Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten
RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland)
Ook bekend als SRGO
Wat is de Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten?
De SRGO is bedoeld voor ondernemers en wetenschappelijke instellingen die samen onderzoek doen naar nieuwe producten of diensten in de regeneratieve geneeskunde, denk aan stamceltherapie, RNA repair en gentherapie. Je vraagt aan als samenwerkingsverband: minimaal één mkb-ondernemer en één wetenschappelijke instelling, waarbij de mkb-onderneming penvoerder is.
Je krijgt geen losse subsidie, maar een combinatie van een lening (voor de mkb-onderneming) en een subsidie (voor de wetenschappelijke instelling), samen maximaal € 3 miljoen per samenwerkingsproject. De verdeling: minimaal 50% van de projectbijdrage is lening, maximaal 50% is subsidie. Het subsidiepercentage voor de wetenschappelijke instelling hangt af van het type onderzoek (fundamenteel, industrieel of experimenteel).
De regeling is er niet voor losse onderzoeksprojecten zonder marktperspectief. Het project moet bijdragen aan een product, proces of dienst dat op de markt gebracht kan worden, met aantoonbare commerciële waarde.
Aanvragen doe je in een tenderperiode met een vaste openings- en sluitingsdatum. De laatste tender liep van 24 november 2025 tot 17 februari 2026, met een budget van € 10 miljoen. Op dit moment is de regeling tijdelijk gesloten voor nieuwe aanvragen. Na sluiting toetst RVO eerst of je aanvraag aan de voorwaarden voldoet, daarna volgt een inhoudelijke beoordeling door projectadviseurs en een rangschikking door een onafhankelijke adviescommissie. Je krijgt binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode een beslissing.
Wie komt in aanmerking voor de Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten?
De belangrijkste eis: je vraagt aan als samenwerkingsverband van minimaal één mkb-ondernemer en één wetenschappelijke instelling. Voldoe je hier niet aan, dan valt je aanvraag af. Verder gelden deze harde eisen:
Voor het samenwerkingsverband en de mkb-onderneming:
- De mkb-onderneming is de penvoerder van het samenwerkingsverband.
- De mkb-onderneming is gevestigd in Nederland en voert in Nederland een groot deel van haar activiteiten uit.
- Het project moet ertoe bijdragen dat een product, proces of dienst op de markt kan worden gebracht, met commerciële waarde die met cijfers onderbouwd is en waaruit de lening kan worden terugbetaald.
- De geneeskundig leverancier heeft niet eerder SRGO-subsidie ontvangen, en heeft tijdens deze openstelling geen andere subsidieaanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject ingediend.
Voor de wetenschappelijke instelling:
- Gevestigd in Nederland of elders in de Europese Unie.
- Minimaal 5 jaar aaneengesloten actief bezig met onderzoeksprojecten op het gebied van regeneratief geneeskundige behandelmethoden. Universiteiten, academische ziekenhuizen en de KNAW (zoals genoemd in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek) worden verondersteld hier automatisch aan te voldoen; andere instellingen moeten dit aantonen.
Financiële ondergrenzen (knock-out):
- De subsidiabele kosten van het project zijn minimaal € 500.000. Kom je hier niet aan, dan komt het project niet in aanmerking.
- De te verlenen subsidie per projectpartner is minimaal € 125.000.
- Minimaal 10% van de totale projectkosten wordt besteed aan fundamenteel onderzoek binnen de projectactiviteiten.
Wat verder meespeelt maar geen directe knock-out lijkt (wel getoetst bij de beoordeling): de eigen financiering tijdens de projectperiode moet voldoende onderbouwd zijn, en het ontwikkeltraject moet concrete, gekwantificeerde begin-, midden- en eindmijlpalen bevatten die gekoppeld zijn aan de financiële rapportageperiodes.
