Versnelde klimaatinvesteringen industrie
Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (via RVO)
Ook bekend als VEKI
Wat is de Versnelde klimaatinvesteringen industrie?
VEKI is bedoeld voor industriebedrijven die willen investeren in bewezen technieken die CO2-uitstoot verminderen, maar waarvan de investering zich zonder subsidie niet binnen 5 jaar terugverdient. Denk aan energie-efficiëntie, circulaire economie, infrastructuur voor afvalwarmte en waterstof, of andere CO2-reducerende maatregelen in je productieproces.
Je komt in aanmerking als je een individuele onderneming bent in de industrie (SBI-hoofdgroep C, D of E), je de investering voor eigen rekening en risico doet, en je nog niet begonnen bent met de werkzaamheden vóór je aanvraag.
Je krijgt maximaal € 30.000.000 subsidie per project (met uitzonderingen tot € 25.000.000 of € 11.000.000 bij specifieke infrastructuur). De subsidie is nooit meer dan € 80 per ton CO2-vermindering, gerekend over 15 jaar of de levensduur van de investering. Je moet minimaal € 125.000 subsidie aanvragen als grote onderneming, of € 30.000 als mkb-onderneming.
Je vraagt aan vanaf 7 mei 2026, 09:00 uur tot 28 januari 2027, 17:00 uur via het eLoket van RVO, met eHerkenning niveau 3 of hoger. Beoordeling gaat op volgorde van binnenkomst: wie het eerst een complete aanvraag indient, maakt de meeste kans zolang het budget van € 123.200.000 nog niet op is. Bij de aanvraag stuur je onder meer een projectplan, begroting, terugverdientijdberekening, CO2-berekening en een verklaring dat het geen verplichte energiebesparingsmaatregel betreft. Het loket adviseert om vooraf een projectidee te laten toetsen, dit vergroot de kans op een succesvolle aanvraag.
Wie komt in aanmerking voor de Versnelde klimaatinvesteringen industrie?
Je komt alleen in aanmerking als je aan alle volgende harde eisen voldoet. Voldoe je aan één ervan niet, dan wijst RVO je aanvraag af.
Wie kan aanvragen
- Je bent een individuele onderneming in de industrie die voor eigen rekening en risico investeert. Overheden (rijk, provincie, gemeente, openbaar lichaam) kunnen zelf geen subsidie ontvangen.
- Je onderneming valt onder hoofdgroep C (industrie), D (alleen energiedistributie) of E (afval- en afvalwaterverwerking) van de Standaardbedrijfsindeling 2025. Het gaat om de SBI-code van de activiteit waarmee je de CO2-reductie behaalt, niet noodzakelijk de SBI-code waarmee je bij de KVK staat ingeschreven.
- Ben je onderdeel van een groep met controlerend belang? Dan hoeven de aanvrager en degene die de CO2-reductie behaalt niet dezelfde entiteit te zijn, zolang de reductie binnen de groep valt.
Wat valt af
- Projecten die enkel gericht zijn op ontwerp en productie van milieuvriendelijke producten (zonder eigen milieuvoordeel voor de aanvrager) vallen af.
- Projecten om te voldoen aan Unienormen die al gelden, vallen af. Zijn de normen al vastgesteld maar gelden nog niet, dan kan het soms nog wel, als de investering minstens 18 maanden voor het ingaan van de norm wordt uitgevoerd.
- Investeringen in hernieuwbare energiebronnen onder artikel 41 AGVV komen niet in aanmerking, net als projecten voor biobrandstoffen (bijmengverplichting geldt al) en CO2-afvang, -opslag en -hergebruik (inclusief blauwe waterstof).
- Projecten die alleen pre-engineering zijn, vallen af: het gaat om het daadwerkelijk in gebruik nemen van de installatie.
- Aanschaf of ombouw van mobiel bouwmaterieel valt onder de SEBB-regeling, niet onder VEKI.
- Projecten waarvoor je ook DEI+ kunt aanvragen (demonstratie- of pilotprojecten met nog onbewezen techniek) vallen af. VEKI is alleen voor technieken die zich al bewezen hebben, bij voorkeur in minimaal 3 soortgelijke projecten in de industrie.
Terugverdientijd
Je krijgt alleen subsidie als de terugverdientijd van je (meer)investering, berekend zonder subsidie ten opzichte van een nulscenario, langer is dan 5 jaar. Is de terugverdientijd 5 jaar of korter, dan wijst RVO je aanvraag af. Dit sluit aan bij de wettelijke plicht om energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd tot 5 jaar toch al uit te voeren (erkende maatregelenlijst energiebesparing).
