Fysieke investeringen - Veenkoloniën
Samenwerkingsverband Noord-Nederland
Wat is de Fysieke investeringen - Veenkoloniën?
Fysieke investeringen - Veenkoloniën was een subsidie voor landbouwondernemers in de Veenkoloniën (delen van Drenthe en Groningen) die investeerden in moderne, duurzame installaties en machines. Het ging om twee losse openstellingen: de openstelling 2017 en de openstelling 2019, elk met een eigen investeringslijst, eigen tijdvak en eigen subsidieplafond.
Beide openstellingen richtten zich op fysieke investeringen die bijdragen aan verbetering van het milieu, klimaatbestendigheid, dierenwelzijn, volks- en diergezondheid, landschap, ruimtelijke kwaliteit of biodiversiteit, zoals systemen voor precisielandbouw, driftreducerende spuittechnieken, waterbeheervoorzieningen en (in 2019) ook energie- en bewaartechnieken. Je kreeg 40% van de subsidiabele kosten, met een minimum van € 10.000 en een maximum van € 100.000 subsidie per aanvraag.
Belangrijk: deze regeling staat volgens het loket op "Aanvragen niet meer mogelijk". Je kunt dus niet meer instromen. De informatie hieronder is bedoeld voor wie al een aanvraag heeft lopen of wil begrijpen hoe de regeling in elkaar zat.
Aanvragen liep (destijds) via het webportal van SNN, met een verplicht, door SNN verstrekt format projectplan en bijbehorende bijlagen. Per landbouwbedrijf mocht maar één aanvraag worden ingediend. Beoordeling gebeurde op basis van een vaste investeringslijst met scores per investeringscategorie; bij overschrijding van het subsidieplafond werd gerangschikt op score (2017) of geloot (2019).
Heb je al subsidie gekregen onder deze regeling? Dan vind je op de loketpagina onder "Mijn dossier" de knoppen voor wijzigingsverzoeken, voortgangsverslagen, tussentijdse betalingen en de aanvraag tot vaststelling.
Wie komt in aanmerking voor de Fysieke investeringen - Veenkoloniën?
Deze regeling is gesloten: aanvragen is niet meer mogelijk. De onderstaande eisen golden voor wie destijds nog kon aanvragen, en zijn relevant als je een lopend dossier hebt.
Beide openstellingen (2017 en 2019) kenden dezelfde harde kern van eisen:
- Je bent landbouwer/landbouwondernemer. De subsidie was alleen bedoeld voor agrarische ondernemers, met name akkerbouwers in de Veenkoloniën.
- Minimaal 50% van je areaal ligt in de Veenkoloniën. Ligt minder dan de helft van je landbouwareaal in het aangewezen gebied, dan val je af.
- De fysieke investering vindt plaats in de Veenkoloniën. Ook als je zelf aan de areaal-eis voldoet, moet de investering zelf in dit gebied worden geplaatst of gebruikt.
- De Veenkoloniën is een vaste lijst gemeenten, maar let op: deze lijst verschilt tussen de twee openstellingen.
- Openstelling 2017: Aa en Hunze, Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen, Midden-Drenthe, Tynaarlo, Bellingwedde, Hoogezand-Sappemeer, Menterwolde, Slochteren, Pekela, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde.
- Openstelling 2019: Aa en Hunze, Borger-Odoorn, Coevorden, Emmen, Midden-Drenthe, Tynaarlo, Midden-Groningen, Pekela, Stadskanaal, Veendam, Westerwolde. Val je buiten deze gemeenten, dan kwam je niet in aanmerking.
- Je investering staat op de investeringslijst. Er werd alleen subsidie verstrekt voor investeringen die letterlijk genoemd staan in de bijlage bij het openstellingsbesluit van dat jaar. Sta je met je investering niet op die lijst (en niet onder de expliciet genoemde subsidiabele onderdelen), dan kom je niet in aanmerking, ook niet als je investering wel bijdraagt aan duurzaamheid in algemene zin.
- Eén aanvraag per bedrijf. Per landbouwbedrijf (2019: per landbouwbedrijf, 2017: per agrarische ondernemer) kon maar één keer subsidie worden aangevraagd onder dat openstellingsbesluit.
- Minimumbedrag. Werd na beoordeling een subsidiebedrag berekend van minder dan € 10.000, dan werd er geen subsidie verstrekt. Dit betekent in de praktijk dat je subsidiabele kosten minimaal € 25.000 moesten bedragen (bij 40% subsidie).
