GeslotenFonds · Drenthe · Subsidie

Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)

Samenwerkingsverband Noord-Nederland

Wat is de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)?

De Bedrijvenregeling Dutch TechZone, onderdeel Regionale Investeringssteun Drenthe (RID), gaf ondernemingen in de gemeenten Hoogeveen, Coevorden en Emmen subsidie op de aankoop van gebouwen en duurzame bedrijfsuitrusting. De maximale subsidie was 30% van het investeringsbedrag.

Let op: deze regeling is gesloten. Het loket meldt letterlijk "Aanvragen niet meer mogelijk" en het e-loket voor deze regeling is dicht. Je kunt dus geen nieuwe aanvraag meer indienen.

De regeling was bedoeld voor twee groepen ondernemers: mkb'ers en grote ondernemingen die zich nieuw vestigden in een bestaand of nieuw bedrijfspand in het gebied, en mkb'ers en grote ondernemingen die een project uitvoerden gericht op uitbreiding, diversificatie of een fundamentele wijziging van hun bedrijfsactiviteiten in de regio.

Het resterende budget stond op € 2.900.000, waarvan € 2.100.000 voor mkb en € 800.000 voor grootbedrijf. Aanvragen liep via het e-loket van SNN (eloket.snn.nl), waar je een uitgebreid projectplan, een investerings- en financieringsbegroting en diverse verplichte formulieren moest indienen. Beoordeling vond plaats via een tendersysteem, waarbij je aanvraag werd gescoord op criteria als werkgelegenheid, economische structuur en maatschappelijke opgave.

Omdat de regeling gesloten is, is deze informatie vooral relevant om te begrijpen hoe de regeling destijds werkte, bijvoorbeeld als je een lopend dossier had of wilt weten of er in de toekomst een vergelijkbare openstelling komt.

Wie komt in aanmerking voor de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)?

Deze regeling staat niet meer open. Aanvragen is op dit moment niet mogelijk. Onderstaand de eisen die golden toen aanvragen nog wel mogelijk was. Die eisen bepaalden wie in aanmerking kwam en wie afviel.

Je bent actief in Drenthe
Regionale regeling.
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland.

Wie kwam in aanmerking:

  • Mkb'ers en grote ondernemingen die zich nieuw vestigden in een bestaand of nieuw bedrijfspand in de gemeenten Hoogeveen, Coevorden of Emmen.
  • Mkb'ers en grote ondernemingen die een project uitvoerden gericht op uitbreiding, diversificatie of een fundamentele wijziging van bedrijfsactiviteiten in dat gebied.

De regeling onderscheidt vier type projecten. Je moest aangeven welk type jouw project was:

  • Vestigingsproject: een nieuwe onderneming of een nieuwe vestiging van een bestaande onderneming.
  • Uitbreidingsproject: investeringen die leiden tot meer productiecapaciteit en nieuwe werkgelegenheid.
  • Diversificatieproject: nieuwe activiteiten onder een andere NACE-code dan de bestaande activiteiten (voor grote ondernemingen verplicht een andere NACE-code; voor mkb moet het te produceren product onder een andere NACE-code vallen).
  • Fundamenteel wijzigingsproject: een volledige herziening van het productieproces, niet alleen de vervanging van enkele oude machines.

Enkele knock-outeisen:

  • De investeringen moesten binnen het werkingsgebied (Hoogeveen, Coevorden, Emmen) plaatsvinden en daar permanent aanwezig blijven.
  • Investeringen mochten niet binnen het eigen concern zijn aangekocht.
  • Tweedehands investeringsgoederen waren niet subsidiabel voor grote ondernemingen.
  • Grote ondernemingen buiten het steungebied konden geen subsidie aanvragen.
  • Ondernemingen in moeilijkheden zijn volgens de onderliggende Europese groepsvrijstellingsverordening (AGVV) doorgaans uitgesloten van steun, met specifieke uitzonderingen die niet op deze regeling van toepassing lijken.
  • Werkzaamheden aan het project mochten niet zijn gestart voordat de aanvraag was ingediend; voorbereidende werkzaamheden (zoals offertes opvragen) waren wel toegestaan.

Ook golden er financiële eisen: je moest onderbouwen dat je onderneming na de investering voldoende solvabel bleef, en dat de financiering van het project (op termijn) rond was.

