Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn
Provincie Zeeland
Wat is de Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn?
Deze subsidie was bedoeld voor landbouwers in Noord-Holland, Utrecht, Zeeland en Zuid-Holland (en in een eerdere ronde ook Flevoland en Overijssel) die wilden investeren in verduurzaming van hun bedrijf of in dierenwelzijn. Het loket meldt: "Gesloten voor aanvragen". Er kan dus geen nieuwe aanvraag meer worden ingediend.
De regeling stimuleerde investeringen die bijdragen aan milieu- en klimaatdoelen, zoals klimaataanpassing, herstel van biodiversiteit, duurzame energie en energiebesparing, en aan verbetering van dierenwelzijn. Je koos daarbij een investering uit een vaste investeringslijst per provincie.
In Zeeland kon je alleen aanvragen als individuele landbouwer, met maximaal één aanvraag. Voor Zeeland gold een budget van € 3.000.000 en een subsidie van minimaal € 15.000 tot maximaal € 100.000, met een vergoeding van 40% van de subsidiabele kosten (55% voor jonge landbouwers, tot 80% voor specifieke categorieën zoals agroforestry en waterbeheervoorzieningen).
De laatste openstelling liep van 3 december 2025 tot 25 februari 2026 (Zeeland). Voor deze en eerdere openstellingen (waaronder januari 2025) is inmiddels ook geloot, omdat er meer aanvragen waren dan budget.
Wie al een lopend project heeft, kan via Mijn RVO de aanvraag beheren, de voortgang doorgeven of de vaststelling aanvragen. Nieuwe aanvragen zijn niet meer mogelijk. Het loket belooft te informeren zodra een vergelijkbare regeling weer opengaat; daarvoor kun je je aanmelden voor de Nieuwsbrief Europaloket Zeeland.
Wie komt in aanmerking voor de Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn?
Deze subsidie is gesloten voor aanvragen. De eisen hieronder golden tijdens de openstelling en zijn relevant voor wie al een lopend project heeft of wil weten waarom een eerdere aanvraag is afgewezen.
Wie kon aanvragen
- Je was landbouwer: een natuurlijke of rechtspersoon (of groep daarvan) die landbouwproducten produceert, of landbouwareaal beheert dat begrazing of teelt mogelijk maakt.
- In Zeeland kon je alleen aanvragen als individuele landbouwer, niet als samenwerkingsverband.
- In Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland kon je ook aanvragen als samenwerkingsverband van landbouwers, of als (samenwerkingsverband van) jonge landbouwer(s).
- Had je een landbouwbedrijf dat economisch verbonden is met andere landbouwbedrijven (bijvoorbeeld dezelfde economische eenheid of gemeenschappelijke leiding)? Dan mocht maar één van die bedrijven een aanvraag doen.
Aantal aanvragen per provincie
- Zeeland: één aanvraag, niet in meerdere subcategorieën.
- Utrecht: één aanvraag, wel in meerdere subcategorieën.
- Zuid-Holland: één aanvraag, niet in meerdere subcategorieën.
- Noord-Holland: onbeperkt aantal aanvragen, maar per investering maar één aanvraag en je kon maar één keer subsidie ontvangen.
Wat viel af
- Voor dezelfde activiteiten al subsidie aangevraagd in dezelfde aanvraagperiode: alleen de eerst ingediende aanvraag werd meegenomen.
- Voor dezelfde activiteiten en kosten al subsidie ontvangen tot het maximale percentage of bedrag onder deze of een andere regeling.
- Activiteiten die niet overwegend in Zeeland plaatsvinden, tenzij ze aantoonbaar ten goede komen aan Zeeuwse ingezetenen of het belang van de provincie dienen.
- Als de benodigde nationale cofinanciering niet beschikbaar was en de aanvraag niet vergezeld ging van een bijdrageverklaring of subsidiebeschikking hiervoor.
- Onderneming in moeilijkheden volgens EU-staatssteunregels.
- Een openstaand terugvorderingsbevel van de Europese Commissie wegens eerdere onrechtmatige steun.
- Activiteiten met een voorziene negatieve uitwerking op het dierenwelzijn van landbouwhuisdieren.
