GeslotenRijk · Landelijk · Subsidie

Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen

RVO

Ook bekend als IIC Geotextielen, Innovation Impact Challenge

Wat is de Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen?

Deze Innovation Impact Challenge (IIC) is geen subsidie maar een inkooptraject van RVO, namens het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het ministerie van Klimaat en Groene Groei. RVO daagt ondernemers uit om biobased geotextielen en drainagebuizen te (door)ontwikkelen, voor de thema's Nat, Droog en Drainage. Denk aan biobased alternatieven voor betonmatrassen, oeverbescherming, dijkbescherming, tijdelijke wegen, anti-worteldoek en drainagebuizen.

De oproep is gesloten voor aanvragen. De aanvraagperiode liep van 15 september 2025 09:00 tot 3 november 2025 13:00 (deze deadline is per Nota van Inlichtingen verschoven van de oorspronkelijke 27 oktober 2025).

Je krijgt geen subsidie, maar een betaalde opdracht. In fase 1 onderzoek je de haalbaarheid van je innovatie (maximaal € 15.000 inclusief btw per haalbaarheidsonderzoek). Alleen wie fase 1 succesvol afrondt, kan worden uitgenodigd om voor fase 2 een offerte in te dienen: het daadwerkelijke onderzoeks- en ontwikkeltraject tot een prototype en beperkte 0-serie (maximaal € 80.000 inclusief btw per opdracht). Het totale budget is € 820.000, verdeeld over de thema's nat/droog (€ 600.000, waarvan € 480.000 voor fase 2) en drainage (€ 220.000, waarvan € 160.000 voor fase 2).

Je diende je offerte in via het E-loket van RVO (met eHerkenning), met een verplicht projectplan volgens het model op TenderNed. Omdat de voorselectie en de aanvraagtermijn inmiddels gesloten zijn, kun je voor deze oproep geen offerte meer indienen. Je behoudt zelf het intellectueel eigendom van wat je ontwikkelt; de opdrachtgevers krijgen een gebruiksrecht.

Wie komt in aanmerking voor de Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen?

Let op: deze oproep is gesloten. Onderstaande eisen golden voor de offertes die tot 3 november 2025 13:00 konden worden ingediend.

Je bent gevestigd in Nederland
Landelijke regeling.
Je bent een onderneming
Je sector valt onder SBI 13.92, 36.00
De definitieve beoordeling ligt bij RVO.

Wie kon indienen:

  • Zowel mkb als grote ondernemingen (of andere organisaties) konden een offerte indienen, als hoofdaannemer of als onderaannemer. Er was geen mkb-eis.
  • Een kennisinstelling kon formeel ook indienen, maar RVO adviseerde nadrukkelijk om een ondernemer de leiding te laten nemen. Bij de beoordeling van economisch perspectief wordt namelijk getoetst of de indiener het product ook echt op de markt kan brengen, en een kennisinstelling wordt daarvoor niet gezien als de aangewezen partij.
  • Buitenlandse partijen mochten indienen, mits gevestigd binnen de EU en mits het project een bijdrage levert aan de Nederlandse economie. Buitenlandse ketenpartners moesten voldoen aan Europese regelgeving voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.
  • Eén partij moest de lead nemen en de offerte indienen; andere partijen konden als onderaannemer aanhaken. Samenwerking tussen verschillende offertes was niet toegestaan: elk voorstel moest op zichzelf staan.
  • Je mocht meerdere voorstellen indienen, mits in verhouding met je capaciteit en mits de voorstellen onderscheidend van elkaar waren en in verschillende consortia.
  • Alleen offertes voor thema drainage konden niet concurreren om budget van thema nat/droog en omgekeerd: tussen die twee budgetten kon niet geschoven worden.

