Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Wat is de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen?
De Startersregeling Q4 2021 was coronasteun voor mkb-ondernemingen die net waren begonnen en in het vierde kwartaal van 2021 omzet verloren door de coronamaatregelen. De regeling is inmiddels gesloten: je kon van 7 juni 2022 09:00 uur tot 2 augustus 2022 17:00 uur aanvragen, en dat kan nu niet meer.
De regeling was bedoeld voor ondernemingen die zich voor het eerst inschreven bij de KVK na 30 juni 2020 en uiterlijk op 30 juni 2021. Zij vielen namelijk buiten de reguliere TVL, omdat die regelingen een referentieomzet van vóór de coronacrisis vereisten, wat starters niet konden aanleveren. Om in aanmerking te komen moest je omzetverlies in Q4 2021 minimaal 20% zijn vergeleken met Q3 2021.
De hoogte van de subsidie werd berekend op basis van je omzetverlies, het percentage vaste lasten dat volgens het CBS bij de SBI-code van jouw hoofdactiviteit hoort, en een subsidiepercentage van 100%. Het bedrag lag tussen minimaal € 1.500 en maximaal € 100.000 per kwartaal.
Je vroeg de subsidie zelf online aan bij RVO, met eHerkenning niveau 3 of DigiD. Je gaf daarbij je (geschatte) omzet over oktober tot en met december 2021 op, samen met je KVK-gegevens en bankrekeningnummer. Vroeg je € 25.000 of meer aan, dan moest je ook een verklaring van een deskundige derde (accountant, fiscalist of boekhouder) meesturen. Na goedkeuring kreeg je een voorschot van 80%, en na afloop van de periode volgde de definitieve vaststelling op basis van je werkelijke omzet.
Let op: in tegenstelling tot andere TVL-regelingen moest je over deze subsidie inkomsten- of vennootschapsbelasting betalen.
Wie komt in aanmerking voor de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen?
Deze regeling is gesloten. De aanvraagperiode liep van 7 juni 2022 09:00 uur tot 2 augustus 2022 17:00 uur en je kunt geen aanvraag meer indienen. Onderstaande eisen golden toen wel, en zijn dus nog relevant als je een lopende aanvraag beheert of een vaststelling afwacht.
Harde eisen (knock-out)
- Je had een mkb-onderneming (te toetsen met de mkb-verklaring).
- Je schreef je onderneming voor het eerst in bij de KVK na 30 juni 2020 en uiterlijk op 30 juni 2021. Startte je eerder of later, dan viel je af.
- Je omzetverlies in Q4 2021 was 20% of hoger vergeleken met de referentieperiode Q3 2021. Lager verlies betekende geen recht op subsidie.
- Je onderneming had minimaal € 1.500 vaste lasten per kwartaal, berekend op basis van omzet en het vastelastenpercentage van je SBI-code (niet je werkelijke vaste lasten).
- Je onderneming had minimaal één vestiging in Nederland met een aparte voordeur of opgang los van het huisadres. Uitzonderingen golden voor onder meer horeca (SBI 56.10.1, 56.10.2, 56.30), markthandel, taxivervoer, rij-instructeurs, kermisattracties, luchtballonvaart, binnenvaart, zee- en kustvaart, goederenvervoer, verhuisvervoer en post- en koeriersdiensten (met bijbehorende SBI-codes).
- Was je onderneming verbonden aan of onderdeel van een bestaande groep (bijvoorbeeld een dochteronderneming, werkmaatschappij of franchisenemer die niet los staat van de franchisegever), dan kwam je niet in aanmerking als een andere onderneming in die groep al vóór 1 juli 2020 stond ingeschreven. Waren alle groepsonderdelen na 30 juni 2020 gestart, dan kon je wel aanvragen.
- Je was geen financiële instelling en geen overheidsbedrijf.
- Je was niet failliet en had geen surseance van betaling aangevraagd bij de rechtbank.
