GeslotenProvincie · Subsidie

Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie

Gedeputeerde Staten Zeeland

Ook bekend als GLB/NSP Openstelling Productieve investeringen, Erfemissie-regeling Zeeland

Wat is de Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie?

Deze subsidie was bedoeld voor landbouwers in Zeeland die investeerden in waterbeheervoorzieningen om erfemissie te verminderen: risico's op verontreiniging van oppervlaktewater door erfspoeling. Denk aan een vloeistofdichte wasplaats voor spuitmachines, een zuiveringssysteem voor was- en spoelwater, of een helofytenfilter.

De regeling is inmiddels gesloten. Aanvragen kon van 3 december 2025 tot 25 februari 2026. Er was in Zeeland € 3.000.000 beschikbaar, en je kon minimaal € 15.000 en maximaal € 100.000 subsidie aanvragen per aanvraag. Je kreeg 70% van de subsidiabele kosten vergoed.

In Zeeland kon je alleen aanvragen als individuele landbouwer (geen samenwerkingsverbanden) en maar één keer. Er was maar één investeringscategorie: waterbeheervoorzieningen tegen erfspoeling naar oppervlaktewater. De regeling gold niet voor loonwerkbedrijven.

Omdat er meer aanvragen waren dan budget en aanvragen gelijk scoorden, heeft er een loting plaatsgevonden om te bepalen welke aanvragen subsidie kregen.

Na een positieve beslissing kon je aan de slag: je kocht en installeerde de investering, en achteraf toonde je met deelprestaties (bijvoorbeeld foto's en een leveringsbevestiging) aan dat je had gedaan wat je had beloofd. Facturen en betaalbewijzen waren niet verplicht, al mocht je die wel meesturen.

Is er een vergelijkbare regeling later weer open? Dan informeert de provincie Zeeland daarover via de eigen website en de Nieuwsbrief Europaloket Zeeland.

Wie komt in aanmerking voor de Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie?

Deze subsidie stond alleen open voor agrarische ondernemers in de provincie Zeeland. Loonwerkbedrijven vielen buiten de regeling: die konden geen aanvraag doen.

Je bent een landbouwbedrijf
Je sector valt onder SBI 0111, 0112, 0113, 0121, 0122, 0130
De definitieve beoordeling ligt bij Gedeputeerde Staten Zeeland.

De harde eisen waarop je kon afvallen:

  • Individuele landbouwer. In Zeeland kon je alleen aanvragen als individuele landbouwer, niet als samenwerkingsverband. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld Noord-Holland, Utrecht of Zuid-Holland, waar samenwerkingsverbanden wel mochten meedoen.
  • Eén aanvraag per landbouwer. Je kon in Zeeland maar één aanvraag indienen binnen deze regeling, en je kon niet in meerdere subcategorieën investeren (er was hier toch al maar één categorie: waterbeheervoorzieningen tegen erfspoeling).
  • Economisch verbonden bedrijven. Heeft je landbouwbedrijf een economische band met andere landbouwbedrijven, bijvoorbeeld omdat jullie in dezelfde economische eenheid opereren of onder gemeenschappelijke leiding staan? Dan mag maar één van deze bedrijven een aanvraag indienen.
  • Minimaal en maximaal subsidiebedrag. De aanvraag moest tussen € 15.000 en € 100.000 aan subsidie liggen. Vraag je minder of meer aan, dan kom je niet in aanmerking (of wordt je aanvraag afgetopt/afgewezen op dit punt).
  • Investering moet op de investeringslijst staan. Alleen investeringen die letterlijk op de investeringslijst voor Zeeland staan, komen in aanmerking. Wat wel en niet subsidiabel is, staat in het openstellingsbesluit.
  • Niet eerder gestart. Je mocht geen opdracht geven aan een leverancier voordat je de aanvraag had ingediend. Doe je dat toch, dan kan de aanvraag worden afgewezen.
  • Vergunning is je eigen verantwoordelijkheid. Heeft je project te maken met stikstofuitstoot of moet je een melding doen in het omgevingsloket (bijvoorbeeld voor de wasplaats onder het Besluit activiteiten leefomgeving)? Dan moet je dit zelf regelen. Zonder de juiste vergunning of melding kun je de investering niet (rechtmatig) uitvoeren.
  • Bibob-toets. De provincie Zeeland kan een Bibob-onderzoek uitvoeren om te voorkomen dat er subsidie gaat naar criminele activiteiten. Als dit op jou van toepassing is, ontvang je een brief met een uitgebreide vragenlijst die je moet invullen. Niet meewerken kan gevolgen hebben voor je aanvraag.
  • Loting bij gelijke score. Was er niet genoeg budget voor alle aanvragen met dezelfde score? Dan werd er geloot. Dit betekent dat zelfs een geldige, volledige aanvraag kon afvallen door loting als het budget op was.