Harde eisen aan het product (knock-out, zie hoofdstuk 4 van de oproeptekst). Het product moest na de Challenge:

  • aansluiten bij een of meer probleemstellingen uit bijlage 2 van de oproeptekst;
  • voor de vezelgewassen gebruikmaken van Nederlandse biogrondstoffen (voor biopolymeren geen harde eis; uitzondering voor (gerecyclede) jute als transitieoplossing);
  • voor minimaal 70 gewichtspercentage bestaan uit biobased materiaal van plantaardige oorsprong, gecertificeerd volgens EN 16785-1 en EN 16640;
  • gebruikmaken van duurzaam geteelde en verwerkte gewassen voor de vezels;
  • bij gebruik en einde levensduur geen toxische of persistente niet-biobased stoffen achterlaten, waaronder persistente microplastics; afbraak moet aannemelijk of aantoonbaar zijn via (gestandaardiseerde) testmethodes;
  • niet-biologisch afbreekbare restanten na einde levensduur moeten saneerbaar zijn;
  • uiteindelijk inkoopbaar zijn door de opdrachtgeverscoalitie, andere aanbestedende diensten en (private) partijen;
  • een innovatie zijn waarvoor nog een R&D-traject nodig is (dus geen reeds gevalideerde oplossing).

Wat afvalt of buiten scope valt:

  • Onderzoeksprojecten zonder concrete toepassing of businesscase.
  • Andere bioplastics dan biopolyesters, zoals bioPE, bioPP en bio-PVC.
  • Niet-biobased materialen, zoals conventioneel of petrochemisch kunststof geotextiel.
  • Oplossingen buiten de GWW-context, zoals producten voor landbouw, tuinbouw of de consumentenmarkt zonder link met grond-, weg- en waterbouw.
  • Niet-duurzame of schijn-duurzame alternatieven die per saldo tot meer CO2-uitstoot, negatieve milieu-impact of grondstoffenschaarste elders in de keten leiden.
  • Klei als grondstof voor drainagebuizen: technisch een optie, maar valt niet onder de IIC-definitie van biobased (plantaardige oorsprong), dus niet toegestaan binnen deze Challenge.

Alleen offertes die aan alle minimale eisen voldoen, worden vervolgens inhoudelijk beoordeeld op de criteria impact, technologische haalbaarheid en economisch perspectief.

Waarvoor krijg je subsidie?

De Innovation Impact Challenge vergoedt uitsluitend kosten voor onderzoek en ontwikkeling. Marktintroductie is expliciet geen onderdeel en wordt niet vergoed.

Fase 1: haalbaarheidsonderzoek

  • Maximumbedrag: € 15.000 inclusief btw per haalbaarheidsonderzoek (voor beide thema-groepen gelijk).
  • In deze fase gaat het uitsluitend om verdere onderbouwing van je offerte (projectplan inclusief begroting) via deskresearch. Er hoeven in fase 1 nog geen testen te worden uitgevoerd; dat volgt in fase 2. Verkennend onderzoek valt binnen deze fase.
  • Kosten voor het indienen van een octrooiaanvraag mogen binnen fase 1 worden meegenomen, maar let op: dit maakt je offerteprijs relatief hoog, en offertes concurreren ook op prijs. In het projectplan moet je bij "route to market" toelichten waarom de octrooiaanvraag van belang is voor de vermarkting.
  • Je mag een offerte van € 0,- indienen voor onderzoek dat al eerder is uitgevoerd, maar dit geeft geen garantie op een opdracht; je voorstel wordt op dezelfde manier beoordeeld en dezelfde rapportages worden verwacht.

Fase 2: ontwikkeling tot TRL 7

  • Maximumbedrag: € 80.000 inclusief btw per fase 2-opdracht (voor beide thema-groepen gelijk).
  • Dit betreft R&D tot Technology Readiness Level 7: prototype-ontwikkeling, eerste praktijktesten, tot en met de productie van een beperkte 0-serie.
  • Alleen partijen die fase 1 succesvol hebben afgerond en een offerteverzoek ontvangen, komen in aanmerking voor fase 2.