De-minimisgrenzen
De regeling valt onder de de-minimisverordening. Samen met alle verbonden ondernemingen mocht je in het huidige en de 2 voorafgaande belastingjaren niet meer ontvangen dan:
- € 20.000 als je actief bent in de primaire productie van landbouwproducten
- € 30.000 in de visserij- en aquacultuursector
- € 100.000 in de wegenbouw of voor goederenvervoer over de weg
- € 200.000 voor overige sectoren
Voerde je onder één KVK-nummer verschillende activiteiten uit die onder verschillende de-minimisverordeningen vielen, dan gold het laagste plafond, moest je een gescheiden boekhouding voeren per activiteit en mocht de steun alleen naar de activiteit waarvoor die bedoeld was.
Wie er verder afvalt
- Ondernemingen die al vóór 1 juli 2020 stonden ingeschreven vallen buiten de doelgroep; die konden een andere TVL-regeling proberen, niet deze Startersregeling.
- Ondernemingen zonder aparte bedrijfsvestiging (en zonder uitzonderingspositie) vallen af op de vestigingseis.
- Ondernemingen met minder dan 20% omzetverlies of minder dan € 1.500 berekende vaste lasten per kwartaal komen niet in aanmerking.
Let op: over de subsidie uit deze Startersregeling betaal je inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting, wat bij andere TVL-regelingen niet gold.
Hoeveel subsidie krijg je?
Het minimumbedrag was € 1.500 per kwartaal, het maximum € 100.000 per kwartaal. Hoeveel je precies kreeg, hing af van je omzetverlies, je branche en een vast subsidiepercentage van 100%.
Rekenformule
subsidie = normale omzet in het referentiekwartaal (Q3 2021) x omzetverlies in Q4 2021 in % x aandeel vaste lasten volgens je SBI-code in % x 100%
- De normale omzet (referentieomzet) is je omzet in Q3 2021, zonder btw en vóór aftrek van kosten. Eerder ontvangen TVL- of andere coronasteun (zoals TOGS of NOW) telt niet mee als omzet.
- Het omzetverlies is het verschil tussen je normale omzet en je (geschatte) omzet van oktober tot en met december 2021, gedeeld door de normale omzet, keer 100. Dit moest minimaal 20% zijn.
- Het aandeel vaste lasten is een vast percentage per SBI-code, gebaseerd op CBS-branchegegevens. Je werkelijke vaste lasten telden dus niet.
Een onderneming had € 100.000 omzet in Q3 2021 en een geschatte omzet van € 60.000 in Q4 2021: een omzetverlies van 40%. Het aandeel vaste lasten voor de SBI-code was 25%. De subsidie werd dan: € 100.000 x 40% x 25% x 100% = € 10.000. Hiervan kreeg de onderneming eerst een voorschot van 80% (€ 8.000) uitgekeerd.
Voorschot en definitief bedrag
Je kreeg na goedkeuring een voorschot van 80% op basis van je verwachte omzetverlies. Na afloop van de subsidieperiode gaf je je werkelijke omzet door (de vaststelling):
- Was het werkelijke omzetverlies gelijk aan je schatting, dan hield je het voorschot van 80% en kreeg je de resterende 20% uitgekeerd.
- Was je werkelijke omzetverlies hoger, dan ging de subsidie omhoog.
- Was je werkelijke omzetverlies lager, dan kreeg je minder dan de resterende 20% of moest je een deel van het voorschot terugbetalen.
Overige grenzen
De vaste lasten moesten na berekening hoger uitkomen dan € 1.500 per kwartaal. Vroeg je € 25.000 of meer aan, dan was een derdenverklaring verplicht. De totale de-minimissteun aan jouw onderneming en verbonden ondernemingen mocht in het lopende en de 2 voorafgaande belastingjaren niet boven € 200.000 uitkomen (lager voor landbouw, visserij/aquacultuur, wegenbouw en goederenvervoer over de weg). Let op: over het ontvangen bedrag betaal je inkomsten- of vennootschapsbelasting.
Wat zijn de voorwaarden van de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen?
Deze regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen. De onderstaande eisen en verplichtingen golden tijdens de openstelling en zijn nog relevant als je een lopend dossier beheert.
Je viel direct af als je niet voldeed aan een van deze eisen:
- Je had geen mkb-onderneming (te toetsen met de mkb-verklaring).
- Je onderneming stond niet ingeschreven bij de KVK in de periode na 30 juni 2020 tot en met 30 juni 2021.