Wat níet een harde eis is, maar wel meetelt: ben je een biologische landbouwer, of schakelt je bedrijf over naar biologische landbouw? Dan kreeg je automatisch een extra punt bij de score. Dat verhoogt je kans, maar is geen knock-outcriterium.

Het dossier vermeldt geen aparte KvK-inschrijvingseis, geen leeftijdseis en geen minimale bedrijfsomvang voor deze specifieke erfemissie-openstelling in Zeeland (dat gold wel voor de jonge-landbouwerregels in andere provincies, maar Zeeland had voor deze openstelling geen apart jonge landbouwers-budget).

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidie was uitsluitend bedoeld voor investeringen binnen één categorie: waterbeheervoorzieningen ter verlaging van risico's van verontreiniging van oppervlaktewater door erfspoeling. Het ging om de aanschaf van nieuwe machines of installaties, geplaatst of gebruikt in de provincie Zeeland.

Subsidiabele kostensoorten (aanschaf en aanleg van)

  • Overdekte of onoverdekte verharde, vloeistofdichte vul- en wasplaats voor spuitmachines, inclusief een voorziening voor opvang en opslag en zuivering of verdamping van waswater.
  • Een vloeistofdicht biologisch zuiveringssysteem, of zuiveringssystemen die werken op basis van ozon of UV, voor het zuiveren van was- en spoelwater van spuitmachines.
  • Systemen voor de verdamping van was- en spoelwater van spuitmachines.
  • Aanleg en inrichting van een erf waarbij erfwater wordt opgevangen voor afvoer of verwerking middels zuiveren of verdampen, voor een gesloten erf voor gewasbeschermingsmiddelen.
  • Kistenwasser, inclusief opvang restwater voor afvoer of verwerking middels zuiveren of verdampen.
  • Een waterdichte opvangput waarmee verontreinigd afvalwater van het bedrijf gescheiden blijft van het reguliere rioolsysteem, inclusief de buizen, goten en richels voor afvoer.
  • Aanvullende erf- en zuiveringsvoorzieningen voor de bollenteelt met spoelwater.
  • Helofytenfilter voor het zuiveren van afspoelend water van het erf of voor gebruik in de erfsloot.
  • Opvang- en afvoersysteem van perssappen onder sleufsilo's.

Het subsidiepercentage voor deze kosten is 70% van de subsidiabele kosten, met een minimum van € 15.000 en maximum van € 100.000 subsidie.

Niet subsidiabel

  • Systemen voor het lozen van drain- of afvalwater vanuit kassen.
  • Overkapping voor een voederopslag.
  • Overkapping voor een mestopslag.
  • Kosten voor herinrichting van het erf.
  • Erfverharding die niet noodzakelijk is voor de bovengenoemde investeringen.
  • Hemelwatersysteem, waaronder dakgoten, buizen voor afvoer en reguliere riolering.
  • Kuilplaten.
  • Installaties of machines voor opvang van perssap of percolaat, als er een overloopvoorziening is of wordt aangebracht naar het reguliere riool, de bodem of het oppervlaktewater.