Tarief/uurtarief

Er wordt geen vast uurtarief voorgeschreven; je bepaalt dit zelf en verwerkt het in je offerteprijs. RVO geeft wel aan geen offertes te verwachten op basis van volledig commerciële uurtarieven, omdat je het intellectueel eigendom van het resultaat behoudt.

Wat niet wordt vergoed / buiten scope valt

  • Kosten voor marktintroductie van het product.
  • Projecten of materialen die niet aansluiten bij de minimale eisen uit hoofdstuk 4 van de oproeptekst (zie sectie "Kom ik in aanmerking?"), zoals niet-biobased kunststoffen, bioPE/bioPP/bio-PVC, klei als grondstof, of oplossingen buiten de GWW-context.
  • Werk dat je zonder gegunde opdracht al start: je mag beginnen vanaf indiening van je offerte, maar deze kosten zijn voor eigen risico als de opdracht niet aan je wordt gegund.

Waar het geld inhoudelijk naar toe moet: de productgroepen

De vergoede onderzoeks- en ontwikkelkosten moeten gericht zijn op een van de volgende thema's, functies en productgroepen (of een gemotiveerd alternatief dat dezelfde functie vervult):

Thema Nat:

  • Bodembescherming: betonmatrassen (levensduur betonmatras minimaal 50 jaar; het biobased doek zelf hoeft alleen de uithardingsperiode van het beton te overbruggen).
  • Oeverbescherming: filter onder breuksteen (opofferingsdoek levensduur 1 maand, primair filter 50 jaar; treksterkte minimaal 15 kN/m; maximale kosten € 25/m² prijspeil Q1 2025 en maximale MKI-waarde € 2,50/m² voor de totale filterconstructie), filter onder zetsteen (vergelijkbare treksterkte- en levensduureisen), erosiebescherming (functionele levensduur minimaal 2 jaar), achter oeverbeschoeiing (levensduur 0,5-2 jaar boven de wortelzone, 15-20 jaar onder de rietschoot).
  • Dijkbescherming: bekrammingen (functionele levensduur 6 maanden, volledige afbraak in de grond gewenst), biobased zandzakken (treksterkte minimaal 15 kN/m, minimaal 15 jaar opslagvast, afmeting ca. 60x40 cm, maximaal 30% duurder dan conventionele zandzakken).

Thema Droog:

  • Tijdelijke wegen: scheidingsdoek (treksterkte minimaal 60 kN, functiebehoud gedurende 5-7 jaar).
  • Onkruidbestrijding: anti-worteldoek (voldoende lichtondoorlatend en sterk genoeg tegen invloeden van onder- en bovenaf).

Thema Drainage:

  • Drainagebuis en omhulling: tijdelijke toepassingen met functionele levensduur van 2 tot 20 jaar afhankelijk van toepassing (bijvoorbeeld 4 jaar bij TenneT-toepassingen), moet als zuigbuis te gebruiken zijn en niet inklappen.
  • Ontwateringstube: treksterkte vergelijkbaar met kunststof geotextiel, functionele levensduur minimaal 6 maanden, doek en stiksel voor 100% biologisch afbreekbaar.

Voor de meeste productgroepen geldt dat de exacte MKI-waarde en kostprijs "nader te bepalen" zijn; alleen voor filter onder breuksteen (en de vergelijkbare filterconstructie) zijn een concreet kostenplafond en MKI-maximum vastgelegd zoals hierboven genoemd.

Hoeveel subsidie krijg je?

Dit is een opdracht, geen subsidiepercentage: je dient een offerte in met een vaste prijs voor het gevraagde resultaat, niet een percentage van je kosten.

Totaalbudget: € 820.000 (inclusief btw), verdeeld in twee thema-budgetten die niet onderling uitwisselbaar zijn:

  • Thema's nat en droog samen: maximaal € 600.000 (inclusief btw).
  • Thema drainage: maximaal € 220.000 (inclusief btw).