Onderneming in moeilijkheden
Je onderneming (en de groep waartoe je behoort, als dat van toepassing is) mag geen "onderneming in moeilijkheden" zijn volgens de definitie in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening. Is dat wel het geval, dan wijst RVO je aanvraag af.
Financiering eigen aandeel
Je moet aannemelijk maken dat je het deel van de projectkosten dat niet onder de subsidie valt, zelf kunt financieren. Is daar onvoldoende vertrouwen in, dan wordt je aanvraag afgewezen.
Bedragen
Je aanvraag wordt afgewezen als de subsidie minder is dan € 30.000 (mkb) of € 125.000 (grote onderneming), en als de subsidie meer dan € 80 per ton CO2-reductie zou zijn (in dat geval wordt de subsidie verlaagd tot dat maximum, in plaats van afgewezen).
Start en doorlooptijd
Je mag niet starten met de werkzaamheden vóór je de aanvraag indient. Is het niet aannemelijk dat je het project binnen de maximale looptijd van 4 jaar afrondt, dan wijst RVO je ook af.
Waarvoor krijg je subsidie?
- Subsidie aanvragen voor energiebesparing in productieproces
- Financiering voor circulaire economie-investeringen
- Steun voor waterstof- of afvalwarmte-infrastructuur
- CO2-reductie in industriële bedrijfsvoering
Hoeveel subsidie krijg je?
Het maximale subsidiebedrag per project is € 30.000.000. Hierop gelden 2 uitzonderingen: bij specifieke infrastructuur en opslag van waterstof of afvalwarmte (artikel 56 AGVV) krijg je maximaal € 25.000.000, en bij openbare infrastructuurvoorzieningen voor waterstof (artikel 56 AGVV, lokale infrastructuur) maximaal € 11.000.000. De totale projectkosten mogen niet meer zijn dan € 22.000.000, waarbij de exploitatiewinst wordt afgetrokken van de kosten die onder de subsidie vallen.
Je moet minimaal € 125.000 subsidie nodig hebben als grote onderneming, of minimaal € 30.000 als kleine of middelgrote onderneming. Vraag je minder aan, dan wijst RVO je af.
De subsidiepercentages verschillen per thema:
- Energie-efficiëntie (artikel 38 AGVV): 30% van de meerkosten ten opzichte van het nulscenario, of 15% als je geen nulscenario toepast.
- Overige CO2-reducerende maatregelen (artikel 36 AGVV): 40% van de meerkosten, of 20% zonder nulscenario.
- Circulaire economie (artikel 47 AGVV): 40% van de meerkosten (hier geldt geen halvering bij het niet toepassen van een nulscenario, dat is bij dit thema niet aan de orde).
- Infrastructuurvoorzieningen voor afvalwarmte en waterstof (artikel 36, 41, 46 en 56 AGVV): 30% tot 50%, afhankelijk van welk artikel van toepassing is. Hier gelden geen nulscenario's; de subsidiabele kosten zijn de (volledige of naar rato bepaalde) investeringskosten.
Ben je een middelgrote onderneming, dan krijg je een opslag van 10 procentpunten op alle subsidiabele activiteiten (5 procentpunten als je geen nulscenario toepast). Ben je een kleine onderneming, dan krijg je een opslag van 20 procentpunten (10 procentpunten zonder nulscenario).
De subsidie is bovendien nooit hoger dan € 80 per ton CO2-vermindering. Dit geldt voor de eerste 15 jaar vanaf het gebruik van je investering, of voor de hele levensduur als die korter is dan 15 jaar. Komt je berekende subsidie boven dit bedrag per ton uit, dan verlaagt RVO de subsidie tot maximaal € 80 per ton CO2-reductie in plaats van je aanvraag af te wijzen.
Het totale beschikbare budget voor deze openstelling is € 123.200.000. RVO beoordeelt op volgorde van binnenkomst (datum waarop je aanvraag compleet is) en verleent subsidie tot het budget op is: wie het eerst komt, het eerst maalt. Het kan dus zijn dat je minder ontvangt dan je aanvroeg, bijvoorbeeld omdat een deel van de opgevoerde kosten niet subsidiabel blijkt.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 2026 | 7 mei 2026 | 28 jan 2027 | € 123,2 mln | Wie het eerst komt (fcfs) |
Wat zijn de voorwaarden van de Versnelde klimaatinvesteringen industrie?