- Je omzetverlies in Q4 2021 was lager dan 20% vergeleken met Q3 2021.
- Je berekende vaste lasten kwamen niet boven € 1.500 per kwartaal uit.
- Je onderneming had geen vestiging in Nederland met een eigen voordeur of opgang los van het huisadres (behalve bij een van de genoemde uitzonderingssectoren zoals horeca, markthandel, taxivervoer, rij-instructeurs, kermisattracties, luchtballonvaart, binnenvaart, zee- en kustvaart, goederenvervoer, verhuisvervoer en post- en koeriersdiensten).
- Je onderneming maakte deel uit van een groep waarvan een verbonden onderneming al vóór 1 juli 2020 stond ingeschreven (denk aan dochterondernemingen, werkmaatschappijen of franchisenemers die niet los staan van de franchisegever).
- Je was een financiële instelling of overheidsbedrijf.
- Je was failliet of had surseance van betaling aangevraagd.
- Je (en verbonden ondernemingen samen) kwam boven het toepasselijke de-minimisplafond uit: € 200.000 algemeen, € 20.000 voor landbouw, € 30.000 voor visserij en aquacultuur, of € 100.000 voor wegenbouw en goederenvervoer over de weg (in het lopende en de 2 voorafgaande belastingjaren).
Beoordeling van de aanvraag
RVO toetste de aanvraag op de bovenstaande voorwaarden. Er wordt niet gewerkt met een puntensysteem of een rangschikking op kwaliteit. Bij de toetsing gebruikte RVO ook gegevens van de Belastingdienst, ook als je aanvraag via een intermediair liep.
Bij een aanvraag van € 25.000 of meer was een verklaring van een deskundige derde (accountant, fiscalist of boekhouder) verplicht. Zonder die verklaring kon je de aanvraag niet afmaken. De verklaring ging over het opgegeven omzetverlies en de echtheid van de onderneming.
Na een positieve beslissing kreeg je een voorschot van 80%. Daarna golden deze verplichtingen:
- Je moest na afloop van de subsidieperiode je werkelijke omzet doorgeven aan RVO (de vaststelling), uiterlijk 1 februari 2023 23:59 uur (deze datum is verschoven van 1 december 2022 naar 1 februari 2023). Dit deed je online in je dossier via 'Aanvraag Beheren'.
- Als RVO het formulier al had voorgevuld met Belastingdienstgegevens en die klopten, gaf je alleen akkoord. Klopten de gegevens niet, dan vulde je zelf de juiste omzet in en leverde je bewijs aan: btw-aangiftes van de subsidieperiode (bij voorkeur), een boekhouduitdraai met bedrijfsnaam, omzetbedrag en periode, of een goedgekeurde en gedeponeerde jaarrekening.
- Was je werkelijke omzetverlies hoger dan geschat, dan kreeg je extra subsidie. Was het lager, dan kreeg je minder dan de resterende 20% uitgekeerd of moest je een deel van het voorschot terugbetalen.
- Je moest inkomsten- of vennootschapsbelasting betalen over de ontvangen subsidie, en dit correct opgeven bij de Belastingdienst.
- Diende je na toekenning een suppletie in bij de Belastingdienst (een aanpassing van je inkomsten- of vennootschapsbelasting) waaruit blijkt dat je niet meer aan de voorwaarden voldeed, dan trok RVO de subsidie alsnog in. Dit kan tot 5 jaar na de vaststelling.
- RVO kan tot 5 jaar na de definitieve vaststelling je aanvraag alsnog controleren en daarbij om extra bewijsmateriaal vragen. Blijkt dat je geen recht had op de subsidie, dan moet je het bedrag terugbetalen.
- Je gegevens (naam, vestigingsplaats, sector, subsidiebedrag en doel van de subsidie) worden gepubliceerd, op verzoek van de minister van Economische Zaken en Klimaat.
- Kun je een teveel ontvangen voorschot niet in één keer terugbetalen, dan kun je een betalingsregeling aanvragen van 6, 12, 18 of 24 maanden. RVO rekent geen rente over het terug te betalen bedrag.
- Ben je het niet eens met een beslissing over je aanvraag of de vaststelling, dan kun je bezwaar maken.