Binnen thema's nat en droog:

  • Fase 1 (haalbaarheidsonderzoek): budget € 120.000, met een maximum van € 15.000 (inclusief btw) per haalbaarheidsonderzoek.
  • Fase 2 (ontwikkeling): budget € 480.000, met een maximum van € 80.000 (inclusief btw) per fase 2-opdracht.

Binnen thema drainage:

  • Fase 1: budget € 60.000, maximum € 15.000 (inclusief btw) per haalbaarheidsonderzoek.
  • Fase 2: budget € 160.000, maximum € 80.000 (inclusief btw) per fase 2-opdracht.

Hoeveel projecten precies worden gehonoreerd, hangt af van de prijs van de best beoordeelde offertes: bij lagere offertes passen er meer projecten binnen het budget, bij hogere offertes minder. Budget dat in fase 1 overblijft, schuift door naar fase 2. Als voor thema nat of droog te weinig goede voorstellen binnenkomen, kan budget tussen die twee thema's geschoven worden, maar niet tussen nat/droog en drainage.

De vergoeding is uitsluitend voor onderzoek en ontwikkeling; kosten voor marktintroductie worden niet vergoed. Offertes worden beoordeeld exclusief btw, zodat alle partijen op gelijke voet worden vergeleken; hoe btw bij een daadwerkelijke opdracht wordt afgehandeld, wordt per situatie bekeken.

Er is geen verplichte eigen bijdrage. RVO stelt geen uurtarief voor of eis aan financiële cofinanciering, maar verwacht dat je niet je reguliere commerciële tarief rekent, omdat je het intellectueel eigendom behoudt en daar in de toekomst geld aan kunt verdienen. De prijs van je offerte is wel onderdeel van de beoordeling (bij het criterium impact, onderdeel "value for money").

Bij overgang van fase 1 naar fase 2 wordt bij goedkeuring van het haalbaarheidsrapport doorgaans het laatste deel (meestal 20%) van de fase 1-kosten uitbetaald.

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
202515 sep 20253 nov 2025€ 820kTender (rangschikking na sluiting)
Openstelling-3 nov 2025--

Wat zijn de voorwaarden van de Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen?