Let op de timing: de regeling is op het moment tijdelijk gesloten voor aanvragen. De laatste tender liep van 24 november 2025 09:00 tot 17 februari 2026 17:00. Te laat binnengekomen aanvragen worden niet beoordeeld. Voor de 2e tender was € 10.000.000 beschikbaar, met een maximale projectbijdrage van € 3 miljoen per samenwerkingsproject.
Ook belangrijk: RVO kent maximaal 1 project per mkb-onderneming toe. Heb je als onderneming al een project toegekend gekregen, dan komt een tweede aanvraag niet in aanmerking.
Waarvoor krijg je subsidie?
Er is geen lijst van afzonderlijke kostensoorten met eigen tarieven (zoals "personeelskosten € X per uur" of "materiaalkosten Y%"). Wel is duidelijk hoe de projectkosten worden verdeeld tussen de projectpartners en welke rekenregels daarbij gelden. Dat lees je hieronder.
Ondergrens van de subsidiabele kosten
De totale kosten die voor subsidie in aanmerking komen, zijn minimaal € 500.000 per project. Daarnaast geldt dat de subsidie die uiteindelijk wordt toegekend per projectpartner minimaal € 125.000 moet zijn. Kom je onder deze grenzen uit, dan komt het project niet in aanmerking.
Kosten van de mkb-ondernemer: gefinancierd via een lening
De mkb-onderneming financiert de eigen onderzoekskosten deels met een lening vanuit de SRGO. Deze lening bedraagt maximaal 50% van de eigen onderzoekskosten van de onderneming. Tegelijk geldt de regel dat de lening minimaal 50% van de totale projectbijdrage moet uitmaken. Met andere woorden: de kosten van de mkb-partner worden primair via vreemd vermogen (lening) gefinancierd, niet via subsidie.
Kosten van de wetenschappelijke instelling: gefinancierd via subsidie
Voor de wetenschappelijke instelling geldt een subsidiepercentage over de gemaakte kosten, dat afhangt van het type onderzoek binnen het project:
- Fundamenteel onderzoek: 100% van de kosten wordt gesubsidieerd.
- Industrieel onderzoek: 50% van de kosten wordt gesubsidieerd.
- Experimenteel onderzoek: 25% van de kosten wordt gesubsidieerd.
Voor de wetenschappelijke instelling geldt daarbovenop dat de subsidie in totaal maximaal 50% van de totale projectbijdrage mag zijn.
Verplicht aandeel fundamenteel onderzoek
Minimaal 10% van de totale projectkosten moet besteed worden aan fundamenteel onderzoek binnen de projectactiviteiten. Dit is een harde voorwaarde, geen richtlijn. Omdat fundamenteel onderzoek voor 100% wordt gesubsidieerd, is dit type onderzoek relatief gunstig voor de wetenschappelijke instelling, maar de verdeling tussen fundamenteel, industrieel en experimenteel onderzoek moet aansluiten bij de daadwerkelijke aard van de projectactiviteiten.
Maximum per project
De combinatie van lening en subsidie samen is maximaal € 3 miljoen per samenwerkingsproject. Dit is het absolute plafond, ongeacht hoe de kosten zich over de partners en onderzoekstypen verdelen.
Er is geen concrete lijst van subsidiabele kostenposten (zoals personeel, materiaal, apparatuur, overhead, of externe inhuur) met eigen tarieven of uurprijzen, en er is niet expliciet aangegeven welke kosten zijn uitgesloten van subsidie. Wel is duidelijk dat het gaat om kosten die direct samenhangen met de onderzoeksactiviteiten binnen het samenwerkingsproject, en dat deze kosten na afloop gecontroleerd worden door een accountant.
Kosten die je zelf betaalt
Een aantal kosten komt niet voor subsidie of lening in aanmerking en betaal je zelf:
- De kosten van de controleverklaring van de accountant die je na afloop van het project moet indienen, betaalt elke projectdeelnemer zelf.
- Tijdens de looptijd betaal je een vergoeding over de lening: een eenmalig bedrag van 15% van de lening (renteloos) en jaarlijkse samengestelde rente van 3% voor deze tender, berekend vanaf het moment dat je geld ontvangt tot volledige terugbetaling.