Voor 2019 was er geen budget beschikbaar. De beschikbaarheid van budget was een aparte, aanvullende voorwaarde naast de inhoudelijke eisen.</tekst> </invoke>

Waarvoor krijg je subsidie?

De regeling gaf subsidie op de aankoop van gebouwen en duurzame bedrijfsuitrusting. Dit zijn de twee hoofdcategorieën die het loket zelf noemt. Het kostenbegroting-format (XLSX) bevestigt deze indeling met de kopjes "Gebouwen" en "Duurzame Bedrijfsuitrusting" als subsidiabele investeringstypen.

Gebouwen

Investeringen in bedrijfsgebouwen kwamen in aanmerking. Het controleprotocol geeft een aantal harde regels die specifiek voor gebouwen gelden:

  • Geen investeringen in grond en bijkomende kosten mochten worden opgevoerd. Grond zelf en de kosten die daarbij horen, vallen dus buiten de subsidiabele kosten.
  • Financieringskosten en overdrachtsbelasting mochten niet worden opgenomen in de gedeclareerde investeringen in bedrijfsgebouwen.
  • De investering moest op de fiscale balans van de begunstigde zijn geactiveerd en in ten minste twee jaar worden afgeschreven (met uitzondering van specifieke fiscale regelingen).

Duurzame bedrijfsuitrusting

Ook investeringen in duurzame bedrijfsuitrusting (machines, installaties, apparatuur) kwamen in aanmerking, met de volgende regels:

  • Voor grote ondernemingen (volgens de definitie in de regeling) mochten geen tweedehands investeringsgoederen worden aangekocht en gedeclareerd.
  • Ook hier gold: geactiveerd op de fiscale balans en ten minste twee jaar afgeschreven.

Algemene regels die voor alle kostensoorten gelden

Het controleprotocol (bijlage bij de vaststelling) noemt een reeks voorwaarden die op alle subsidiabele investeringen van toepassing waren:

  • De investeringen moesten in de projectperiode in gebruik zijn genomen, geactiveerd en betaald zijn, en betrekking hebben op de gefinancierde activiteit.
  • Investeringen mochten niet binnen het concern zijn aangekocht (dus niet van een gelieerde partij binnen dezelfde groep).
  • Er mochten in de projectperiode geen vergelijkbare investeringsgoederen of ruimten buiten gebruik zijn gesteld door de onderneming (anders volgt mogelijk een correctie op de subsidiabele investeringen).
  • De gedeclareerde investering moest op de datum van de controleverklaring nog steeds eigendom zijn van de begunstigde en in gebruik zijn (of ten dienste staan) van de in het projectplan voorgenomen activiteiten.
  • De investering moest permanent aanwezig zijn op de bij aanvraag opgegeven locatie binnen het werkingsgebied (Hoogeveen, Coevorden, Emmen).
  • De begunstigde moest zowel het economisch als het juridisch eigendom van de investering hebben.
  • Intern bestede uren, in welke vorm dan ook, mochten geen onderdeel uitmaken van de geactiveerde investering. Eigen personeelsuren zijn dus niet subsidiabel.
  • De investeringen moesten exclusief btw worden verantwoord.
  • Geen juridisch onomkeerbare verplichtingen mochten zijn aangegaan vóór de datum waarop de aanvraag werd ingediend. Voorbereidende werkzaamheden (zoals offertes aanvragen) waren wel toegestaan.
  • Investeringen in diensten en/of andere immateriële activa moesten voldoen aan de voorwaarden van artikel 14, lid 8 van de AGVV (de Europese groepsvrijstellingsverordening).

Wat niet subsidiabel was

Uit de regels volgt dus expliciet dat de volgende kostenposten buiten de subsidie vielen:

  • Grond en de bijkomende kosten daarvan.
  • Financieringskosten en overdrachtsbelasting bij gebouwen.
  • Tweedehands goederen, voor grote ondernemingen.
  • Investeringen binnen het eigen concern gedaan.
  • Interne uren van eigen personeel.
  • Btw over de investeringen.

Er zijn geen aparte tarieven of staffels per vierkante meter, per machine-eenheid of per andere fysieke maat; de rekenregel is steeds de 30%-regel over het totale (gecorrigeerde) subsidiabele investeringsbedrag, zoals hierboven beschreven met de uitsluitingen. Het kostenbegroting-format waarschuwt bovendien dat vanwege het buiten gebruik stellen van bestaande activa, of vanwege andere voorwaarden in de regeling, een correctie op de subsidiabele investeringen en daarmee op de subsidie kan worden toegepast.</tekst> </invoke>

Hoeveel subsidie krijg je?