Algemene regels rond kosten (uit de bredere GLB-NSP handreiking, van toepassing tenzij het openstellingsbesluit specifieker is)

  • Alleen kosten die aantoonbaar aan de subsidieactiviteit zijn toe te rekenen komen in aanmerking. Kosten die al via een andere subsidie zijn gedekt, niet.
  • Rente-, juridische- en bankkosten zijn niet subsidiabel.
  • Vervangingsinvesteringen en reguliere investeringen in de onderneming zijn niet subsidiabel.
  • Btw: alleen niet-verrekenbare of niet-compensabele btw komt in aanmerking. Kun je de btw wel verrekenen of compenseren, dan worden de subsidiabele kosten exclusief btw berekend. Wil je niet-verrekenbare btw laten meetellen, dan moet je dit onderbouwen met bijvoorbeeld een verklaring van de belastingdienst.
  • Je mag geen verplichtingen (zoals een opdracht aan een leverancier) aangaan vóórdat je de aanvraag hebt ingediend. Kosten van vóór indiening zijn niet subsidiabel; het opvragen van offertes mag wel, want daarmee ga je geen verplichting aan.
  • Kosten moeten aantoonbaar redelijk en marktconform zijn. Bij twijfel wordt vaak gevraagd om meerdere offertes ter onderbouwing.

Kostenverantwoording via deelprestaties: in plaats van de gebruikelijke facturen en betaalbewijzen werkt deze regeling met deelprestaties. Elke investering die je aanvraagt, is één deelprestatie. Bij je aanvraag geef je per deelprestatie door: de omschrijving van de activiteit, het jaar waarin je verwacht de deelprestatie te halen, het deel van de kosten en subsidiebedrag dat aan de deelprestatie is gekoppeld, en de manier waarop je dit gaat aantonen (bijvoorbeeld met foto's en een leveringsbevestiging). Vraag je maar één investering aan, dan koppel je het volledige subsidiebedrag aan die ene deelprestatie. Je hoeft dan bij de vaststelling geen facturen en betaalbewijzen te tonen, tenzij je dat zelf toch wilt meesturen.

Het dossier noemt voor deze erfemissie-openstelling geen afzonderlijke tarieven voor arbeidskosten, inhuur derden, afschrijvingskosten of leasekosten; de investeringslijst betreft aanschaf en aanleg van fysieke voorzieningen.

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie is minimaal € 15.000 en maximaal € 100.000.

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoort
€ 100.000Maximaal
€ 15.000Minimaal
€ 3.000.000Subsidieplafond

Rondes en deadlines

RondeOpentSluitBudgetVerdeling
20253 dec 202525 feb 2026€ 4,5 mln-

Wat zijn de voorwaarden van de Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie?

Hier val je op af

Je bent geen agrarisch ondernemer, maar bijvoorbeeld een loonwerkbedrijf: je komt niet in aanmerking.
Je vraagt aan als samenwerkingsverband: in Zeeland kon alleen de individuele landbouwer aanvragen.
Je dient een tweede aanvraag in binnen deze openstelling terwijl je al één hebt lopen: in Zeeland mag je maar één aanvraag doen.
Je bedrijf is economisch verbonden met een ander landbouwbedrijf dat ook een aanvraag doet: dan mag nog maar één van beide bedrijven de aanvraag indienen.
Je vraagt minder dan € 15.000 of meer dan € 100.000 subsidie aan.
Je investering staat niet op de investeringslijst voor Zeeland, of valt onder de categorie "niet subsidiabel" (zoals hemelwatersystemen, kuilplaten, of overkappingen voor voeder- of mestopslag).
Je geeft al een opdracht aan een leverancier vóórdat je de aanvraag hebt ingediend.
Je voldoet niet aan de vergunnings- of meldingsplicht die volgt uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), paragraaf 4.90 en 5.4.2, voor de aanleg van je wasplaats of zuiveringssysteem.

Aanvragen worden gerangschikt op basis van een score. Deze score wordt bepaald door de investering(en) die je gaat doen: elke investering op de investeringslijst heeft een vastgesteld aantal punten. Hoe meer punten je investering(en) scoort, hoe meer kans je hebt op subsidie.

  • Puntenscore investering. Bepaald door de investeringslijst voor Zeeland (specifieke puntentelling per investering staat niet in dit dossier, maar in het openstellingsbesluit/de investeringslijst zelf).
  • Extra punt voor biologische landbouw. Ben je een biologische landbouwer of ben je aan het omschakelen naar biologische landbouw? Dan krijg je automatisch een extra punt bovenop je score.
  • Loting bij gelijke score. Is er niet genoeg budget om alle aanvragen met een bepaalde score te honoreren, dan wordt onder die aanvragen geloot. Er heeft voor deze openstelling in Zeeland daadwerkelijk een loting plaatsgevonden; de einduitslag met rangnummers en aanvraagnummers is gepubliceerd.
  • Minimumscore. Alleen de best scorende aanvragen komen in aanmerking, mits ze voldoen aan een minimumscore (de hoogte van die minimumscore staat niet in dit dossier).