Uitbetaling in de praktijk
Kosten worden niet in één keer vergoed, maar gespreid over de looptijd van het project, per kwartaal, op basis van de kosten die je in die periode daadwerkelijk maakt:
- Voor de mkb-onderneming is het leningvoorschot per periode 50% van de in die periode gemaakte kosten.
- Voor de wetenschappelijke instelling wordt per periode maximaal 90% van de subsidie over de gemaakte kosten uitgekeerd; de resterende 10% wordt verrekend bij de definitieve vaststelling na afloop van het project.
Deze vaststelling gebeurt op basis van de controleverklaring van de accountant, dus de daadwerkelijk gemaakte en verantwoorde kosten bepalen uiteindelijk het definitieve subsidie- en leningbedrag.
Hoeveel subsidie krijg je?
Je krijgt een combinatie van een lening en een subsidie, samen maximaal € 3 miljoen per samenwerkingsproject. Hoeveel je precies krijgt en in welke vorm (lening of subsidie), hangt af van of je mkb-ondernemer of wetenschappelijke instelling bent, en bij een wetenschappelijke instelling ook van het type onderzoek.
Voor de mkb-ondernemer:
- Je krijgt een lening van maximaal 50% voor je eigen onderzoekskosten.
- De lening moet minimaal 50% van de totale projectbijdrage zijn.
Voor de wetenschappelijke instelling:
- De subsidie is maximaal 50% van de totale projectbijdrage.
- Het percentage hangt af van het soort onderzoek: 100% voor fundamenteel onderzoek, 50% voor industrieel onderzoek en 25% voor experimenteel onderzoek.
Ondergrenzen waar je aan moet voldoen:
- De subsidiabele kosten van het project zijn minimaal € 500.000.
- De te verlenen subsidie per projectpartner is minimaal € 125.000.
- Minimaal 10% van de totale projectkosten gaat naar fundamenteel onderzoek.
Kosten aan de lening: over de lening betaal je een eenmalige vergoeding van 15% van de leningbedrag (renteloos), plus jaarlijkse samengestelde rente. Voor deze tender is het rentepercentage 3%. De rente loopt vanaf het moment dat je geld ontvangt van RVO, tot volledige terugbetaling.
Uitbetaling gebeurt gespreid: het leningvoorschot per projectperiode is 50% van de kosten die je in die periode maakt, per kwartaal uitgekeerd. Wetenschappelijke instellingen krijgen per periode maximaal 90% van de subsidie over de gemaakte kosten uitgekeerd, ook per kwartaal. De resterende 10% wordt verrekend bij de vaststelling na afloop van het project.
Het totale beschikbare budget voor deze (2e) tender is € 10.000.000. Is dat plafond bereikt, dan krijgen aanvragen die wel boven de beoordelingsdrempel scoren maar niet meer binnen het budget vallen, geen projectbijdrage. Per mkb-onderneming wordt maximaal 1 project toegekend.
Rondes en deadlines
| Ronde | Opent | Sluit | Budget | Verdeling |
|---|---|---|---|---|
| 2e tender | 24 nov 2025 | 17 feb 2026 | € 10 mln | - |
Wat zijn de voorwaarden van de Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten?
Voordat je aanvraag inhoudelijk wordt beoordeeld, toetst RVO eerst of je aan de basisvoorwaarden voldoet. Voldoe je hier niet aan, dan wordt je aanvraag afgewezen zonder verdere inhoudelijke beoordeling:
- Je vraagt aan als samenwerkingsverband van minimaal één mkb-ondernemer en één wetenschappelijke instelling, met de mkb-onderneming als penvoerder.
- De mkb-onderneming is gevestigd in Nederland en voert daar een groot deel van haar activiteiten uit.
- De wetenschappelijke instelling is gevestigd in Nederland of elders in de EU en houdt zich al minimaal 5 jaar aaneengesloten actief bezig met onderzoek naar regeneratief geneeskundige behandelmethoden.
