GeslotenProvincie · Subsidie

Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant

Provincie Noord-Brabant

Ook bekend als GBV, Gebiedsgerichte Beëindiging Veehouderijlocaties

Wat is de Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant?

De GBV is een subsidie van de provincie Noord-Brabant voor veehouders die hun bedrijf geheel of gedeeltelijk willen stoppen. De regeling is bedoeld voor veehouderijlocaties die binnen 1.000 meter van een stikstofgevoelig en overbelast Natura 2000-gebied liggen. Je krijgt een compensatie voor de financiële gevolgen van het stoppen, en de provincie wil hiermee de ammoniakuitstoot op Natura 2000-gebieden in Brabant verminderen. De regeling is gebaseerd op de landelijke Maatregel Gebiedsgerichte Beëindiging (MGB).

De aanvraag verloopt in twee fasen. Eerst is er een vooraanmelding, daarna (als je daarvoor in aanmerking komt) een taxatie, en pas daarna kun je de daadwerkelijke subsidieaanvraag indienen. De vooraanmelding voor deze eerste openstelling is inmiddels gesloten. De provincie toetst nu alle vooraanmeldingen. Veehouders die in aanmerking komen krijgen in het voorjaar van 2026 een aanbod voor een taxatie van de marktwaarde van de te slopen productiecapaciteit, uitgevoerd door twee onafhankelijke taxateurs. Pas na afronding van alle taxaties wordt de subsidieaanvraagfase geopend, op een nog niet bekend moment later in 2026.

Stop je volledig, dan mag je tot 15% van je vergunde stikstofruimte blijven benutten voor een nieuwe activiteit op dezelfde locatie, mits het bevoegd gezag dit vastlegt. Er is in totaal € 19.833.256 beschikbaar voor deze regeling; met het huidige aantal vooraanmeldingen wordt dat plafond niet overschreden. Ben je nu nog niet aangemeld, dan kun je op dit moment niet meedoen; je moet wachten op een eventuele nieuwe openstelling.

Wie komt in aanmerking voor de Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant?

Je komt alleen in aanmerking als je aan alle onderstaande harde eisen voldoet. Voldoe je aan één ervan niet, dan val je af.

Je bent een veehouderij
Je sector valt onder SBI 0141, 0142, 0143, 0144, 0145, 0146
De definitieve beoordeling ligt bij Provincie Noord-Brabant.

Ligging van de locatie

Je veehouderijlocatie ligt geheel of voor een deel binnen de begrenzing van de regeling, dat wil zeggen binnen 1.000 meter van een van de zeven Brabantse stikstofgevoelige en overbelaste Natura 2000-gebieden.

Minimale ammoniakreductie

De (gedeeltelijke) beëindiging moet leiden tot een vermindering van de ammoniakemissie van minimaal:

  • 250 kilogram ammoniak per jaar, als je melkvee of vleesrunderen houdt in combinatie met maximaal 25 dieren van een andere diercategorie.
  • 750 kilogram ammoniak per jaar, als je uitsluitend andere landbouwhuisdieren dan melkvee of vleesrunderen houdt, of als je melkvee of vleesrunderen houdt in combinatie met meer dan 25 dieren van een andere diercategorie.

Bedrijfsvoering afgelopen 5 jaar

De veehouderijlocatie moet daadwerkelijk in gebruik zijn als veehouderij. De productiecapaciteit moet de afgelopen 5 jaar tot het moment van de subsidieaanvraag op bedrijfseconomisch gangbare wijze in gebruik zijn geweest. Locaties die al langere tijd stilliggen of niet bedrijfseconomisch worden gebruikt, vallen af.

Geen bestaande sluitingsverplichting

Je bent geen verplichtingen aangegaan om de veehouderijlocatie volledig of gedeeltelijk te sluiten. Heb je al ergens anders toegezegd te stoppen, dan kom je niet in aanmerking.

Geen extern salderen

Je bent geen afspraken aangegaan met derden over het mogen gebruiken van je stikstofruimte (extern salderen). Heb je je stikstofruimte al verkocht of toegezegd aan een ander bedrijf, dan val je af.