- Niet voldaan aan een wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag, uiterlijk op de sluitingsdatum.
- Al gestart met de uitvoering van de activiteiten voordat de aanvraag is ingediend. Als start geldt: de aanvang van de werkzaamheden, de eerste juridisch bindende bestelling, of een andere toezegging die de investering onomkeerbaar maakt. Voorbereidende werkzaamheden zoals het aanvragen van vergunningen of een haalbaarheidsstudie golden niet als start, maar de kosten daarvan waren wel altijd niet-subsidiabel.
Jonge landbouwer: extra eisen
Om als jonge landbouwer te tellen (relevant voor het hogere subsidiepercentage) moest je:
- op 31 december van het aanvraagjaar niet ouder zijn dan 39 jaar;
- (mede-)eigenaar zijn van het landbouwbedrijf en de dagelijkse bedrijfsvoering (mede) doen;
- een landbouw- of tuinbouwopleiding hebben afgerond, of minimaal 2 jaar aantoonbare werkervaring hebben plus een diploma of getuigschrift over bedrijfsovername of agrarische bedrijfsvoering;
- langdurig blokkerende zeggenschap hebben: altijd beslissingen boven € 25.000 kunnen tegenhouden;
- geen commanditaire (stille) vennoot zijn;
- niet eenzijdig door andere bedrijfshoofden uit het bedrijf gezet kunnen worden.
Voldeed je niet aan deze voorwaarden, dan kreeg je geen subsidie als jonge landbouwer, en werd de aanvraag ook niet automatisch omgezet naar een aanvraag als "gewone" landbouwer.
Tot slot kon de provincie een Bibob-onderzoek (Wet bevordering integriteitsbeoordelingen) uitvoeren om te voorkomen dat criminele activiteiten worden gefaciliteerd.
Waarvoor krijg je subsidie?
Deze regeling is gesloten, maar de kostenregels golden als volgt voor productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn.
Alleen kosten op basis van factuur
In afwijking van de algemene kostenregels kwamen bij deze interventie alleen kosten in aanmerking die zijn vastgesteld op basis van een factuur of een document met gelijkwaardige bewijskracht (zoals een WOZ-beschikking of een catalogus met marktprijzen). Loonkosten, kosten voor eigen arbeid, bijdragen in natura en afschrijvingskosten waren dus in principe niet subsidiabel, tenzij de provincie in het openstellingsbesluit had bepaald dat deze kostensoorten toch subsidiabel waren.
Investeringslijst bepaalt de kostensoort
Welke investeringen concreet subsidiabel waren, stond per provincie in een investeringslijst (Noord-Holland, Utrecht, Utrecht jonge landbouwers, Zeeland, Zuid-Holland). Deze lijsten waren nog niet allemaal gepubliceerd op het loket. Per investeringscategorie in de lijst gold ook een puntenaantal, dat gebruikt werd voor de rangschikking van aanvragen.
Kostenverantwoording via deelprestaties
Bij deze regeling verantwoord je de kosten niet via losse facturen en betaalbewijzen, maar via deelprestaties. Elke investering die je aanvraagt, is één deelprestatie. Per deelprestatie geef je door:
- de activiteit of omschrijving van de deelprestatie;
- het jaar waarin je de deelprestatie verwacht te halen;
- het deel van de kosten en het aangevraagde subsidiebedrag dat aan de deelprestatie gekoppeld is (bij één investering koppel je het volledige subsidiebedrag aan die ene deelprestatie);
- de manier waarop je de deelprestatie verantwoordt (bijvoorbeeld foto's plus leveringsbevestiging, of foto's plus factuur en betaalbewijs).
Deze informatie moet SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdsgebonden) in de begroting staan. Bij de vaststelling toon je alleen aan dat de deelprestaties zijn behaald; facturen en betaalbewijzen zijn dan niet verplicht, al mag je die wel meesturen.
Een landbouwer vraagt subsidie aan voor twee machines:
- Machine A: € 150.000 kosten, 40% subsidie, € 60.000 subsidiebedrag, deelprestatie in 2025, te verantwoorden met een foto van de machine op het bedrijf plus een leveringsbevestiging.