- De subsidiabele kosten van het project zijn minimaal € 500.000.
- De te verlenen subsidie per projectpartner is minimaal € 125.000.
- Minimaal 10% van de totale projectkosten wordt besteed aan fundamenteel onderzoek.
- De geneeskundig leverancier heeft niet eerder SRGO-subsidie ontvangen en heeft tijdens deze openstelling geen andere aanvraag voor een regeneratief geneeskundig onderzoeksproject ingediend.
- Je dient de aanvraag in binnen de openstellingstermijn. Te laat binnengekomen aanvragen worden niet beoordeeld.
Voldoet je aanvraag aan de voorwaarden, dan volgt een inhoudelijke beoordeling door projectadviseurs en een rangschikking door een onafhankelijke adviescommissie, op basis van 6 criteria. RVO kent per criterium minimaal 1 en maximaal 5 punten toe:
- De bijdrage van het project aan het doel van de regeling, waarbij de mate van innovatie centraal staat.
- De kwaliteit van het projectplan, blijkend uit de aanpak en uitwerking, beschrijving van relevante risico's en de haalbaarheid binnen de beoogde termijn.
- De geschiktheid van het samenwerkingsverband voor het specifieke project, blijkend uit ervaring en competenties, de opzet van de projectorganisatie, de taakverdeling, afspraken over (bij)sturing van activiteiten en de mate van samenwerking.
- De bijdrage aan de beheersing van zorgkosten van het product of de dienst, blijkend uit een vroege HTA Quick Scan en een inschatting van het externe draagvlak (bijvoorbeeld via betrokken Key Opinion Leaders en patiëntenorganisaties).
- De commerciële haalbaarheid van het product of de dienst, blijkend uit toepassingsmogelijkheden en slaagkans op de Nederlandse en internationale markt, plus de onderbouwing van de financiering van de onderneming (huidige financiering, zekerheid over het eigen aandeel, aandeelhouders, financieringsstrategie, en het moment en de opbrengsten waaruit de lening wordt terugbetaald). Heb je al een product op de markt of een behandeling die klinisch wordt getest, dan wordt dat gezien als risicoverkleining.
- De bijdrage die het project levert aan het mogelijk vervangen of verminderen van de noodzaak tot orgaandonatie of orgaantransplantatie.
Belangrijk: alleen aanvragen die op de eerste 5 criteria minimaal 3 punten scoren, komen in aanmerking voor subsidie en lening. Score je op een van deze 5 criteria lager, dan val je af, ook als je totaalscore verder hoog is. Criterium 6 heeft dus geen minimumscore-eis. Aanvragen die de drempel halen en binnen het beschikbare budget vallen, ontvangen de projectbijdrage. Bij een overschrijding van het budget geldt dus rangschikking op kwaliteit, niet alleen volgorde van binnenkomst. RVO kent maximaal 1 project per mkb-onderneming toe.
Wat je ná toekenning moet doen
Na de beschikking tot subsidieverlening gelden verplichtingen, zowel eenmalig als doorlopend:
Binnen 8 weken na de datum in de beschikking:
- De meegestuurde leningsovereenkomst met de Nederlandse staat (vertegenwoordigd door RVO) ondertekenen en terugsturen.
- Een getekende samenwerkingsovereenkomst met de projectpartner(s) aanleveren, met afspraken over de inhoud en aard van de samenwerking, de governance van het project en de intellectuele eigendom die wordt ingebracht en tijdens het project gecreëerd.
Binnen 12 weken na de beschikking:
- Starten met het project.
Tijdens de looptijd:
- Elk jaar de voortgang van het project doorgeven aan RVO, ongeveer één keer per jaar na afloop van elke projectperiode, met een format dat RVO beschikbaar stelt.
- Elk jaar de jaarrekening naar RVO opsturen, zolang de lening loopt.
