Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D
Ministerie van Economische Zaken (via RVO)
Ook bekend als Eurostars-3
Wat is de Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D?
Eurostars is subsidie voor mkb'ers die samen met internationale partners (mkb, bedrijven en/of kennisinstellingen) nieuwe, marktgerichte technologieën ontwikkelen. Het programma moet de time-to-market van nieuwe technologie verkorten en technische risico's verkleinen, zodat kleine bedrijven sneller kunnen groeien.
Je vraagt de subsidie in twee stappen aan. Eerst dient je internationale consortium een gezamenlijke aanvraag in bij het Eureka-secretariaat in Brussel. Pas als die internationaal is goedgekeurd, word je door RVO uitgenodigd om een nationale subsidieaanvraag in te dienen. Alleen die nationale aanvraag levert Nederlandse subsidie op.
Je krijgt maximaal € 500.000 per project voor het Nederlandse projectaandeel. De subsidiepercentages zijn 50% van de subsidiabele R&D-kosten voor mkb en kennisinstellingen, en 40% voor grote bedrijven en overige deelnemers. Alleen kosten die direct met onderzoek- en ontwikkelactiviteiten te maken hebben komen in aanmerking; overige kosten financier je zelf.
Het ministerie van Economische Zaken stelt jaarlijks € 22 miljoen beschikbaar, verdeeld over twee internationale calls per jaar. De 11e call loopt van 9 juli 2026 tot 10 september 2026, 14:00 uur. De 12e call loopt van 17 december 2026 tot 4 maart 2027, 14:00 uur.
Om als Nederlandse organisatie mee te doen, moet er minimaal 1 Nederlands bedrijf in het consortium zitten. Zonder Nederlands bedrijf kunnen Nederlandse kennisinstellingen alleen op eigen kosten deelnemen, zonder subsidie.
Wie komt in aanmerking voor de Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D?
Waarvoor krijg je subsidie?
Alleen projectkosten die direct betrekking hebben op onderzoek- en ontwikkelactiviteiten komen in aanmerking voor Eurostars-subsidie. Kosten die niet direct aan R&D zijn toe te rekenen, zoals marketing- en managementkosten, zijn niet subsidiabel.
Loonkosten
RVO hanteert 3 methoden om loonkosten te berekenen, je kiest er één:
- Vast uurtarief van € 60 per uur. Dit tarief is inclusief overheadkosten.
- Directe loonkosten plus een opslag van 50% voor algemene kosten (vaste-opslag-systematiek).
- Integrale kostensystematiek.
Voor de urenberekening hanteert RVO een vast aantal productieve uren van 1.650 uur per jaar. Eén maand (Person Month) bestaat daarmee uit 137,5 productieve uren.
Bij de vaste-opslag-systematiek geldt: subsidiepercentage exclusief opslagen, en het subsidiebedrag wordt inclusief opslagen berekend (opslag algemene kosten 50%, alleen bij deze methode).
Heb je geen loonkosten maar wel arbeid, dan is daar in de modelbegroting een aparte regel voor.
Kosten van machines en apparatuur
Voor machines en apparatuur die niet uitsluitend voor het project worden gebruikt, reken je met de jaarlijkse fiscale afschrijving, omgerekend naar een afschrijving per uur, vermenigvuldigd met het aantal uren dat de apparatuur voor het project wordt gebruikt. Je geeft hierbij de aanschafwaarde en aanschafdatum op. Voor deze post moet je een aanvullend werkblad "Mach, app" invullen met een nadere specificatie.
Kosten van materialen en hulpmiddelen
Je specificeert per materiaal of hulpmiddel de hoeveelheid en de prijs per hoeveelheid; de kosten worden berekend als hoeveelheid maal prijs.
Aan derden verschuldigde kosten (uitbesteding)
Kosten voor uitbesteding aan derden zijn subsidiabel, maar alleen als de uitbesteding in Nederland plaatsvindt. Uitbesteding die buiten Nederland plaatsvindt komt niet in aanmerking. In de modelbegroting geef je per derde partij een omschrijving op, inclusief eventuele buitenlandse reis- en verblijfkosten die met die uitbesteding samenhangen.