- Geen kosten vóór indiening. Kosten die je al maakte voordat je de aanvraag indiende, telden niet mee. Wie eerst ging investeren en daarna pas aanvroeg, viel voor dat deel buiten de subsidie.
- 2019 specifiek: maximaal 3 investeringscategorieën per aanvraag. Binnen die categorieën mocht je wel meerdere investeringen opvoeren.
Wat expliciet niet gesubsidieerd werd, verschilde per investeringscategorie (zie de sectie "Waarvoor krijg je subsidie"), maar een aantal algemene uitsluitingen kwamen steeds terug: vervangingsinvesteringen van goederen die al op het bedrijf staan, investeringen die vooral gericht zijn op rentabiliteitsverbetering, en kosten voor de aankoop van grond zelf (2019) waren niet subsidiabel. Ook de tractor of zelfrijder waaraan een systeem gekoppeld wordt, viel steeds buiten de subsidie; alleen het aankoppelbare systeem zelf kwam in aanmerking.
Waarvoor krijg je subsidie?
Wat subsidiabel was, verschilt tussen de openstelling 2017 en de openstelling 2019. Beide werken met een vaste investeringslijst: alleen wat daar letterlijk op staat, komt in aanmerking. Een investering die "wel duurzaam is" maar niet op de lijst staat, valt buiten de subsidie.
Algemene kostensoorten, openstelling 2017
- Kosten van bouw, verbetering, verwerving of leasing van onroerende goederen.
- Kosten van koop of huurkoop van nieuwe machines en installaties, tot maximaal de marktwaarde van de activa.
- Kosten van adviseurs, architecten en ingenieurs.
- Kosten van adviezen over duurzaamheid op milieu- en economisch gebied. Niet subsidiabel: voorbereidingskosten gemaakt vóór indiening van de aanvraag.
Algemene kostensoorten, openstelling 2019
- Kosten van bouw of verbetering van onroerende zaken.
- Kosten van verwerving of leasing van onroerende zaken.
- Kosten van koop van nieuwe machines en installaties, tot maximaal de marktwaarde van de activa. Let op: in 2019 mogen de subsidiabele kosten alleen bestaan uit "kosten derden", dus kosten waarvoor je een factuur of gelijkwaardig bewijsstuk kunt overleggen. Kosten gemaakt vóór indiening van de aanvraag zijn niet subsidiabel.
Investeringscategorieën 2017 (score bepaalt de rangschikking bij overschrijding van het plafond):
- Systemen voor precisielandbouw (plaatsspecifieke bemesting, gewasbescherming, opbrengstmeting, bewatering, inclusief GPS/GIS-apparatuur en installatiekosten). Niet subsidiabel: de tractor of zelfrijder zelf, en bijbehorende software zoals rijpadensoftware.
- Machine voor grondbewerking en zaaien tegelijk (werkgangen combineren), inclusief GPS/GIS-apparatuur (alleen in combinatie met het systeem) en installatiekosten.
- Spuitmachine met restvloeistofreductie in de akkerbouw: gescheiden schoonwater- en spuitvloeistofcircuit, of selectieve doseringseenheid die middelen pas op het laatste moment vermengt, plus GPS/GIS en installatiekosten. Het percentage restvloeistofreductie moet in het projectplan en op de offerte bij het betaalverzoek staan. Niet subsidiabel: de tractor of zelfrijder.
- Driftreducerende spuittechnieken (driftarme doppen, elektrische kantdoppen, luchtondersteuning, wingsprayer) en installatiekosten. Niet subsidiabel: driftreducerende additieven.
- Waterbeheervoorzieningen tegen erfafspoeling of verontreiniging door afvalwater: waterdichte opvangput met buizen/goten/richels, waterveegmachine met opvangbak, opvangsysteem van perssappen onder sleufsilo's, zuiveringssystemen (zoals een olievetscheider), systemen die erfafspoelwater opvangen en zuiveren zonder restlozing (bijvoorbeeld biofilter, Phytobac), plus installatiekosten. Expliciet niet subsidiabel: overkapping voor mestopslag, herinrichting van het erf, erfverharding, hemelwatersysteem (dakgoten, buizen, reguliere riolering), kuilplaten of sleufsilo's, installaties met een overloop naar riool/bodem/oppervlaktewater, en de waterzuiveringsinstallatie zelf.