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- Naast de knock-outeisen toetst RVO inhoudelijk op:
- Kwaliteit van aanpak en methodiek: onder meer de beschrijving van het probleem, het vooronderzoek, de doelen, de inhoudelijke aanpak, de rol van elke betrokken partij, de projectfasering met go/no-go-momenten, de gebruikte middelen en de resultaten.
- Risicomanagement: inzicht in projectrisico's en hoe je daarmee omgaat.
- Kwaliteit van de waardeketen: of de betrokken partijen (producent/ontwikkelaar, leverancier, eindgebruiker) over voldoende kennis en ervaring beschikken en hun inbreng duidelijk is.
- Financiële haalbaarheid: continuïteit van de aanvrager (en eventueel de groep), met kengetallen solvabiliteit en liquiditeit op basis van de meest recente jaarcijfers, en een concrete onderbouwing van de financiering van de eigen bijdrage.
- Terugverdientijd: berekend volgens het verplichte rekenmodel, moet zonder subsidie meer dan 5 jaar zijn.
- Kosteneffectiviteit: de gevraagde subsidie per ton CO2-reductie mag niet hoger zijn dan € 80. Je mag zelf minder subsidie aanvragen dan het maximum om onder deze grens te blijven.
- Bewezen technologie: onderbouwing dat de investering geen pilot of demonstratie is maar een in de praktijk bewezen techniek.
Wat je moet doen na toekenning
- Krijg je subsidie, dan gelden onder meer deze verplichtingen:
- Je start binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking met de werkzaamheden uit je projectplan.
- Je voert het project uit binnen 4 jaar na de start van de werkzaamheden.
- Je houdt een correcte en overzichtelijke projectadministratie bij.
- Je voert het project uit volgens het projectplan en de bepalingen in de beschikking (prestatieverplichting): je moet aantonen dat de beoogde doelen zijn behaald, anders kan de subsidie worden teruggevorderd.
- Belangrijke wijzigingen meld je direct, en voor sommige wijzigingen vraag je vooraf schriftelijk toestemming. Voorbeelden: een begrotingswijziging van meer dan 25% per jaar (lineaire bevoorschotting) of per kwartaal (mijlpalenbegroting), verschuivingen tussen kostensoorten, het niet volledig uitvoeren van een projectdeel, vertraging, inhoudelijke wijzigingen, faillissement of uitstel van betaling, het niet kunnen voldoen aan verplichtingen, fusie/splitsing/overname, of het ontvangen (of verwachten) van andere subsidies, garanties of leningen van een bestuursorgaan.
- Na afloop van het project vraag je binnen 13 weken vaststelling aan, met een eindverslag (openbaar en vertrouwelijk).
- Bij subsidies tussen € 30.000 en € 125.000 lever je een bestuursverklaring aan; bij € 125.000 of meer een controleverklaring van de accountant.
- Je mag de eigen bijdrage niet financieren uit de subsidie voor loonkosten/arbeid, en verwachte inkomsten uit het project mogen niet worden meegenomen als financieringsbron voor de eigen bijdrage.
Hoe vraag je de Versnelde klimaatinvesteringen industrie aan?
Het aanvraagproces bestaat uit 5 stappen.
Stap 1: check of je project past
Bekijk of je project binnen een van de 4 thema's valt en aan de voorwaarden voldoet. Twijfel je, vraag dan gratis en vrijblijvend advies via het projectideeformulier op de website, of bel 088 042 42 42. Dit is geen verplichte stap, maar vergroot volgens het loket de kans op een succesvolle aanvraag.
Stap 2: bereid je aanvraag voor en dien in
Je vraagt aan via het eLoket (login.rvo.nl), vanaf 7 mei 2026, 09:00 uur tot 28 januari 2027, 17:00 uur. Je hebt eHerkenning nodig met minimaal betrouwbaarheidsniveau 3 én machtiging RVO-diensten op niveau eH3. Heb je dit nog niet, houd dan rekening met een aanschaf- of aanpastijd van ongeveer 2 weken. Dien je als intermediair in, gebruik dan je eigen inloggegevens.
Bij de aanvraag voeg je de volgende verplichte bijlagen toe:
- Projectplan: beschrijft je project, opgesteld volgens het verplichte model projectplan (max. 20 pagina's exclusief bijlagen). Onderdelen zijn onder meer een openbare samenvatting, projectbeschrijving, werkplan, nulscenario-onderbouwing, CO2- en kosteneffectiviteitsberekening, risicoanalyse en financiering van de eigen bijdrage. Opgesteld en ingediend door jou of je intermediair.
- Begroting: ingevuld met het verplichte Excel-model. Vraag je € 2.000.000 of meer subsidie aan, dan is een mijlpalenbegroting verplicht.
