Regeling groenprojecten
RVO
Ook bekend als Groenverklaring, Groen Beleggen, Regeling Groenprojecten 2022, Regeling groenprojecten - Categorie 4.1 Opwekken van duurzame energie
Wat is de Regeling groenprojecten?
De Regeling Groenprojecten is geen subsidie die je als geld op je rekening krijgt. Het is een groenverklaring waarmee je bij je bank of beleggingsinstelling een lening kunt krijgen tegen een lagere rente dan de markt rekent. De verklaring is bedoeld voor ondernemers en projectbeheerders die investeren in een duurzaam project, verdeeld over 7 brede categorieën: natuur, duurzame landbouw, circulaire economie, duurzame energie, duurzaam bouwen, duurzame mobiliteit en klimaatadaptatie.
Je vraagt de groenverklaring niet zelf rechtstreeks bij RVO aan. Dat kan alleen via een bank of beleggingsinstelling met een erkend groenfonds (bijvoorbeeld ABN AMRO, ING, Rabobank of Triodos). Zij dienen de aanvraag namens jou in bij RVO. RVO beoordeelt het project en geeft bij een positieve beoordeling de groenverklaring af aan het groenfonds, waarna jij een afschrift ontvangt. Met die verklaring kan het groenfonds je een lening tegen een lagere rente verstrekken.
Het maximale bedrag dat via deze regeling in aanmerking komt is € 200.000. De regeling is nu nog open voor aanvragen, maar let op: de fiscale voordelen voor groene spaarders en beleggers stoppen per 1 januari 2028. Hoe de regeling er daarna uitziet, is nog niet bekend en hangt af van keuzes van de betrokken ministeries en groenfondsen. Wat de regeling voorlopig blijft doen: aanvragen beoordelen en groenverklaringen afgeven.
De beoordeling duurt gemiddeld 8 weken en de groenverklaring is voor de meeste projecten 10 jaar geldig.
Wie komt in aanmerking voor de Regeling groenprojecten?
Je komt alleen in aanmerking als je project aan een reeks harde eisen voldoet. Wie hierop afvalt:
- Je project is niet nieuw. Ben je minimaal 6 maanden vóór je aanvraagdatum al begonnen met de uitvoering? Dan krijg je geen groenverklaring. De regeling is niet bedoeld om al lopende projecten achteraf te financieren.
- Je hebt al een groenverklaring voor dit project. Dubbele verklaringen voor hetzelfde project zijn niet mogelijk.
- Je project past niet in één van de 7 categorieën (natuur, duurzame landbouw, circulaire economie, duurzame energie, duurzaam bouwen, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie) of voldoet niet aan de specifieke eisen van de subcategorie waaronder het valt.
- Je project voldoet niet aan de Europese staatssteunregels. Dit moet passen binnen de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV), de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening of de Visserij Groepsvrijstellingsverordening, inclusief de maximaal toegestane steun die daarin is vastgelegd.
- Landbouwprojecten: je voert het project samen uit met een kleine, middelgrote of micro-onderneming (zie bijlage 1 van de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening). Grotere partijen vallen hierbuiten.
- Je projectvermogen is lager dan € 25.000. Kleinere projecten komen niet in aanmerking.
- Je project heeft geen eigen rendement of te weinig in verhouding tot het risico, zodanig dat het project ook zonder de groenverklaring tot stand zou kunnen komen. De groenverklaring is alleen bedoeld voor projecten die het duwtje echt nodig hebben.
- Er staat een bevel tot terugvordering open voor je bedrijf (zie artikel 1, vierde lid, onderdelen a en b, van de AGVV of artikel 1, vijfde lid, van de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening). Heb je eerder onrechtmatig verklaarde staatssteun nog niet terugbetaald, dan val je af.
- Je bedrijf is een onderneming in moeilijkheden (zie artikel 1, vierde lid, onderdeel c, van de AGVV of artikel 1, zesde lid, van de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening).
- Je gebruikt niet-duurzaam geproduceerd hout, of hout met een certificaat dat niet aansluit bij het certificeringssysteem van je aannemer. Een aannemer met een FSC-certificaat mag bijvoorbeeld alleen FSC-hout gebruiken.