- Machine B: € 100.000 kosten, 40% subsidie, € 40.000 subsidiebedrag, deelprestatie in 2026, te verantwoorden met een foto plus factuur en betaalbewijs. Totaal: € 250.000 kosten, € 100.000 subsidie.
Wat nooit subsidiabel was
Naast kosten die niet rechtstreeks aan de activiteit zijn toe te rekenen, waren onder meer uitgesloten:
- rente, debetrente, bankdiensten, financieringskosten, gerechtelijke procedures en juridische bijstand daarvoor, boetes en sancties, fooien en geschenken, personeelsactiviteiten, overboekingen en annuleringen, gratificaties en bonussen, outplacementtrajecten, representatiekosten en -vergoedingen;
- kosten van voorbereidende handelingen (zoals vergunningaanvragen en haalbaarheidsstudies);
- vervangingsinvesteringen;
- legeskosten, tenzij expliciet subsidiabel gesteld;
- verrekenbare of compensabele btw;
- kosten die niet voldoen aan de eisen van goed financieel beheer (kosten moeten redelijk en niet bovenmatig zijn);
- winstopslagen binnen een groep en kosten die de ene deelnemer van een samenwerkingsverband bij een andere in rekening brengt;
- aankoop van landbouwproductierechten en betalingsrechten;
- investeringen die het dierenwelzijn verslechteren;
- aankoop van dieren;
- aankoop en planten van zaai- en pootgoed van eenjarige gewassen, met uitzondering van herstel na natuurrampen of extreem weer, bescherming van vee tegen roofdieren, fokken van bedreigde rassen of instandhouding van bedreigde plantenrassen;
- aankoop van grond voor meer dan 10% van de totale subsidiabele kosten (met uitzondering voor milieubehoud/koolstofrijke bodems tot 30%);
- grootschalige infrastructuur die geen deel is van lokale ontwikkelingsstrategieën (met uitzondering van breedband en kustbescherming tegen overstromingen);
- bebossing die niet strookt met duurzaam bosbeheer;
- investeringen om te voldoen aan een wettelijke verplichting;
- investeringen met een negatief effect op de omgeving.
Hoeveel subsidie krijg je?
De basissubsidie bedraagt 40% van de subsidiabele kosten. Dit percentage kan hoger uitvallen afhankelijk van wie je bent en welke investering je doet.
Hoger percentage voor jonge landbouwers
Ben je jonge landbouwer, of maak je deel uit van een samenwerkingsverband van jonge landbouwers, en heeft de provincie hiervoor een apart subsidieplafond vastgesteld? Dan krijg je 55% van de subsidiabele kosten in plaats van 40%.
70% en 80% voor specifieke investeringscategorieën
Voor twee specifieke investeringscategorieën kon de provincie een hoger percentage vaststellen:
- agroforestry (landbouwsystemen die bomen en struiken bewust combineren met andere gewasteelt of veehouderij op hetzelfde stuk land);
- waterbeheervoorzieningen die risico's van verontreiniging van oppervlaktewater door erfspoeling verlagen.
Voor deze categorieën kon de subsidie 70% van de subsidiabele kosten bedragen. Bij een specifieke jonge landbouwers-openstelling kon dit percentage voor deze twee categorieën oplopen tot 80%.
Minimum- en maximumbedragen per provincie
- Noord-Holland: minimaal € 10.000 tot maximaal € 100.000.
- Utrecht: minimaal € 10.000 tot maximaal € 100.000.
- Zeeland: minimaal € 15.000 tot maximaal € 100.000.
- Zuid-Holland: minimaal € 10.000 tot maximaal € 50.000.
Budget per provincie (openstelling december 2025)
- Noord-Holland: € 722.000 totaal, waarvan € 361.000 voor jonge landbouwers.
- Utrecht: € 4.500.000 totaal, waarvan € 3.500.000 voor jonge landbouwers.
- Zeeland: € 3.000.000 totaal; geen apart budget voor jonge landbouwers.
- Zuid-Holland: € 4.258.170,98 totaal, waarvan € 3.909.911,50 voor jonge landbouwers.