De maximale subsidie was 30% van het investeringsbedrag.

Van het resterende budget van € 2.900.000 was € 2.100.000 gereserveerd voor mkb en € 800.000 voor grootbedrijf. Deze verdeling betekent dat het beschikbare bedrag voor grote ondernemingen aanzienlijk kleiner was dan voor mkb, ook al gold voor beide categorieën hetzelfde maximale subsidiepercentage van 30%.

Het kostenbegroting- en financieringsplanformat (XLSX) geeft aan dat het werkelijke subsidiepercentage en het maximale subsidiebedrag afhankelijk waren van "een flink aantal variabelen", waaronder:

  • het type onderneming (klein, middel, groot),
  • of de onderneming binnen het steungebied of het werkingsgebied ligt,
  • of de investering in een leegstaand pand plaatsvindt.

Het controleprotocol vermeldt daarnaast dat er correcties op de subsidiabele investeringen (en daarmee op de subsidie) konden worden toegepast, bijvoorbeeld vanwege het buiten gebruik stellen van bestaande activa of vanwege andere voorwaarden in de regeling. Dat kon het uiteindelijke subsidiebedrag dus verlagen.

Verder gold: aan het bedrag dat het rekenmodel in het financieringsplan berekende, kon je geen rechten ontlenen. Het was alleen een indicatie om te bepalen hoe hoog de overige (eigen) financiering moest zijn.

Wat zijn de voorwaarden van de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)?

Deze regeling werkte via een tendersysteem: aanvragen werden onderling vergeleken en gescoord op basis van het projectplan. Het format vermeldt expliciet dat je na de sluitingsdatum je aanvraag niet meer kon wijzigen of aanvullen, en dat er binnen het tendersysteem geen mogelijkheid was om nadere toelichting te geven. Zorg dus dat het projectplan in één keer compleet en overtuigend is.

Hier val je op af

Het project moest zich richten op vestiging, uitbreiding, diversificatie of een fundamentele wijziging van bedrijfsactiviteiten in Hoogeveen, Coevorden of Emmen.
Voorbereidende werkzaamheden waren toegestaan, maar juridisch onomkeerbare verplichtingen mochten niet zijn aangegaan vóór de aanvraagdatum.
Investeringen mochten niet binnen het concern zijn aangekocht.
Bij diversificatieprojecten moest de nieuwe activiteit onder een andere NACE-code vallen (voor grote ondernemingen verplicht, voor mkb gold dit voor het eindproduct).
Grote ondernemingen mochten geen tweedehands investeringsgoederen declareren.

Waarop wordt beoordeeld

  1. Het projectplanformat werkt een puntensysteem uit met drie hoofdcategorieën en een totaal van 100 punten:
  2. Werkgelegenheid (maximaal 30 punten). Beoordeeld wordt de netto toename van arbeidsplaatsen, direct gekoppeld aan de investering. Verschuivingen van personeel binnen het concern tellen niet mee als toename. De beginsituatie wordt berekend op basis van het naar een volledig jaar omgerekende aantal SV-dagen tot en met de maand voorafgaand aan de aanvraag; de eindsituatie op dezelfde manier tot en met de maand voorafgaand aan projectafronding.
  3. Economische structuur (maximaal 30 punten), opgebouwd uit drie onderdelen:
  4. *Verankering of concurrentie in locatiekeuze* (maximaal 15 punten, opgebouwd uit drie subcriteria van elk 0 of 5 punten): samenwerking met regionale toeleveranciers, de mate waarin het bedrijf moeilijk te verplaatsen is (bijvoorbeeld door lokaal gebonden kennis of vergunningen), en de vraag of kernactiviteiten moeilijk uit te besteden zijn. Bij een vestigingsproject wordt in plaats hiervan het locatiekeuzeproces beoordeeld (onderbouwd met bijvoorbeeld notulen, casestudies of e-mails).
  5. *Opleidingsfaciliteiten* (maximaal 15 punten, drie subcriteria van elk 0 of 5 punten): het aantal stageplekken (zeer goed bij meer dan 1 stagiair per 6 medewerkers per jaar), het opleidingsbudget per medewerker (zeer goed vanaf € 900 per medewerker per jaar, inclusief interne opleidingsuren tegen € 39 per uur), en projectmatige, actuele samenwerking met lokale of regionale opleidingsinstellingen (niet alleen reguliere stagecontacten).
  6. Maatschappelijke opgave (maximaal 40 punten), opgebouwd uit drie onderdelen:
  7. *Prioritaire sectoren* HTSM, Chemie, Logistiek of Energie (maximaal 15 punten). Bij HTSM moet je aantonen hoe je product of dienst raakt aan de eigenschappen intelligent, nauwkeurig en efficiënt.
  8. *Onderzoek, ontwikkeling en vermarkting van nieuwe producten of processen* (maximaal 20 punten, vier subcriteria van elk 0 of 5 punten): een WBSO-verklaring, een VIA/MIT-beschikking, 5% of meer van de jaaromzet besteed aan R&D, of overige innovatiestimulerende activiteiten. Zonder onderbouwende stukken krijg je hier geen punten.
  9. *Duurzaamheid* (CO₂-reductie, biobased economy, circulaire economie) (maximaal 5 punten). Bij CO₂-reductie is een milieugerichte levenscyclusanalyse of CO₂-footprintanalyse verplicht als bijlage.