Geen samenloop met landelijke beëindigingsregelingen

Je hebt geen subsidie aangevraagd op basis van de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv of Lbv-plus) voor deze locatie, of je hebt die aanvraag ingetrokken. Loopt er nog een Lbv- of Lbv-plus-aanvraag voor dezelfde locatie, dan kun je niet ook GBV aanvragen.

Geen andere sluitingsvergoeding

Je hebt geen andere subsidie of bijdrage ontvangen voor het sluiten van je veehouderijlocatie. Dubbele compensatie voor dezelfde sluiting is niet toegestaan.

Vooraanmelding als toegangspoort

Zonder een geldige vooraanmelding kun je niet in aanmerking komen voor subsidie. De vooraanmelding voor deze ronde was mogelijk van 1 december 2025 tot en met 13 februari 2026, en is nu gesloten. Wie zich niet binnen die periode heeft aangemeld, kan in deze ronde geen subsidieaanvraag meer indienen, ook niet als hij verder aan alle voorwaarden voldoet.

Alleen na taxatie

Je kunt alleen daadwerkelijk subsidie aanvragen als je op basis van je vooraanmelding een aanbod voor taxatie hebt ontvangen en die taxatie is uitgevoerd. Zonder taxatie geen aanvraag.

Waarvoor krijg je subsidie?

De subsidie is bedoeld als compensatie voor de financiële gevolgen van het (gedeeltelijk) beëindigen van je veehouderij. Je krijgt een vergoeding voor vier kostensoorten. Er wordt beschreven wat wordt vergoed, niet hoeveel.

Waardeverlies productiecapaciteit

Je krijgt een vergoeding voor het waardeverlies van de productiecapaciteit die je sluit (stallen, installaties en dergelijke die niet langer gebruikt mogen worden voor het houden van landbouwhuisdieren). De hoogte van dit waardeverlies wordt vastgesteld via een taxatie. Deze taxatie van de marktwaarde van de te slopen productiecapaciteit wordt uitgevoerd door twee onafhankelijke taxateurs, en de uitkomst is nodig om de subsidieaanvraag te kunnen indienen.

Vervallen productierechten

Je krijgt een vergoeding voor de productierechten die vervallen omdat je ze moet doorhalen. Bij volledige beëindiging moeten alle aanwezige productierechten worden doorgehaald; bij gedeeltelijke beëindiging alleen de productierechten die horen bij het deel van de productiecapaciteit dat je sluit.

Sloopkosten

Je krijgt een vergoeding voor de kosten van sloop en afvoer van de productiecapaciteit. Dit hangt samen met de verplichting om bij volledige beëindiging de productiecapaciteit te slopen en af te voeren (met uitzondering van eventueel hergebruik), en bij gedeeltelijke beëindiging het te sluiten deel te slopen en te verwijderen. Sloop van de opstallen moet plaatsvinden binnen 28 maanden na het tekenen van de overeenkomst.

Advies- en proceskosten

Je krijgt een vergoeding voor advies- en proceskosten die je maakt in het kader van de beëindiging, bijvoorbeeld voor de begeleiding van het traject.

Wat niet vergoed lijkt te worden

Er lijkt geen vergoeding te zijn voor lopende exploitatiekosten, omzetderving na sluiting, personeelskosten, herbestemmingskosten van de grond of investeringen in een eventuele nieuwe activiteit op de locatie. Ook lijkt er geen vergoeding te zijn voor de kosten van het aanpassen van het omgevingsplan of het wijzigen of intrekken van de omgevingsvergunning en natuurvergunning zelf, terwijl dit wel verplichte stappen zijn bij beëindiging.

Samenhang met verplichtingen

De vier kostensoorten hangen direct samen met de voorwaarden die aan de beëindiging worden gesteld: je krijgt geen vergoeding "los" van de sluiting, maar als tegenprestatie voor het daadwerkelijk uitvoeren van de onomkeerbare stappen (vee en mest afvoeren, dierrechten doorhalen, vergunningen laten intrekken of wijzigen, en slopen). Zonder taxatie, die de basis vormt voor met name de vergoeding van het waardeverlies, kun je geen subsidieaanvraag indienen.