- Stuwtjes en andere maatregelen om water langer vast te houden in waterlopen, inclusief installatie- en aanlegkosten. Niet subsidiabel: jaarlijkse onderhoudskosten of het aanpassen van overige watergangen.
Investeringscategorieën 2019 (alle categorieën hebben dezelfde score; je kiest op basis van je bedrijfsbehoefte, niet op basis van scoreverschil):
- Machine voor mechanische onkruidbestrijding/loofbehandeling: schoffeltuig met camerabesturing, vingerwieders, torsiewieders, rijenfrees, wiedeg, wiedbed, onkruidbrander, onkruidsnijder, looftrekker, machines voor loofbehandeling door elektrocutie, wortelsnijder, plus GPS-systeem en installatiekosten. Niet subsidiabel: loofklapper, grondfrees voor volveldse toepassing.
- Grondbewerking en combineren van bewerkingen: machine voor strokenteelt (strokenfrees/strokenploeg), ekoploeg, zaai-/plant-/pootmachines voor mais, bieten en aardappels gecombineerd met grondbewerking, plus GPS en installatiekosten. Niet subsidiabel: een grondbewerkingsmachine die gecombineerd wordt met een zaai-/plant-/pootmachine, en installaties op deze machines voor toediening van meststoffen of gewasbeschermingsmiddelen.
- Systemen voor precisielandbouw: plaatsspecifiek bemesten, gewasbeschermingsmiddelen toedienen, opbrengsten meten, egaliseren/kilveren, poten/zaaien/planten, water toedienen, onkruid verwijderen met sensoren of robot, plus GPS en installatiekosten. Let op: alleen het systeem dat de tractor of het werktuig aanstuurt is subsidiabel, niet de tractor of het werktuig zelf.
- Driftreducerende technieken: systemen die aantoonbaar meer dan 90% drift reduceren, plus GPS en installatiekosten. Alleen het driftreducerende systeem zelf of het onderdeel dat op een veldspuit wordt aangesloten is subsidiabel. Niet subsidiabel: de aanschaf van een getrokken of zelfrijdende veldspuit.
- Duurzame bewaartechnieken: condensdroogsysteem (aanschaf en installatie), aanleg van verharde laad- en losplaatsen voor aardappelen en bieten (met kaart van de locatie verplicht bij aanvraag). Niet subsidiabel: aanleg van kavelpaden, aanleg of uitbreiding van bestaand erf.
- Bodemverdichting: aanpassingskosten voor tractoren/machines om met vaste rijpaden te werken (uit te voeren door derden met nieuwe onderdelen), aanschaf en installatie van rupsbanden, plus GPS-systeem. Niet subsidiabel: aanschaf van tractoren, (zelfrijdende) oogstmachines en overige machines, en aanschaf van banden, wielen of velgen.
- Energie: windturbine met ashoogte van 15 meter of lager, elektrische erf- of perceelsgebonden voertuigen en werktuigen, elektrische en/of hybride beregeningsinstallatie inclusief randinvesteringen (haspel en slang zijn uitgesloten). Alleen het deel voor eigen stroomopwekking is subsidiabel; energieleverancier worden door deze investering is niet subsidiabel. Niet subsidiabel: elektrische voertuigen voor personenvervoer (auto's, fietsen), haspel en slang bij een beregeningsinstallatie.
Voor beide jaren geldt: installatiekosten die bij een subsidiabele investering horen, zijn meegenomen als subsidiabele kostenpost, tenzij bij die categorie expliciet anders vermeld.
Hoeveel subsidie krijg je?
Beide openstellingen (2017 en 2019) kennen exact dezelfde bedragen en percentages.
- Subsidiepercentage: 40% van de subsidiabele kosten.
- Maximale subsidie per aanvraag: € 100.000.
- Minimale subsidie per aanvraag: € 10.000. Berekent SNN na beoordeling een lager subsidiebedrag, dan krijg je niets.
- Om aan het minimum te komen, moesten je subsidiabele kosten dus minstens € 25.000 bedragen (40% van € 25.000 = € 10.000).
- Om het maximum te bereiken, moesten je subsidiabele kosten € 250.000 of meer bedragen (40% van € 250.000 = € 100.000); boven dat bedrag steeg de subsidie niet verder mee.