Hoe vraag je de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen aan?
Deze regeling is gesloten. Aanvragen kon alleen tussen 7 juni 2022 09:00 uur en 2 augustus 2022 17:00 uur. Onderstaand stappenplan is dus alleen nog relevant ter referentie of als je een lopend dossier beheert.
Stap 1: Check of je een mkb-onderneming bent
Doe de online mkb-toets om te bevestigen dat je onderneming als mkb-onderneming telt. Dit is een voorwaarde om te kunnen aanvragen.
Stap 2: Verzamel de benodigde gegevens
Voor de aanvraag had je nodig:
- Inlogmiddel: eHerkenning niveau 3 met machtiging 'RVO diensten op niveau eH3' (of hoger), of DigiD. Bij DigiD moest je wel de persoon zijn die bij de KVK geregistreerd staat als eigenaar of bestuurder.
- KVK-nummer van je onderneming (niet het vestigingsnummer of RSIN).
- Contactgegevens: naam, telefoonnummer, e-mailadres.
- Bankrekeningnummer op naam van je onderneming. Had je als eenmanszaak geen zakelijke rekening, dan gaf je je privérekening door waarop de zakelijke transacties liepen. Dit rekeningnummer werd gebruikt voor de uitbetaling, dus controle vooraf was belangrijk.
- De (geschatte) omzet van oktober tot en met december 2021, zonder btw en vóór aftrek van kosten. Eerder ontvangen coronasteun (TVL, TOGS, NOW e.d.) telde niet mee als omzet.
- Omzetgegevens van de referentieperiode Q3 2021.
- Een verklaring De-minimissteun, die je meestuurde met de aanvraag.
Een deel van de KVK-gegevens werd automatisch ingevuld; die moest je controleren op juistheid.
Stap 3: Verklaring deskundige derde (alleen bij aanvraag van € 25.000 of meer)
Bleek tijdens het invullen dat je in aanmerking komt voor een subsidiebedrag van € 25.000 of meer, dan was een verklaring van een deskundige derde verplicht. Zonder deze verklaring kon je de aanvraag niet afronden.
- Wie mag de verklaring afgeven: alleen een accountant, fiscalist of boekhouder.
- Wat staat erin: het opgegeven omzetverlies en de echtheid van de onderneming. Voor accountants gold aanvullend dat zij moesten instemmen met de aard en reikwijdte van de verklaring (die geen zekerheid biedt zoals bij een assurance-opdracht).
- Wie vult het in: de deskundige derde vult de verklaring eerst zelf in, vóórdat jij je aanvraag start. Daarvoor logt de deskundige in met eHerkenning niveau eH3 met machtiging 'RVO diensten op niveau eH3' (of hoger); DigiD is hierbij niet mogelijk.
- Wat lever jij aan: na het invullen ontving de deskundige derde een pdf van de verklaring. Deze pdf uploadde jij bij je eigen aanvraag. Je had daarbij ook het KVK-nummer van de deskundige derde nodig.
- Waar vind je een deskundige: op het Digitaal Ondernemersplein van KVK staat een overzicht van brancheverenigingen van financiële dienstverleners die kunnen doorverwijzen naar een deskundige bij je in de buurt.
Stap 4: Vul de online aanvraag in en verstuur
Je logt in met eHerkenning niveau 3 (met machtiging 'RVO diensten op niveau eH3' of hoger) of DigiD, vult de aanvraag aan met je omzetgegevens en overige informatie, uploadt indien nodig de pdf van de deskundigenverklaring, en verstuurt de aanvraag vóór 2 augustus 2022 17:00 uur.
Stap 5: Wacht op de beoordeling
RVO beoordeelt binnen maximaal 8 weken of je aanvraag wordt goedgekeurd, met de mogelijkheid deze termijn eenmalig met 8 weken te verlengen (je krijgt daarover altijd bericht). Je hoort de beslissing per e-mail.