Daarnaast is er een praktische voorwaarde die vaak over het hoofd wordt gezien: je kunt niet zelf, als ondernemer of projectbeheerder, rechtstreeks bij RVO een groenverklaring aanvragen. Alleen een erkend groenfonds (van een bank of beleggingsinstelling) kan dit voor je doen. Ga je hier niet mee akkoord of heb je geen relatie met zo'n groenfonds, dan kom je simpelweg niet verder.
Heb je al subsidie ontvangen of aangevraagd voor de investering in je project? Dat sluit je niet automatisch uit, maar het subsidiebedrag wordt verrekend met het projectvermogen dat groen verklaard kan worden. Bij een investering van € 250.000 met € 50.000 subsidie is het groene projectvermogen dus maximaal € 200.000. Je moet dit altijd bij de aanvraag vermelden.
Twijfel je of je project voldoet? Het loket adviseert vóór de aanvraag contact op te nemen met RVO.
Waarvoor krijg je subsidie?
- goedkoper lenen voor zonnepanelen of windturbine
- duurzame nieuwbouwwoning financieren met rentekorting
- energiezuinige renovatie van een utiliteitsgebouw financieren
- groen dak of waterberging aanleggen met groene financiering
- recycling- of circulaire installatie financieren via een groenfonds
Hoeveel subsidie krijg je?
Bij deze regeling krijg je geen subsidiebedrag, maar rentekorting op een lening via je groenfonds. Het maximale bedrag dat volgens het loket in aanmerking komt is € 200.000.
Hoeveel rentevoordeel je precies krijgt, hangt af van het steunpercentage en de contante waarde van de steun over de hele looptijd van de groenverklaring. RVO berekent dit steunpercentage volgens de beleidsregel berekening steunpercentage regeling Groenprojecten en biedt hiervoor een rekentool (Excel) aan. De steun die je over een langere periode ontvangt, wordt contant gemaakt naar de waarde op het moment van toekenning.
Los van het algemene maximum van € 200.000, gelden er per bouwcategorie eigen maximale bedragen per vierkante meter bruto vloeroppervlak (BVO), die hoger uitvallen bij maatschappelijk vastgoed of monumenten:
- Nieuwbouw utiliteitsgebouwen (5.5): € 600 tot € 1.500 per m² BVO, afhankelijk van de subcategorie (a t/m e), en € 800 tot € 1.800 per m² bij maatschappelijk vastgoed.
- Renovatie utiliteitsgebouwen (5.6): € 300 tot € 750 per m² BVO, afhankelijk van het verbeteringsniveau van de energie-index (onderdeel a t/m e), en € 450 tot € 1.000 per m² bij een Rijks- of gemeentelijk monument of maatschappelijk vastgoed.
- Nieuwbouw woningen (5.1): € 150.000 per woning (onderdelen a en c) of € 75.000 per woning (onderdeel b).
- Renovatie woningen (5.3/5.4): van € 25.000 tot € 100.000 per woning, afhankelijk van het verbeteringsniveau, oplopend tot € 45.000 tot € 150.000 bij een Rijks- of gemeentemonument.
- Herbestemming tot woningen (5.2): € 1.250 per m² BVO van het woongedeelte, met een maximum van € 125.000 per gerealiseerde woning.
- Nieuwbouw met industriefunctie (5.7): € 600 per m² BVO.
Voor andere categorieën (zoals natuur, circulaire economie, duurzame energie, duurzame mobiliteit en klimaatadaptatie) noemt het loket geen vast bedrag per eenheid; voor de maximale hoogte van de groenfinanciering wordt verwezen naar de regelingstekst zelf.
Krijg je subsidie voor de investering? Dan verrekent RVO dat bedrag met het projectvermogen. Bijvoorbeeld: bij een investering van € 250.000 met € 50.000 subsidie is het groene projectvermogen maximaal € 200.000.
Wat zijn de voorwaarden van de Regeling groenprojecten?
Wat je moet doen na toekenning
- Wijzigingen melden. Verandert de uitvoering van je project? Dan meld je dit aan je groenfonds.
- Steekproefcontroles. RVO controleert projecten steekproefsgewijs, ook na afgifte van de verklaring. Zorg dus dat je administratie op orde blijft, met name rond het houtgebruik.