Wat moet je ná toekenning?

  • Niet starten voor de beslissing, of op eigen risico. Na een ontvangstbevestiging mag je je investering kopen, maar dat is op eigen risico zolang je de beslisbrief nog niet hebt. Krijg je geen subsidie, dan draag je alle kosten zelf.
  • Uitvoeringstermijn. Je moet de investering uitvoeren binnen twee jaar na verzending van de subsidieverleningsbeschikking. Voor deze openstelling betekent dit uiterlijk augustus 2028.
  • Instandhoudingstermijn. Je moet de investering minimaal 3 jaar in stand houden en gebruiksklaar houden. Bij niet-naleving kan de subsidie (deels) worden terugvorderd.
  • Deelprestaties aantonen. Bij de vaststelling toon je aan dat de deelprestatie(s) die je bij de aanvraag hebt opgegeven, zijn behaald. Dit doe je met de bewijsstukken die in je beslisbrief staan genoemd, bijvoorbeeld foto's en een leveringsbevestiging van de machine of installatie.
  • Wijzigingen tijdig doorgeven. Wil je iets wijzigen in je project (bijvoorbeeld de investering zelf, of de einddatum)? Geef dit dan vooraf door, vóórdat je de wijziging doorvoert. Doe je dit niet of te laat, dan kan dit gevolgen hebben voor je subsidie. Je gebruikt hiervoor het Formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies, dat je zelf ondertekent en mailt naar plattelandsinterventies@rvo.nl, met je 11-cijferige aanvraagnummer in het onderwerp.
  • Voortgang doorgeven. Duurt je project langer dan één jaar, dan stuur je een voortgangsverslag met het verplichte format.
  • Communicatieverplichtingen. Ontvang je ELFPO-steun, dan geldt: je laat het EU-logo zien, meldt de tekst "Medegefinancierd door de Europese Unie", beschrijft het project, laat het logo van de provincie zien, en meldt de bijdrage op je website en/of sociale media als je die hebt. Ontvang je meer dan € 50.000 subsidie én investeer je in materiële activa (zoals machines of installaties)? Dan plaats je tijdens de uitvoering ook een plaquette of digitaal beeldscherm dat voor het publiek duidelijk zichtbaar is.
  • Vaststelling aanvragen. Na afronding van je project dien je binnen 13 weken een vaststellingsaanvraag in via Mijn RVO, met het Format inhoudelijk verslag als bijlage.
  • Vergunningen en meldingen zelf regelen. Blijft je eigen verantwoordelijkheid, inclusief het melden van de aanleg via www.omgevingsloket.nl.
  • Bibob-medewerking. Als de provincie een Bibob-onderzoek start, vul je de uitgebreide vragenlijst in en werk je mee.
  • Bewaarplicht. Bewaar je projectadministratie; voor GLB-NSP-projecten geldt een bewaartermijn van vijf jaar na de vaststellingsbeschikking.

Hoe vraag je de Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie aan?

Stap 1: Voorbereiding en voortraject

Voordat je aanvraagt, is het slim de webinar "Samen naar minder emissies" van 11 december 2025 terug te kijken en het Stappenplan project erfemissie te raadplegen. Daarin staat onder meer hoe je de Vergunningcheck op www.omgevingsloket.nl doorloopt: je vult de locatie in, kiest de activiteit "Landbouwvoertuigen of landbouwwerktuigen schoonmaken", beantwoordt een vragenlijst, en krijgt als resultaat te zien of je een vergunning, melding of informatieplicht moet indienen.