Stap 6: Vaststelling na afloop
Na afloop van de subsidieperiode vraagt RVO je per e-mail naar je werkelijke omzet. Dit doe je uiterlijk 1 februari 2023 23:59 uur, online in je dossier via 'Aanvraag Beheren'. Vaak is het formulier al voorgevuld met Belastingdienstgegevens; klopt dit, dan geef je alleen akkoord. Klopt het niet, dan vul je zelf de juiste omzet in en voeg je bewijs toe: btw-aangiftes (bij voorkeur die van Q4 2021, en van de referentieperiode als de omzet afwijkt van de aanvraag), een boekhouduitdraai met bedrijfsnaam, omzetbedrag en periode zichtbaar, of een goedgekeurde en gedeponeerde jaarrekening.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Wie beoordeelt en hoe lang duurt het
RVO beoordeelt of je aanvraag aan de voorwaarden voldoet, en gebruikt daarbij ook gegevens van de Belastingdienst (ook als je aanvraag via een intermediair liep). Alleen aanvragen die tussen 7 juni 2022 09:00 uur en 2 augustus 2022 17:00 uur zijn ontvangen, werden in behandeling genomen. Binnen 8 weken na indiening hoorde je per e-mail of je aanvraag werd goedgekeurd. RVO had de mogelijkheid deze termijn met nog eens 8 weken te verlengen; als dat gebeurde, kreeg je daar altijd bericht over.
Uitbetaling: voorschot en vaststelling
Werd je aanvraag goedgekeurd, dan kreeg je eerst een voorschot van 80% op basis van je verwachte omzetverlies. Na afloop van de subsidieperiode volgt de vaststelling: RVO vraagt je per e-mail naar je werkelijke omzet. Je meldde die uiterlijk 1 februari 2023 23:59 uur (deze deadline is verschoven van 1 december 2022 naar 1 februari 2023, gepubliceerd in de Staatscourant van 18 oktober 2022) in je online dossier via 'Aanvraag Beheren'.
Vaak had RVO het vaststellingsformulier al vooringevuld met gegevens van de Belastingdienst. Klopten die, dan hoefde je alleen akkoord te geven. Klopten ze niet, of ontbrak bewijs, dan moest je zelf de werkelijke omzetgegevens invullen en onderbouwen met bijvoorbeeld btw-aangiftes, een boekhouduitdraai of een goedgekeurde en gedeponeerde jaarrekening. Hoe langer het duurde om ontbrekend bewijs aan te leveren, hoe langer het duurde voordat je definitieve subsidie werd vastgesteld.
Na de vaststelling kreeg je zo snel mogelijk bericht over het definitieve bedrag:
- Kwam je werkelijke omzetverlies overeen met je schatting, dan hield je het voorschot van 80% en kreeg je de resterende 20% uitgekeerd.
- Was je werkelijke omzetverlies hoger, dan ging de subsidie omhoog.
- Was je werkelijke omzetverlies lager, dan kreeg je minder dan de resterende 20% uitgekeerd, of moest je een deel van het voorschot terugbetalen.
Verplichtingen tijdens en na de looptijd
- Je moet inkomsten- of vennootschapsbelasting betalen over de ontvangen subsidie. Dit is anders dan bij andere TVL-regelingen, waarbij dat niet hoefde.
- Dien je na toekenning een suppletie in bij de Belastingdienst (een aanpassing op je inkomsten- of vennootschapsbelasting) waaruit blijkt dat je niet meer aan de voorwaarden voldeed, dan trekt RVO de subsidie alsnog in. Dit kan tot 5 jaar na de vaststelling.
- RVO kan tot 5 jaar na de definitieve vaststelling je aanvraag achteraf controleren en daarbij om extra bewijsmateriaal vragen. Blijkt dat je geen recht had op de subsidie, dan moet je het ontvangen bedrag terugbetalen.
- Je naam, vestigingsplaats, sector, subsidiebedrag en het doel van de subsidie worden gepubliceerd, op verzoek van de minister van Economische Zaken en Klimaat.
- Lukt terugbetalen van een te veel ontvangen voorschot niet in één keer, dan kun je een betalingsregeling aanvragen van 6, 12, 18 of 24 maanden. RVO rekent hierover geen rente.
- Ben je het niet eens met een beslissing over je aanvraag of de definitieve vaststelling, dan kun je bezwaar maken via de daarvoor bestemde procedure.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) Q4 2021 Startende ondernemingenrvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.