Hier val je op af

Alleen offertes die voldoen aan alle minimale eisen uit hoofdstuk 4 van de oproeptekst worden inhoudelijk beoordeeld. De belangrijkste:
Het product sluit aan bij een of meer probleemstellingen uit bijlage 2.
Voor vezelgewassen: Nederlandse biogrondstoffen verplicht (uitzondering: (gerecyclede) jute als transitieoplossing). Voor biopolymeren is dit geen harde eis maar wel een beoordelingscriterium.
Minimaal 70 gewichtspercentage biobased materiaal van plantaardige oorsprong, gecertificeerd volgens EN 16785-1 en EN 16640.
Duurzaam geteelde en verwerkte gewassen voor de vezels.
Geen toxische of persistente afbraakproducten, waaronder persistente microplastics; biologische afbraak moet plaatsvinden onder normale temperatuuromstandigheden in gematigde klimaten; bij industriële compostering als afvalscenario moet ook aan composteerstandaarden worden voldaan.
Niet-biologisch afbreekbare restanten na einde levensduur moeten saneerbaar zijn.
Buitenlandse ketenpartners moeten voldoen aan Europese MVO-regelgeving.
Het product moet uiteindelijk inkoopbaar zijn door de opdrachtgeverscoalitie en andere partijen.
Het betreft een nog niet gevalideerde innovatie waarvoor nog een R&D-traject nodig is.
In de offerte: onderbouwing hoe de innovatie in fase 2 in een realistische setting gedemonstreerd wordt, en aannemelijk maken dat na fase 2 een bruikbare 0-serie beschikbaar is.
In totaal 100 punten te behalen, verdeeld over drie criteria:
Impact: 40 punten. Beoordeeld wordt onder meer op: de bijdrage aan het oplossen van de maatschappelijke uitdaging; het gewichtspercentage biobased materiaal van plantaardige oorsprong; of biogrondstoffen in Nederland worden geteeld, verwerkt en toegepast; score op milieu-impact en circulariteit (MKI volgens de SBK-bepalingsmethode, uitgesplitst naar CO2-emissies en hoogwaardig hergebruik aan einde levenscyclus, met een zelf gekozen en onderbouwde referentie en een levensduur tot maximaal 100 jaar); kwaliteit van kwalitatieve en kwantitatieve onderbouwing; motivatie van de gekozen ketenpartners; impact binnen het gevraagde budget ("value for money"); en toepasbaarheid/schaalbaarheid binnen en buiten het areaal van de opdrachtgeverscoalitie. In fase 1 wordt het milieu-impact/circulariteitscriterium alleen kwalitatief beoordeeld, in fase 2 kwantitatief volgens een dan aangeleverd format.
Technologische haalbaarheid: 30 punten. Is de technologische benadering veelbelovend, haalbaar en inventief, en waarom is voor deze technologie gekozen; is de indiener de juiste partij; is het technologisch start- en eindpunt duidelijk, de aanpak logisch en de middelen passend; hoe innovatief is de oplossing (nieuwe functionaliteit, onderscheidend vermogen).
Economisch perspectief: 30 punten. Blijkt uit het voorstel, onderbouwd met een Total Cost of Ownership (TCO)-analyse, dat klanten willen betalen; is de ondernemer/het consortium de juiste partij om te vermarkten; is het verdienmodel duidelijk; is er een indicatie van de marktprijs (start- en eindpunt); zijn de juiste ketenpartners betrokken; is er een go-to-market strategie. In fase 2 wordt hier extra op beoordeeld: de mate van betrokkenheid en rol van samenwerkings- en ketenpartners, zo mogelijk onderbouwd met intentieverklaringen of schriftelijke correspondentie.
Extra waardering voor innovaties die: 100% biobased zijn (volgens EN 16785-1/EN 16640); 100% bioafbreekbaar in de natuur zijn; 100% circulair zijn met een bekend einde-levenscyclusscenario; en over de gehele levensduur en keten een lagere CO2-uitstoot realiseren dan huidige producten met dezelfde functie.

Wat je moet doen na toekenning

  • Je mag niet zelf contact opnemen met leden van de onafhankelijke beoordelingscommissie zodra hun samenstelling bekend is; dit kan leiden tot uitsluiting.
  • Tijdens fase 1 kan RVO beoordelen hoe je het project uitvoert; dit telt mee bij het besluit of je een offerteverzoek voor fase 2 krijgt.
  • Na afronding van fase 1 lever je een haalbaarheidsrapport; RVO leest dit, en bij een positieve conclusie en voldoende vertrouwen volgt een offerteverzoek voor fase 2. Alleen partijen die dit offerteverzoek krijgen, mogen een fase 2-offerte indienen.
  • Je behoudt het intellectueel eigendom, maar de opdrachtgever krijgt: het recht op gebruik voor publicitaire doeleinden, het recht op gebruik van de kennis zonder licentiekosten, het recht de kennis openbaar te maken in het algemeen belang, en de mogelijkheid je te verplichten tot het uitgeven van licenties aan derden onder redelijke (FRAND-)voorwaarden. Deze laatste twee verplichtingen worden alleen in uitzonderlijke situaties opgelegd.
  • Er wordt een publieke samenvatting van je project opgesteld; bedrijfsgevoelige of vertrouwelijke informatie ("het geheim van de smid") wordt hierin niet opgenomen. Binnen een consortium wordt aangeraden zelf afspraken te maken over vertrouwelijkheid, bijvoorbeeld via een NDA.
  • Als in fase 2 blijkt dat het systeem niet werkt of niet opgeleverd kan worden, wordt per project bekeken hoe met betaling en leverplicht wordt omgegaan, afhankelijk van oorzaak en moment.