Er waren geen opslagen of verlagingen van het percentage op basis van bedrijfstype, samenwerking of andere kenmerken: het percentage lag vast op 40%.
Subsidieplafonds per openstelling (dit bepaalt of er nog geld beschikbaar is, niet de hoogte per aanvraag):
- Openstelling 2017: € 1.800.000 totaal, waarvan € 900.000 Europese middelen (ELFPO) en € 900.000 provinciale middelen.
- Openstelling 2019: € 4.600.000 totaal, waarvan € 2.300.000 Europese middelen (ELFPO) en € 2.300.000 provinciale middelen.
Werd het plafond door jouw aanvraag of door meerdere aanvragen samen overschreden, dan gold een selectiemechanisme (zie "Voorwaarden"): in 2017 rangschikking op investeringsscore, in 2019 loting, met in beide gevallen ook de mogelijkheid dat Gedeputeerde Staten het plafond verhoogden om de overschrijdende aanvraag of aanvragen toch te kunnen subsidiëren.
Er werd geen voorschot verstrekt: het volledige subsidiebedrag werd uitbetaald na vaststelling, op basis van de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten (eventueel via tussentijdse betaalverzoeken tijdens de looptijd).
Hoe vraag je de Fysieke investeringen - Veenkoloniën aan?
Aanvragen is op dit moment niet mogelijk. De onderstaande stappen golden tijdens de openstellingsperiodes en zijn nu vooral relevant voor wie al een lopend dossier heeft.
Wanneer kon je indienen
- Openstelling 2017: van 20 februari 2017 tot en met 1 mei 2017.
- Openstelling 2019: van maandag 24 juni 2019, 09.00 uur, tot en met donderdag 29 augustus 2019, 17.00 uur.
Waar je indiende
Aanvragen ging via het webportal van SNN. Nu loopt alles via https://www.pop3-webportal.nl/mijn/, waar je ook je lopende dossier (Mijn dossier) beheert.
Stappenplan (zoals het destijds werkte)
- Check of je voldoet aan de knock-out eisen. Ligt minimaal 50% van je areaal in de juiste gemeenten (zie sectie "Kom ik in aanmerking"), en staat je gewenste investering op de investeringslijst van het jaar waarin je aanvraagt?
- Vraag het verplichte format projectplan op bij SNN. Beide openstellingsbesluiten schrijven voor dat je een door SNN verstrekt, volledig ingevuld format projectplan gebruikt. Een eigen opgesteld plan zonder dit format werd niet geaccepteerd.
- Vul het projectplan in en verzamel de bijlagen. Het openstellingsbesluit verwijst hiervoor naar "de van toepassing zijnde bijlagen". Wel specifiek genoemd:
- Bij de categorie spuitmachine met restvloeistofreductie (2017): het percentage restvloeistofreductie moet in het projectplan vermeld staan.
- Bij verharde laad- en losplaatsen (2019): een kaart met de locatie van de geplande verharding.
- Kies je investeringscategorie(ën).
- 2017: geen maximum aan het aantal categorieën, wel wordt de gemiddelde score van de gekozen categorieën gebruikt voor de rangschikking.
- 2019: maximaal 3 verschillende investeringscategorieën per aanvraag; binnen elke categorie mag je wel meerdere investeringen opvoeren.
- Dien je aanvraag in via het webportal, vóór de sluitingsdatum en -tijd van de openstelling waarin je aanvraagt.
- Eén aanvraag per bedrijf. Je kunt onder hetzelfde openstellingsbesluit niet nog een tweede aanvraag indienen.
Na indiening, vóór een besluit
De adviescommissie, SNN en RVO beoordelen de aanvraag samen, met als streven een besluit binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de openstelling.
Als je al subsidie hebt (lopend dossier)
Voor lopende projecten geldt: meld een wijziging in je project altijd vooraf via een wijzigingsverzoek, en start pas met de aangepaste uitvoering nadat SNN heeft getoetst of het gewijzigde plan nog aan de voorwaarden voldoet. Dit voorkomt dat je achteraf de subsidie kwijtraakt over het gewijzigde deel. Verder kun je via "Mijn dossier" op het portal een voortgangsverslag indienen, een tussentijdse betaling aanvragen voor al gemaakte en betaalde kosten, en na afronding een verzoek tot vaststelling indienen.</tekst> </invoke>
Wat gebeurt er na je aanvraag?