Wat je moet doen na toekenning

  • Na toekenning gold een aantal doorlopende verplichtingen, die met name via het controleprotocol zijn vastgelegd:
  • De financiering van het project moest, als deze bij aanvraag nog niet rond was, in ieder geval binnen drie maanden na verlening wel rond zijn.
  • De investeringen moesten binnen de projectperiode in gebruik worden genomen, geactiveerd en betaald worden.
  • Je moest een projectadministratie voeren die zodanig is ingericht dat alle investeringen, gespecificeerd naar subsidiabele categorie, eenvoudig af te lezen zijn. Subsidiabele en niet-subsidiabele investeringen moesten gescheiden of herleidbaar geregistreerd worden.
  • De investering moest gedurende de gestelde termijn (minimaal twee jaar afschrijving) op de opgegeven locatie binnen het werkingsgebied blijven en in eigendom en gebruik van de begunstigde blijven.
  • Bij het voorschot- of vaststellingsverzoek moest een door een externe accountant gecontroleerde "format factuurbijlage" worden ingediend, vergezeld van een controleverklaring volgens het vastgestelde controleprotocol.
  • Eventuele fouten die de accountant ontdekt, moesten worden gecorrigeerd; niet-gecorrigeerde fouten moesten door de accountant worden vermeld.
  • Je moest medewerking verlenen aan een mogelijke review door of namens het SNN of andere controle-instanties, uitgevoerd bij de accountant die de controle deed. Kosten van deze review waren voor rekening van de begunstigde.
  • Bewaartermijnen voor documenten volgen uit de Archiefwet 1995, het Vaststellingsbesluit selectielijst archiefbescheiden Provinciale Organen 2005 en, voor EU-gerelateerde stukken, Verordening (EU) nr. 1303/2013.

Hoe vraag je de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID) aan?

Deze regeling is gesloten: het e-loket voor de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID) accepteert geen nieuwe aanvragen meer. De onderstaande stappen en documenten laten zien hoe het aanvraagproces destijds was ingericht, zodat je begrijpt wat er gebeurde met lopende of afgeronde dossiers, of ter voorbereiding op een eventuele nieuwe openstelling.

Stap 1: documenten verzamelen

Voordat je de aanvraag startte, moest je alle benodigde documenten al ingevuld klaar hebben staan. Dit waren:

  • Juridische organisatiestructuur van het verband van ondernemingen, schematisch weergegeven, inclusief deelnemingspercentages en een opgave van aantal werknemers, jaaromzet en balanstotaal per onderneming (alleen als de onderneming deel uitmaakte van een groep).
  • Een kopie van de beschikking(en) of aanvraagformulier(en) van een projectaanvraag bij een andere instantie, als voor het project al elders subsidie was aangevraagd of ontvangen.
  • Offerte(s) of overeenkomst(en), indien aanwezig.
  • De meest recente (geconsolideerde) jaarrekening.
  • Prognoses van balans en winst- en verliesrekening voor de komende vijf jaar.
  • Omzetgegevens waaruit blijkt dat de verwachte omzet voor minimaal 50% afhankelijk is van afnemers van buiten het werkingsgebied.
  • Verzamelloonstaat of loonstaten van de afgelopen 12 maanden (niet nodig bij een vestigingsproject).
  • Een kopie van een bankafschrift, ter verificatie van het rekeningnummer.
  • Bewijsstukken voor de scoringscriteria, indien van toepassing (denk aan een WBSO-verklaring, VIA/MIT-beschikking, of onderbouwing van opleidingsbudget en stageplekken).