- Geen uitkeringen doen aan aandeelhouders voordat de lening is afgelost.
- Voldoen aan de Principes voor Maatschappelijk Verantwoord Licentiëren (MVL), met de MVL-toolkit als praktische invulling van de 10 principes.
- De niet-concurrentiegevoelige resultaten delen met het regeneratief geneeskundige veld in Nederland.
- Rente betalen vanaf het moment dat je geld ontvangt van RVO (3% samengestelde rente voor deze tender), en na afloop een eenmalige vergoeding van 15% van de lening (renteloos).
Aan het einde van het project:
- Een eindverslag en een controleverklaring van een accountant indienen. De kosten hiervan betaal je zelf.
- Meewerken aan de definitieve vaststelling van subsidie en lening, en afspraken maken over rentebetaling en aflossing.
Hoe vraag je de Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten aan?
Je vraagt de SRGO aan als samenwerkingsverband, waarbij de mkb-onderneming als penvoerder optreedt. De aanvraag moet binnen de openstellingsperiode van de tender binnenkomen; te laat is te laat, zonder uitzondering.
Stap 1: Aanvraag voorbereiden en indienen
De laatste tender liep van maandag 24 november 2025, 09:00 uur, tot dinsdag 17 februari 2026, 17:00 uur. Voor deze tender was € 10 miljoen beschikbaar. Op dit moment is de regeling tijdelijk gesloten voor nieuwe aanvragen; een nieuwe openstelling met eigen data zou later bekend worden gemaakt.
Stap 2: Toetsing aan de voorwaarden
Na sluiting van de aanvraagperiode toetst RVO eerst of je aanvraag voldoet aan de voorwaarden van de regeling (onder andere de minimale bedragen, de samenstelling van het samenwerkingsverband en de ervaringseis voor de wetenschappelijke instelling). Voldoet je aanvraag niet, dan volgt een afwijzing zonder verdere inhoudelijke beoordeling.
Stap 3: Inhoudelijke beoordeling en rangschikking
Voldoet je aanvraag aan de voorwaarden, dan beoordeelt RVO in twee stappen: eerst een inhoudelijke beoordeling door projectadviseurs, daarna een rangschikking door een onafhankelijke adviescommissie. Hierbij gebruikt RVO de beoordelingscriteria zoals gepubliceerd in de Staatscourant (de 6 criteria met een score van 1 tot 5 punten per criterium). Aanvragen die op de eerste 5 criteria minimaal 3 punten scoren en die binnen het beschikbare budget vallen, ontvangen een projectbijdrage.
Stap 4: Beslissing
Je ontvangt van RVO een beslissing binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode.
Stap 5: Documenten na toekenning, vóór het eerste voorschot
Wordt je aanvraag toegekend, dan ontvang je een beschikking tot subsidieverlening. Voordat RVO deze beschikking definitief maakt en het eerste voorschot uitbetaalt, moet je de volgende documenten aanleveren, binnen 8 weken na de datum in de beschikking:
- De leningsovereenkomst: een standaardovereenkomst met de Nederlandse staat (vertegenwoordigd door RVO), die je zelf (als penvoerder/mkb-onderneming) ondertekent en retourneert.
- De samenwerkingsovereenkomst: een overeenkomst tussen alle projectpartners (mkb-onderneming en wetenschappelijke instelling(en)) met afspraken over de samenwerking, governance en intellectueel eigendom. Deze wordt getekend door alle betrokken projectpartijen.
Stap 6: Start van het project
Je start met het project uiterlijk binnen 12 weken na ontvangst van de beschikking tot subsidieverlening.