Wie beoordeelt en hoe lang duurt het
Je aanvraag wordt beoordeeld door de adviescommissie, het SNN en RVO samen. Zij streven ernaar binnen 22 weken na de uiterste indieningsdatum van de openstelling een besluit te nemen. Je krijgt het besluit per e-mail.
Selectie bij overschrijding van het budget
Is het subsidieplafond van de betreffende openstelling overschreden (door jouw aanvraag alleen, of samen met andere aanvragen), dan geldt:
- Openstelling 2017: rangschikking op basis van de gemiddelde score van je investeringscategorieën volgens de investeringslijst. Wie hoger scoort, komt eerder in aanmerking voor het resterende budget.
- Openstelling 2019: loting tussen de aanvragen die voor overschrijding zorgen.
- In beide gevallen kunnen Gedeputeerde Staten er ook voor kiezen het subsidieplafond te verhogen, zodat de overschrijdende aanvraag of aanvragen toch (volledig) gehonoreerd kunnen worden.
Verleningsbeschikking
Krijg je een akkoord, dan ontvang je een verleningsbeschikking met het maximale subsidiebedrag dat je kunt ontvangen en de datum waarop je project uiterlijk afgerond moet zijn.
Uitbetaling: geen voorschot
Beide openstellingsbesluiten sluiten expliciet uit dat er een voorschot wordt verstrekt. Je krijgt dus niet vooraf een deel van het geld; uitbetaling loopt via betaalverzoeken voor kosten die je al hebt gemaakt en betaald, en/of via de einduitbetaling bij vaststelling.
Tijdens de looptijd: rapportage en betaling
- Je bent (in afwijking van de standaardregeling) niet verplicht om jaarlijks een voortgangsverslag in te dienen. Let op: de subpagina van het loket meldt dat er "in sommige gevallen" toch een jaarlijkse rapportageverplichting geldt en verwijst hiervoor naar je eigen verleningsbeschikking; check dus altijd je eigen beschikking.
- Je kunt tijdens de looptijd een tussentijdse betaling (betaalverzoek) aanvragen voor het deel van de kosten dat je al gemaakt en betaald hebt.
- Wil je iets anders doen in het project dan in je goedgekeurde plan staat? Dien dan eerst een wijzigingsverzoek in en wacht op akkoord vóórdat je begint met de aangepaste uitvoering. SNN toetst of het aangepaste plan nog aan de subsidievoorwaarden voldoet.
Vaststelling: einde van het project
Na afronding van je project dien je een verzoek tot vaststelling in. De termijn hiervoor verschilt per openstelling:
- Openstelling 2017: uiterlijk 31 december 2019.
- Openstelling 2019: binnen twee jaar na de datum van de subsidiebeschikking.
Bij vaststelling wordt op basis van de daadwerkelijk gemaakte en betaalde kosten (met factuur of gelijkwaardig bewijsstuk) het definitieve subsidiebedrag berekend en uitbetaald, tot maximaal het bedrag dat in de verleningsbeschikking staat.
Welke documenten heb je nodig?
Het loket publiceert 2 documenten bij deze regeling: formats, verklaringen en de regelingtekst zelf. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.
- Openstellingsbesluit fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen Veenkoloniën 2019DownloadPDF · 5 pagina's
Het openstellingsbesluit uit 2019 van Gedeputeerde Staten van Groningen met de actuele voorwaarden, aanvraagperiode, subsidiepercentage en investeringslijst, dat je nodig hebt om te bepalen of jouw fysieke investering binnen deze openstelling subsidiabel is en hoe je de aanvraag moet indienen.
- Openstellingsbesluit fysieke investeringen voor innovatie en modernisering van agrarische ondernemingen Veenkoloniën 2017DownloadPDF · 7 pagina's
Het openstellingsbesluit uit 2017 van Gedeputeerde Staten van Groningen met de voorwaarden, subsidiabele investeringen en de investeringslijst voor de openstelling 2017, dat je nodig hebt om te bepalen of je project en investeringen destijds voor subsidie in aanmerking kwamen.
Vraag het dossier
Stel een vraag over Fysieke investeringen - Veenkoloniën. Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.
Waar komt deze informatie vandaan?
- Fysieke investeringen - Veenkoloniënsnn.nl · gecontroleerd 3 aug 2026
Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.