- Financiële onderbouwing van de eigen bijdrage: vormvrij document waarin je aantoont hoe je jouw deel van de kosten financiert, bijvoorbeeld met een bankverklaring, jaarverslag of businessplan.
- Mkb-verklaring: geeft aan of je een mkb-onderneming bent. Vul de online mkb-toets in en sla deze op als pdf.
- Berekening terugverdientijd: ingevuld met het verplichte Excel-model, gebaseerd op rekenregels uit bijlage XV van de Omgevingsregeling.
- Kosteneffectiviteit en CO2-berekening: ingevuld met het verplichte Excel-rekenmodel, berekent de CO2-reductie en de subsidie per ton CO2 (maximaal € 80/ton).
- Verklaring VEKI-aanvraag: geen EML-maatregelen: verklaart dat je aanvraag geen investeringen bevat die je al verplicht moet uitvoeren volgens de erkende maatregelenlijst energiebesparing. Wordt ondertekend door de vertegenwoordiger van je bedrijf (naam, functie, handtekening en datum verplicht op het formulier).
- Verklaring 'Geen onderneming in moeilijkheden': verklaart dat je geen onderneming in moeilijkheden bent volgens de AGVV-definitie. Hierbij hoort:
- het ingevulde beslisschema (digitaal in te vullen via het formulier op de website);
- het laatste (geconsolideerde) jaarrapport, met een balansdatum van niet langer dan 18 maanden geleden;
- een organogram van de juridische structuur en aandelenverhouding van de groep.
Ben je intermediair (je vraagt namens iemand anders aan, bijvoorbeeld als adviseur of namens een moeder-/zusterbedrijf), dan stuur je ook een rechtsgeldig ondertekende machtiging mee.
Sla je voortgang tussentijds op als je de aanvraag niet in één keer afrondt.
Stap 3: controle op volledigheid
RVO controleert of je aanvraag compleet is. Is dat niet zo, dan vraagt RVO om aanvulling. Aanvragen die op de sluitingsdag (28 januari 2027, 17:00 uur) binnenkomen, worden alleen behandeld als ze op dat moment al compleet zijn; na de sluitingsdag kun je niet meer aanvullen. Alle correspondentie gaat naar de penvoerder of intermediair.
Stap 4: inhoudelijke beoordeling
RVO beoordeelt op volgorde van binnenkomst (datum waarop je aanvraag compleet is) en toetst op de inhoudelijke en financiële voorwaarden.
Stap 5: besluit
Je ontvangt binnen 8 weken een besluit (beschikking) over toekenning of afwijzing. Deze termijn kan eenmalig met 8 weken worden verlengd.
Verdeling: Wie het eerst komt (fcfs). Vroeg indienen loont.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
RVO beoordeelt je aanvraag op volgorde van binnenkomst, waarbij de datum telt waarop je aanvraag compleet is. De beoordelingstermijn is 8 weken en kan één keer met nog eens 8 weken worden verlengd. Je ontvangt een brief met de beslissing (de subsidiebeschikking). Bij een positieve beoordeling staat hierin hoe hoog je subsidie is: dit kan lager zijn dan het aangevraagde bedrag, bijvoorbeeld omdat een deel van de opgevoerde kosten niet subsidiabel blijkt. De brief bevat ook de details over de uitbetaling en je verplichtingen als ontvanger.
Voorschotten
Je krijgt de subsidie in delen uitgekeerd. Het eerste voorschot ontvang je automatisch binnen 2 weken na verlening, of binnen 2 weken na de start van het project als dat later is. Er zijn 2 manieren van bevoorschotten:
- Zonder mijlpalen (lineair): je krijgt in totaal 90% van het subsidiebedrag als voorschot, lineair verdeeld over de hele projectperiode, uitbetaald binnen 2 weken na de start van elk kwartaal. De laatste 10% volgt na vaststelling.
- Met mijlpalen: verplicht bij een subsidieaanvraag van € 2.000.000 of meer. De voorschotten worden verdeeld op basis van de mijlpalen (binnen een mijlpaalperiode lineair verdeeld), uitbetaald binnen 2 weken na de start van elk kwartaal. Ook hier volgt de laatste 10% na vaststelling.
Loopt je project vertraging op, dan meld je dit en vraag je toestemming voor de nieuwe planning via een wijzigingsverzoek. RVO past de voorschotten dan aan: ze worden over een langere looptijd verspreid of tijdelijk ingehouden bij grote achterstand. Onterecht ontvangen voorschotten kan RVO terugvorderen.