Btw
Is je organisatie btw-vrijgesteld, dan mag je de niet-verrekenbare btw als kosten meenemen: deze btw is dan subsidiabel. Bij btw-plichtige organisaties is de btw geen subsidiabele kostenpost (die wordt immers wel verrekend).
Totaaloverzicht in de begroting
De modelbegroting berekent op basis van de ingevoerde posten automatisch:
- de totale projectkosten (inclusief niet-subsidiabele kosten),
- de totale subsidiabele projectkosten,
- de totaal gevraagde subsidie,
- het eigen aandeel in de projectkosten (totale kosten minus subsidie),
- eventuele andere subsidie over de projectkosten (als je die al hebt aangevraagd of ontvangen voor dit project of onderdelen ervan, dit meld je in het aanvraagformulier).
Het subsidiepercentage dat op je van toepassing is, hangt af van je organisatietype:
- mkb-bedrijven: tot 50% van de subsidiabele kosten
- onderzoeksorganisaties met niet-economische activiteiten: tot 50% van de subsidiabele kosten (met verklaring van gescheiden administratie als er ook economische activiteiten zijn)
- onderzoeksorganisaties met economische activiteiten: tot 40% van de subsidiabele kosten
- overige organisaties (geen mkb of onderzoeksorganisatie): tot 40% van de subsidiabele kosten
Wat niet subsidiabel is
Het dossier noemt expliciet dat marketing- en managementkosten niet subsidiabel zijn. Ook kosten die niet direct aan onderzoek- en ontwikkelactiviteiten zijn toe te rekenen vallen buiten de subsidie. Overige kosten (het deel boven het gesubsidieerde percentage, en niet-subsidiabele kostenposten) financier je zelf via een eigen bijdrage.
Voor de nationale aanvraag gebruik je verplicht de modelbegroting Eurostars (Excel) om je kosten en gevraagde subsidie te specificeren per Nederlandse deelnemer. Deze begroting berekent totalen en subsidiebedragen automatisch, mits je de juiste invoer per kostenpost aanlevert.
Hoeveel subsidie krijg je?
Je krijgt maximaal € 500.000 per project voor het Nederlandse projectaandeel. Dit is een plafond per project, niet per deelnemer; als er meerdere Nederlandse partijen in het consortium zitten, wordt dit bedrag over hen verdeeld op basis van hun aandeel in de subsidiabele kosten.
De subsidiepercentages van de subsidiabele R&D-projectkosten zijn:
- mkb: 50% van de subsidiabele kosten
- kennisinstelling (onderzoeksorganisatie) met niet-economische activiteiten: 50% van de subsidiabele kosten
- kennisinstelling met economische activiteiten: 40% van de subsidiabele kosten (de organisatie moet dan een aparte administratie voor de niet-economische activiteiten kunnen aantonen)
- groot bedrijf en overige deelnemers: 40% van de subsidiabele kosten
Overige kosten (het deel dat niet door subsidie wordt gedekt) moet je als deelnemende partij zelf financieren via een eigen bijdrage.
Het totale jaarlijkse budget voor het Eurostarsprogramma is € 22.000.000, verdeeld over 2 internationale calls per jaar. Dit is het subsidieplafond op programmaniveau; het dossier vermeldt niet dat dit plafond direct bepalend is voor jouw individuele aanvraag, maar wel dat toewijzing van nationale subsidie afhankelijk is van de positie van je project op de internationale rangschikkingslijst en het beschikbare budget per land. Met andere woorden: internationale goedkeuring alleen is niet genoeg als het beschikbare budget in Nederland (of een ander deelnemend land) ontoereikend is.