Ook kun je de Vragenlijst project subsidie erfemissie december 2025 invullen (een DOCX-formulier met vragen over je bedrijf, de gewenste wasplaats, materiaalkeuze en de hoeveelheid restvloeistof die je verwacht). Je stuurt dit ingevulde formulier naar akkerbouw.zw@delphy.nl, waarna Delphy contact met je opneemt voor een adviesgesprek. Dit is geen verplicht onderdeel van de subsidieaanvraag zelf, maar wordt aangeraden als voorbereiding.

Stap 2: Aanvraag indienen

De aanvraagperiode liep van 3 december 2025, 09:00 uur tot 25 februari 2026, 17:00 uur. Je diende de aanvraag digitaal in bij RVO (via Mijn RVO). Voor het inloggen heb je meestal eHerkenning (EH2+ of hoger) nodig; houd er rekening mee dat het aanvragen daarvan enkele weken kan duren.

Bij je aanvraag geef je de deelprestatie(s) al door: per investering omschrijf je de activiteit, het jaar waarin je de deelprestatie verwacht te halen, het gekoppelde subsidiebedrag, en de manier waarop je dit gaat aantonen (bijvoorbeeld foto's en een leveringsbevestiging).

Volgens de algemene GLB-NSP-handreiking horen bij een projectsubsidieaanvraag in principe ook: een begroting van de kosten met toelichting, een financieringsplan, de doelstellingen van het project, een opgave van elders aangevraagde subsidies voor dezelfde kosten, en een kopie van een recent bankafschrift van de aanvrager. Vraag je meer dan € 25.000 subsidie aan (wat bij deze regeling, met een minimum van € 15.000, in de praktijk vaak het geval zal zijn), dan is ook een projectplan vereist met onder meer een probleemanalyse, beschrijving van de uitvoering, doelstellingen, verwachte resultaten en de realisatietermijn. Het dossier specificeert niet exact welke van deze bijlagen voor déze specifieke openstelling verplicht waren; raadpleeg hiervoor het openstellingsbesluit van Zeeland.

Stap 3: Ontvangstbevestiging

Na indiening ontvang je een ontvangstbevestiging. Vanaf dat moment mag je de investering kopen, al is dit op eigen risico zolang je de beslisbrief nog niet hebt ontvangen. Geef nooit al vóór het indienen van de aanvraag een opdracht aan een leverancier; dat mag niet volgens de regeling.

Stap 4: Beoordeling en loting

RVO beoordeelt je aanvraag op basis van de puntenscore van je investering(en) op de investeringslijst. Bij gelijke score en te weinig budget wordt geloot. Voor deze openstelling heeft die loting daadwerkelijk plaatsgevonden; de uitslag met rangnummers per aanvraagnummer is gepubliceerd.

Stap 5: Beslissing

Je ontvangt de beslissing binnen 22 weken na de sluitingsdatum, dus naar verwachting rond augustus 2026. Bij goedkeuring ontvang je een verleningsbeschikking (beslisbrief) met het subsidiebedrag, de voorwaarden, de projectduur en de definitieve afspraken over de deelprestatie(s) en de manier van verantwoording.

Tijdens de uitvoering: wijzigingen doorgeven

Wil je iets wijzigen (bijvoorbeeld de investering of de einddatum)? Gebruik het Formulier melding voor projecten NSP Plattelandsinterventies. Dit formulier bevat: projectgegevens (hoofdaanvrager, relatienummer, zaaknummer, projectnaam), een beschrijving van de melding, contactgegevens, en een ondertekening door de aanvrager met naam, datum en handtekening. Je voegt onderbouwende stukken toe, zoals een nieuwe planning of offerte. Je verstuurt het naar plattelandsinterventies@rvo.nl, met je 11-cijferige aanvraagnummer en de naam van de interventie in het onderwerp. RVO reageert binnen 8 weken.

Na afronding: vaststelling aanvragen

Binnen 13 weken na afronding van je project dien je de vaststellingsaanvraag in via Mijn RVO. Je gebruikt hierbij het Format inhoudelijk verslag (Word-document), waarin je beschrijft hoe de deelprestaties zijn afgerond, met foto's van de investering (bij productieve investeringen ook een foto waarop het type- en serienummer van de machine zichtbaar is), en eventuele communicatie-uitingen als je meer dan € 50.000 subsidie hebt ontvangen. Ook kan een Opleveringsverklaring van de leverancier worden gevraagd: hierin staan gegevens over het project, de leverancier, de omschrijving van het geleverde (merk, model, serienummer), de leverdatum en of het product gebruiksklaar is geleverd. Deze verklaring wordt ondertekend door zowel de leverancier als de begunstigde (jij, de aanvrager).