Daarna: kwartaalvoorschotten
Zodra je aan alle voorwaarden voldoet en RVO de getekende samenwerkingsovereenkomst heeft ontvangen, betaalt RVO het eerste voorschot uit. Vervolgens ontvang je per kwartaal een voorschot: de mkb-onderneming krijgt 50% van de in die periode gemaakte kosten als leningvoorschot, de wetenschappelijke instelling krijgt maximaal 90% van de subsidie over de gemaakte kosten. Tijdens de looptijd rapporteer je jaarlijks over de voortgang (met een format dat RVO beschikbaar stelt) en lever je jaarlijks je jaarrekening aan, zolang de lening loopt. Aan het einde van het project dien je een eindverslag in, samen met een controleverklaring van een accountant, waarna RVO het subsidiebedrag en de lening definitief vaststelt.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Na het sluiten van de aanvraagperiode volgt eerst een toetsing aan de voorwaarden van de regeling door RVO. Voldoet je aanvraag daaraan niet, dan wijst RVO de aanvraag af, zonder verdere inhoudelijke beoordeling.
Voldoet je aanvraag wel, dan beoordeelt RVO in twee stappen: eerst een inhoudelijke beoordeling door projectadviseurs, daarna een rangschikking door een onafhankelijke adviescommissie. Hierbij gebruikt RVO de zes beoordelingscriteria zoals gepubliceerd in de Staatscourant, elk gescoord van 1 tot 5 punten. Aanvragen die op de eerste vijf criteria minimaal 3 punten scoren en binnen het beschikbare budget vallen, krijgen een projectbijdrage toegekend. Je ontvangt binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode een beslissing.
Beschikking en voorschot
Bij toekenning krijg je een beschikking tot subsidieverlening. Voordat deze beschikking definitief wordt en het eerste voorschot wordt uitbetaald, moet je binnen 8 weken de leningsovereenkomst met de Nederlandse staat ondertekenen en retourneren, en een getekende samenwerkingsovereenkomst met je projectpartner(s) aanleveren. Mogelijk gelden er ook nog aanvullende voorwaarden; die staan dan specifiek in jouw beschikking.
Zodra je aan alle voorwaarden voldoet en RVO de getekende samenwerkingsovereenkomst heeft ontvangen, betaalt RVO het eerste voorschot uit.
Uitbetaling tijdens de looptijd
Betaling gebeurt per kwartaal, op basis van de kosten die je in die periode maakt:
- Voor de mkb-onderneming: het leningvoorschot per projectperiode is 50% van de gemaakte kosten in die periode.
- Voor de wetenschappelijke instelling: per periode wordt maximaal 90% van de subsidie over de gemaakte kosten uitgekeerd. De resterende 10% wordt verrekend bij de definitieve vaststelling na afloop van het project.
Verplichtingen tijdens de looptijd
Zolang je project loopt, gelden onder andere deze verplichtingen:
- Je start met het project uiterlijk 12 weken na de beschikking.
- Na elke projectperiode (ongeveer één keer per jaar) rapporteer je over de voortgang, met een format dat RVO beschikbaar stelt.
- Je stuurt elk jaar je jaarrekening naar RVO, zolang de lening loopt.
- Je doet geen uitkeringen aan aandeelhouders voordat de lening is afgelost.
- Je voldoet aan de Principes voor Maatschappelijk Verantwoord Licentiëren (MVL).
- Je deelt de niet-concurrentiegevoelige resultaten met het regeneratief geneeskundige veld in Nederland.
- Over de lening betaal je jaarlijkse samengestelde rente (3% voor deze tender), vanaf het moment dat je geld ontvangt van RVO tot volledige terugbetaling.
Vaststelling en terugbetaling
Na afloop van het project dien je een eindverslag in, samen met een controleverklaring van een accountant over de projectkosten van alle partijen. De kosten van deze verklaring betaalt elke projectdeelnemer zelf. Op basis daarvan stelt RVO het definitieve subsidiebedrag en de lening vast. RVO betaalt het resterende subsidiebedrag uit aan de wetenschappelijke instelling en maakt met de leningnemer afspraken over het terugbetalen van de lening, plus de opslag van 15% en de opgebouwde rente.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 1 document bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Subsidieregeling Regeneratief Geneeskundige Onderzoeksprojecten (SRGO)rvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland). Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.