen (aansluitend bij technologie, impact en geografische focus) financiering kunnen aanvragen bij het fonds zelf, dat vervolgens toetst op eigen selectiecriteria zoals academische oorsprong, bewijs van werkende technologie, eigen kerntechnologie, impact, team, diversiteit en marktpotentie.

Verdeling: Tender (rangschikking na sluiting). Een sterke, complete aanvraag maakt het verschil.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt en hoe

RVO en NWO (de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) beoordelen gezamenlijk de binnengekomen aanvragen. De beoordeling verloopt in twee stappen:

  • Formele toets. Eerst wordt gecontroleerd of je aanvraag voldoet aan de formele vereisten (zoals de knock-outeisen uit de sectie "Voorwaarden").
  • Inhoudelijke beoordeling. Voldoet de aanvraag aan de formele eisen, dan volgt een inhoudelijke toets, onder andere op de wetenschappelijke basis van het thema, de economische en maatschappelijke toegevoegde waarde, en de aansluiting op de Nationale Technologiestrategie (of, voor de Defensietender, de NLD-thema's).

Uitbetaling en financiële afwikkeling

Er staat niet hoeveel procent als voorschot wordt uitgekeerd, op welk moment betalingen plaatsvinden, of hoe de einddeclaratie en vaststelling van de definitieve subsidie verlopen.

Verplichtingen tijdens de looptijd

Wel duidelijk zijn de lopende verplichtingen die gelden zodra je subsidie of lening is toegekend:

  • Jaarlijkse voortgangsrapportage. Na afloop van ieder projectjaar rapporteer je over de voortgang van je project. Je eerste rapportage, over het eerste projectjaar, moet je uiterlijk 1 jaar na de start van je project indienen. De precieze datum staat aangegeven in je beschikking.
  • Wijzigingen melden. Verandert er iets in je project, de uitvoering of de organisatie, dan meld je dit altijd bij RVO via de daarvoor bestemde meldroute.
  • Wijziging van penvoerder melden. Wijzigt de penvoerder van je samenwerkingsverband, dan geef je dit apart door.
  • Voor pijler 2 (het TTT-fonds) gelden aanvullende doorlopende verplichtingen: de investeringen moeten binnen de eerste 6 jaar van het fonds plaatsvinden, het fonds moet uiterlijk 15 jaar na start worden geliquideerd, minimaal 10% van het investeringsbudget moet afkomstig blijven van particuliere investeerders, en het fonds moet de kennisstarters waarin het investeert actief begeleiden.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Thematische Technology Transfer. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.