Extra punt voor biologische landbouw
Ben je biologische landbouwer of schakelt je bedrijf om naar biologische landbouw? Dan krijg je automatisch één extra punt bovenop je score bij de rangschikking. Vraag je aan in een samenwerkingsverband, dan moet elke deelnemer biologisch of in omschakeling zijn om dit extra punt te krijgen. Dit extra punt beïnvloedt niet direct het subsidiepercentage, maar wel de kans dat je subsidie krijgt bij beperkt budget.
Is er niet genoeg budget?
Bij een gelijke score tussen aanvragen wordt geloot wie voorrang krijgt. Voor de openstelling van december 2025/januari 2025 (natuur/landbouw) heeft al een loting plaatsgevonden, zowel voor gewone aanvragen als voor de categorie jonge landbouwers.
Wat zijn de voorwaarden van de Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn?
Deze regeling is gesloten voor nieuwe aanvragen. De onderstaande knock-outeisen, beoordelingscriteria en verplichtingen golden tijdens de openstelling en zijn relevant voor lopende dossiers.
Hier val je op af
Waarop wordt beoordeeld
- De rangschikking gebeurt op basis van een investeringslijst of op basis van selectiecriteria, afhankelijk van wat de provincie in het openstellingsbesluit heeft bepaald.
- elke investeringscategorie in de lijst heeft een vastgesteld aantal punten;
- kies je meerdere investeringen binnen één categorie, dan wordt het totaal aantal punten gedeeld door het aantal investeringen;
- kies je investeringen in meerdere categorieën, dan wordt het puntenaantal per categorie opgeteld en gedeeld door het aantal categorieën.
- mate van effectiviteit;
- haalbaarheid van de activiteit;
- mate van innovatie;
- mate van efficiëntie van uitvoering van de activiteit.
Wat je moet doen na toekenning
- Meld onverwijld schriftelijk als je (of een deelnemer aan je samenwerkingsverband) een schuldsaneringsverzoek, surseance van betaling of faillissement aanvraagt.
- Meld onverwijld schriftelijk zodra aannemelijk is dat de activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel worden uitgevoerd, of dat je niet aan de subsidieverplichtingen kunt voldoen.
- Investeringen in roerende of onroerende zaken moeten op het moment van de vaststellingsaanvraag ten minste gebruiksklaar zijn.
- Instandhoudingsverplichting: bij investeringen in infrastructuur of productieve investeringen moet je vijf jaar na de subsidievaststelling aan deze verplichting voldoen. Voor mkb-ondernemingen, of investeringen die banen bij een mkb-onderneming creëren, geldt drie jaar.
- Meld vervreemding (verkoop) van de onderneming of van grond waarop de gesubsidieerde activiteit betrekking heeft, zo snel mogelijk en uiterlijk op de dag van vervreemding.
- Voer een administratie waaruit blijkt: de aard, inhoud en voortgang van de activiteiten; dat je aan de communicatieverplichtingen voldoet; welke kosten zijn gemaakt en betaald; en, als loonkosten of eigen arbeid subsidiabel zijn, het aantal gewerkte uren per persoon.
- Bewaar de administratie minimaal vijf jaar na de subsidievaststelling, of tien jaar na afhandeling van een gerechtelijke procedure als die van toepassing is.
- Communicatieverplichtingen: je laat het EU-logo zien, meldt dat je steun uit het ELFPO hebt ontvangen met de tekst "Medegefinancierd door de Europese Unie", beschrijft het project, laat het provincielogo zien en meldt de ELFPO-bijdrage op je website en/of sociale media (als je die hebt).
- Bij meer dan € 50.000 subsidie en investeringen in materiële activa: plaats tijdens de uitvoering een plaquette of digitaal beeldscherm dat voor het publiek duidelijk zichtbaar is.
- Stuur een voortgangsverslag als je project langer dan één jaar duurt, of als dit in je beslisbrief staat, met het verplichte format.
- Geef wijzigingen (bijvoorbeeld van de investering of de einddatum) altijd vooraf door, voordat je ze uitvoert, met het Formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies.