Wat gebeurt er na je aanvraag?

RVO beoordeelt je aanvraag. Je ontvangt de beslissing binnen 22 weken na de sluitingsdatum van 25 februari 2026, wat neerkomt op een uitslag rond augustus 2026.

Beoordeling en rangschikking. RVO kent punten toe aan je investering(en) op basis van de investeringslijst voor Zeeland, telt daar eventueel een extra punt bij op als je biologisch bedrijf voert of aan het omschakelen bent, en rangschikt vervolgens alle aanvragen op score. Bij overschrijding van het budget binnen dezelfde score is er geloot; dat is voor deze openstelling ook daadwerkelijk gebeurd.

Uitbetaling: geen apart voorschot vermeld voor deze regeling. Het dossier beschrijft voor deze specifieke erfemissie-openstelling geen voorschotregeling; dit in tegenstelling tot de algemene GLB-NSP-handreiking, die stelt dat voorschotten (indien van toepassing) automatisch en uiterlijk 6 weken na de verleningsbeschikking worden uitgekeerd, als de regeling daarin voorziet. Kijk voor jouw project in de beslisbrief of hierin iets is opgenomen.

Verplichtingen tijdens de looptijd

  • Je voert het project uit binnen twee jaar na verzending van de subsidieverleningsbeschikking, dus uiterlijk augustus 2028.
  • Je houdt je aan de eisen uit het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), zoals een vloeistofdichte vloer voor de wasplaats, die 1 keer per 6 jaar door een erkende instantie gekeurd moet worden, een logboek voor controle/reparatie/onderhoud, en het jaarlijks omzetten en aanvullen van de fytobak indien van toepassing.
  • Je meldt wijzigingen vooraf, via het meldingsformulier, voordat je ze doorvoert.
  • Duurt je project langer dan een jaar, dan stuur je een voortgangsverslag op, volgens het verplichte format.
  • Ontvang je meer dan € 50.000 subsidie en investeer je in materiële activa, dan plaats je tijdens de uitvoering een plaquette of digitaal beeldscherm dat voor het publiek zichtbaar is, en voldoe je aan de EU-communicatieverplichtingen (EU-logo, de tekst "Medegefinancierd door de Europese Unie", projectbeschrijving, logo van de provincie, en vermelding op je website of sociale media als je die hebt).

Vaststelling. Na afronding van je project dien je binnen 13 weken je vaststellingsaanvraag in via Mijn RVO, met het inhoudelijk verslag en bewijsstukken van de behaalde deelprestatie(s), zoals foto's en een leveringsbevestiging. RVO beoordeelt of je aan de voorwaarden uit de beslisbrief voldoet en berekent het definitieve subsidiebedrag; dit kan lager uitvallen als je niet volledig aan de voorwaarden voldoet. RVO reageert binnen 13 weken op je vaststellingsaanvraag.

Uitbetaling na vaststelling. Na de beslisbrief op je vaststellingsaanvraag betaalt RVO het definitieve subsidiebedrag aan je uit. Heb je eerder al een voorschot ontvangen, dan krijg je alleen het resterende deel.

Instandhouding. Na afronding moet je de investering minimaal 3 jaar gebruiksklaar in stand houden. Doe je dit niet, dan kan RVO de subsidie (deels) terugvorderen, afhankelijk van hoeveel jaar je niet aan de verplichting hebt voldaan.

Controles. Zoals bij alle GLB-projecten kun je met verschillende soorten controles te maken krijgen: een administratieve controle (vindt altijd plaats), een controle ter plaatse door de NVWA, een instandhoudingscontrole, en eventueel controles door de Auditdienst Rijk of de Europese Commissie. Je bent verplicht hieraan mee te werken.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 9 documenten bij deze regeling, waarvan er 2 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 1 andere bestanden in het dossier.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Productieve investeringen groen- blauw en dierenwelzijn 2025 – erfemissie. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Gedeputeerde Staten Zeeland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.