- Administratie bijhouden. Voor bouwprojecten moet je een administratie bijhouden van het gebruikte hout; in de groenverklaring kan hiervoor een aparte voorwaarde zijn opgenomen.
- Vermelden van andere subsidies. Heb je voor het project subsidie aangevraagd of gekregen? Dat moet je altijd vermelden, ook na de aanvraag als de situatie wijzigt, omdat dit het groene projectvermogen kan verlagen.
Voordat er inhoudelijk naar je project wordt gekeken, moet je aan een aantal harde voorwaarden voldoen: je project is nieuw (niet langer dan 6 maanden vóór aanvraag gestart), je hebt nog geen eerdere groenverklaring voor dit project, je project past in één van de 7 categorieën en voldoet aan de eisen van de bijbehorende subcategorie, je project voldoet aan de AGVV, de Landbouw Groepsvrijstellingsverordening of de Visserij Groepsvrijstellingsverordening (met de maximaal toegestane steun meegerekend), je projectvermogen is € 25.000 of meer, er staat geen bevel tot terugvordering open, en je bedrijf is niet in moeilijkheden. Landbouwprojecten moeten worden uitgevoerd door een kleine, middelgrote of micro-onderneming.
De belangrijkste inhoudelijke criteria zijn:
- Rendement in verhouding tot risico. Het is zinvol dat je project een eigen economisch rendement heeft (subsidies van overheden tellen hierin mee), maar dat rendement moet zodanig in verhouding staan tot het risico dat het project zonder de groenverklaring niet tot stand zou komen. Een project dat ook zonder rentekorting rendabel is, voldoet niet.
- Categoriespecifieke duurzaamheidseisen. Elke categorie en subcategorie heeft eigen technische eisen. Voor duurzaam bouwen gaat het bijvoorbeeld om een BENG 2-score, een MPG-score, of een BREEAM-NL/GPR Gebouw/LEED-certificaat met minimumniveau. Voor renovatie van utiliteitsgebouwen moet de energielabelklasse na renovatie minimaal 2 klassen zijn verbeterd én minimaal klasse A zijn. Voor renovatie van woningen geldt minimaal klasse B na renovatie met een verbetering van 2 of meer klassen.
- Duurzaam hout. In alle bouwcategorieën moet je voldoen aan de eisen voor duurzaam geproduceerd hout: de aannemer mag alleen hout gebruiken met hetzelfde certificaat als waarbij hij zelf is aangesloten (bijvoorbeeld uitsluitend FSC-hout bij een FSC-gecertificeerde aannemer). Voor aanvang beschrijf je waar en hoeveel hout wordt gebruikt, en tijdens en na het project houd je hierover een administratie bij; RVO kan dit achteraf controleren.
Elke aanvraag die aan de eisen voldoet, wordt inhoudelijk beoordeeld door RVO, die daarna een go/no-go geeft voor de groenverklaring.
Hoe vraag je de Regeling groenprojecten aan?
Je vraagt de groenverklaring niet zelf aan bij RVO. Dat kan alleen via je bank of beleggingsinstelling met een erkend groenfonds (zoals ABN AMRO, ING, Rabobank of Triodos).
Stap 1: Contact met je groenfonds
Neem contact op met je bank of beleggingsinstelling en vraag naar de mogelijkheden van een groenverklaring. Het groenfonds beoordeelt of jouw project past en begeleidt je verder bij de aanvraag.
Stap 2: Documenten verzamelen
Welke documenten precies nodig zijn, verschilt per projectcategorie.
- Een korte beschrijving van het project.
- Documentatie ter onderbouwing van de startdatum (nodig omdat je project maximaal 6 maanden voor aanvraag mag zijn begonnen).
- Offertes, opdrachten en/of facturen ter onderbouwing van het projectvermogen (bij categorieën zonder bouwkundig traject, zoals duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en energie-efficiëntie).
- Aangevraagde of toegekende subsidies: een overzicht van subsidies die je al hebt aangevraagd of ontvangen voor het project.
Voor bouwprojecten (categorie 5, duurzaam bouwen) komt daar in de regel bij:
- Een tijdsplanning met belangrijke data, van start werkzaamheden tot oplevering.
- De omgevingsvergunning of de aanvraag daarvan.
- Het (definitieve) bouwkundige- en installatietechnische bestek.