Per criterium kan 0 tot en met 5 punten worden behaald, met een wegingsfactor van 1, 2, 3 of 4 die de provincie per criterium vaststelt. Een aanvraag wordt niet gehonoreerd als minder dan 60% van het totaal te behalen punten wordt gehaald, tenzij de provincie een hoger percentage heeft bepaald.
Extra punt biologische landbouw
Bij elke rangschikkingsmethode krijg je als biologische landbouwer of landbouwer in omschakeling minimaal één extra punt, tenzij de provincie dit heeft uitgesloten omdat het conflicteert met de doelen van de openstelling. Je toont biologische bedrijfsvoering aan met een erkend certificaat of kwaliteitskeurmerk; omschakeling toon je aan met een inschrijfnummer en documentatie van een certificerende instantie.
Bij gelijke score: loting
Leiden gelijke scores tot overschrijding van het subsidieplafond, dan wordt er geloot via trekking in aanwezigheid van een notaris. De eerst getrokken aanvraag wordt als hoogste gerangschikt en komt het eerst in aanmerking. Voor de natuur/landbouw-openstelling en de jonge landbouwers-variant heeft deze loting al plaatsgevonden; de uitslagen (met aanvraagnummers en rangnummers) zijn gepubliceerd door het loket.
Hoe vraag je de Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn aan?
Deze subsidie is gesloten; er kunnen geen nieuwe aanvragen meer worden ingediend. De laatste openstellingsperiodes waren: Noord-Holland en Zuid-Holland van 3 december 2025 tot 29 januari 2026, Utrecht tot 26 februari 2026 en Zeeland tot 25 februari 2026. Voor wie al een aanvraag heeft lopen, gold destijds het volgende proces.
Stap 1: aanvraag indienen
Je diende de aanvraag in bij Gedeputeerde Staten, met het meest recente aanvraagformulier. De aanvraag moest voorzien zijn van:
- een begroting van de kosten (tenzij het openstellingsbesluit anders bepaalde);
- een toelichting op de begroting;
- een financieringsplan;
- de doelstellingen van het project;
- een opgave van subsidies of vergoedingen die voor dezelfde activiteiten bij andere partijen zijn aangevraagd, met de stand van zaken;
- het btw- of fiscaal identificatienummer van de aanvrager (en bij samenwerkingsverbanden van iedere deelnemer);
- de deelprestaties die je met je investering(en) verwacht te behalen, inclusief jaartal, gekoppeld subsidiebedrag en manier van verantwoording (SMART geformuleerd).
Vroeg je aan als landbouwer met biologische bedrijfsvoering of in omschakeling naar biologisch? Dan moest je een erkend certificaat of kwaliteitskeurmerk meesturen, of (bij omschakeling) een inschrijfnummer en documentatie van een certificerende instantie.
Vroeg je aan namens een samenwerkingsverband (mogelijk in Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland, niet in Zeeland)? Dan was een door alle partijen ondertekende samenwerkingsovereenkomst verplicht, waaruit blijkt dat de penvoerder is aangewezen om de aanvraag in te dienen en bevoegd is de betaling te ontvangen, plus een verdeling van verantwoordelijkheden, bevoegdheden en financiële verplichtingen.
Let op: je mocht nooit een opdracht geven aan een leverancier voordat je de aanvraag had ingediend. Dit was niet toegestaan volgens de regeling en kon leiden tot afwijzing.
Stap 2: ontvangstbevestiging
Na indiening ontving je een ontvangstbevestiging. Vanaf dat moment kon je de investering aanschaffen, maar dit was op eigen risico totdat je de beslisbrief had ontvangen. Zonder goedkeuring krijg je geen subsidie.
Stap 3: beoordeling
De provincie beoordeelde de aanvraag, inclusief de opgegeven deelprestaties, gekoppelde subsidiebedragen en manier van verantwoording. Ging de provincie nog niet akkoord met een onderdeel, dan namen ze contact op om dit te bespreken. De einduitkomst stond in de beslisbrief.
Stap 4: beslissing
Je ontving de beslissing binnen 22 weken na de sluitingsdatum van de aanvraagperiode.