Daarnaast moest de offerte een volledig ingevulde specificatietabel (tabel 3.1) bevatten met onder meer: thema/functie/productgroep, MKI (fase 1 kwalitatief, fase 2 kwantitatief), verwachte levensduur, biologische afbreekbaarheid (% en jaren), biobased gehalte (%), herkomst grondstoffen, circulariteit (%), indicatie marktprijs per m² of m, en huidig TRL-niveau (vanaf TRL 4).

Alleen offertes die op elk van de drie criteria minimaal 60% van het maximale aantal punten scoren, komen in aanmerking voor een opdracht. Beoordeling en rangschikking gebeurt per thema: je dient per offerte voor één thema in, en wordt ook op dat thema beoordeeld.

Hoe vraag je de Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen aan?

Deze oproep is gesloten: de deadline van 3 november 2025 13:00 is verstreken en er kan geen offerte meer worden ingediend. Onderstaand proces gold voor deze ronde.

Stap 1: informatiebijeenkomst (optioneel, niet verplicht voor indiening)

Op 29 september 2025 om 9.00 uur organiseerde RVO een informatiebijeenkomst in The Natural Pavilion in Almere (Arboretum West, 1324 WB Almere). Aanmelden ging via een aanmeldformulier. Het programma bestond uit inloop (9.00-9.30 uur) en presentaties tot 13.00 uur, met toelichting van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat op de maatschappelijke uitdaging, Building Balance en Biobased Circular op de innovatie-uitdaging, RVO op de procedure, en het Octrooicentrum op intellectueel eigendom. Presentaties kwamen enkele dagen later beschikbaar via TenderNed.

Stap 2: vragen stellen

Vragen konden tot maximaal 10 dagen voor de sluitingsdatum worden gestuurd naar innovationimpactchallenge@rvo.nl. Antwoorden werden gepubliceerd in de Nota van Inlichtingen, met updates tot 7 dagen voor de sluitingsdatum.

Stap 3: offerte voorbereiden

Je bereidde je offerte voor met het Model Projectplan, gepubliceerd op TenderNed en op de RVO-website. Hierin werkte je uit: waar je nu staat, wat het eindpunt is, welke activiteiten je uitvoert, welke kosten je maakt, de ingevulde specificatietabel (tabel 3.1), en een vergelijking met een onderbouwde Business As Usual (BAU)-variant.

Stap 4: indienen via E-loket

Indiening verliep via het online E-loket-formulier van RVO (mijn.rvo.nl/eloket), gereed vanaf 16 september 2025. Hiervoor was eHerkenning nodig; het aanvragen hiervan kon enkele dagen duren, dus tijdig regelen was nodig. In het E-loket kozen aanvragers "Nieuwe Aanvraag" en zochten op "Innovation Impact Challenge". In de laatste stap voegde je je projectplan fase 1 toe.

Een volledige inzending bestond uit drie onderdelen:

  • Het ingevulde formulier via het E-loket.
  • Het projectplan inclusief begroting, opgesteld met het verplichte format projectplan van TenderNed/RVO.
  • De managementsamenvatting, als los document toegevoegd.

Het formulier kon tussentijds worden opgeslagen en later afgemaakt. De offerte moest uiterlijk 3 november 2025 om 13:00 uur (gewijzigd van de eerder genoemde 27 oktober 2025) in het bezit zijn van RVO; te laat ingediende offertes werden niet meer beoordeeld. RVO raadde aan de offerte al enkele werkdagen voor de deadline in te dienen.