Daarnaast moesten de volgende formulieren gedownload, digitaal ingevuld, uitgeprint en met pen ondertekend worden (digitale handtekeningen werden niet geaccepteerd), waarna ze weer ingescand moesten worden:

  • Ondertekening Dutch TechZone (PDF): een ondertekeningsformulier, te ondertekenen door de aanvrager.
  • Format Projectplan Dutch TechZone RID (DOCX): het projectplan zelf, waarin je onder andere je onderneming, het project, de fasering, de financiering en de scoringscriteria beschrijft.
  • Machtiging Dutch TechZone (PDF): een machtigingsformulier, te ondertekenen als je iemand anders namens de onderneming laat handelen.
  • Privacyverklaring subsidies (PDF): een verklaring waarin je bevestigt de privacy-informatie te hebben gelezen en begrepen, en dat je betrokkenen informeert dat het SNN een ontvanger van hun persoonsgegevens is. Te ondertekenen door de aanvrager (naam, functie, plaats, datum, handtekening).
  • Kostenbegroting en financieringsplan DTZ2018 (XLSX): het financiële model waarin je de investeringsbegroting en financiering invult; dit model berekent automatisch de maximale subsidie op basis van jouw ingevoerde gegevens. Dit bestand moest als Excel worden opgeladen, niet als PDF.

Let bij het samenstellen van deze documenten op privacy: het SNN vroeg nooit om burgerservicenummers. Als deze in de documenten voorkwamen, moesten ze verwijderd of afgeschermd worden voordat ze werden gedeeld.

Stap 2: projectomschrijving schrijven

Je schreef een aparte projectomschrijving. Deze werd los van het projectplan-format ingediend.

Stap 3: aanvraag indienen via het e-loket

Via het e-loket van SNN (eloket.snn.nl/eloket/zakelijk/Login.jsp) startte je de aanvraag, uploadde je alle documenten en leverde je de gevraagde informatie aan. Vanuit je persoonlijke account kon je de behandeling van de aanvraag volgen.

Er was geen specifieke deadline of sluitingsdatum voor deze openstelling bekendgemaakt. Het e-loket is inmiddels gesloten en voor 2019 was vooralsnog geen budget beschikbaar.

Wat gebeurt er na je aanvraag?

Omdat de regeling gesloten is, is er geen actueel traject meer voor nieuwe aanvragen. De onderstaande informatie komt uit het controleprotocol en beschrijft hoe de behandeling na toekenning en bij het opvragen van voorschotten of vaststelling van subsidie verliep.

Uitbetaling: voorschot en vaststelling

Uitbetaling verliep via een voorschot- of vaststellingsverzoek. Bij dit verzoek moest je een "format factuurbijlage" indienen: een overzicht van de gedane investeringen, gecontroleerd door een externe accountant. Deze accountant moest een controleverklaring afgeven volgens het vastgestelde controleprotocol en de Nederlandse controlestandaarden.

De accountant controleerde:

  • de volledigheid en juistheid: zijn de verantwoorde investeringen in de projectperiode in gebruik genomen, geactiveerd en betaald, en horen ze bij het gefinancierde project;
  • de rechtmatigheid: is de factuurbijlage tot stand gekomen in overeenstemming met de verleningsbeschikking en de toepasselijke wet- en regelgeving.

De accountant gebruikte hierbij vaste goedkeuringstoleranties: maximaal 5% fouten en maximaal 5% onzekerheden in de controle, beide ten opzichte van de werkelijke totale subsidiabele investeringen. Bij fouten of onzekerheden tussen 5% en 10% gaf de accountant een verklaring met beperking of een oordeelonthouding af; bij 10% of meer een afkeurende verklaring (bij fouten) of eveneens een oordeelonthouding (bij onzekerheden). De controle moest een betrouwbaarheid bieden van minimaal 95%.

De controleverklaring was bestemd voor en werd gebruikt door het SNN, de Provincie Drenthe, het Ministerie van Economische Zaken en de gemeenten Emmen, Coevorden en Hoogeveen.