Berekening

Voor de precieze berekeningswijze, eventuele forfaitaire bedragen per diercategorie of stal, en een limiet aan de vergoeding voor advies- en proceskosten, staat de volledige tekst van de Subsidieregeling Gebiedsgerichte Beëindiging Veehouderijlocaties op Overheid.nl.</tekst> </invoke>

Hoeveel subsidie krijg je?

De subsidie biedt een "passende compensatie voor de financiële gevolgen" van het (gedeeltelijk) stoppen, bestaande uit een vergoeding voor: - waardeverlies van de productiecapaciteit - vervallen productierechten - sloopkosten - advies- en proceskosten

De hoogte van je individuele vergoeding hangt af van de taxatie: twee onafhankelijke taxateurs bepalen de marktwaarde van de te slopen productiecapaciteit, en die taxatie vormt de basis voor je subsidieaanvraag.

Totaalbudget

Voor de hele regeling is een subsidieplafond vastgesteld van € 19.833.256. Met het huidige aantal vooraanmeldingen wordt dit plafond niet overschreden, aldus het loket. Zou het plafond wel worden overschreden, dan geldt een rangschikking op basis van kosteneffectiviteit: veehouders met de meest gunstige verhouding tussen de verwachte ammoniakemissiereductie en de forfaitaire waarde van de dierenverblijven staan dan bovenaan en krijgen als eerste een aanbod voor taxatie.

Wat de omvang van je vergoeding kan beïnvloeden

De mate van ammoniakreductie (met de eerder genoemde drempels van 250 of 750 kilogram per jaar) en de forfaitaire waarde van de dierenverblijven bepalen bij overschrijding van het plafond je positie in de rangschikking, en daarmee of je überhaupt een taxatie en aanvraag krijgt aangeboden.

Voor verdere details kun je de volledige regelingstekst op Overheid.nl raadplegen.

Alle bedragen op een rij

Bedragen en percentages van deze regeling, met de voorwaarde waaronder ze gelden
BedragSoort
€ 19.833.256Subsidieplafond

Wat zijn de voorwaarden van de Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant?

Hier val je op af

Naast de algemene toegangseisen (ligging binnen 1.000 meter van een stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, minimale ammoniakreductie van 250 of 750 kilogram per jaar, 5 jaar bedrijfseconomisch gangbaar gebruik, geen bestaande sluitingsverplichting, geen extern salderen, geen samenloop met Lbv/Lbv-plus, geen andere sluitingsvergoeding) gelden specifieke voorwaarden voor de beëindiging zelf, afhankelijk van of je volledig of gedeeltelijk stopt.

Waarop wordt beoordeeld

  1. Als de vooraanmeldingen naar verwachting het subsidieplafond van € 19.833.256 overstijgen, wordt er gerangschikt. Deze rangschikking is gebaseerd op kosteneffectiviteit en komt tot stand op basis van de meest gunstige verhouding tussen:
  2. de verwachte ammoniakemissiereductie, en
  3. de forfaitaire waarde van de dierenverblijven.

Voorwaarden bij volledige beëindiging

  • Je mag niet langer landbouwhuisdieren houden op de locatie.
  • Dierlijke meststoffen moeten worden verwijderd.
  • Aanwezige productierechten moeten worden doorgehaald.
  • Het omgevingsplan moet worden aangepast, en de omgevingsvergunning en (indien van toepassing) de natuurvergunning moeten worden ingetrokken of gewijzigd.
  • Je mag maximaal 15% van je vergunde stikstofruimte benutten voor een nieuwe activiteit op dezelfde locatie; hiervoor geldt de handreiking toestemmingverlening.
  • De productiecapaciteit moet worden gesloopt en afgevoerd (met uitzondering van hergebruik).
  • Er geldt een doorstartverbod: je mag niet elders binnen Nederland of de Europese Unie een vergelijkbaar bedrijf starten.

Voorwaarden bij gedeeltelijke beëindiging

  • Het deel van de productiecapaciteit dat sluit, moet worden gesloopt en verwijderd.
  • Het aantal landbouwhuisdieren moet met dat deel worden teruggebracht, en de bijbehorende productierechten moeten worden doorgehaald.
  • De omgevingsvergunning en (indien van toepassing) de natuurvergunning moeten worden gewijzigd of gedeeltelijk ingetrokken.
  • Ook hier geldt een doorstartverbod elders binnen Nederland en de EU.