Vervolgstappen na indiening (voor wie al had ingediend)

Na sluiting volgde volgens de planning in de oproeptekst: commissievergadering en toelichting van de offerte op 12 november 2025, bekendmaking uitslag op 14 november 2025, opdrachtverstrekking fase 1 op 28 november 2025, en een startbijeenkomst op 3 december 2025. RVO behoudt zich het recht voor deze planning aan te passen, met tijdige communicatie hierover aan (potentiële) opdrachtnemers.

Verdeling: Tender (rangschikking na sluiting). Een sterke, complete aanvraag maakt het verschil.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt

Een onafhankelijke beoordelingscommissie beoordeelt en rangschikt de ingediende offertes per thema, aan de hand van de criteria impact, technologische haalbaarheid en economisch perspectief (zie sectie "Voorwaarden"). De samenstelling van de commissie wordt bekendgemaakt op de website van RVO; dit gebeurde volgens de Nota van Inlichtingen in de loop van november 2025. Zodra de leden bekend zijn, mag je hen niet meer benaderen over deze Challenge; dat kan leiden tot uitsluiting.

Doorlooptijd en planning

Volgens de planning in de oproeptekst:

  • Commissievergadering met toelichting van de offerte: 12 november 2025.
  • Bekendmaking uitslag fase 1: 14 november 2025.
  • Opdrachtverstrekking fase 1: 28 november 2025.
  • Startbijeenkomst: 3 december 2025.
  • Einddatum haalbaarheidsrapport: 1 juni 2026.
  • Offerteverzoek fase 2 (alleen voor wie fase 1 succesvol afsloot): 8 juni 2026.
  • Sluiting indienen fase 2-offertes: 22 juni 2026.
  • Commissievergadering en bekendmaking uitslag fase 2: begin juli 2026.
  • Opdrachtverstrekking fase 2: medio juli 2026.
  • Deadline eindrapport fase 2: medio/eind juli 2027.

RVO behoudt zich het recht voor deze planning aan te passen en communiceert aanpassingen tijdig aan (potentiële) opdrachtnemers. Gedurende het traject worden ook bijeenkomsten voor kennisuitwisseling en dialooggesprekken georganiseerd; data hiervan worden later bepaald.

Uitbetaling

Rapportage- en overige verplichtingen tijdens de looptijd

  • In fase 1 lever je een haalbaarheidsrapport op (uiterlijk 1 juni 2026 volgens de planning). RVO leest dit rapport; bij een positieve conclusie ("het is haalbaar") en voldoende vertrouwen in de voortzetting volgt een offerteverzoek voor fase 2.
  • Alleen partijen die dit offerteverzoek ontvangen, mogen een fase 2-offerte indienen. Zij krijgen de kans hun offerte aan de commissie toe te lichten, waarna de commissie beoordeelt en rangschikt en de minister besluit welke voorstellen een fase 2-opdracht krijgen.
  • Tijdens de uitvoering van fase 1 kan RVO al een oordeel vormen over hoe je het project uitvoert; dit telt mee bij het besluit over een offerteverzoek voor fase 2.
  • Je mag starten met werk vanaf het moment dat je je offerte hebt ingediend, maar deze kosten zijn voor eigen risico als de opdracht niet aan jou wordt gegund.
  • Als in fase 2 blijkt dat het beoogde systeem niet werkt of niet opgeleverd kan worden, wordt per situatie beoordeeld hoe wordt omgegaan met betaling en de leveringsverplichting, afhankelijk van de oorzaak en het moment in fase 2.
  • Aan het eind van fase 2 lever je een werkend prototype of een beperkte 0-serie op (deadline eindrapport medio/eind juli 2027 volgens de planning), met de intentie dat dit product uiteindelijk wordt vermarkt.
  • Er wordt een publieke samenvatting van je project gepubliceerd, zonder bedrijfsgevoelige of vertrouwelijke informatie.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Innovation Impact Challenge: Biobased geotextielen en drainagebuizen. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.