Stap 5: uitvoering en eventuele wijzigingen
Tijdens de uitvoering kon je wijzigingen doorgeven, bijvoorbeeld van een investering of de einddatum. Dit deed je altijd vóórdat je de wijziging uitvoerde, met het Formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies. Dit formulier bevat:
- projectgegevens (hoofdaanvrager, relatienummer, zaaknummer, projectnaam);
- een beschrijving van wat je wilt melden, met onderbouwende bijlagen zoals een nieuwe planning of offerte;
- contactgegevens;
- een ondertekening met naam, datum en handtekening.
Je stuurde het formulier naar plattelandsinterventies@rvo.nl, met het aanvraagnummer (11-cijferige code, te vinden in je beslisbrief) in het onderwerp van de mail. De provincie reageerde binnen 8 weken. Een wijziging kon niet leiden tot een hogere subsidie, een niet-subsidiabele activiteit, minder punten dan het vereiste minimum, of een lagere plaats op de rangschikking dan waar het subsidieplafond werd bereikt.
Duurde je project langer dan één jaar, dan stuurde je tussentijds een voortgangsverslag met het verplichte Word-format "Format voortgangsverslag Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn". Je uploadde dit via Mijn RVO of, als dat niet lukte, per e-mail naar plattelandsinterventies@rvo.nl.
Stap 6: vaststelling aanvragen
Na afronding van de activiteiten vroeg je binnen 13 weken de vaststelling aan via Mijn RVO. Hierbij hoorden:
- het Format inhoudelijk verslag Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn, waarin je de afgeronde deelprestaties beschrijft en onderbouwt met bewijsstukken zoals foto's (bij productieve investeringen ook met zichtbaar type- en serienummer van de machine);
- eventueel bewijsstukken van communicatie- en publicatieactiviteiten;
- eventueel bewijsstukken voor extra voorwaarden zoals een vergunning;
- eventueel een Opleveringsverklaring GLB-subsidies, waarin de leverancier en de ontvanger (begunstigde) beiden ondertekenen dat de machine of het product is geleverd en gebruiksklaar is gesteld, met merk, model/type, serienummer, leverdatum en plaats van levering.
De vaststellingsaanvraag is ook je betaalverzoek.
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Gedeputeerde Staten van de betreffende provincie beoordelen de aanvraag en beslissen binnen 22 weken na de sluitingsdatum van de aanvraagperiode. Bij de laatste openstelling waren de sluitingsdata 29 januari 2026 (Noord-Holland, Zuid-Holland), 25 februari 2026 (Zeeland) en 26 februari 2026 (Utrecht).
Voorschot en deelbetaling
Standaard wordt ambtshalve een voorschot verstrekt, tenzij het openstellingsbesluit anders bepaalt. Dit voorschot bedraagt maximaal 50% van de verleende subsidie. Bij subsidies van minimaal € 25.000 kun je bovendien op aanvraag deelbetalingen krijgen: bij subsidies tussen € 25.000 en € 125.000 op basis van gerealiseerde activiteiten, bij € 125.000 en hoger op basis van gemaakte kosten en betalingen. Een deelbetalingsaanvraag betreft minimaal 25% van de verleende subsidie of minimaal € 50.000 aan subsidie, tenzij anders bepaald. Voorschotten en deelbetalingen samen bedragen nooit meer dan 90% van de verleende subsidie. Op een deelbetalingsaanvraag wordt binnen 13 weken beslist.
Voortgangsverslag
Duurt je project langer dan 12 maanden, of staat het in je beslisbrief? Dan lever je een voortgangsverslag aan met het verplichte format. Hierin beschrijf je de uitgevoerde activiteiten, eventuele afwijkingen van het projectplan en de oorzaak daarvan, de geplande activiteiten voor de komende periode, eventuele achterstanden en herstelmaatregelen, en een actueel financieel overzicht (kosten versus begroting, financieringsoverzicht, financiële planning).