Veehouders die bovenaan deze rangschikking staan, krijgen als eerste een aanbod voor taxatie. Er is geen verdere weging tussen deze twee elementen; het gaat om de verhouding tussen beide. Met het huidige aantal vooraanmeldingen wordt het plafond overigens niet overschreden, waardoor deze rangschikking naar het lijkt in deze ronde niet nodig is geweest.

Wat moet je ná toekenning van de subsidie doen

Na de subsidiebeschikking gelden strikte termijnen met onomkeerbare stappen:

  • Binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking: je tekent een overeenkomst. Daarmee verbind je je onder meer om (gedeeltelijk) niet langer landbouwhuisdieren op de locatie te houden.
  • Binnen 12 maanden na het tekenen van de overeenkomst voer je de (gedeeltelijke) beëindiging daadwerkelijk uit, met de volgende onomkeerbare stappen:
  • vee en mest zijn afgevoerd;
  • dierrechten zijn doorgehaald;
  • je hebt een verzoek tot intrekking of wijziging van de omgevingsvergunning ingediend;
  • je hebt (indien van toepassing) een verzoek tot aanpassing van het omgevingsplan ingediend.
  • Binnen 28 maanden na het tekenen van de overeenkomst: de sloop van de opstallen is uitgevoerd.

Bezwaar

Ben je het niet eens met het besluit op je aanvraag, dan kun je binnen 6 weken bezwaar maken.

Er gelden geen specifieke rapportage- of controleverplichtingen tijdens de looptijd van de overeenkomst, buiten de genoemde onomkeerbare stappen met hun termijnen. Dit staat in de volledige regelingstekst op Overheid.nl.

Hoe vraag je de Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant aan?

De aanvraag voor de GBV verloopt in meerdere fasen: vooraanmelding, taxatie, en pas daarna de eigenlijke subsidieaanvraag. Op dit moment (in deze ronde) is alleen de vooraanmeldfase al doorlopen; de subsidieaanvraagfase moet nog worden geopend.

Stap 1: Vooraanmelding (gesloten)

De vooraanmelding liep van 1 december 2025 tot en met 13 februari 2026, via brabant.nl/GBV. Dit was een verplichte eerste stap: zonder vooraanmelding kom je niet in aanmerking voor subsidie. Deze periode is nu voorbij; het dossier vermeldt niet welke documenten precies bij de vooraanmelding moesten worden aangeleverd.

Stap 2: Toetsing en eventuele rangschikking

De provincie toetst momenteel alle binnengekomen vooraanmeldingen. Als het aantal vooraanmeldingen het subsidieplafond van € 19.833.256 naar verwachting overstijgt, rangschikt de provincie de aanmeldingen op kosteneffectiviteit (zie "Voorwaarden"). Met het huidige aantal aanmeldingen wordt het plafond niet overschreden.

Stap 3: Bericht en taxatie-aanbod

Na toetsing krijg je bericht: of een aanbod voor taxatie, of een vermelding op de reservelijst. Je krijgt daarbij ook een zaakbegeleider aangeboden. Veehouders die in aanmerking komen, krijgen in het voorjaar van 2026 een aanbod voor het uitvoeren van een taxatie van de marktwaarde van de te slopen productiecapaciteit.

Stap 4: Taxatie

De taxatie wordt uitgevoerd door twee onafhankelijke taxateurs. De resultaten van deze taxatie zijn nodig voor de subsidieaanvraag; zonder taxatie kun je geen aanvraag indienen. Nadat alle taxaties zijn afgerond, wordt de subsidieaanvraagfase geopend.

Stap 5: Subsidieaanvraag

De subsidieaanvraagfase wordt op een later moment in 2026 opengesteld; een precieze datum is nog niet bekend. Alleen veehouders die een taxatie hebben ontvangen, kunnen dan daadwerkelijk subsidie aanvragen. Het dossier specificeert niet welke documenten je bij de aanvraag zelf moet indienen, en wie welk document moet ondertekenen. Wel is duidelijk dat de taxatieresultaten onderdeel van de aanvraag vormen.