Verplichtingen tijdens de looptijd

Tijdens de looptijd van het project golden onder meer deze verplichtingen:

  • Als de financiering bij aanvraag nog niet volledig rond was, moest dit binnen drie maanden na een eventuele verlening wel het geval zijn.
  • Je moest een projectadministratie bijhouden waarin alle investeringen, per subsidiabele categorie, eenvoudig herleidbaar waren.
  • Investeringen moesten permanent op de opgegeven locatie binnen het werkingsgebied blijven, in eigendom en in gebruik voor de in het projectplan beschreven activiteiten.
  • Je mocht in de projectperiode geen vergelijkbare bestaande investeringsgoederen of ruimten buiten gebruik stellen; als dat toch gebeurde, kon dit leiden tot een correctie op de subsidiabele investeringen.
  • Op verzoek moest je medewerking verlenen aan een review van de accountantscontrole door of namens het SNN of andere aangewezen controle-instanties. Deze review vond plaats bij de accountant, aan de hand van het controledossier. Eventuele kosten hiervan waren voor rekening van de begunstigde.
  • Documenten en bewijsstukken moesten bewaard blijven volgens de wettelijke bewaartermijnen (Archiefwet 1995, het Vaststellingsbesluit selectielijst archiefbescheiden Provinciale Organen 2005, en voor EU-gerelateerde stukken de bewaartermijn uit Verordening (EU) nr. 1303/2013).

Wat wel duidelijk is: door het tendersysteem werden aanvragen niet op volgorde van binnenkomst beoordeeld, maar gescoord en met elkaar vergeleken op basis van het projectplan.

Welke documenten heb je nodig?

Het loket publiceert 18 documenten bij deze regeling, waarvan er 4 verplicht zijn bij je aanvraag. Je kunt ze hier rechtstreeks downloaden.

En nog 10 andere bestanden in het dossier.

Veelgestelde vragen over de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)

Kan ik nog een aanvraag indienen voor de Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID)?

Nee, voor deze regeling kun je geen aanvraag meer indienen. Het e-loket is inmiddels gesloten en er is vooralsnog geen budget voor 2019 beschikbaar.

Voor welke gemeenten geldt de Regionale Investeringssteun Drenthe (RID)?

De regeling geldt voor ondernemingen in de gemeenten Hoogeveen, Coevorden en Emmen.

Hoeveel subsidie kan ik krijgen met de RID?

De maximale subsidie is 30% van het investeringsbedrag.

Waarvoor kan ik subsidie krijgen binnen deze regeling?

Je kunt subsidie krijgen voor de aankoop van gebouwen en duurzame bedrijfsuitrusting, in het kader van projecten gericht op uitbreiding, vestiging, diversificatie, innovatie of fundamentele wijzigingen van bedrijfsactiviteiten in het gebied.

Voor wie is deze subsidie bedoeld?

De subsidie is bedoeld voor mkb'ers en grote ondernemingen die zich nieuw vestigen in een bestaand of nieuw bedrijfspand in Hoogeveen, Coevorden of Emmen, en voor mkb'ers en grote ondernemingen die projecten uitvoeren gericht op uitbreiding, diversificatie of fundamentele wijzigingen van bedrijfsactiviteiten in de regio.

Waar vind ik de precieze voorwaarden en toetsingscriteria van de regeling?

Alle toetsingscriteria vind je in de verordening Dutch Techzone 2018.

Hoeveel budget is er nog beschikbaar voor deze regeling?

Het resterend budget is € 2.900.000, waarvan € 2.100.000 voor mkb en € 800.000 voor grootbedrijf.

Wat moet ik beschrijven in het onderdeel projectgegevens van het projectplan?

Je vermeldt de locatie van het project met een afbeelding of plattegrond, geeft een omschrijving van je onderneming en historie (producten, markten, concurrentiepositie, kritieke indicatoren) en een korte omschrijving van het project met concrete projectactiviteiten gekoppeld aan de projectbegroting.

Welke typen projecten kan ik kiezen in het e-loket en wat moet ik daarbij toelichten?

Je kunt kiezen uit een vestigings-, uitbreidings-, diversificatie- of fundamenteel wijzigingsproject. Bij een vestigingsproject geef je aan of het een nieuwe onderneming of nieuwe vestiging betreft en of er personeel wordt overgeplaatst. Bij een uitbreidingsproject beschrijf je welke investeringen leiden tot uitbreiding van productiecapaciteit. Bij diversificatie beschrijf je de nieuwe activiteiten, markten en NACE-code. Bij een fundamenteel wijzigingsproject licht je het verschil tussen het oude en nieuwe proces toe.