Verplichtingen tijdens de looptijd
- Je houdt een correcte, overzichtelijke projectadministratie bij en voert het project uit volgens het projectplan en de beschikking.
- Duurt je project langer dan 12 maanden, dan lever je jaarlijks een voortgangsrapportage in over de inhoudelijke en financiële voortgang, inclusief een vergelijking met de (mijlpalen)begroting.
- Belangrijke wijzigingen (bijvoorbeeld begrotingswijzigingen van meer dan 25%, verschuivingen tussen kostensoorten, vertraging, faillissement, fusie of andere subsidies) meld je direct; voor een deel hiervan moet je vooraf schriftelijk toestemming vragen. Ook wijzigingsverzoeken kennen een beoordelingstermijn van 8 weken, eenmaal te verlengen met 8 weken.
- Doe je dit niet of te laat, dan loop je het risico dat je voor de gewijzigde onderdelen (of het hele project) geen subsidie krijgt.
Vaststelling
Na afloop van het project vraag je binnen 13 weken vaststelling aan. De beoordelingstermijn hiervoor is 13 weken en kan eenmalig met 13 weken worden verlengd. RVO verrekent hierbij te veel of te weinig ontvangen voorschotten en bepaalt de definitieve subsidiehoogte op basis van de werkelijke kosten min de opbrengsten (nooit hoger dan het oorspronkelijk verleende bedrag). Bij de vaststellingsaanvraag lever je aan:
- Een bestuursverklaring (bij subsidies tussen € 30.000 en € 125.000), ondertekend door de bevoegd ondertekenaar van je onderneming.
- Een controleverklaring van de accountant (bij subsidies van € 125.000 of meer).
- Een eindrapport, met een openbare en een vertrouwelijke versie, waarin je het verloop, de resultaten en de gerealiseerde CO2-reductie beschrijft.
Je hebt een prestatieverplichting: je moet aantonen dat de beoogde projectdoelen zijn behaald. Worden de prestaties niet geleverd, dan kan RVO de subsidie terugvorderen.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 8 documenten bij deze regeling, waarvan er 7 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Model begroting VEKI Excel document | 335.33 KBDownloadExcel · 10 pagina'sVerplicht
Excel-model om de begroting van je VEKI-project mee op te stellen, inclusief investeringskosten, nulscenario en eventueel mijlpalenbegroting; verplichte bijlage bij de aanvraag.
- Berekening terugverdientijd VEKI Excel document | 61.64 KBDownloadExcel · 2 pagina'sVerplicht
Excel-hulpmiddel om de terugverdientijd van je investering te berekenen en aan te tonen dat deze zonder subsidie meer dan 5 jaar is; verplichte bijlage bij de aanvraag.
- Model projectplan VEKI Word document | 89.49 KBDownloadWord · 4 pagina'sVerplicht
Word-model voor het projectplan waarin je je project, thema, aanpak, nulscenario en CO2-reductie beschrijft; verplichte bijlage bij de aanvraag.
- Rekenmodel kosteneffectiviteit en CO2-berekening VEKI Excel document | 136.08 KBDownloadExcel · 5 pagina'sVerplicht
Excel-rekenmodel om de CO2-reductie van je project en de kosteneffectiviteit (subsidie per ton CO2) te berekenen, nodig om te tonen dat je onder de €80/ton blijft; verplichte bijlage bij de aanvraag.
- Format eindrapport VEKI Word document | 70.11 KBDownloadWord · 2 pagina'sVerplicht
Word-format voor het eindrapport waarin je na afloop van het project de resultaten en CO2-reductie beschrijft, verplicht bij je verzoek tot vaststelling van de subsidie.
- Verklaring VEKI-aanvraag - geen EML-maatregelenDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
Ondertekende verklaring dat je aanvraag geen investeringen bevat die je al verplicht moet uitvoeren volgens de erkende maatregelenlijst energiebesparing; verplichte bijlage bij de aanvraag.
- Bestuursverklaring VEKIDownloadPDF · 1 paginaVerplicht
PDF-formulier waarmee je bij subsidies tussen €30.000 en €125.000 verklaart over de kosten en opbrengsten van je project, verplicht bij je verzoek tot vaststelling van de subsidie.
- Handleiding VEKIDownloadPDF · 34 pagina'sAanbevolen
De volledige handleiding van RVO met uitleg over thema's, voorwaarden, subsidiepercentages, projectkosten en de aanvraagprocedure van de VEKI, die je nodig hebt om je aanvraag goed voor te bereiden.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Versnelde klimaatinvesteringen industrie. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Versnelde klimaatinvesteringen industrie (VEKI)rvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (via RVO). Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.