Stap 6: Overeenkomst na toekenning

Als je subsidie wordt toegekend, moet je binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking een overeenkomst tekenen. Met het tekenen van deze overeenkomst verbind je je onder meer om (gedeeltelijk) niet langer landbouwhuisdieren op de locatie te houden. Het dossier noemt niet wie deze overeenkomst namens de provincie ondertekent, en geeft geen naam van een specifiek formulier.

Vervolgstappen na de overeenkomst

Na het tekenen van de overeenkomst gelden verdere termijnen voor de daadwerkelijke uitvoering van de beëindiging (zie "Na je aanvraag" en "Voorwaarden") oplopend tot 28 maanden voor de sloop van de opstallen.

Bezwaar

Ben je het niet eens met een besluit op je aanvraag, dan kun je binnen 6 weken bezwaar maken.

Wat ontbreekt in het dossier

Het loket noemt voor de subsidieaanvraagfase zelf geen concrete lijst van verplichte bijlagen (zoals een ondertekend aanvraagformulier, kvk-uittreksel, taxatierapport of vergunningen), en ook niet wie welk document moet ondertekenen. Voor die details verwijst het loket naar de volledige tekst van de Subsidieregeling Gebiedsgerichte Beëindiging Veehouderijlocaties op Overheid.nl. Voor vragen kun je een e-mail sturen naar het opgegeven contactadres van de provincie.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Wie beoordeelt en hoe lang duurt het

De provincie Noord-Brabant (Gedeputeerde Staten) beoordeelt de vooraanmeldingen en straks ook de subsidieaanvragen. De provincie heeft geen beslistermijn bekendgemaakt voor de beoordeling van een subsidieaanvraag na indiening. Wel is duidelijk dat de toetsing van vooraanmeldingen op dit moment loopt, dat veehouders die in aanmerking komen in het voorjaar van 2026 een taxatie-aanbod krijgen, en dat de subsidieaanvraagfase pas wordt geopend nadat alle taxaties zijn afgerond, op een nog niet vastgesteld moment later in 2026.

Verplichtingen tijdens de looptijd

Na toekenning van de subsidie geldt een vast stappenplan met harde termijnen:

  • Binnen 6 maanden na de subsidiebeschikking: je tekent een overeenkomst met de provincie. Hiermee verbind je je onder meer om (gedeeltelijk) niet langer landbouwhuisdieren op de locatie te houden.
  • Binnen 12 maanden na het tekenen van de overeenkomst voer je een reeks onomkeerbare stappen uit: vee en mest worden afgevoerd, dierrechten worden doorgehaald, je dient een verzoek in tot intrekking of wijziging van de omgevingsvergunning, en (indien van toepassing) een verzoek tot aanpassing van het omgevingsplan.
  • Binnen 28 maanden na het tekenen van de overeenkomst: de opstallen zijn gesloopt.

Deze stappen zijn cumulatief en aan elkaar gekoppeld: eerst de overeenkomst, dan de bedrijfsmatige beëindiging, dan de sloop. Deze stappen worden uitdrukkelijk als "onomkeerbaar" aangeduid, wat betekent dat je hier tijdens de looptijd niet meer op kunt terugkomen.

Bezwaar

Ben je het niet eens met het besluit op je aanvraag, dan kun je binnen 6 weken bezwaar maken tegen dat besluit.

Aanvullende voorwaarde bij nieuwe activiteit

Kies je voor volledige beëindiging en wil je op de locatie een nieuwe activiteit starten binnen de toegestane 15% van je vergunde stikstofruimte, dan is daarvoor een apart besluit van het bevoegd gezag nodig waarin die stikstofemissie wordt vastgelegd. De handreiking toestemmingverlening beschrijft hoe gemeenten en de provincie hiermee omgaan, onder meer via een gecombineerde vergunningsprocedure (intrekking oude vergunning en verlening nieuwe vergunning in samenhang). Dit traject loopt naast en na de subsidieverplichtingen, en de precieze doorlooptijd hangt af van het bevoegd gezag per geval.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Subsidieregeling gebiedsgerichte beëindiging veehouderijlocaties Noord-Brabant. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Provincie Noord-Brabant. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.