Wat moet ik aangeven over de planning en fasering van mijn project?

Je beschrijft de fasering en planning van de werkzaamheden, laat zien dat de planning realistisch en haalbaar is, geeft aan of je benodigde bouwgrond al in eigendom hebt en benoemt mijlpalen en risico's van vertraging.

Moet ik vergunningen vermelden in mijn aanvraag?

Ja, je geeft een overzicht van de vergunningen die nodig zijn om het project te realiseren en omschrijft per vergunning welke stappen al zijn ondernomen, de beslissingstermijn en eventueel de geldigheidsduur.

Wat moet ik opnemen in de financiële prognose bij mijn aanvraag?

Je beschrijft waardoor je bedrijf na uitvoering van het project voldoende solvabel blijft, en levert een prognose van balans en verlies- en winstrekening voor minstens de komende vijf jaar, rekening houdend met toenemende loonkosten, rentekosten, afschrijvingskosten, exploitatiekosten, schulden en voorraden/debiteuren- en crediteurenposities.

Wat moet ik aantonen over de financiering van mijn project?

Je geeft aan in hoeverre je financiering al rond is en welke toezeggingen of overeenkomsten je kunt overleggen. Bij financiering uit de cashflow moet je een liquiditeitsprognose meeleveren die aantoont dat dit ook mogelijk is.

Hoe motiveer ik dat mijn onderneming een kleine onderneming is?

Je motiveert dit aan de hand van het aantal werkzame fte, je omzet en je balanstotaal. Een kleine onderneming heeft minder dan 50 werkzame personen en een jaaromzet of jaarlijks balanstotaal van niet meer dan €10.000.000. Bij een eigendomsbelang van 25% tot 50% door andere ondernemingen tellen deze naar rato mee, bij meer dan 50% tellen ze volledig mee.

Hoeveel punten kan ik maximaal scoren op werkgelegenheid?

Je kunt op het onderdeel werkgelegenheid maximaal 30 punten scoren.

Hoe wordt de groei van arbeidsplaatsen berekend voor de beoordeling?

Bepalend is de netto toename in arbeidsplaatsen; verschuivingen binnen het concern tellen niet mee. De beginsituatie wordt berekend op basis van het naar een volledig jaar omgerekende aantal SV-dagen vermenigvuldigd met het aantal arbeidsuren per dag tot en met de maand voorafgaand aan de aanvraag, en de eindsituatie op dezelfde manier tot en met de maand voorafgaand aan de afronding van het project.

Hoeveel punten kan ik maximaal scoren op economische structuur?

Je kunt op het onderdeel economische structuur maximaal 30 punten scoren.

Waarop wordt de verankering van mijn bedrijf in de regio beoordeeld?

Bij verankering kun je maximaal 15 punten scoren op drie criteria van elk 5 punten: het werken met regionale toeleveranciers, hoe eenvoudig het bedrijf te verplaatsen is, en of de werkzaamheden gebonden zijn aan het bedrijfspand of onafhankelijk daarvan verricht kunnen worden.

Wat moet ik aantonen bij een vestigingsproject over de locatiekeuze?

Je beschrijft het proces waar je als onderneming doorheen bent gegaan om tot de keuze voor vestiging in het werkingsgebied te komen, onderbouwd met bijvoorbeeld notulen van directievergaderingen, casestudies, strategische plannen en/of e-mails als bijlage.

Op welke punten wordt mijn opleidingsbeleid beoordeeld?

Je kunt punten scoren op het aantal aangeboden stageplekken, het opleidingsbudget per medewerker (vanaf €900 per medewerker per jaar wordt als zeer goed beoordeeld) en of er sprake is van projectmatige en actuele samenwerking met lokale of regionale opleidingsinstellingen.

Vraag het dossier

Stel een vraag over Bedrijvenregeling Dutch TechZone (RID). Het antwoord komt uitsluitend uit de documenten van het loket zelf, met de vindplaats erbij. Staat het er niet in, dan zegt de chat dat.

Waar komt deze informatie vandaan?

Deze pagina is samengesteld uit de officiële publicaties van Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Controleer de definitieve voorwaarden altijd bij het loket zelf.