- Situatietekening(en).
- Onderbouwing van het bruto vloeroppervlak (BVO).
- Een BENG-berekening volgens NTA 8800 (bij nieuwbouw op basis van energieprestatie) of een MPG-berekening (bij milieuprestatie), plus de registratiegegevens in EP-online als de BENG-berekening afwijkt van die bij de omgevingsvergunning.
- Bij renovatie: de energielabelklasse vóór en na renovatie, berekend volgens NTA 8800 door een gecertificeerd bureau.
- Bij een duurzaamheidscertificaat (BREEAM-NL, GPR Gebouw, LEED): de aanmelding en voorlopige toetsing voor de duurzame bouw maatlatmethodiek.
- De aannemersovereenkomst met de (hoofd)aannemer, inclusief eventuele begroting.
- Het duurzaam hout-certificaat van de aannemer.
- Documentatie waaruit blijkt waar en hoeveel hout wordt gebruikt.
Stap 3: Groenfonds dient aanvraag in
Het groenfonds vraagt namens jou de groenverklaring aan bij RVO via het aanvraagportaal. Groenfondsen loggen hiervoor in met eHerkenning, minimaal niveau 3 met machtiging RVO-diensten op niveau eH3. Zij kunnen doorlopend aanvragen indienen, er is dus geen vaste aanvraagperiode of deadline in een bepaald jaar.
Stap 4: RVO beoordeelt
RVO toetst het project namens de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan de eisen van de categorie en subcategorie. Dit duurt gemiddeld 8 weken.
Stap 5: Afgifte groenverklaring
Bij een positieve beoordeling geeft RVO de groenverklaring af aan het groenfonds. Jij ontvangt als ondernemer of projectbeheerder hiervan een afschrift. RVO streeft ernaar dit binnen 8 weken te doen.
Twijfel je vooraf of je project aan de voorwaarden voldoet? Neem dan voor je aanvraag contact op met RVO.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Wie beoordeelt en hoe lang duurt het
RVO beoordeelt de aanvraag namens de minister van Infrastructuur en Waterstaat. Dit gebeurt voor projecten in alle 7 categorieën. De beoordeling duurt gemiddeld 8 weken. RVO streeft er ook naar om, bij een positieve beoordeling, de groenverklaring binnen 8 weken af te geven.
Hoe je de beslissing ontvangt
RVO geeft de groenverklaring af aan het groenfonds van je bank of beleggingsinstelling, niet aan jou rechtstreeks. Als ondernemer of projectbeheerder ontvang je hiervan een afschrift. Het groenfonds gebruikt de groenverklaring om jou daadwerkelijk een lening tegen lagere rente te verstrekken.
Geldigheid
De groenverklaring is voor de meeste projecten 10 jaar geldig.
Uitbetaling en voorschotten
In plaats daarvan werkt de regeling via rentekorting op een lening: het voordeel wordt niet in één keer uitgekeerd, maar loopt door over de hele looptijd van de groenverklaring in de vorm van een lagere rente dan de markt rekent. Hoeveel voordeel dat concreet is, bereken je met het steunpercentage en de rekentool die RVO aanbiedt.
Verplichtingen tijdens de looptijd
- Wijzigingen melden. Verandert de uitvoering van je project tijdens de looptijd? Dan meld je dit aan je groenfonds, niet rechtstreeks aan RVO.
- Steekproefcontroles. RVO controleert projecten steekproefsgewijs, ook nadat de groenverklaring is afgegeven. Dit betekent dat je documentatie (zoals de administratie van gebruikt hout bij bouwprojecten) op orde moet blijven, ook na oplevering.
- Subsidies melden. Ontvang je tijdens de looptijd nog subsidie voor de investering waarvoor je de groenverklaring hebt? Dat moet worden verrekend met het groene projectvermogen, dus ook dit meld je.
De relatie tijdens de looptijd loopt primair via het groenfonds; RVO's rol na afgifte van de verklaring bestaat vooral uit steekproefcontrole.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 4 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- AGVV (Algemene Groepsvrijstellingsverordening)DownloadPDF · 48 pagina's
Vraag het dossier
Stel een vraag over Regeling groenprojecten. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Regeling Groenprojectenrvo.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van RVO. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.