Vaststelling
Na afronding van je project vraag je binnen 13 weken de vaststelling aan, met het inhoudelijk verslag en bewijsstukken (zoals foto's met type- en serienummer bij machines, en eventueel een opleveringsverklaring). Hierbij declareer je de gerealiseerde deelprestaties en toon je aan dat je aan de voorwaarden uit de beslisbrief voldoet. De provincie beoordeelt of je aan de voorwaarden voldoet en berekent het definitieve subsidiebedrag. Voldoe je niet volledig aan de voorwaarden, dan kan het subsidiebedrag lager worden vastgesteld. De provincie reageert binnen 13 weken op de vaststellingsaanvraag. Na de beslisbrief op de vaststelling wordt het definitieve subsidiebedrag uitgekeerd; kreeg je al een voorschot, dan ontvang je het resterende deel.
Verplichtingen tijdens de looptijd
- Meld onverwijld schriftelijk een faillissementsaanvraag, surseance van betaling of schuldsaneringsverzoek (voor jezelf of, bij een samenwerkingsverband, voor een deelnemer.
- Meld onverwijld zodra aannemelijk is dat je de activiteiten niet, niet tijdig of niet geheel uitvoert, of niet aan de verplichtingen kunt voldoen.
- Voer een administratie die de aard, inhoud en voortgang van de activiteiten, de communicatieactiviteiten, de gemaakte en betaalde kosten en (indien relevant) de gewerkte uren per persoon laat zien. Bewaar deze minimaal vijf jaar na de vaststelling (tien jaar bij een gerechtelijke procedure).
- Voldoe aan de communicatieverplichtingen (EU-logo, vermelding ELFPO-financiering, projectbeschrijving, provincielogo, vermelding op website/sociale media) en plaats bij meer dan € 50.000 subsidie en investeringen in materiële activa een zichtbare plaquette of digitaal beeldscherm.
- Meld wijzigingen altijd vooraf, voordat je ze uitvoert, met het formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies; de provincie reageert binnen 8 weken.
- Bij investeringen in infrastructuur of productieve investeringen geldt een instandhoudingsverplichting van vijf jaar na de vaststelling (drie jaar voor mkb-ondernemingen of banen die door een mkb-onderneming zijn gecreëerd).
- Meld vervreemding van de onderneming of van grond waarop de activiteit betrekking heeft, uiterlijk op de dag van vervreemding.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 7 documenten bij deze regeling, waarvan er 1 verplicht is bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Format inhoudelijk verslag Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn Word document | 66.13 KBDownloadWord · 1 paginaVerplicht
Format waarmee je bij de vaststellingsaanvraag de eindverantwoording van je afgeronde project beschrijft en aantoont dat je de deelprestaties hebt behaald.
- Format voortgangsverslag Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn Word document | 67.87 KBDownloadWord · 1 paginaAanbevolen
Format dat je gebruikt om de voortgang van je project te rapporteren aan RVO als je project langer dan een jaar duurt of als dit in je beslisbrief staat.
- PDF bestand Uitslag loting productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn natuur-landbouw 98.78 KB downloadDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Overzicht van de lotingsuitslag voor de subsidie natuur-landbouw, waarmee je kunt controleren op welke rang jouw aanvraagnummer is geëindigd bij onvoldoende budget.
- PDF bestand Uitslag Loting productieve investeringen natuur-landbouw voor jonge landbouwers 85.05 KB downloadDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Overzicht van de lotingsuitslag specifiek voor jonge landbouwers bij de investeringen natuur-landbouw, waarmee je kunt controleren op welke rang jouw aanvraagnummer is geëindigd.
- Formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies PDF document | 283.29 KBDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Formulier waarmee je een wijziging in je project of aanvraag meldt bij RVO, bijvoorbeeld een aangepaste investering of einddatum, voordat je de wijziging uitvoert.
- Opleveringsverklaring GLB-subsidies PDF document | 206.43 KBDownloadPDF · 1 paginaAanbevolen
Verklaring die de leverancier en de begunstigde samen ondertekenen als bewijs van levering en gebruiksklare oplevering van de aangeschafte investering, te gebruiken als bijlage bij het betaalverzoek of de vaststelling.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijn. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Productieve investeringen groen-blauw en dierenwelzijnzeeland.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Zeeland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.