Het bedrag kan dus lager uitvallen dan het maximum van € 500.000 als:
- je subsidiabele kosten lager liggen dan het bedrag dat bij het maximumpercentage tot € 500.000 zou leiden,
- je organisatietype een lager percentage heeft (40% in plaats van 50%),
- het beschikbare nationale budget voor de call ontoereikend is ondanks internationale goedkeuring,
- kosten niet direct aan onderzoek- en ontwikkelactiviteiten zijn toe te rekenen (die vallen buiten de subsidiabele kosten).
Het dossier noemt geen verhogingsregelingen (zoals toeslagen of bonussen boven het genoemde percentage); de percentages van 50% en 40% zijn de enige tarieven die gelden.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 12e call Eurostars-3 | 17 dec 2026 | 4 mrt 2027 | - | - |
| 12e call (Eurostars-3) | 17 dec 2026 | 4 mrt 2027 | - | - |
| 2026-ronde-2 | 17 dec 2026 | 4 mrt 2027 | - | - |
| 12e call | 17 dec 2026 | 4 mrt 2027 | - | - |
| 11e call Eurostars-3 | 9 jul 2026 | 10 sep 2026 | - | - |
| 2026-ronde-1 | 9 jul 2026 | 10 sep 2026 | - | - |
| 11e call | 9 jul 2026 | 10 sep 2026 | - | - |
| 11e call (Eurostars-3) | 9 jul 2026 | 10 sep 2026 | - | - |
| 10e call (nationale aanvraag) | 30 jun 2026 | 28 jul 2026 | - | - |
| 10e Eurostars-call | 30 jun 2026 | 28 jul 2026 | - | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D?
- Minimaal 1 Nederlands bedrijf in het consortium (voor Nederlandse subsidie)
- Alleen projectkosten direct betrekking hebbend op onderzoeks- en ontwikkelactiviteiten worden gefinancierd
- Internationale consortium met partners uit deelnemende landen
- Voldoen aan internationale voorwaarden van Eureka en nationale voorwaarden van deelnemende landen
Hoe vraag je de Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D aan?
- Check de internationale en nationale voorwaarden voor uw project en consortium
- Bereid uw internationale aanvraag voor met behulp van de Eurostars-modelbegroting
- Dien uw projectaanvraag centraal online in bij het Eureka-secretariaat in Brussel
- Wacht op internationale goedkeuring van uw projectvoorstel door het Eureka-secretariaat
- Na internationale goedkeuring: dien een nationale subsidieaanvraag in bij RVO met de Eurostars-modelbegroting als verplichte bijlage
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 5 documenten bij deze regeling, waarvan er 4 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Format Eindverslag Internationaal innoveren Word document | 64.04 KBDownloadWord · 2 pagina'sVerplicht
Dit is het verplichte format voor de eindrapportage dat je als bijlage bij je aanvraag tot subsidievaststelling moet indienen om de inhoudelijke resultaten van je project te presenteren.
- Modelbegroting Eurostars Excel document | 112.78 KBDownloadExcel · 1 paginaVerplicht
De modelbegroting is een verplichte bijlage (Bijlage B) bij je nationale subsidieaanvraag waarin je de projectbegroting per aanvrager specificeert.
- Modelsamenvatting Eurostars PDF document | 245.83 KBDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
De modelsamenvatting is een verplichte bijlage (Bijlage C) bij de nationale subsidieaanvraag waarin je een niet-vertrouwelijke samenvatting van je project geeft.
- Aanvraagformulier Eurostars PDF document | 976.16 KBDownloadPDF · 5 pagina'sVerplicht
Dit is het aanvraagformulier dat je invult en ondertekent (door de tekenbevoegde penvoerder of overige aanvragers) om je nationale Eurostars-subsidieaanvraag per post of via afgifte bij RVO in te dienen.
- Instructie aanleveren IEP consensus verslag Eurostars PDF document | 176.16 KBDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Deze instructie legt uit hoe je een PDF-print van het IEP consensus report maakt, wat je nodig hebt als verplicht bewijs van internationale goedkeuring (Bijlage A) bij je nationale subsidieaanvraag.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&D. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Eurostars: subsidie internationale marktgerichte R&Drvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Economische Zaken (via RVO). Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.